Non-fictie

Jaap de Groot

Dirk Kuyt
Het geloof in succes.
Opgetekend door: Jaap de Groot


Een goede vriend vernoemde zijn hond naar hem, mijn eigen moeder keek iedere wedstrijd waarin hij voetbalde, zelfs al zat hij op de bank en ikzelf heb gehuild toen hij vorig jaar met de beker in zijn hand op de Coolsingel stond. Geen van drieën zijn we uitgesproken Feyenoordsupporters, maar Dirk Kuyt heeft iets wat hem bij veel mensen mateloos populair maakt en wat de clubs waarin hij speelt overstijgt. Het zal met zijn werklust te maken hebben, zijn vechtersmentaliteit, en zijn imago van gewone jongen.


Zijn carrière zit er inmiddels op, kort na het landskampioenschap kondigde hij zijn afscheid aan en vorige week was zijn afscheidswedstrijd. Net daarvoor publiceerde hij dit, inmiddels veelbesproken, boek waarin hij terug kijkt op de laatste twee jaar van zijn carrière. Het verhaal, opgetekend door Telegraaf journalist Jaap de Groot, is bekend, aan het eind van zijn carrière, na gespeeld te hebben bij internationale topclubs als Liverpool en Fenerbahce, wil Kuyt zijn carrière afronden bij de club waar hij met het meeste plezier gespeeld heeft en hen landskampioen maken. Iets wat op dat moment een totaal utopische gedachte is, maar twee jaar later staat Kuyt met de beker in zijn handen op de Coolsingel en heeft hij is de kampioenswedstrijd drie doelpunten gemaakt.


Het sprookje is compleet. En misschien was het beter geweest als Kuyt het zo had gelaten. Maar er blijken ondanks dat succes veel frustraties te zijn opgebouwd in die periode. Hij had het namelijk ánders in zijn hoofd toen hij weer bij Feyenoord begon. Hij wilde niet alleen kampioen worden, maar ook spélen, álle wedstrijden spelen en dan ook nog de volle negentig minuten. Als hij als wisselspeler op de bank terecht zou komen, of steeds maar delen van wedstrijden zou mogen spelen, dan hoefde het van hem niet meer. Kuyt is er van overtuigd dat hij fit genoeg is en vooral ook dat hij juist in het laatste deel van de wedstrijd net dat extra’s kan bieden wat het team nodig heeft en dán verschil kan maken.


Trainer van Bronckhorst ziet dat anders. Hij heeft veel respect voor Kuyt, ze hebben tien jaar samen gespeeld en hadden ook privé contact. Maar de hiërarchie is veranderd, van Bronckhorst is nu de baas en hij wil graag gebruik maken van Kuyts talenten en vechtlust, maar niet alle wedstrijden en met name niet alle wedstrijden de volledige 90 minuten. Het levert heftige confrontaties op en de frustraties over het niet mogen spelen en tijdens de wedstrijd gewisseld worden, maken dit voor Kuyt de meest eenzame periode uit zijn carrière. Hij beschrijft het als het zwaarste gevecht wat hij in zijn carrière heeft moeten voeren en zijn gezin lijdt met hem mee. Achteraf gezien, zegt hij zelf, had deze periode op hen een veel te grote impact. Zijn kinderen lijden er zichtbaar onder dat hun vader zo weinig speelt. Er zat zelfs een patroon in hun schoolcijfers; die vertoonde het hele jaar door een stijgende lijn, maar eind februari tot half mei was alles naar beneden gekelderd. Pas achteraf realiseert Kuyt zich onder wat voor enorme druk ook zij moeten hebben gestaan.


Het boek doet je realiseren dat wij als supporters vaak geen idee hebben wat er bij topsport komt kijken, hoe veel er voor moet worden gedaan en gelaten en vooral hoeveel druk er bij komt kijken, ook voor het thuisfront. In het geval van Kuyt keek ook nog eens heel Rotterdam mee over zijn schouder en de teleurstelling van de supporters bij een verloren wedstrijd dreunde dagen na lang in de stad.


Als lezer kun je je ondertussen ook voorstellen dat zijn absoute fanatisme en vechtlust voor de trainer en de groep niet altijd makkelijk moeten zijn geweest. Kuyt plaatst zichzelf al vanaf het begin buiten de groep, en bemoeit zich met alles. Hij stapt regelmatig het kantoor binnen bij de trainer en technisch directeur van Geel om zijn mening te geven, bemoeit zich zelfs met spelersaankopen en spreekt soms zelfs de trainer tegen als die de groep toespreekt door daarna te melden hoe het in zijn ogen éigenlijk moet. Ook naar de individuele spelers toe neemt hij een leidende rol;


“Iedereen zag al snel dat ik bepaalde wat er in de kleedkamer gebeurde. Er was alom het besef dat ik het verlengstuk van de trainer was, maar eigenlijk ook het verlengstuk van Martin van Geel en het verlengstuk van de spelers naar de trainer toe. Ze konden altijd eerlijk zijn tegen mij. Ik vormde de schakel, had een verbindende rol.”


Het komt allemaal uit een goed hart vermoed ik, uit een enorm clubgevoel en een onverwoestbare drive om kampioen te worden. Hij wil het team op sleeptouw nemen, hij wil de jonge jongens begeleiden en een voorbeeld en inspiratie zijn, hij wil kosten wat kost spelen omdat hij denkt dat dat goed is voor het team. Maar precies dat wat wij allemaal zo in hem bewonderen, dat waarom we allemaal zo van hem houden... het keihard willen vechten en werken voor een droom waar in het begin niemand in geloofde, blijkt in dit boek een keerzijde te hebben.


Het boek is bedoeld als inspiratieboek; geloof in je dromen, vecht voor wat je echt wilt in het leven en je dromen, hoe onwaarschijnlijk ook, zullen, als je hard werkt en er alles voor opzij zet, uitkomen. Maar toch blijf je als lezer met een tegenstrijdig gevoel achter. Om de toon van gelijkhebberigheid, maar ook omdat er erg op de man wordt gespeeld, jonge spelers die in zijn ogen niet functioneren worden met naam en toenaam genoemd en vooral de trainer krijgt er ongenadig van langs. De frustratie zit nog voelbaar hoog en Kuyt wil duidelijk met terugwerkende kracht zijn gelijk halen. Het is maar de vraag of een boek, zo kort na dato, daar de beste manier voor is. Het lijkt ook zo zinloos, het doel is behaald, het feest is gevierd, waarom dan nog zo natrappen. Dirk Kuyt had in mijn bescheiden optiek dan ook moeten wachten met dit boek, hij had wat meer afstand moeten nemen en niet een jaar na dato zijn gram moeten willen halen. Er had over een paar jaar een prachtige vuistdikke biografie moeten verschijnen, met één hoofdstuk met wat bespiegelingen, maar niet zo kort na zijn afscheid een boek waarin hij met terugwerkende kracht en zo op de man spelend zijn gelijk wil halen. Feyenoord heeft inmiddels gemeld zich niet in het geschetste beeld te herkennen.


Het boek leest overigens als een trein en geeft een goed beeld van wat er achter de schermen van succes kan gebeuren, maar mijn beeld van Kuyt heeft toch een deukje opgelopen. Al zegt dat misschien ook wel weer iets over de onrealistische verwachtingen die we in onze samenleving op de schouders van onze helden leggen. Aan mijn moeder geef ik het boek voor de zekerheid toch maar niet te leen.


ISBN 9789046823774 | Paperback | 191 pagina's | Uitgeverij Nieuw Amsterdam | mei 2018

© Willeke, juni 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER