Nieuwe jeugdboekrecensies t/m 5 jaar

De berg
lllustraties: Manuel Marsol
Tekst: Carmen Chica


We zien op de eerste pagina een berg, een gewone berg, met wat bomen. Een smalle weg lijkt er over heen te gaan, er liggen kleine stadjes aan weerskanten. Niets bijzonders.


Maar dan rijdt er een vrachtauto over de weg. De tekst zegt dat deze auto iedere dag over de berg heen rijdt. Maar op deze dag moet de chauffeur even de roep van de natuur beantwoorden. Hij stapt uit en gaat het bos op de berg in. Als hij klaar is en terug wil naar de auto, weet hij niet meer waar hij heen moet. Hij is verdwaald.


Intussen zien we dat er wel degelijk leven is op die berg, die ook meer bebost is dan eerst leek. Er zijn herten, konijnen en vogels. En een klein zwart dier van onduidelijke origine. Een mol? Terwijl dat diertje hem blijft vergezellen, lijkt hij te genieten van de wandeling. Is hij nog wel op zoek naar de auto?


De natuur is niet meer die onopvallende berg met een paar bomen, het is veel meer dan dat. De afzonderlijke natuurverschijnselen - een boom, een watertje, dieren - nemen hem steeds meer in beslag. Letterlijk. Hij lijkt namelijk zelf te veranderen in een natuurwezen. Als zodanig helpt hij een kever die op zijn rug ligt en probeert contact te maken met een jong everzwijn. Hij wordt een met de natuur.
Helaas, het kan niet blijven duren...


Een prentenboek dat bijzonder is door zijn puurheid. Er is een beetje tekst, maar het zijn vooral de illustraties die het verhaal vertellen. Het is het verhaal van een man die letterlijk opgaat in de natuur. Je kan je voorstellen hoe hij aangetrokken wordt door die ene boom waar een gat in zit, en hoe hij in de verleiding komt om even zijn voeten te koelen in het vennetje. Zo beleef je zijn verwondering, zijn acceptatie.
Een mooie en magische prentenvertelling, waarbij er voor jonge kinderen wel enige begeleiding nodig is. De prachtige schilderingen zetten de verbeelding van de lezer aan het werk: wat gebeurt daar nu eigenlijk op die berg?
Zou je zelf ook een avontuur als dit kunnen beleven?


De Spanjaard Manuel Marsol won met dit boek de internationale prijs voor beste illustratie op de Bologna Children’s Book Fair 2017, een zeer belangrijke prijs op het gebied van kinderillustraties.


(BOYCOTT is een nieuwe uitgeverij voor bijzonder geïllustreerde kinderboeken. Hun doel is prentenboeken van hedendaagse illustratoren, met een slim concept en zonder besparingen op het drukwerk naar het Nederlandstalige publiek brengen)


ISBN 9789492986030 | Paperback | 56 pagina's | Boycott | november 2018 | Vanaf 4 jaar.

© Marjo, 13 november 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De vier kaboutertjes in de winter
illustraties: Hanneke de Jager
tekst: Marianne Busser en Ron Schröder


Wie kent intussen de vier kaboutertjes nog niet?


Maartje, Joep, Johannes en Moontje beleven allerlei avonturen in het bos. Vooral de dieren die daar leven hebben hun aandacht.
We hebben al kunnen lezen over wat ze meegemaakt hebben in de lente en in de herfst - vreemd genoeg niet in de zomer: hebben ze een zomerslaap gehouden? Of viel er niets te beleven? -
Nu is het winter, zo leuk die ‘bebreide’ bomen!
en onze vriendjes hebben het maar druk:


Zo merken de kaboutertjes
dat het de hoogste tijd is
om een eekhoorntje te helpen
dat zijn nootjesvoorraad kwijt is


En vliegt er soms per ongeluk
op een wintermorgen
een vogeltje tegen een boom
Dan gaan ze hem verzorgen


Ze zorgen dat dieren die honger lijden iets lekkers krijgen; als het glad is strooien ze strooizout en ze verzorgen dieren die gewond of ziek zijn. Maar ze nemen ook tijd om leuke dingen te doen, sneeuw en ijs is niet alleen vervelend, het kan ook heel leuk zijn. Schaatsen bijvoorbeeld:


Moontje stapt als eerste
heel voorzichtig op het ijs
Johannes schudt bezorgd zijn hoofd
en zegt: je bent niet wijs!


Het gaat toch goed? Roept Moontje trots
kijk eens hoe fijn het gaat
maar Johannes hoort iets kraken
en dàn is het al te laat!


Het loopt gelukkig goed af voor Moontje, zodat ze ook mee kan doen met sneeuwpoppen maken en sleeën.


Leuke vierregelige rijmpjes die het voorlezen heerlijk maken, waarin ook nog nuttige weetjes verwerkt zijn. Hoe een lieveheersbeestje de winter doorkomt en hoe je vissen kan helpen als de vijver dicht dreigt te vriezen.


Dit boek is ook nog een zoekboek: op iedere bladzijde zit een sneeuwpop verstopt!


Het echtpaar Busser-Schröder werkt met veel verschillende  illustratoren, maar kiezen er gelukkig voor om voor de vier kaboutertjes steeds dezelfde te laten tekenen. Zo behouden de kaboutertjes hun eigenheid. De manier waarop Hanneke de Jager hen tekent en met leuke textielwerkjes aankleedt is erg geslaagd. Hun mutsjes zijn echte kaboutermutsjes, en die vrolijke kleuren passen ook mooi.  Misschien is de winter wel het mooiste seizoen, zo leuk zijn de afbeeldingen: ganzen met een mutsje op, vogels die aan wintersport doen. Die twee pagina’s over het winterkoninkje, je zou ze zo aan de muur hangen!


Marianne Busser (1958) en Ron Schröder (1958) hebben samen inmiddels ruim driehonderdvijftig boeken en meer dan duizend liedjes gemaakt, waaronder De Winkeltjes en De sproeipoeper. Daarnaast hebben ze veel geschreven voor onderwijsmethoden, kindertijdschriften, en voor het televisieprogramma Sesamstraat.


ISBN 9789048846061 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Moon | november 2018 | Leeftijd vanaf 4 jaar
Illustraties en aankleding van Hanneke de Jager

© Marjo, 12 november 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Mijn vriend de heksenkat
Sanne Miltenburg


Het is bijna Halloween, het huis van Noah is al versierd met een spinnenweb boven de deur en pompoenen bij de trap. Buiten sjokt een zwart katje over de straat, hij is drijfnat. Het katje belt uit pure ellende aan bij Noah.


'Wat ben jij mager,' zegt Noah. 'Heb je geen baasje?'
Hij aait het beestje zachtjes . 'Als je blijft,
heb je nooit meer honger,' Het katje spint.
'Hoe zal ik je noemen?'
Het katje schraapt zijn keel.
'Miauw ... ik heet Salmiak,'


Hij vertelt dat hij een heksenkat is. Dat vindt Noah wel spannend. Dan kunnen ze vanavond misschien Halloween vieren met een echte heks! Maar Salmiak is niet zo enthousiast, sterker nog hij is heel bang. Het baasje van Salmiak heet Feeks en dat is ze ook. Salmiak moest steeds maar spullen bij mensen stelen, daar maakt Feeks toverdrankjes van. Het was heel gevaarlijk werk wat Salmiak moest doen en het was nooit goed. En nu is Salmiak gevlucht, hij was zo moe...


'Ik bescherm je wel' zegt Noah. Maar dan hadden ze buiten Feeks gerekend. Als Salmiak en Noah lekker warm in bed liggen wordt er gebonsd op het raam. Het is Feeks met een lange boodschappenlijst in haar handen! Ze wil haar kat terug! Hij moet spullen voor haar halen. Noah wil de kat beschermen maar Feeks gooit gelijk haar toverkunsten in de strijd...  En daar gaat Noah... door het raam zweeft hij naar buiten. Maar Salmiak is er ook nog en die heeft ondertussen ook wel wat geleerd tijdens zijn verblijf bij Feeks. Toch wordt het nog een flinke strijd want Feeks zal en moet haar kat terughebben...
Gelukkig krijgt Noah ineens een fantastisch idee en hebben de kinderen toch nog een geweldig Halloween! En Feeks? Die is ineens een stuk aardigerr!


De afbeeldingen zijn aanvankelijk heel licht en vriendelijk maar bij het verschijnen van de heks worden de illustraties veel donkerder en griezeliger. De heks is aanvankelijk best wel eng, zeker als ze voor het raam staat, maar dat hoort natuurlijk ook wel een beetje bij een heksenboek en Halloween. Het is een spannend verhaal met kleine grapjes. Kinderen zullen het boek vermoedelijk lekker griezelleuk vinden.


Leuk boek om voor te lezen rond Halloween, maar buiten die periode kan het natuurlijk ook altijd.


ISBN 9789044834185 | Hardcover | 27 pagina's | Clavis | oktober 2018
Formaat 29,7 x 21,7 cm | Leeftijd 5+

© Dettie, 28 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Daar ben ik te groot voor
illustraties: Lisa Brandenburg
tekst: Jackie Azúa Kramer


Op de dag dat Prunella jarig is, verandert er veel in haar jonge leventje, want nu is ze natuurlijk overal te groot voor.
Ze is te groot voor het spelen met haar lievelingspop Polly, te groot voor hartjespannekoeken, dierenkoekjes, zeepbellen in bad, van de glijbaan gaan en zelfs een kinderijsje is ook voor ukkies net als een kinderfeestje... Daar ben ik te groot voor, denkt  Prunella steeds. Maar leuk is het niet want ze is daardoor wel alleen, terwijl alle andere kinderen overal lekker samen spelen en pret maken. Thuis pakt ze toch maar gauw haar pop Polly maar samen spelen is er niet meer bij... daar is Prunella toch écht wel te groot voor.


's Nachts begint het evenwel flink te donderen en te bliksemen en ja voor onweer bang zijn is Prunella vanzelfsprekend ook te groot. Maar die arme pop Polly is wèl heel bang! Zij wil bij papa en mama in bed slapen en, goedig als ze is,  Prunella gaat dan maar met haar mee... En zo heeft Prunella een geweldige oplossing bedacht, niet zij maar Polly wil zo graag van de glijbaan glijen en zandtaartjes bakken en theekransje spelen. Is dat even een geluk om zo'n pop te hebben! Nu kan Prunella haar mooi laten zien hoe lief ze Polly vindt en dat ze al die spelletjes voor kleine kinderen wel voor haar over heeft...


De tekst bij de paginagrote zachtgekleurde afbeeldingen bestaat voornamelijk uit twee tot vier zinnen. De zich steeds herhalende uitroep 'Daar ben ik te groot voor' zullen kinderen vermoedelijk gauw overnemen en meeroepen als het verhaal aan hen voorgelezen wordt. Alleen die naam, Prunella, had van mij anders gemogen. Het klinkt als de naam van een deftige dame! Maar het verhaal zelf is lief.


Prunella heeft, net als haar pop een grappig snoetje. Haar ogen kijken voortdurend parmantig en zelfbewust in het rond. Het is duidelijk dat zij 'véél' ouder is dan de andere kinderen, maar toch is ze ook het kleine meisje dat ze in werkelijkheid nog is. Dat is knap gedaan door de illustratrice. De pop is ook 'levend', er is tenminste een interactie tussen Prunella en Polly, ze praten en spelen met elkaar, de pop loopt en knuffelt en heeft ideeën.
Het overige speelgoed is gewoon stilstaand speelgoed.


'Een teder boek over groeien voor kleine grote en grote kleine mensen' is op de flaptekst te lezen, en dat klopt helemaal! Het is een vriendelijk en hartverwarmend verhaal.


ISBN 9789044830249 | Hardcover | Clavis |
Vertaald door Clavis uitgeverij| Afmeting 26,9 x 25,7 cm | Leeftijd 3+

Dettie, 27 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Poes Slim en Muis Lui gaan naar Vlieland
Willy van Oost


Het kleine katertje Poes Slim genaamd, woont samen met zijn vader Pa Kater en Ma Poes in het huis van de familie Bakker. Het toeval wil dat meneer Bakker ook bakker is!


Poes Slim heeft niet voor niets zijn naam gekregen, want hij is écht slim. Hij ligt bij voorkeur onder de tafel als er gegeten wordt want de kinderen Puck en Pim laten altijd wel iets lekkers op de grond vallen. Maar die morgen is het anders dan anders, hij ziet bij de tafelpoot een klein grijs muisje zitten met een groen broekje aan.

Zo'n muisje vindt Poes Slim wel interessant, en hij begint te praten tegen het beestje. 'Wie ben jij en waar woon jij?' vraagt hij vriendelijk. De muis is natuurlijk heel bang en vertelt met een bibberstemmetje dat hij Muis Lui heet en met zijn familie bij de meterkast woont. Hij is net als zijn vader en moeder en broertjes een zusjes een beetje lui omdat er zoveel eten in het Bakkershuis te vinden is.


Poes Slim vindt de muis leuk en wil wel vriendjes worden met hem, 'ofschoon het zeer ongebruikelijk is dat een kat en een muis vrienden zijn, zegt hij er achteraan. Muis Lui vindt dat Poes Slim maar dure woorden gebruikt maar vriendjes worden is wel leuk dus hij accepteert het.
Vanaf die tijd zijn ze heel veel samen te vinden, vooral in de kamer van de kinderen want Muis Lui past overal in, de brandweerauto, het poppenhuis enz. en dat is wel heel erg leuk.

Na een tijdje hoort Poes Slim dat hij met de familie mee mag naar Vlieland, alleen hij! Natuurlijk moet Muis Lui ook mee vindt Poes Slim... Gelukkig vinden Papa en Mama Lui het goed. Poes en Muis verzinnen een plan hoe ze Muis Lui mee kunnen smokkelen naar het eiland en dat lukt grandioos. Het avontuur kan beginnen.


Het is een grappig verhaal dat opgedeeld is in hoofdstukken van circa vier pagina's zodat het goed voor te lezen is voor het slapen gaan. Poes Slim is een beetje een pocher en gebruikt graag licht opgeblazen taal. Hij denkt dat Muis Lui hem dan niet zal begrijpen, en legt vervolgens geduldig uit aan Muis wat het betekent - waardoor de kinderen ook deze woorden en hun betekenis leren kennen - . Maar het muisje is pienterder dan Poes denkt. Bovendien heeft Muis Lui veel lef, wat bij Poes Slim nog wel eens ontbreekt. Ook plaagt Poes af en toe Muis door bijvoorbeeld heel hard te blazen naar hem, maar Muis Lui laat hem duidelijk blijken dathij niet gediend is van dat gedrag, dan maar niet samen spelen. Zo gebeurt het dat Poes Slim langzamerhand steeds meer respect krijgt voor de dappere kleine Muis.
Uiteindelijk worden ze door al hun belevenissen vrienden voor het leven.


De schrijfster gebruikt overigens wel vaak het woord (muizen)kontje in het verhaal, dat had iets minder gekund. De tekst is verder wat aan de uitvoerige kant - enkele handelingen zijn regelmatig tot in detail weergegeven - dat haalt wel een beetje de vaart uit het verhaal. Maar dat neemt niet weg dat het een leuk, gezellig geheel is waar kinderen zeker van zullen genieten. Ik heb zomaar het idee dat er nog wel een vervolg over deze twee vriendjes komt en dat wil ik dan zeker ook lezen.


Het boekje is in A5 formaat uitgegeven. De tekst is in duidelijke schreefloze letters afgedrukt, zodat wat oudere kinderen het makkelijk zelf kunnen lezen.


Willy van Oost
heeft gewerkt als Yoga-docent en Shiatsu-therapeut, naast het schrijven volgt ze momenteel een schrijfopleiding. Eerder verscheen bij Boekscout haar roman De witte Spiegel. Met het kinderboek Poes Slim en Muis Lui wil de schrijfster laten zien dat ze van meerdere markten thuis is .


ISBN 9789402247688 | Paperback A5 formaat | 52 pagina's | Uitgeverij boek.scout | september 2018
Leeftijd ca. 5+

© Dettie, 22 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Later word ik…
De beroepengids voor kleuters
Illustraties: Eefje Kuijt
tekst: Marianne Busser en Ron Schröder


Natuurlijk is dit niet echt een beroepengids. Het zou te gek zijn als kleuters al moeten gaan kiezen wat ze later willen worden. Maar er zijn waarschijnlijk toch wel kleuters die roepen: ik word later brandweerman! Of, ik word bakker, dan kan ik iedere dag lekkere taartjes bakken! En dan biedt dit boek op een vrolijke manier informatie over allerlei beroepen waar kinderen mee te maken kunnen krijgen.


Veertig zeer diverse ambachten, naast eerder genoemde komen ook een clown en een kok voorbij. Of misschien lijkt het het kind wel wat om glazenwasser te worden, of verpleegster? Schrijfster dan misschien? Of treinmachinist?


Zoals we dat van Marianne Busser en Ron Schröder kennen is de vorm in rijm. Het zal je verbazen hoeveel informatie zij in vier strofen van vier regeltjes kwijt kunnen!


De bakker staat al heel vroeg op
en zet meel en water klaar
dan roert ze in een grote kom
alles door elkaar


daarna kan ze kneden
en is het deeg dan goed
zet ze meteen de oven aan
omdat ze bakken moet


Leuk is dat het echtpaar laat zien dat vrouwen net zo goed astronaut of piloot kunnen worden, meisjes hoeven zich niet te beperken tot stewardess of schoonheidsspecialiste! Of olifantenwasser misschien?


De olifantenwasser
werkt graag in een dierentuin
zonder haar blijven de billen
van een olifant poepbruin


Die over de danseres is grappig, en eerlijk:


De danseres die oefent
als het kan echt dag na dag
zodat ze elke avond
ín ‘t theater dansen mag


Ze oefent met een danser
die haar even op moet tillen
maar als hij misgrijpt – en ze valt
dan heeft ze blauwe billen


Op de bijbehorende illustraties zie je hoe de man een veertje in zijn neus krijgt, dat los is gekomen van haar kostuum. Eefje Kuijt heeft de tekeningen gemaakt, ze passen goed bij de tekst en hebben sprekende kleuren.


Marianne Busser (1958) en Ron Schröder (1958) hebben samen inmiddels ruim driehonderdvijftig boeken en meer dan duizend liedjes gemaakt, waaronder De Winkeltjes en De sproeipoeper. Daarnaast hebben ze veel geschreven voor onderwijsmethoden, kindertijdschriften, en voor het televisieprogramma Sesamstraat.


ISBN 9789000363797 | Hardcover | 96 pagina's | Uitgeverij van Holkema & Warendorf | oktober 2018 | Leeftijd vanaf vier jaar.
Illustraties van Eefje Kuijt

© Marjo, 12 november 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Anna in het bejaardenhuis
Kathleen Amant


In dit boekje gaat Anna samen met haar mama bij bompa (opa) in het bejaardenhuis op bezoek. Dat geeft natuurlijk weer aanleiding tot een hele ontdekkingstocht.
De vrolijke Anna vindt altijd alles een avontuur, dus ook de gangen en de mensen die er werken hebben grote aantrekkingskracht op haar.
Ze weet inmiddels wel dat je aan de kleuren van de kleding kunt zien wat de mensen in het bejaardenhuis doen. De verplegers dragen witte kleren, de verzorgers blauwe kleren en de schoonmakers groene.

Maar als ze op de kamer van bompa komen, is hij er niet, dus gaan ze op zoek. Wat gelijk een mooie gelegenheid is om te laten zien welke ruimtes er in het bejaardenhuis zijn. In de grote woonkamer van het huis luisteren mensen naar muziek maar bompa is er niet. Hij laat ook zijn haar niet knippen, want in de kapsalon zit alleen een mevrouw met krulspelden. Gelukkig vinden ze opa eindelijk in de zithoek, hij krijgt turnles! Anna vindt dat superleuk en turnt gelijk mee.

Opa vindt het wel gezellig dat ze er zijn en samen nemen ze een lekker ijsje bij de cafetaria. En dan nog even samen naar opa's kamer waar gelijk zijn eten gebracht wordt en dan is het alweer tijd om naar huis te gaan.

Kinderen krijgen dankzij dit boekje een goed beeld van het leven in een bejaardenhuis, tussendoor lezen we ook wat er bij komt kijken als je ouder wordt, zoals niet zo snel of slechter kunnen lopen, minder goed horen, wat stijver worden, sneller moe enz. Maar dit wordt op zo'n speelse en leuke manier gebracht dat het niet zielig of triest is. Het is gewoon wat het is. Niets meer, niets minder. Het is allemaal mooi gedoseerd gebracht.

Opnieuw een dikke pluim voor Kathleen Amant, die de kindertaal en kinderwereld haarfijn aanvoelt.


Kathleen Amant (1969, Aalst) studeerde toegepaste kunsten aan de Academie van Gent. In 2004 debuteerde ze als schrijver met twee boeken waarin de ondernemende peuter Anna de hoofdrol speelde.


ISBN 9789044833430 | Hardcover met ronde hoeken | 27 pagina's | Uitgeverij Clavis | augustus 2018
Afmeting 22,6 x 21,4 cm | Leeftijd: Vanaf 30 maanden

© Dettie, 31 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Milan en de tutjesboom
Kathleen Amant


Milan heeft een rode tut (fopspeen). Hij vindt het lekker om daar op te sabbelen maar tutjes zijn eigenlijk voor baby's zoals zijn zusje. Milan wil een grote jongen zijn en besluit dat hij die tut niet meer nodig heeft. Maar om hem zomaar weg te gooien is ook wel moeilijk. Hij wil hem liever weggeven, aan zijn zusje bijvoorbeeld. Maar volgens mama kan dat niet, Milans tut is te groot voor haar.


Zijn knuffelbeer wil hem ook al niet en Poes weigert hem eveneens. Dan krijgt Milan ene goed idee... hij blaast een ballon op, dan kan hij zijn tut de lucht in laten vliegen, maar helaas de ballon gaat niet omhoog. Wat nu?


Gelukkig weet mama wel een oplossing. 'We gaan je tut in de tutjesboom hangen' zegt ze. Milan heeft geen idee wat een tutjesboom is. Maar samen met papa en mama en zijn zusje gaan ze op pad. En na een flink eindje lopen zien de de boom. Hij hangt vol met achtergelaten tutjes! Milan hangt zijn mooie rode tut ook aan een tak. Nu is hij een grote jongen! Dat moeten ze even vieren met pannenkoeken!

Zoals altijd heeft Kathleen Amant er weer een mooi verhaal van gemaakt. Op deze manier wordt het afscheid nemen van de tut heel liefdevol en stoer besproken. Ik was niet bekend met het bestaan van een tutjesboom, maar in België bestaan ze écht. Het zijn bomen in een park die daarvoor gebruikt worden maar ook zelfgemaakte houten bomen bij bijvoorbeeld het consultatiebureau. Het is echt een geweldig idee. Zo kan een kind af en toe nog eens naar zijn geliefde tut kijken en het ritueel van in de boom hangen zorgt voor een mooi afscheid daarvan. Een kind zal dan echt trots zijn dat zijn of haar tut daar hangt!

De afbeeldingen zijn ook weer zoals we van deze schrijfster en illustratrice gewend zijn. Helder van kleur en duidelijk afgebakende figuurtjes en voorwerpen. Je krijgt altijd een vrolijk gevoel van haar boekjes.

Het zou leuk zijn als in Nederland deze tutjesboom ook ingevoerd wordt, het is een heel vrolijk gezicht al die mooie gekleurde tutjes in een boom. Wie begint?

ISBN 9789044833621 | Hardcover met ronde hoeken | 27 pagina's | Uitgeverij Clavis | augustus 2018
Formaat 22,8 x 21,5 | Leeftijd vanaf 30 maanden

© Dettie, 28 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Coco Chanel
illustraties: Ana Albero
tekst: Isabel Sánchez Vegara


Als je anders bent dan de rest, word je vanzelf onvervangbaar.

Coco Chanel


In dit eerste boekje uit de serie 'Van klein tot groots' waarin belangrijke, sterke vrouwen uit de wereldgeschiedenis besproken worden, lezen we over het leven van Gabrielle Bonheur Chanel, beter bekend als Coco Chanel (1883-1971). De schrijfster kwam op het idee voor deze serie na de geboorte van haar twee nichtjes, een tweeling. Ze wilde haar nichtjes niet laten opgroeien met de stereotype verhalen over het meisje dat wacht op die ene ware groot liefde. Ze wilde laten zien dat er ook krachtige, zelfstandige en bijzondere vrouwen zijn geweest die hun dromen achterna gingen, dwars tegen alle regels in. Zij zegt over de serie:


"Van klein tot groots
is een eerbetoon aan de dromers, aan diegenen die hun droom najagen ongeacht het schijnbare onmogelijke daarvan. Met dat uitgangspunt ben ik intuïtief verder gegaan. Ik zoek niet naar vrouwen die die de top gehaald hebben in hun werk als ontwerpster, schilder, schrijfster, pilote, onderzoekster of zangeres.  Ik zoek naar authentieke en unieke vrouwen met een grote persoonlijkheid."


'Soms is het moeilijk om in een voor kinderen positief en begrijpelijke taal te schrijven over een zwaar leven van de personen, zoals bijvoorbeeld over het leven van Billy Holiday' weet Isabel Sánchez ons verder nog te vertellen. In dit eerste boekje is het haar gelukkig wonderwel gelukt.


We lezen over het meisje Gabrielle dat op 11 jarige leeftijd wees werd. Vanaf die tijd woonde ze in een nonnenklooster en kreeg daar ook les. Zij was toen al anders dan de rest - Het bovenstaande citaat schreef ze op zeer jonge leeftijd. - en de nonnen waren er niet blij mee.
In dat klooster was zij altijd al met naald en draad in de weer. Later verdiende de veelzijdige Gabrielle haar geld met naaiwerk én met zingen! Het publiek noemde haar Coco en die naam heeft ze aangehouden.


Coco droomde van ontwerpen, van stofjes, van kleding, ze had zoveel ideeën. Uiteindelijk werd ze via haar zelfgemaakte hoeden wat bekender maar ze werd vooral beroemd werd ze om haar kleding en later om haar beroemde parfum, Chanel no 5.  Coco was de vrouw die ervoor zorgde dat mensen beseften dat vrouwenkleding zonder de benauwde, verstikkende korsetten ook prachtig flatteerden.  Door haar comfortabele kleding kregen vrouwen meer bewegingsvrijheid en deed de broek haar intrede. Lang leve Coco!


De afbeeldingen bij het verhaal sluiten mooi aan op het vertelde. - Elk boekje uit de serie wordt overigens door een andere illustrator gemaakt. - De kleuren zijn sober en er zijn veel matte tinten gebruikt wat het boekje, net als Coco, erg stijlvol maakt.
Ik kijk nu al uit naar de volgende delen, ik wil ze allemaal!


ISBN 9789051166545 | Hardcover | 24 pagina's | Uitgeverij De Vier Windstreken | juli 2018
Formaat 24,6 x 20 cm | Leeftijd 5+

© Dettie, 25 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Van 1 tot 10
Mies van Hout


Mies van Hout staat garant voor kleurrijke, aansprekende illustraties, haar prachtige boeken Vrolijk en Vriendjes en Verrassing zijn daar een goed voorbeeld van. De afbeeldingen lijken eenvoudig maar als je ze goed bekijkt zie je dat ze overal bijzondere details toevoegt. Echt een genot voor het oog.
Het is dan ook heel prettig dat er weer een nieuw boek van haar uit is en wel dit telboek, Van 1 tot 10. Het boekje heeft afgeronde hoeken en hardkartonnen pagina's die makkelijk met een doekje afneembaar zijn. Dus plakkerige wijsvingertjes kunnen geen kwaad.


De afbeeldingen, verspreid over twee pagina's, hebben elk een eigen diepwarme achtergrondkleur. Zelfs het zwart doet vriendelijk aan.
Op deze afbeeldingen staat een dier weergegeven. De naam van het dier wordt niet genoemd, we zien bijvoorbeeld alleen een grappig aapje die naar ons zwaait met daarbij de tekst, 5 vingers. De prachtige, vrolijke, stralende gestreepte vis heeft 7 strepen over zijn lijf lopen en de olijke poes heeft wel 10 snorharen.


Alle dieren zijn op de echte Mies van Hout manier weergegeven. Je ziet gelijk wat voor dier het is maar door een paar lijntjes en kleurtjes wordt het wel een heel fantasievol en bijzonder exemplaar. Kinderen leren dus ook gelijk dieren te herkennen, wat een leuke bijkomstigheid is natuurlijk.


Kortom, om zo te leren tellen is gewoon een klein feestje voor zowel papa, mama, juf, meester als het kind!


ISBN 9789025770112 | Kartonboek met afgeronde hoeken | 20 pagina's | Gottmer | september 2018
Afmeting 20 x 20 cm | Leeftijd 2+

© Dettie, 17 oktober 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER