Nieuwe jeugdboekrecensies 10+

De ring van Wiebeldinges
trilogie: Tante Geola
Mark Tijsmans


Derde en laatste deel uit de Tante Geola-trilogie.
In het eerste deel wordt verteld hoe Bas Bonje Bolleboos thuiskomt en een briefje vindt dat hij moet gaan logeren bij zijn tante Geola. Dat is het begin van een aantal fantastische avonturen, vol magie en humor, met sprookjesachtige, maar ook griezelige en bizarre elementen.
Dat voel je al aan het taalgebruik, het verhaal zit vol met vreemde woorden, ook al omdat de schrijver een Vlaming is.
De voor Bas onbekende tante woont in een kasteel genaamd Tot Slotte, gelegen in het dorp Krot-Kronkelinge. Daar logeert ook Tasje, met wie hij al snel dik bevriend is.
In dit laatste deel wonen zij nog steeds op het kasteel. Nu krijgen ze te maken met een een verre achterachternicht, Bijouterie Van Wiebeldinges, die een brief schrijft aan tante Geola. En tante Geola weet maar al te goed wie deze figuur is.

‘Zij woont in Vladivostok, op een kasteel dat een van de naarste en afgrijselijkste plekken op de hele wereld is. Hoog in de bergen. Half verstopt tussen de eeuwige sneeuw…
‘In de balancerende Bibberbergburcht,’ vulde Bas Bonje redelijk opgewonden aan.
‘Hoe wist jij dat?’ vroeg Tasje, onder de indruk.
‘Het was echt niet moeilijk om te raden,’ gaf Bas Bonje toe.
‘Die bibberende burcht bestaat dus echt…‘ fluisterde Tasje verbaasd.
‘Precies,’ knikte tante Geola kort. ‘Achterachternicht Wiebeldinges woont in de Balancerende Bibberbergburcht. En laten we vooral hopen dat ze daar blijft!

De achterachternicht blijkt ook te weten dat Bas Bonje een ring om zijn vinger heeft die hij met geen mogelijkheid afkrijgt: De ring van Wiebeldinges. En zij wil die ring, in ruil voor een slagzwaard uit de Middeleeuwen.
Maar Bas Bonje heeft de ring gekregen van zijn tante, en zij op haar beurt had hem weer gekregen van de Tsaar, bij hun verloving. De verloving ging over, de Tsaar wilde de ring terug, maar dat kon dus niet. Ze konden Bas Bonje alleen van de ring bevrijden als ze hem tot ridder zouden slaan met het zwaard van grootoom Serafijn. En nu heeft Bijouterie dat zwaard!

Onze helden gaan naar Vladivostok. Maar natuurlijk is de achterachternicht helemaal niet van plan om netjes te ruilen.

Dan zouden al die doldwaze avonturen waarover we gaan lezen namelijk niet hebben plaatsgevonden. Maar nu gaan we genieten van bijzondere magie.
Of het goed komt? Je zou het verwachten als je weet dat het het derde en laatste deel is van een trilogie. Maar ja, dan ken je tante Geola nog niet! Laat staan achterachternicht Bijouterie Van Wiebeldinges. Of zouden die akelige cherubijntjes roet in het eten gooien?

Het is het derde en laatste deel uit de Tante Geola-trilogie, na 'Tante Geola: de tsaar van eender waar' en 'Tante Geola: het zwaard van grootoom Serafijn'. Zonder die eerdere delen gelezen te hebben is het best lastig om al die fantasierijke en bizarre schepsels en gebeurtenissen te volgen, dus begin bij het eerste deel!
En verder: denk niet na, maar duik onder in dit bizarre en spannende verhaal.

Op de pagina voor elk nieuw hoofdstuk staat een zwartwittekening, en in een kader enkele versregels (ze komen uit geschriften van Bijouterie. ‘Met spelfouten’ staat er bij)   

‘grote droefheid, groot gemis
als uw bezit gestoolen is.
Geeft den moet en hoop nooit op
Wie weet duikt uw bezit weer op!

ISBN 9789461319555 | paperback | 328 pagina's | Uitgeverij Van Halewijck | augustus 2019
Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 13 september 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Christopher Plum en de Werelddraaier
Tamara Geraeds


Wanneer de doden terugkeren naar de aarde, zal ook daar iets terugkeren van waarde. Atlantis zal herrijzen en Atlas zal zich bewijzen.


De jonge Ridders van de Ronde Tafel, met wie je al kennis gemaakt kan hebben in drie eerdere avonturen, komen opnieuw voor grote uitdagingen te staan. Het is aan de twaalfjarige Christopher Plum om er achter te komen wie de twaalf ridders zijn, en hij kent er pas drie!  Iedere ridder heeft een bepaalde magische gave en ze worden terzijde gestaan door een of meer familiairen. Zelf wordt Christopher onzichtbaar als hij weer op missie moet, hij wordt dan ineens gescheiden van zijn lichaam. En dat gebeurt nu ook weer.


De drie ridders, Christopher, Elizabeth en Baris, bevinden zich na het derde avontuur in de hemel. Ze zoeken nog steeds naar een uitgang als ze nieuwe vrienden maken:  Mosi de kleine olifant en Zareb de mug. Nuttige vrienden, zoals snel zal blijken.
Want een nieuwe missie? Wat dan? De vrienden besluiten het aan Argus te vragen. Hij vertelt over de spreuk.
Maar wat betekent dat? Zijn de vrienden de doden die terugkeren? En wat gaat de Titaan Atlas doen?


“Titanen zijn machtige reuzen Ooit streden ze tegen de goden om de macht over hemel en aarde. Atlas had de leiding over de Titanen, die uiteindelijk verloren. Volgens de verhalen moest hij de aarde op zijn rug dragen, maar dat deel van het verhaal is niet waar. Hij draagt een kopie van de aarde. Een kopie die met de aarde is verbonden. (-) Wie Atlas wekt heeft de macht over de aarde. Alles wat hij met zijn bol doet, met zijn kopie, gebeurt ook met de echte aarde.’


Makkie zou je denken. Als Christopher er voor zorgt dat Atlas hem als eerste ziet, dan komt alles goed. Maar natuurlijk is er iemand die belust is op de macht en onze vrienden in de weg zit. Degroteb Oef slaagt er in om de eerste te zijn, en dan begint de ellende.


‘Ik denk dat de aarde het juist nodig heet om eens flink geschud te worden,’ Atlas’ ogen werden donker van woede, terwijl hij zijn bol langzaam hief. ‘Ik denk dat de mensheid maar moet leren wie hier de sterkste is.’


Jullie vermoeden al wel dat de ridders alles op alles gaan zetten om te voorkomen dat Degroteb Oef zijn zin krijgt, maar dat gaat niet zomaar. Ze zullen weer bijzondere, magische en ook gevaarlijke avonturen beleven voor ze de kans krijgen alles weer te herstellen.


Oude vrienden en oude vijanden komen op hun pad, en ze maken nieuwe vrienden. Opnieuw wordt er vaak verwezen naar de wereld van de goden, en klassieke helden. En zelfs de zak van Sinterklaas speelt een rol, wat zorgt voor een hilarisch moment. Want Tamara Geraeds vergeet niet een flinke dosis humor in het verhaal te verwerken, zodat je af en toe even kunt vergeten hoe spannend het allemaal is.


‘Het konijntje snuffelde aan de plek waar Christopher het licht van het vuur zag. Toen likte het beestje eraan en... het licht werd breder en breder en breder, alsof er een deur openschoof.
Verbijsterd keek Christopher op het konijntje neer. ‘Hij heeft de tunnel geopend!’
Het beestje hupte onverstoorbaar terug naar Argus en voegde zich bij zijn vriendjes.
De reus straalde. ‘Konijntjes zijn geweldig!’


Tamara Geraeds (1981) is docent Engels, Nederlands en creatief schrijven. Zelf schrijft ze onder andere fantasyverhalen voor kinderen en Young Adults. Zij debuteerde in 2012 met Nergens bij Uitgeverij Kluitman Alkmaar.
Christopher Plum en de Werelddraaier is haar tiende boek.


ISBN 9789462421028 | hardcover | 222 pagina's | Uitgeverij Kramat junior | juni 2019
Illustraties van Stieven van der Poorten | Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 25 augustus 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Nooit meer thuis
Martine Letterie


Opnieuw vertelt Martine Letterie over een bepaalde periode uit de geschiedenis die door velen die er mee te maken kregen als schokkend ervaren werd. Als je leest over zo’n periode zijn het vaak grove feiten en zelfs al staat er bij dat er kinderen bij betrokken waren, dan is dat meestal ook als getallen.
Lezen vanuit een kind over hoe het was als je zoiets aan den lijve ondervond maakt natuurlijk veel meer indruk. Zeker als je het zo boeiend beschrijft als Letterie doet.

Ook in Nooit meer thuis laat ze een kind vertellen: de 12-jarige Lily vertrekt met haar oudere zus Joyce en hun ouders uit Indië, het land waar ze altijd gewoond heeft, en dat ze beschouwt als haar vaderland. Ze heeft de Nederlandse identiteit, en weet niet beter als ze hoort thuis in Indië, toen nog een kolonie van Nederland.


Toch was haar leven al niet meer zoals ze het kende. Ze woonden in een groot huis op Java, met bedienden. Het leven was er goed. Tot de tweede wereldoorlog uitbrak en in 1942 de Japanners kwamen. De bezetters sloten Nederlanders op in de zogenaamde Jappenkampen. Zij waren krijgsgevangenen. Toen de Jappen verslagen waren, bleek teruggaan naar hun oude leven niet mogelijk. Vrijheidsstrijders profiteerden van de chaos in het land. Niet alleen de Jappen moesten weg, de Nederlanders ook. Zij stelden hen voor de keus: Indonesiërs worden of maken dat je weg komt.  Degenen die voor de Nederlanders vochten konden ook maar beter maken dat ze wegkwamen.


Lily’s haar vader was zo’n KNIL-officier. Ze zijn vluchtelingen als ze in 1949 aan boord gaan van het schip MS Oranje, op weg naar een land dat ze niet kent. En dat land is zo anders dan wat ze kent: het is er koud en nat – en het wordt nog erger, het is nu nog zomer! Lily’s vader wordt met TBC opgenomen in een sanatorium, moeder en haar dochters krijgen een kamer toegewezen in een pension in Den Haag.
De meisjes passen zich zo goed en kwaad als het gaat aan, maar hun moeder lijkt het op te geven.
Maar dan hebben zij nog geluk: ze staan hoog op reen lijst voor een eigen woning, omdat hun vader officier is!


Op het schip naar Nederland heeft Lily een jongen leren kennen, die dat geluk niet heeft. Hij is met zijn moeder terechtgekomen in kamp Westerbork, dat nu Schattenberg heet, maar een kamp blijft een kamp. Bennie, zo heet de jongen, had haar al verteld dat het absoluut niet leuk zou zijn in Nederland, dat ze gepest zou worden. Lily wilde het niet geloven, maar komt tot de ontdekking dat hij gelijk had. Wat nu? Toegeven aan haar heimwee, of toch maar het beste er van maken? Gelukkig kan ze haar vader bezoeken en kan ze ook naar haar tante Bé in Den Haag, een gezellig optimistisch mens.


Natuurlijk kan je in een jeugdboek niet alle facetten van een ingewikkelde periode als dit beschrijven. Martine Letterie beperkt zich dan ook vooral tot een gezin dat vanwege het beroep van de vader hun luxe leventje vaarwel moet zeggen. Leefden ze eerst als een welgestelde familie, nu moeten ze ieder dubbeltje omdraaien en wordt bovendien voor hen beslist waar ze wonen, wat ze eten en wat voor kleren ze dragen!
Daartegenover wordt Bennie ten tonele gebracht, uit een ander milieu, die een broer heeft die revolutionair was. Iemand dus die door een KNIL-er bestreden werd.
Ook is er een dienstweigeraar in het verhaal, die dus niet wilde vechten en daarvoor gestraft wordt.


Letterie besloot het magische tintje dat verbonden is aan Nederlands-Indië te gebruiken: Lily ziet verschijningen, eerst op het schip: een oudere man bij wie bloed over zijn gezicht druipt, later ziet ze haar jongere broertje, dat al jong overleden is. Dit lijkt er een beetje als een extraatje bij gehaald te zijn, en had voor een nuchtere Hollander best meer uitgelegd mogen worden.


Maar zoals gezegd: je kan nu eenmaal niet alles vertellen. Wil de lezer meer weten dan moet je op zoek gaan. Of misschien kan Martine Letterie zelf nog meer hierover schrijven! Haar stijl is heel toegankelijk, zonder uitweidingen, die afleiden van het verhaal. Deze rechttoe rechtaan stijl is prima voor de doelgroep, die immers niet zitten te wachten op een geschiedenisles!


Martine Letterie (Amsterdam, 12 december 1958) is een Nederlandse schrijfster van kinderboeken. In 1996 verscheen haar eerste kinderboek. Ze schrijft voornamelijk historische kinderboeken, die gebaseerd zijn op waargebeurde verhalen.


ISBN 9789025873028 | hardcover | 176 pagina's | Uitgeverij Leopold | september 2017
Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 27 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Tien vragen aan mijn vader
Evelien Feltzer


Op haar twaalfde verjaardag ontvangt Lou een kaart van haar vader. Niet zo heel bijzonder misschien, ware het niet dat ze hem nog nooit gezien heeft! Haar twee moeders hadden hem namelijk gekozen als donorvader. Bij de kaart zit ook een vliegticket naar Spanje, want daar woont vader Duncan nu.


Natuurlijk is de verrassing compleet en Lou is heel blij dat ze hem nu eindelijk eens kan zien en leren kennen. Ze heeft al heel wat gefantaseerd over hem, hoe zou hij eruit zien? Lijkt ze op hem? En nog veel meer. Maar nu het er echt van komt heeft ze tien vragen opgeschreven waar ze antwoord op wil hebben.
Lou's  twee moeders reizen met haar mee, wat Lou wel fijn vindt, want het is ook best spannend allemaal.


Wat vader Duncan niet weet is dat zijn uitnodiging precies op het juiste moment komt. Zijn dochter heeft namelijk iets gedaan op school waarvoor ze al flink gestraft is. Maar het meest erge is dat haar klasgenoten niet meer met haar om willen gaan. Ze heeft door haar daad gelijk geen vriendinnen meer.  En nu kan ze even een tijdje ontsnappen aan die akelige blikken en die vervelende sfeer. Ze gaat naar Tarifa!


Vader Duncan is een vlotte vent die helemaal gek van kitesurfen is. Hij heeft over de hele wereld wel op zijn surfplank gestaan. Maar nu zijn zijn wilde haren een beetje weg en heeft hij zich gevestigd in Tarifa waar hij een sappenbar runt. Er is gelukkig onmiddellijk een klik tussen Duncan en Lou en langzamerhand leren ze elkaar beter kennen, wat voor Lou heel prettig is, hoewel ze ook nog haar vragen heeft.


Haar vader is echter ook voor iets anders zijn bar begonnen in Tarifa en dat is vanwege Blanca de moeder van Bruno die in de sappenbar werkt. Tenminste dat denkt Lou als ze ziet hoe de twee naar elkaar kijken... Ze snapt haar vader wel, Blanca is ook leuk net als haar zoon...


Evelien Feltzer heeft met dit boek een heerlijk coming of age verhaal geleverd. Lou leert in deze vakantie dat niet alles is wat het lijkt. Ze heeft mooie gesprekken met haar vader die in feite, net als Lou, ook een stukje volwassener wordt door haar bezoek. Daarnaast ontdekt ze dat haar daad op school niet op zichzelf staat. Ze leert dat iedereen fouten maakt, dat iedereen doet dingen die soms niet zo goed zijn, ook haar vader, ook Bruno,  maar je kunt altijd opnieuw beginnen, misschien wel mèt Bruno, of toch niet?

Heel fijn, luchtig, zomers boek met een prettig serieus ondertoontje.


ISBN 9789000365777 | hardcover met kaartje van Zuid-Spanje | 156 pagina's | Uitgeverij Van Holkema & Warendorf | juni 2019
Leeftijd 10-12 jaar

© Dettie, 18 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Achtervolging Ren voor je leven
Linwood Barclay

Het Instituut is een bedrijf dat onder het mom van onderzoek naar medicijnen hele andere dingen onderzoekt en daarbij niet bepaald ethisch te werk gaat. Met mensen die daar tegen protesteren, gaan ze niet zachtzinnig om. Dat ontdekt een van de hoofdpersonen, de twaalfjarige Jeffrey, vol ongeloof. Maar hij zal aan den lijve ondervinden dat het Instituut nergens voor terugdeinst.


Dat gebeurt al snel na de ontmoeting met een hond die erg lijkt op de hond die hij zelf ooit had. Maar deze hond Chipper genaamd, is wel heel erg bijzonder. Hij is een proefdier uit Het Instituut, waar ze bij honden technologische snufjes inplanteren: Chipper kan verschillende talen verstaan, hij kan lezen, en heeft een logisch verstand. Hij is voorzien van een GPS-systeem , en kan foto’s en video’s maken met zijn ogen.
Maar Chipper heeft ook een mankement, volgens Het Instituut dan: hij volgt graag zijn instinct. Als hij een rat of een konijn ruikt, wil hij er niet alleen achteraan, hij vergeet dan alles en doet dat ook!


Als Jeff Chipper ontmoet - deze ontmoeting is absoluut niet toevallig! - woont de jongen bij zijn tante. Zijn ouders zijn omgekomen bij een vliegtuigongeluk, er was alleen maar deze oplossing: naar zijn tante. Zij runt een visserskamp, en zet de jongen flink aan het werk: hij moet de hutten en de boten die gehuurd kunnen worden schoonhouden, en het vuilnis wegbrengen naar de stort. Hij mag nog helemaal geen auto rijden, maar moet het toch ‘omdat hij het kan’, zegt tante.
Als hij bij de vuilstort een meisje ontmoet lijkt zijn leven iets minder saai te worden. Emily is van zijn leeftijd, een slimme wilde meid, die ook blij is dat Jeff er is.
Samen helpen ze Chipper, al beseffen ze nauwelijks hoe gevaarlijk het is om de hond in de buurt te hebben. Want er zijn mannen op zoek naar de verblijfplaats van Chipper, gevaarlijke mannen met een duidelijke opdracht…


Een bijzonder verhaal, dat de lezer al vanaf de proloog het boek intrekt:


‘Op het moment dat de Witjas de kamer vol kooien binnenkwam, wist de gevangene al wat hij van plan was. De Witjas ging hem vermoorden.’


Deze eerste zin roept meteen een aantal vragen op, en als het dan ook nog even duurt voor je als lezer door hebt wie de spreker is, is je aandacht al gegrepen en wil je verder lezen.   Het is lekker spannend, en zit vol verrassingen. Lekker vlot geschreven, met behapbare hoofdstukken waar steeds een hondje boven staat. Met humor ook.


‘Iedereen achteruit!’
Het was meneer Groen, de Hut 8 de hele zomer huurde. Hij had een rode brandblusser. Niet zo’n grote als je wel eens op school zag, maar groot genoeg. Het stel deed een paar stappen achteruit toen meneer Groen de blusser omhooghield, ermee op de uit de hand gelopen barbecue richtte en die met een luid VROESJ onder een laag schuim spoot.
De vlammen waren meteen verdwenen.
Jeff stond op. De vrouw begon tegen meneer Groen te schreeuwen: ‘U hebt allemaal chemicaliën op onze hotdogs gespoten!’
Daar werd Jeff heel boos om. Voordat meneer Groen iets kon zeggen, riep hij woest: ‘Jullie hebben die boom bijna in de fik gezet! Zijn jullie gestoord of zo? Wie zet er nou een barbecue onder een boom?’


Chipper is een hond met mogelijkheden, waar de schrijver goed gebruik van maakt. Hij is gewoon een hond die graag op eekhoorntjes jaagt maar zit vol aparte technologische snufjes die hem wel heel erg bijzonder maken! En gelukkig heeft Emily best veel verstand van computerdingetjes!
De combinatie Jeff/Emily werkt erg prettig. Zou er nog iets romantisch opbloeien tussen deze twee kinderen? Dat zullen we moeten afwachten, maar er komt een vervolg, dus het zou zo maar kunnen!
Dat vervolg moet er wel komen, omdat het verhaal niet afgerond is. Overigens hebben schrijver en uitgever besloten achter in het boek alvast een voorproefje te zetten van dat vervolg. Hebben we iets om naar uit te kijken! Het vervolg, Ontsnapping, verschijnt voorjaar 2020.


Linwood Barclay (Connecticut, 1955) heeft al meer dan twintig boeken op zijn naam staan, vooral thrillers. Achtervolging is zijn eerste jeugdboek.


ISBN 9789000365791 | hardcover | 256 pagina's | Uitgeverij Holkema & van Warendorf | maart  2019
Vertaald uit het Engels door Barbara Lampe | Leeftijd vanaf 11 jaar.

© Marjo, 10 juni 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Alice in Wonderland
illustraties Rebecca Dautremer
tekst Lewis Carroll bewerkt door Ed Franck


Alice in Wonderland, het verhaal van Lewis Caroll is bijna bij iedereen bekend. Wie het boek niet gelezen heeft kent het verhaal vast wel in de vorm van een (teken)film, die in vele variaties is verschenen met als meest bekende uitvoering de disneyfilm.


Het is het verhaal over Alice, een meisje dat achter een Wit Konijn,  met een horloge in zijn vestzak, aanholt. Het Konijn heeft enorme haast. Als hij een konijnenhol in duikt, springt ze hem achterna en valt eindeloos diep totdat ze eindelijk op een berg blaadjes belandt. Het Konijn holt een tunnel in en Alice holt hem achterna.
Hiermee start het meest wonderlijke avontuur wat een meisje beleven kan.


Alice komt uit in een zaal met deuren, waar ze een sleuteltje en een drankje vindt. Ze drinkt dat op en krimpt totdat ze door het kleine deurtje kan die naar een schitterende tuin leidt. Maar helaas doet ze een aantal beetje domme dingen waardoor dat niet lukt. Ze groeit en ze krimpt steeds, en ontmoet allerlei dieren zoals de Muis, de Dodo, een Papegaai, een Krab, een Ekster etc. waar ze o.a. een race mee doet.
Later, als ze weer eens heel klein is komt ze bij een vrij filosofische  Rups die haar helpt met krimpen en groeien. Maar nu groeit alleen haar nek van kort naar lang in plaats van haar hele lijf!


Als alles weer goed is,en ze het groeien en krimpen een beetje in de hand heeft, arriveert ze in de keuken van het huis van de Hertogin, die overigens ruzie heeft met de kokkin. Het is een heel spektakel en kabaal en ook daar verandert weer iets, de baby van de hertogin wordt langzamerhand een varkentje! Wonderland doet zijn naam eer aan.


En zo beleeft Alice de meest wonderlijke avonturen, ze ontmoet de glimlachende Kat, de Hoedenmaker en de Maartse Haas. Maar uiteindelijk belandt ze eindelijk in de tuin waar ze in eerste instantie zo graag naartoe wilde. Tot haar verbazing zijn de tuinmannen 'levende' speelkaarten, ze is belandt in de tuin van de Hartenkoning en -koningin! Ze moet een spelletje croquet spelen, de ballen zijn Egels, de hamers zijn Flamingo's en beide soorten zijn levend! Zoiets heeft Alice natuurlijk nog nooit meegemaakt.  Ze luistert even later naar het droevige verhaal van de Nepschildpad en vertelt vervolgens haar verhaal aan hem. Al gauw luisteren alle dieren van Wonderland naar Alice's bijzondere avonturen die ze beleeft heeft in hun land. Maar dan is het opeens tijd voor het proces. Hartenboer is in de boeien geslagen en nu komt er een rechtszaak die al even chaotisch verloopt als alle voorgaande gebeurtenissen. Alice blijft overigens bij alles wat haar overkomt wonderbaarlijk rustig en helder van geest...


Plots is dat Alice opnieuw in een andere wereld en dan blijkt dat ze haar surrealistische verhaal niet in Wonderland beleeft heeft maar in Dromenland!


Persoonlijk was ik van het verhaal over Alice in Wonderland, nooit erg gecharmeerd, het was te druk en er gebeurde teveel en eigenlijk ook helemaal niets.  De originele zwart-wit tekeningen van John Tenniel vond ik eveneens niet aantrekkelijk, eerder afstotend. Als kind vond ik het boek en de tekeningen zelfs een beetje eng.


Maar dit boek met zijn prachtige, deels zwart-wit deels warmgekleurde, fantasievolle illustraties van Rebecca Dautremer heeft niets angstaanjagends meer. Deze prachtige dromerige afbeeldingen maken het verhaal gelijk een stuk aantrekkelijker. En dan heb ik het nog niet eens over de bewerkte tekst door Ed Franck. Dankzij hem is het een veel toegankelijker, vlot leesbaar boek geworden. Nu is Alice niet meer dat keurige, beetje stijve meisje maar een menselijk, bijna tastbaar, kind van deze tijd dat een heel bijzonder avontuur beleeft. Het is een enorme sprong voorwaarts. Het verhaal blijft natuurlijk druk en chaotisch maar door het te moderniseren in taal en beeld is het veel toegankelijker geworden. Prima gedaan! Het is nu een echt kinderboek in plaats van een semi-volwassen verhaal.


Rébecca Dautremer is een bekende Franse illustratrice. In Frankrijk kreeg ze reeds verschillende bekroningen voor haar werk. Haar werk spreekt mij zeer aan. Haar afbeeldingen in het boek Yeti waren voor mij Kunst met een grote K. en ook nu weet ze weer iets heel bijzonders te maken van Alice en haar Wonderlanders.
Zie ook haar website.


ISBN 9789059088894 | Paperback met flappen en ronde hoeken | 223 pagina's | Uitgeverij Davidsfonds infodok |
1e Nederlandstalige druk in deze uitvoering 2011 | gelezen editie herdruk 2018 | Afmeting 20 x 15 cm | Vanaf ca. 11 jaar

© Dettie, 26 mei 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Pippa’s race
Paarden van Olympus deel 1
Kallie George

Pippa woont in de stad Athene. Ze is een vondeling, haar ouders zijn onbekend en zij is afhankelijk van liefdadigheid om te overleven. Als ze hard werkt mag ze bij de gratie Gods in de stallen van Alkaios slapen. Hij is een strenge, harde meester, maar ze heeft geen keus.
Op een dag waait er een harde storm door Athene, ook over de stallen. Die dag verandert Pippa’s armoedige bestaan:


‘Ik kan maar beter weer aan het werk gaan, dacht Pippa bij zichzelf, maar ze werd nog eens onderbroken, dit keer door een flits. Geen bliksem, maar iets anders. Er stak een enorme zilveren vleugel tussen de wolken uit, als een zeil op zijn kant. Het ene moment zag ze hem, het volgende moment was hij al weer verdwenen.
Pippa hapte naar adem.
Er was maar één wezen met zulke grote vleugels: een gevleugeld paard.’


Ze rent met de storm mee, in de hoop nog een keer iets te zien. Kletsnat is ze als ze weer terugkomt, om er haar baas aan te treffen bij het paard waar ze mee bezig was. Hij stuurt haar weg, hij zoekt wel een hulp die wel zijn werk doet. Wat moet ze nu?
Nog één keer klimt ze op het dak van de stallen, en hoort dan een gesprek dat Alkaios heeft met zijn vriend. Ze hebben het over de race die ééns in de honderd jaar gehouden wordt: de goden en godinnen komen dan naar de aarde om de kinderen op te halen die zij gekozen hebben om hun paard te berijden. Het kind waarvan zij denken dat het de beste ruiter is, want iedere god wil de race met de gevleugelde paarden winnen. De ruiter wordt als beloning dan een halfgod en mag bij het paard op de Olympus blijven.
Natuurlijk wil Pippa dat, maar dan moet ze eerst wel uitgekozen worden.


En dan gebeurt het ongelooflijke: ze wordt wakker op de Olympus. Om haar heen staan andere kinderen. Het wordt duidelijk dat die allemaal gekozen zijn door een god of godin. Degene die Pippa gekozen heeft is Aphrodite. Maar die laat zich niet zien.
Er is alleen Bellerophon, degene die de kinderen samen brengt met het gevleugelde paard dat zij zullen rijden. De training begint. En ook het grote avontuur van Pippa. Zal zij in staat zijn om haar paard, Zephyr, te rijden? De anderen weten in ieder geval zeker dat zij met dat kleine paard niet zal kunnen winnen!


Wat aanvankelijk aan simpel paardenboek lijkt, blijkt dat niet te zijn. De karakters worden goed beschreven en de gebruikte taal is soms best pittig, mede door de Griekse woorden die veel voorkomen.
Achterin het boek staat een lijst van de paarden met hun ruiters. Het was handiger geweest als het voorin had gestaan, dan had de lezer dat al geweten. De omslag is aantrekkelijk, en de jonge lezer leert meteen van alles over de mythologische wereld van de Oude Grieken.
Een spannend avontuur, dat als thematiek vriendschap en rivaliteit heeft,


De Canadese schrijfster Kallie George (1983) heeft al veel succesvolle kinderboeken op haar naam staan.


ISBN 9789025767792 | Hardcover | 208 pagina's | Gotmer| mei 2018
Vertaald uit het Engels door Linda Broeder | Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 7 september 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Nooit meer thuis
Martine Letterie


De titel kun je letterlijk nemen. Vanaf het moment dat Lily aan boord van het schip stapte en staande op het dek Indië ziet verdwijnen is haar thuis verdwenen. Er was voor haar al heel veel veranderd sinds de Japanners in 1942 Indië binnenvielen en Lily met haar moeder en zus Joyce naar het (Jappen)kamp werden gebracht waar ze als krijgsgevangenen verbleven. Daar kregen ze erg weinig eten en de omstandigheden waren erbarmelijk. De drie gezinsleden woonden in een hutje met 'tante' Betty, want elke hut moest bewoond worden door vier personen.


Indië was destijds nog een kolonie van Nederland. Lily's vader was officier bij het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL) en vocht aan Nederlandse zijde tegen de Japanners. Al de jaren dat de drie vrouwen in het kamp zaten, wisten ze niet of hun man en vader nog leefde. Gelukkig wel!
Maar nadat de Japanners verdreven zijn, blijkt dat de oorspronkelijke bewoners van Indië ook de Nederlandse overheersing liever kwijt dan rijk zijn, de strijd is dus nog niet klaar en uiteindelijk worden de Nederlanders uit Indië verdreven en moet het hele gezin vertrekken uit het mooie land dat ze zo lief hebben.


Voor de oorlog was het leven goed, het gezin leidde een luxe leventje, ze leefden in een groot huis en er waren veel bediendes voor het huishoudelijke werk, er was eveneens een kindermeisje en natuurlijk kokkie, die de heerlijkste maaltijden bereidde. Maar hoe anders is het leven in Nederland waar het gezin op één kamer in Den Haag moet inwonen bij een hospita die ook - voor veel geld - de onsmakelijke, zeer karige maaltijden verzorgd. Tot overmaat van ramp wordt vader vanwege zijn ziekte, tbc, opgenomen in een sanatorium in Katwijk aan zee. Moeder ondergaat het allemaal apathisch maar Lily en Joyce komen af en toe in opstand, zeker als ze kleren 'kopen' die uit het jaar nul zijn.


Bovendien was er weinig begrip voor de mensen uit Nederlandse Indië (het huidige Indonesië). De mensen in Nederland hadden geen weet van de heftige strijd die gevoerd was tegen de Japanners en het akelige, zware leven in de latere Jappenkampen. 


De reis naar Nederland en de latere gebeurtenissen worden bekeken door de ogen van de twaalfjarige Lily. Martine Letterie heeft wel vaker een kind historische  gebeurtenissen laten ondergaan of vertellen, dat waren vaak levendige en beetje spannende verhalen. Martine Letterie blijft in haar verhalen ook altijd dicht bij de gebeurtenissen die werkelijk hebben plaatsgevonden wat vaak iets extra's geeft. Maar toch sleepte het verhaal me dit keer niet mee. De gebeurtenissen werden naar mijn gevoel teveel op afstand verteld. Het is meer een geschiedenis'les' in verhaalvorm dan een verhaal over een meisje dat de gevolgen van de gewelddadigheden in Indië meemaakt.


De geschiedkundige gebeurtenissen hebben de overhand waardoor het verhaal een beetje statisch wordt. Het wordt eerder een opsomming buiten het leven van het meisje om. De impact wat de gewelddadigheden en verdere verloop van het verzet gehad heeft op het meisje en de rest van het gezin komt niet goed over. Dat is jammer.
Ook het jongetje Bennie, die opgegroeid is in een minder rijk gezin bungelt er een beetje bij. Je voelt dat hij de functie heeft om de geschiedenis van de minder bedeelden te vertellen maar het wordt net als Lily geen kind waar je mee meeleeft. 


Het mysterieuze leven ofwel de geestenwereld die volgens velen zo vaak naar voren treedt in Indonesië, komt eveneens voor in dit boek maar komt niet goed uit de verf. Het voelt allemaal als los zand. Alles wordt wel verteld, genoemd en aangeraakt maar een echt vloeiend verhaal wil het maar niet worden.

Kortom, het boek stelde me lichtelijk teleur.


ISBN 9789025873028 | hardcover | 176 pagina's | Uitgeverij Leopold | september 2017
Leeftijd vanaf 10 jaar

© Dettie, 5 augustus 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Van YouTube-ster tot rapper
Collins geheime channel: Deel 2
Sabine Zett

Wie in het eerste deel kennis heeft gemaakt met de dertienjarige Collin, een onzekere, maar sympathieke puber, wil vast wel weten hoe het verder gaat met hem. Heeft hij zijn vlog nog, dat geheime project dat hij met hulp van zijn vriend heeft opgezet?


Dat mag ik wel verklappen: jawel: hij heeft zelfs al 1000 volgers, waaronder ook zijn grootste vijand, de popie-jopie Willem. En Kim, zijn beoogde vriendin. Hoewel het meisje zich er waarschijnlijk helemaal niet van bewust is, draait alles om Kim, het knapste meisje van de klas. Collin snapt maar niet waarom zij omgaat met die Willem. Ze ziet toch ook wel dat dat maar een saaie knul is, met zijn hoge punten en vele geld?  Collin vindt zichzelf een coole, grappige gast. Dat moet Kim toch ook zo zien?


Het zit hem dan ook een beetje dwars dat hij niet kan verklappen wie er achter het CMC-kanaal op Youtube zit. Hij verstopt zich achter een poemamasker, te bang dat ze hem uit zullen lachen als ze weten wie hij is. Zijn vriend, Jo-Jo (=Jonathan) is technisch heel goed, hij is degene die filmt, en ook de stem van Collin vervormt.


Het verhaal begint met de muziekles. Jace, de leraar verzint volgens Collin steeds van die stomme dingen. Ook nu weer:


‘Aanstaande zaterdag wordt deze school bezocht door een aantal belangrijke mensen van de gemeente. Ik ben gevraagd om de muzikale omlijsting te verzorgen in de vorm van een klein klassiek concert. Het is wel erg kort dag. Wie bereid is zich hiervoor in te zetten, krijgt daar uiteraard een mooi cijfer voor. Zijn er vrijwilligers die een instrument bespelen?’


Iedereen praat meteen door elkaar, allerlei ideeën worden de klas in gegooid. Collin heeft ook meteen van alles in zijn hoofd. Maar een klassiek ensemble, zoals de muziekleraar oppert, dat is niks. Een band! Dat ziet hij wel zitten! Maar dat mag natuurlijk niet, dus dan maar niet. Laat die stomme Willem maar iets doen. Die kan wel een klein orkestje vormen zegt hij, en dan mogen de meisjes op de pauken slaan.
Wat! Collin is geschokt! Kim meedoen met Willem? Daar komt niets van in. En als hij hoort dat Kim en haar vriendinnen liever willen zingen, nou, dat verandert alles, daar kan hij toch rekening mee houden als hij met zijn band optreedt! Hij vergeet even dat hij helemaal geen band heeft en nauwelijks gitaar kan spelen.
Maar hij moet kost wat kost Willem overtroeven, en Collin bedenkt van alles, want als het zaterdag is, moet hij wel iets hebben. Afgaan is geen optie!


Gelukkig is Jo-Jo er weer, om hem in het gareel te houden en met goede ideeën te komen. En oma wordt ook nog geraadpleegd. Maar zo soepeltjes loopt het allemaal niet.We zijn benieuwd wat er die zaterdag staat te gebeuren…


Net zoals het eerste deel is het een boek vol zwartwit tekeningen van Falk Holzapfel en teksten in allerlei lettertypes.
Het nieuwe avontuur van Collin zit weer boordevol met diens spontane invallen en fantasieën, en net als in het eerste deel is er die serieuze ondertoon. Zoals de titel aangeeft gaat het over rappen, maar tussen de regels door lees je ook over klassieke componisten en muziekvormen.


In een voorafje, door Collin spiekbrief genoemd, worden de personages nader voorgesteld maar ook wordt er in het kort meer over hen en over Collin zelf verteld. Zeker handig als je het eerste boek niet gelezen hebt, dat is dan ook geen vereiste (maar wel leuk natuurlijk!)
En dan gaat het wervelende avontuur van start.


De Duitse schrijfster Sabine Zett (1967) is journalist en kinderboekenschrijver. Van haar hand is ook de serie over Hugo, eveneens een graphicnovelserie over een brugklasser.


ISBN 9789025114428 | hardcover | 192 pagina's | Uitgeverij Holland | juni 2019
Vertaald uit het Duits door Emmy van Egmond | Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 24 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Krachtig ontwaken
Deel 1 - Heksenzielen
Maja Vermeulen


Olivia groeit vrijwel moederloos op. Wat er precies gebeurde op die dag dat zij, zeven jaar oud, onder het bed geduwd werd, waarna haar moeder verdween, weet ze eigenlijk niet. Maar ze heeft nog steeds nachtmerries over die dag. Ze weet dat nog niet, maar die dromen zullen verdwijnen als ze zeventien wordt, want op die dag vertelt haar vader haar dat ze een heks is, een waterheks, net als haar moeder. En helaas is ook zij daarom in gevaar. Er wordt op haar gejaagd.


Olivia en haar vader zijn na de verdwijning van haar moeder verhuisd naar een huisje op het landgoed van de familie Rijckaert, die hun naam eer aan doet, ze zijn een rijke familie. Hun zoon Leonard – Nerd - is een superintelligente jongen, die op school veel werd gepest. Zijn ouders besloten hem thuis les te geven, en Olivia mocht daar bij aansluiten. Ze trekken altijd samen op. Ook nu haar krachten zijn ontwaakt, en ze gaat oefenen. Van haar vader krijgt ze een kist met spullen van haar moeder, waar ook een dagboek in zit. Natuurlijk vertelt ze haar vriend alles.


‘Ga je nog proberen om te toveren of niet? Ik zou het graag willen zien!’
‘Oké, wat moet ik doen? Het moet te maken hebben met de aggregatietoestanden van water.’
Nerd denkt even na en zegt: ‘Tover gewoon water uit de waterput naar mijn handen.’
Leonard vormt een kommetje met zijn handen.
‘Doe maar, ik ben klaar,’ zegt hij overtuigd.
Maar ik ben nog niet klaar. Mijn moeder heeft geschreven dat ik me gewoon moest concentreren op wat ik wil dat er gebeurt.
Ik ga met gekruiste benen zitten en ontspan mijn lichaam. Met mijn ogen dicht kan ik mij beter focussen. Ik voel de bol in mijn hanger een aangename warmte uitstralen, terwijl ik mijn magie probeer op te roepen.
Leonard springt geschrokken op en schreeuwt: ‘Er vallen druppels op mijn hoofd! Heb jij dit gedaan?’


Het duurt niet lang of Olivia beheerst het water als een echte heks, ook al is de arme Nerd in het begin nogal eens de dupe als het fout gaat.
Maar ze heeft nog meer talenten, die ze heel enthousiast uitprobeert. Ze kan namelijk ook tijdreizen. Zo belanden Olivia en Nerd in het jaar 1757, een tijd waarin eveneens op heksen gejaagd werd. Maar waarom ze specifiek in deze tijd zijn aangekomen, dat weten ze niet. Heeft Olivia’s moeder daar iets mee te maken? En wie is degene die op hen jaagt? En waarom?


Een rechttoe rechtaan verhaal over magische krachten. Afgezien van het feit dat er soms moeilijke – en Vlaamse – woorden gebruikt worden, is de schrijfstijl eenvoudig en toegankelijk. Het verhaal  loopt vlot en gladjes, misschien gaat het allemaal te makkelijk, maar dat zal de jonge lezer niet storen. Die zal wel op bepaalde antwoorden moet wachten omdat dit het eerste deel is van een trilogie.


Maja Vermeulen (1984) is lerares op een basisschool, en altijd erg geïnteresseerd geweest in magische verschijnselen en wezens. Dit boek is haar debuut.


ISBN 9789462420977 | Paperback | 160 pagina's | Uitgeverij Kramat Junior | april 2019
Leeftijd vanaf 12 jaar

© Marjo, 15 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Ik mis me
Boek bij de film Nous Trois
Wally De Doncker


Sommige mensen hebben van nature een filosofische inslag en als kind zijnde uit zich dat al. Helaas bezit ik dat gen niet en kan dan ook met opperste ver- en bewondering kijken en lezen hoe filosofische gedachtes zich ontvouwen. Niets is gek, alle gedachtes zijn er gewoon en gaan alle kanten op om zo tot een eventueel diepere kern te komen of naar bepaalde essenties in ons bestaan te leiden. Het denken zelf, is nagenoeg het belangrijkste. De vraagstelling, een gedachte, een stelling, wordt van alle kanten bekeken en beredeneerd, een oplossing moeten vinden is vaak niet aan de orde, het gaat puur om het beschouwen en filosoferen.


Dit boek voor jongeren vanaf ca. 9 - 10 jaar is ook filosofisch georiënteerd. Het uitgangspunt is 'de gedachte dat elk mens de wereld om zich heen verandert, alleen al door er te zijn'.  Voorafgaand aan het verhaal kunnen we eerst de prachtige film Nous Trois bekijken waarvoor de QR-code en wachtwoord in het boek is afgedrukt, maar ook de url naar de film is weergegeven.


Het duurde vijftien jaar om de tekstloze film te realiseren, de meisjes die we in de film zien werden namelijk vanaf hun derde tot hun achttien jaar begeleid in hun zoektocht in de dans.  'Het werd een intense weg waarbij Ik mis me - dat verscheen in 2001 - een rode draad werd door de jaren heen', vertelt de maakster Anne-Lore Baeckland ons. De meisjes zijn gefilmd toen ze 6, 12 en 18 jaar waren. Het resultaat s die 15 jaar meer dan waard.


De drie meisjes dansen hun leven, hun groei. Erg mooi is de scène met de deuren die zich voor hen openen en sluiten. Maar ook het geblinddoekte meisje dat letterlijk leert om de volwassen mens (ouders) los te laten en zelfstandig leert rond te kijken is fantastisch weergegeven. De bijna wilde, 'vechtende' dans tussen nagenoeg stilstaande mensen is eveneens indrukwekkend, het geeft aan hoe moeilijk en eenzaam iemands leven kan zijn, zelfs tussen menselijk gezelschap in. We zien de worsteling, het zich afzetten tegen de maatschappij, het vallen en opstaan, maar vooral het doorgaan.
Ook de schitterende omgeving waarin gedanst wordt speelt een grote rol in de film. Het bijna volwassen meisje dat zich gewillig mee laat voeren door de glooiing en constructie van een heuvelachtig landschap dat we eerst uiteen hebben zien knallen, voelt aan als overgeven aan de stroom van het leven en die beelden maken je bijna blij. Erg mooi gedaan.
De film is gemaakt in 2018 en duurt ca. 30 minuten.


Deze herdruk van het boek Ik mis me  is voorzien van beelden uit de film. Film en boek vormen zo een erg prettige combinatie. De film maakt dat je al in een filosofische stemming komt waardoor de teksten uit het boek beter binnenkomen, meer voor je gaan leven en makkelijker te interpreteren vallen en vice versa want de tekst in het boek roept nieuwsgierigheid op en laat je, net als de film, eveneens nadenken over het bestaan.

Het motto van het boek bestaat uit de beroemde regels van William Shakespeare: Zijn of niet te zijn. Daar gaat het om. De korte teksten uit dit boek draaien eveneens om deze twee regels. Er worden namelijk,  in korte teksten van enkele regels, gedachtes geuit, bijvoorbeeld 'Als ik niet geboren was, dan was mama er misschien wel.  [...] Ze zou mijn mama niet zijn. Ook haar vriendin zou haar vriendin niet zijn. 'Ze is mijn vriendin omdat ik er ben.'
En zo denkt degene door over hoe het zou zijn als zij niet op deze planeet rondliep. Hoe het huis zou zijn zonder haar, was papa dan wel papa, en haar broer? Was hij dan wel een broer? En zou het huis holler klinken, als zij er niet was? Uiteindelijk maken deze gedachten haar een beetje weemoedig. Het is allemaal wel heel kaal zonder haar...'Mama, ik mis me als ik zo denk. Ik mis me heel erg...'

Het is natuurlijk interessant en spannend om te bedenken dat zonder jou mensen mogelijk een heel ander leven hadden, dat dankzij jou de wereld en hun wereld anders is, dat jij dara je eigen unieke steentje aan bijgedragen hebt.. Een mooi gegeven om op voort te borduren met vrienden, vriendinnen, ouders, klasgenoten...
Zowel de film als het boek zijn erg mooi, indringend en intrigerend. Grote, grote aanrader.


ISBN 9789059089648 | Hardcover | NURcode 274 | Davidsfonds Infodok | februari 2019
Leeftijd ca. 10 jaar

© Dettie, 29 mei 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER