Non-fictie

Tobias Jones

Bloed op het altaar
De jacht op een seriemoordenaar
Tobia Jones


Op 12 september 1993 verlaat de dan 16 jarige Elisa Claps haar huis in Potenza, in het Zuiden van Italië.  Elisa is een opgewekte jonge dame vol dromen en plannen. Ze wil voor Artsen Zonder Grenzen gaan werken en zit vol idealen. Op die bewuste zondagmorgen verlaat ze het huis, om nooit meer terug te keren. Een misdrijf wordt gevreesd, maar haar lichaam wordt niet gevonden. Haar familie is radeloos en begint een jarenlange zoektocht om er achter te komen of Elisa nog leeft, en áls ze niet meer leeft, wie haar vermoord heeft. Vanaf de eerste dag is er een verdachte in beeld,  Danilo Restivo, de zoon van een invloedrijke familie. De familie van Elisa is er van overtuigd dat Danilo verantwoordelijk is voor de dood van hun dochter. De moeder van Elisa en haar broer Gildo gaan een jarenlange strijd aan om de dood van Elisa in het nieuws te houden, en de autoriteiten aan te sporen tot goed en degelijk onderzoek. Door die publiciteit regent het door de jaren heen alsmaar tips van mensen die Elisa in het buitenland gezien menen te hebben. Treurig genoeg  krijgen ze ook bewust valse tips om de politie en de familie op een dwaalspoor te brengen. Dat laatste doet vermoeden dat er mensen zijn die er belang bij hebben dat de waarheid niet aan het licht komt. En dát is, meer nog dan de vraag wie Elisa heeft vermoord, waar dit boek over gaat. Over hoe er in een Zuid Italiaans stadje, waar de maffia traditiegetrouw niet zo heel veel invloed heeft, toch sprake is van een Omertá.  Van een klimaat waarin mensen gunsten verlenen en elkaar de hand boven het hoofd houden en zwijgen, omdat ze zelf ook  al eens geholpen zijn, en wie weet in de toekomst nog eens zelf geholpen moeten worden. De plaatselijke pastoor vertelt in het boek  hoe het vermoedelijk gegaan zal zijn.


“De moordenaar vertelt zijn medeplichtige wat er is gebeurd. Een medeplichtige stuurt hem naar het ziekenhuis om een alibi te creëren, terwijl hij hulp inroept om het gebeuren stil te houden. Hij belt iemand, die weer iemand anders belt: “Weet je nog die keer dat ik je een plezier gedaan heb toen?” Het is een soort chantage. “Nu kun jij me een plezier doen. Ga daar en daar heen om een kijkje te nemen.” Er doen steeds meer mensen mee, die stuk voor stuk om een gunst vragen. Misschien weet de medeplichtige, als hij de eerste was in de rij contacten, niet wie het vuile werk is gaan opknappen of wie daartoe opdracht heeft gegeven; hij weet alleen tot wie hij zich heeft gewend. En die vriend heeft niet gezegd; “Ik bel huppeldepup even”, maar; “ik regel dit wel.”


Hoe verder de tijd vordert, hoe meer  de theorie van de pastoor blijkt te kloppen. Er blijken zelfs rechtelijke en kerkelijke instanties bij betrokken te zijn. Allemaal met hun eigen belangen.  Met als gevolg dat de moordenaar vele jaren later en in een ander land minstens nog één maal, en vermoedelijk nog vaker toe heeft kunnen slaan. En met gevolg dat de familie van Elisa  jarenlang in een gekmakende onzekerheid heeft moeten leven, en Elisa pas achttien jaar na haar overlijden de begrafenis krijgt waar ze recht op heeft.


Tobias Jones is een Engelse  journalist en schrijver. Hij  woonde zelf jarenlang in Italië, en schreef  meerder boeken en artikelen over dit land.  De zaak van de verdwenen Elisa liet hem vanaf het begin niet los, en door de jaren heen volgde hij de ontwikkelingen op de voet. Hij heeft duidelijk veel gevoel voor de “mores” van de stad,  voor het aan het oog ontrokken systeem van diensten en belangen. Hij heeft door de jaren heen ook een goed contact met de familie van Elisa opgebouwd, waardoor hun verdriet en wanhoop duidelijk voelbaar wordt beschreven. Het boek is betrokken geschreven, maar af en toe met iets te veel informatie over de beleving van de schrijver zelf,en van zijn reizen door het land. Al geeft dat laatste wel weer een goed beeld  van het landschap en de streek waarin de gebeurtenissen plaats vinden. De enige échte misser wat mij betreft, maakt Jones aan het einde van het boek, als hij opmerkt dat het een rare gewaarwording is maandenlang te moeten luisteren naar verhalen van mensen die hun kind vreselijk missen en om haar rouwen, terwijl je zelf al zo lang niet thuis bij je eigen kinderen bent geweest. Dat lijkt me eerlijk gezegd wel  van een iets andere orde. Maar verder is het een met verstand van zaken geschreven boek. De schrijver benadrukt een paar keer dat het niet toevallig is dat de tijd tussen de verdwijning van Elisa en de ontknoping precies samenvalt met de tijd dat Berlusconi aan de macht was in Italië. Niet omdat die er maar enigszins wat mee te maken zou hebben, maar omdat de wijze waarop deze zaak behandeld werd als het ware een symbool staat voor de wijze waarop  in de periode Berlusconi met de rechtsgang werd omgegaan. In die zin geeft dit boek zeker een tijdsbeeld van het recente Italië.


ISBN 9789046813867 Paperback 352 pagina's Uitgeverij Nieuw Amsterdam December 2012
Vertaling Leen Van Den Broucke en Huub Stegeman.

© Willeke, 28 december 2012

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER