Nieuwe recensies Non-fictie

Maria Callas
Arianna Huffington

Het dramatische leven van de meest betoverende zangeres van de twintigste eeuw


De geboorte van Maria is een teleurstelling voor haar moeder, die op een zoon had gehoopt om haar aan tyfus overleden Wassily te vervangen. Het gezin is ruim 5 maanden eerder vanuit Griekenland naar de Verenigde Staten geëmigreerd, iets waar Evangelia, de moeder van Maria het helemaal niet mee eens was. Na de geboorte van de dochter kan ze alleen maar roepen: "Haal haar weg!" Het kind krijgt uiteindelijk de namen Cecilia Sophia Anna Maria. De naam Kalogeropoulos wordt officieel gewijzigd in Callas, om aan te geven dat het de bedoeling is om van Amerika hun permanente woonplaats te maken.


Maria wordt een plomp meisje, dat het niet gemakkelijk heeft. Haar moeder geeft de voorkeur aan haar oudere zusje Jackie en ook op school heeft ze het niet gemakkelijk. Als ze 10 is, blijkt Maria goed te kunnen zingen en terwijl ze zelf nog droomt van een carrière als tandarts, heeft haar moeder dan al besloten dat ze zangeres zal worden en niet zomaar een zangeres, maar een wereldberoemde zangeres. Hiervoor zal alles moeten wijken...
De jeugd van Maria staat voortaan vooral in het teken van de muziek. Ze doet mee aan talentenshows, radioprogramma's en eindeloze wedstrijden. Haar emotionele noden raken op de achtergrond.


In 1936 vertrekt Evangelia met haar twee dochters naar Griekenland, omdat ze van mening is dat Maria hier de opleiding kan krijgen die ze nodig heeft. De vader George blijft in Amerika achter. Dan krijgen we een verhaal over de kanaries David en Elmina. Maria verwondert zich over de zang van David en wil haar stem net zo kunnen beheersen als de kanarie. David blijft doorzingen, terwijl Maria het uiteindelijk op moet geven. Later neemt ze wraak op het kanarieras, als Elmina flauwvalt terwijl Maria een aria uit Lucia afraffelt. Dit herhaalt zich nog 2 keer tijdens de zangoefeningen van Maria en daar Evangelia het zat is om het vogeltje water met cognac in het snaveltje te gieten, mag Maria voortaan pas gaan zingen als Elmina in de meest geisoleerde kamer in huis is.


In de oorlog zingt Maria ook voor Duitse soldaten, hetgeen haar na de oorlog niet in dank werd afgenomen. Na de bevrijding van Griekenland volgt de burgeroorlog en Maria vertrekt in september 1945 alleen naar Amerika. Haar lerares adviseert haar om naar Italië te gaan, maar dit advies wordt niet opgevolgd.


De zang van Maria Callas zorgt ook voor de nodige controverses, waarbij de fans van Renata Tebaldi en die van Maria Callas tegenover elkaar staan. Tegen het eind van het boek wordt er zelfs nog een vechtpartij beschreven na een optreden van Maria Callas, waarbij Yves St. Laurent zelfs iemand tegen de schenen schopt, terwijl een respectabele oude dame een lid van de andere partij zijn bril van zijn gezicht trok.


Het boek gaat niet alleen over de zangcarrière van Maria Callas, maar ook over de mannen in haar leven, waarvan Onassis vermoedelijk de bekendste is.
Het leven van Maria Callas is gevuld met hoogte- en dieptepunten, die in dit boek ter sprake komen. In het midden van het boek zit ook nog een fotokatern, maar op geen van de foto's is het plompe meisje uit het begin te zien.
Wat ik wel mis is een personenregister en misschien een lijst met de belangrijkste personen, want soms kom je ineens een naam tegen, waarvan je niet meer weet wie er nu eigenlijk bedoeld wordt.


Het verhaal wordt in chronologische volgorde verteld. Vreemd is wel dat in het eerste hoofdstuk de jaren 1913 tot 1936 centraal staan en dat volgens de inhoudsopgave het tweede hoofdstuk het verhaal vanaf 1923 (Het geboortejaar van Maria Callas) tot 1941 vertelt. Dat klopt niet want hoofdstuk 2 begint echt tegen het einde van 1936.
Bij het bekijken van dit boek vallen 2 dingen op. In de eerste plaats dat het al in 1980 in het Engels is verschenen, hetgeen betekent dat het pas na 37 jaar vertaald is. In de tweede plaats staat bij het copyright uit 1980 de naam Agapi Stassinopoulos. Dat is de zus van Arianna Huffington, die dit boek toch echt zelf heeft geschreven.

Beluister ook de radiouitzending op nporadio1 


ISBN 978 94 0160 737 7 | Paperback | 432 pagina's| Xander Uitgevers | augustus 2017
NUR 320 | Vertaald door Maurits van de Toorn

© Renate, 10 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Uw belangrijkste gegevens overzichtelijk bij elkaar
Studio Visual Steps


Informatie, we beschikken er tegenwoordig ruimschoots over. Over vrijwel elk onderwerp staat op elk moment van de dag een uitgebreide hoeveelheid informatie tot onze beschikking. Soms voelt het of we overspoeld worden met wetenswaardigheden. Ook onze administratie is steeds onoverzichtelijker geworden. We kunnen tegenwoordig kiezen uit tal van aantrekkelijke abonnementen en verschillende aanbieders van bijvoorbeeld stroom, gas en verzekeringen. Het boekwerk Uw belangrijkste gegevens overzichtelijk bij elkaar is dan ook bedoeld om orde in de chaos te scheppen.


Het boek bestaat uit rustige grijswit gekleurde pagina’s waar je alle gegevens in overzichtelijke categorieën kunt verzamelen. Aan de rij handige icoontjes aan de rechterkant van de pagina’s kun je precies zien om welk gedeelte van het boek het gaat. De volgende categorieën zijn in het boek opgenomen:



  • Bibliografische gegevens
  • Bankzaken
  • Verzekeringen
  • Werkgevers, uitkeringen en pensioenen
  • Woning(en) en onroerend goed
  • Bedrijven waar ik eigenaar van ben
  • Voertuigen
  • Belasting en toeslagen
  • Nutsbedrijven, tv, internet en (mobiele) telefoon
  • Andere abonnementen en lidmaatschappen
  • Wachtwoorden online en op de computer, tablet of mobiele telefoon
  • Huisdieren
  • Contactgegevens van vrienden, bekenden en andere familieleden
  • Mijn wensen na mijn overlijden
  • Overige zaken om te regelen of te vermelden
  • Bijlage checklist voor nabestaanden


Alle categorieën zijn in subcategorieën onderverdeeld. Zo kun je onder “Bibliografische gegevens” bijvoorbeeld aangeven of je een testament hebt, wie jouw medische contactpersonen zijn en wie jouw eventuele partner en/of kinderen zijn. In de categorie “Bankzaken” vermeld je bijvoorbeeld jouw betaalrekeningen, aandelen, hypotheken en eventuele schulden en/of vorderingen. Ook erg handig is de categorie “Contactgegevens van vrienden, bekenden en andere familieleden” waarin je alle contactgegevens kunt opnemen maar er ook voor kunt kiezen te vermelden waar jouw adresboekje ligt. Elke categorie begint bovendien met een heldere uitleg waarna enkele subcategorieën van aanvullende informatie zijn voorzien. Zo wordt er bijvoorbeeld aandacht besteed aan het kiezen van een veilig wachtwoord.


Wanneer alles is ingevuld is een handig naslagwerk voor jezelf maar ook bijvoorbeeld voor jouw nabestaanden ontstaan. Alle belangrijke informatie staat overzichtelijk bij elkaar en niemand hoeft het hele huis ondersteboven te keren om alle gegevens bij elkaar te krijgen. Ook kun je het boek gebruiken om orde in de chaos te scheppen als je als nabestaande of in een andere hoedanigheid belast bent met het uitzoeken van de administratie van een familielid of bekende. Wanneer je alles wat je tegenkomt gelijk in dit boek verwerkt, ontstaat er vanzelf een duidelijk geheel


Naast een duidelijk overzicht schenkt dit boek je ook rust. Het is fijn om alles overzichtelijk bij elkaar te hebben en het is ook prettig om te weten dat, mocht je iets overkomen, een ander niet verdwaalt in een wirwar van papieren. Alle belangrijke gegevens staan immers netjes bij elkaar in dit boek. Uw belangrijkste gegevens overzichtelijk bij elkaar is dan ook zeker een aanrader voor iedereen die graag overzicht houdt én biedt.


ISBN 9789059055841 | paperback, met boorgaten| 224 pagina's | Uitgeverij Visual Steps | september 2017

© Annemarie, 4 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

O jee, ik eet
Eetboek voor kinderen met autisme
Karen den Dekker


De ondertitel is Eetboek voor kinderen met autisme, maar je kunt beter spreken over een handleiding of vraagbaak, want alles wat je maar bedenken kunt over eten voor kinderen met autisme is in dit boek wel te vinden.

De schrijfster heeft zich enorm verdiept in dit onderwerp en geeft allerlei handvatten aan ouders om het eetritueel zo goed mogelijk te laten verlopen. "Het biedt inzicht in de achterliggende problemen, maar is ook praktisch inzetbaar," staat in het voorwoord te lezen.

Omdat elk kind anders is - ook kinderen zonder autisme - evenals de mogelijke problemen met eten, heeft Karen den Dekker allerlei vormen van eetproblemen besproken. Deze kunnen variëren van alleen voedsel met een bepaalde kleur willen eten, beige eten is veelal favoriet, maar het kan ook dat kinderen een bepaalde structuur van voedsel niet willen eten, sommige willen alleen glad voedsel of voedsel dat geen korstje of velletjes heeft. Een sinaasappel kan bijvoorbeeld problemen opleveren omdat het meerdere structuren heeft; het vlies van de partjes, de pitjes en het sap van het vruchtvlees, dat kan teveel zijn.

In het boek leert Karen den Dekker ons hoe je kinderen die selectieve eters zijn als het ware kunt opvoeden. Ze legt uit hoe de eetontwikkeling bij kinderen verloopt en geeft uitgebreide handleidingen en tips hoe je het kind kan helpen om minder afkeer van bepaald voedsel te krijgen. Ze heeft erg overzichtelijke werkbladen gemaakt zodat het voor het kind allemaal helder en duidelijk is wat hem of haar te wachten staat. Daarbij levert ze diverse observatiebladen waarop je bijv. kunt noteren welke plek het meest geschikt is om te eten (bijv. veel prikkels, weinig prikkels) of hoe jouw kind op een sociale eetsituatie reageert en zo zijn er nog veel meer doeltreffende werkbladen.

Ook wordt het kind, na uitgebreide uitleg, soms zelf aan het werk gezet door middel van kleine opdrachtjes of testjes waardoor het meer inzicht krijgt in voedsel en de (ver)werking daarvan.

Inmiddels zijn we al op bladzijde 148 beland en daar beginnen de eenvoudig te bereiden recepten die de kinderen zelf of met een beetje begeleiding kunnen maken.  De recepten zijn niet op ingrediënten maar op kleur gerangschikt, de kleuren zijn ook te zien als kleurblokje op de zijkant van de pagina's. Beige is voor beigekleurig eten, rood is pittig eten, bruin staat voor eten met bonen en rijst, geel is fruit, grijsgroen is eten zonder zaden en schillen en 'slijmerige groenten', zachtblauw staat voor kommetjesmaaltijden enz.
De beschrijving bij de recepten is helder en uitgebreid. Er staan vaak tips bij en de gerechten variëren qua structuur van heel zacht naar knapperig.
Helemaal achterin vinden we, bij de diep hemelsblauwe kleur, de uitgebreide lijst met geraadpleegde boeken, artikelen en kookboeken.


Kortom, een fantastisch boek dat naast de prettige, smakelijke recepten veel inzicht en oplossingen biedt in het, soms moeilijke, eetgedrag van kinderen met autisme. Grote aanrader.


ISBN 9789491337956 | Paperback | 230 pagina's | Graviant Educatieve uitgaven | april 2017

© Dettie, 26 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De spiegel
Leven met een hond
Harrie Seeverens


In de proloog van dit boek vertelt auteur Harrie Seeverens over de beslissing, die voor hem genomen werd door de Registratiecommissie Geneeskundig Specialisten, niet langer geregistreerd te mogen blijven als internist. Hij had nog de hoop gehad om de laatste anderhalf jaar voor zijn pensioen 'voor de vorm' internist te blijven, alhoewel hij al langere tijd geen patiënten meer had behandeld.


Op dat moment kon hij nog niet vermoeden dat er binnen enkele maanden na zijn uitschrijving zich een nieuwe patiënt zou aandienen. Het gaat om de 15-jarige Floortje, de hond van de familie Seeverens, die overal mee naar toe wordt genomen door de schrijver en zijn vrouw Paula. Floortje fungeert als een spiegel die de auteur wordt voorgehouden en waarin hij zijn eigen onmacht en ongeduld kan zien. De gevoelens en overdenkingen, die de zieke Floortje bij de auteur oproepen, zijn in dit boekje op prachtige wijze beschreven en van zeer uiteenlopende aard.


De voortdurende afweging die Seeverens en zijn vrouw maken, is wanneer het echt nodig zal zijn om Floortje te laten in slapen. Je leest door het verhaal heen dat zij daarbij steeds hun grenzen verleggen, waarbij de afweging of Floortje pijn heeft, steeds leidend is. Op grond van hun beider ervaring als arts wegen ze steeds af of er sprake is van ondraaglijk lijden voor Floortje, iets dat zelfs voor artsen toch nog niet zo eenvoudig lijkt te zijn. Door de sterke emotionele band die zij hebben met Floortje, is het daarnaast voor hen ook erg moeilijk om afscheid te moeten nemen van het hondje dat zo dierbaar voor hen is. Zo wordt ook de lezer een spiegel voorgehouden dat euthanasie ook bij mensen een zeer complexe beslissing is, zowel voor artsen als voor patiënten en hun dierbaren.


Harrie Seeverens maakt de meest uiteenlopende bespiegelingen in dit boekje naar aanleiding van de zieke Floortje. Bestaat de hemel van Dante en kan een hond ook in hemel komen? De auteur vertelt over de afspraak die binnen het gezin is gemaakt om elkaar in de hemel weer te ontmoeten en ook Floortje zou bij die ontmoeting aanwezig zijn. Waar in de hemel die ontmoeting dan zou moeten plaatsvinden, daar werd verder niet over nagedacht. Maar nu Floortje op het punt staat richting Dante's hemel te vertrekken, wordt dat in ene een actuele vraag.

Tijdens het hele proces ondervindt Seeverens ook een aantal keren dat wat Jung sychroniciteit noemt. Op wikepedia wordt dit beschreven als:


Synchroniciteit (letterlijk: gelijktijdigheid) is een acausaal, verbindend beginsel, in 1930 geformuleerd door de Zwitserse psychiater en psycholoog Carl Gustav Jung. Van synchroniciteit is sprake wanneer twee of meer gebeurtenissen min of meer tegelijkertijd optreden in een voor de betrokkene zinvol verband, dat niet noodzakelijk als causaal wordt ervaren. Eenvoudig gezegd: je ervaart het als "meer dan gewoon toeval"; omdat de twee gebeurtenissen voor jou met elkaar te maken schijnen te hebben, maar niet zo dat het ene het andere heeft voortgebracht.


Het meest expliciete voorbeeld hiervan in het boek van Seeverens is het volgende. Floortje kan op een gegeven moment haar ontlasting soms niet meer ophouden en daarom slaapt zij op de stenen vloer van de hal waarop kranten zijn gelegd. Als de auteur op een ochtend de kranten verzameld, blijkt Floortje precies dat deel van de krant niet te hebben volgepoept, waarin een artikel staat van een arts over een mogelijk diagnose en behandeling voor dit verschijnsel. Toeval of niet? We kennen allemaal dit soort ervaringen.Dit boek van Seeverens is niet alleen voor mensen die leven met een hond de moeite waard om te lezen.


Over de auteur: Harrie Seeverens (1948) was internist en werkzaam bij het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.


ISBN 9789463381611 | Paperback | 174 pagina's | Uitgeverij Aspekt | maart 2017

© Ria, 16 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Koude Oorlog
Politiek – Diplomatie – Oorlog – Mens & Maatschappij – Spionage
Onder redactie van: Frank Oosterboer, Perry Pierik en Marcel Reijmerink
Met bijdragen van: J. van Dijk | P.J. Verstraete | R. Kurek | S. van Lochem |  R. Harthoorn | M. Lak | P. Pierik | F. OosterBoer | H. Seeverens | M.T. ter Haar |  H. Veldman | M. Reijmerink | R. van Rooij 


Op de achterzijde van het boek staat dat de Koude Oorlog zijn actualiteit heeft herwonnen, te voelen in de oplopende spanningen tussen het Rusland van Poetin en het Westen als een oude tegenstelling die weer is opgelaaid. Die actualiteit spreekt ook uit de vanaf 22 mei 2017 door de VARA uitgezonden nieuwe Duitse televisieserie The Same Sky (Der gleiche Himmel), waarin de leefomstandigheden in de Koude Oorlog in het Berlijn van 1974 centraal staan. Voor geïnteresseerden nog terug te zien op NOS Start Plus.
Op de voorzijde van het boek staat #1, wat wil zeggen dat dit het eerste boekje is in een reeks die uitgeverij Aspekt wil gaan uitgeven over de Koude Oorlog. In het voorwoord vragen de redacteuren, geïnteresseerde lezers of zij onderwerpen willen aandragen of zelf een artikel willen schrijven voor de komende bulletins.

In dit eerste boek uit de serie, waaraan veel verschillende schrijvers hun bijdrage hebben geleverd, worden verschillende aspecten van de Koude Oorlog nader belicht. Jos van Dijk neemt ons in het eerste essay mee naar de zomer van 1956 toen in het Poolse Poznan arbeiders protesteerden tegen het communistische regime. Hoe actueel dit is in de zomer van 2017 waarin opnieuw de Poolse bevolking de straat op gaat tegen het beleid van hun eigen regering, die de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht wil beperken, zie https://fd.nl/economie-politiek.


Van Dijk schrijft ook over de bloedige opstand van studenten in Hongarije in oktober 1956, waarbij in november van datzelfde jaar het Rode Leger door Rusland werd ingezet om de opstand neer te slaan, tot grote verontwaardiging van het Westen. Duizenden Hongaren ontvluchten destijds hun land. Zij werden onder andere in Nederland opgevangen.


Niet alleen de menselijke en sociale aspecten van deze bijzondere periode in de geschiedenis worden in de essays behandeld, maar ook de sporen die de Koude Oorlog in ons landschap hebben achtergelaten komen aan bod. In een essay van Saskia van Lochem – van der Wel, lezen we over het Korps Luchtwachtdienst. Dit korps is opgericht op 1 maart 1950 en bestond uit een netwerk van hoge uitkijkposten, verspreid over heel Nederland. Deze 276 luchtwachtposten werden bemand door 4500 luchtwachten, die op vrijwillige basis het luchtruim met een verrekijker aftuurden en uitkeken naar laagvliegende vijandelijke vliegtuigen.


Het boek bevat 13 van dergelijke essays uiteenlopend van Een persoonlijke ervaring van R. Harthoorn, Büren, Een Duits provinciestadje tijdens de Koude Oorlog van R. Kurek, De Gaulle en het naoorlogse Europa van H. Seeverens tot De invloed van de Koude Oorlog op management en organisatie van H. Veldman.


Stuk voor stuk bijzondere verhalen in deze eerste bundel over de Koude Oorlog, die bij mij met name de gevoelens opriepen aan die tijd. Niet die hele vroege periode van de vijftiger en zestiger jaren van de vorige eeuw die beschreven wordt in dit boek, maar voor mij vooral de latere periode van de jaren zeventig en die tijdens de raketdemonstraties in beginjaren tachtig. Ik begreep de volledige essentie als tiener in die tijd nog niet helemaal, maar er was je wel duidelijk gemaakt, dat er een ernstige dreiging uitging van die communistische kant van de wereld en je voelde ook de ongrijpbare angst die er was bij de volwassenen om je heen.

Allerlei aspecten van De Koude Oorlog, daar gaat deze bundel over en als het goed is, volgen er nog meer.


Over de auteurs:
Jos van Dijk (1947) is socioloog, voormalig docent in het hbo en bestuurslid van de Stichting tot Beheer van de Archieven van de CPN. 


Marie-Thérèse ter Haar
studeerde Russisch en Ruslandkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Al in de communistische tijd verbleef ze veelvuldig in Rusland en ze maakte er ook het einde van de Koude Oorlog mee. Tegenwoordig is ze nog zo'n 5 maanden per jaar in Rusland en volgt de ontwikkelingen daar nog steeds op de voet.


Dr. mult. Rudi Harthoorn studeerde natuurkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Hij promoveerde op een natuurkundig en een economisch onderwerp. Hij publiceerde twee boeken over het oprollen van het communistisch verzet tijdens de oorlog en de rol van de Nederlandse inlichtingendiensten daarbij.


Reinhart Kurek is geboren en getogen in Büren, Duitsland. Hij is gepensioneerd politiecommissaris, lokaal historicus en was jarenlang voorzitter van de Heimatverein Büren eingetragener verein.


Dr. Martijn Lak (1977) studeerde Journalistiek aan de Hogeschool Utrecht en Geschiedenis aan de Universiteit van Utrecht. In 2011 promoveerde hij aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op een proefschrift over de Duits-Nederlandse economische betrekkingen tussen 1945-1957.


Drs. Sandra van Lochem-van der Wel is als historisch geograaf gespecialiseerd in militair erfgoed, buitenplaatsen en groen monumenten. Al jaren houdt zij zich bezig met onderzoek naar luchtwachttorens en het Kops Luchtwachtdienst. Zij werkte als senior adviseur cultureel erfgoed en landschap bij Natuurmonumenten.


Frank Oosterboer (1958) is auteur en redacteur van diverse websites met een speciale belangstelling voor het naoorlogse Nederlandse dienstplichtleger en de ontwikkeling van kazernebouw.


Dr. Perry Pierik is uitgever, historicus en auteur van tientallen boeken en artikelen.


Marcel Reijmerink (1963) is historicus en auteur van verschillende fictie en non-fictie boeken. Hij bezoekt regelmatig Berlijn om op zoek te gaan naar verhalen en sporen van de Koude Oorlog.


René van Rooij is jurist en auteur. Als jurist doceerde hij aan de Rijksuniversiteit Leiden en was werkzaam als wetgevingsambtenaar bij het Ministerie van Justitie en juridisch adviseur van Shell en KPN. Als auteur publiceerde hij een aantal juridische boeken, romans en een biografie.


Harrie Seeverens (1948) was internist en werkzaam bij het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.


Hans Veldman (1957-2016) was Associate professor strategy Business University Nyenrode. Hij had een academische achtergrond in economie en Amerikaanse geschiedenis. Als onderzoeker richtte hij zich op distributiekanalen van internationale ondernemingen en op de strategische keuzes van Amerikaanse ondernemingen. Hij was auteur van zestien boeken.


Pieter Jan Verstraete (1956) is als "chef boeken" aan de stadsbibliotheek van Kortrijk verbonden. Als zoon van een gewezen beroepsmilitair is hij in Euskirchen, Duitsland, geboren waar hij het grootste deel van zijn jeugd doorbracht. Sinds zijn huwelijk in 1987 met Ann Augustyn woont hij in Kortrijk. De auteur publiceerde tot nu toe 34 boeken en 15 brochures naast tal van artikels, opstellen en recensies in diverse tijdschriften en jaarboeken. 


ISBN 9789461538864 | Paperback | 154 pagina's | Uitgeverij Aspekt | juni 2017

© Ria, 14 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Rock and Soul Deep South Rock and Soul Deep South
A journey to the birthplace of rock and roll, its origins and beyond
Dirk W. de Jong

Een prachtig fotoboek over het zuiden van de Verenigde Staten, met foto's van de plaatsen, artiesten en onbekenden. De foto's tonen allerlei kanten van de streek en laten regelmatig ook het verval zien.

Het boek is verdeeld in 8 hoofdstukken:

Rosine Kentucky (bij het hoofdstuk staat Uncle Pen Kentucky)
Nashville
Memphis
Muscle Shoals
Mississippi
Louisiana
New Orleans
Deep South

Het voert te ver om alle foto's te beschrijven, maar twee vielen mij toch wel op. Een foto was van Willie De Ville, op het platteland, met bijbehorende kleding en natuurlijk een jachtgeweer. Dat vond ik wel een verrassende  foto, omdat ik hem toch meer met de grote stad associeer.


Een andere foto heeft als titel 'Lookalike' en aan het kapsel en de kleding van de man kun je zien dat hij op Elvis Presley zou moeten lijken. Helaas lijkt hij daar totaal niet op. Hij is mager en heeft een flinke mond. De overdreven zwarte kuif geeft wel wat weg, maar maakt de gelijkenis ook niet groter. Helaas staat er nu juist bij deze foto weer geen verhaal.

Het boek vertelt ook de verhalen, vaak bij de foto's, maar niet altijd. Dat laatste vind ik wel eens een nadeel. Soms zie je foto's, waarbij je best meer zou willen weten, van wat er op te zien is en soms lees je een verhaal, waar geen foto bij te vinden is.
Zo is er een verhaal over de Grand Ole Opry, maar kan ik daar geen foto van vinden. Er staan wel foto's van andere zaken in, maar die komen dan weer niet ter sprake in het boek. Ook bij de foto's van Mardi Gras  in New Orleans is helaas geen verhaal te vinden. Soms staan de foto's ook in een andere volgorde dan de verhalen. Dat de verhalen in het Engels zijn geschreven, zou je misschien ook als een nadeel kunnen ervaren. De verhalen zijn overigens wel de moeite waard.

Zie ook www.dirkwdejong.com 


ISBN 9789082308679 | Hardcover | 168 pagina's | Concerto Books | mei 2017
NUR 652

© Renate, 18 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De mythe van de goede oorlog
Amerika en de Tweede Wereldoorlog
Jacques R. Pauwels


Deze recensie betreft de derde, volledig herziene druk van dit in het jaar 2000 voor het eerst uitgegeven boek.


Het overheersende beeld in Nederland over het optreden van Amerika tijdens en na de Tweede Wereldoorlog is die van onze bevrijders en de na de oorlog geboden Marshallhulp. Dit omvangrijk materiële hulpplan trad drie jaar na de Tweede Wereldoorlog in werking. Het was een initiatief van de toenmalige Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken George C. Marshall en was gericht op de economische wederopbouw van de door de oorlog getroffen landen in Europa.


Al eerder las ik tijdens mijn studie het boek Dark Continent van de Britse historicus Mark Mazower, die evenals Pauwels in zijn boek, de economisch insteek van Amerika tijdens en na de Tweede Wereldoorlog als cruciaal beschouwt voor het bereiken van haar eigen doelen. Pauwels laat ons in De mythe van de goede oorlog zien op welke grote schaal dit al tijdens de oorlog van immens belang was om Amerika uit de Grote Crisis van de jaren '30 te trekken. Daarnaast speelde de grote angst van met name de Amerikaanse elite een rol dat het communisme vanuit de Sovjet Unie zich over Europa zou verspreiden De legereenheden van Stalin, overigens door grote opoffering van vele mensenlevens, hebben een grote bijdrage geleverd om nazi-Duitsland tot overgave te bewegen. Met name de slag bij Stalingrad heeft daar een beslissende rol in gespeeld. De waardering voor het communistische systeem groeide daardoor in Europa en dat was uiteraard een doorn in het oog van Amerika.


Het boek van Pauwels laat ons zien op welke grote schaal Amerika zaken deed met het fascistische Duitsland zonder enige schroom en vooral voor het eigen gewin van opnieuw met name de elite in de Verenigde Staten. Bekend zijn de verhalen over Duitse bedrijven die hebben meegewerkt om de nazi-machinerie op gang te houden. Pauwels laat ons zien dat die Duitse bedrijven goede zaken deden met Amerikaanse bedrijven. Pauwels schrijft daarover:

Hitlers grote verdiensten in de ogen van vrijwel alle Amerikaanse industriëlen en bankiers was dat hun investeringen in Duitsland dankzij zijn herbewapeningsprogramma en het uitschakelen van vakbonden en arbeiderspartijen winsten kon maken waarvan zij in de nog steeds door de Grote Depressie geteisterde VS zelf slechts konden dromen.


In het voorwoord schrijft Pauwels dat hij voor dit boek geen langdurig speurwerk heeft verricht in Washingtons monumentale National Archives en ook nauwelijks gebruik heeft gemaakt van wat geschiedkundige 'primaire' bonnen noemen. Hij wil met deze beknopte studie iets waardevols brengen, zo vermeldt hij, namelijk een nieuwe en eventueel verrassende interpretatie van historistische feiten. Ik heb dit boek als 'gewone' lezer niet als beknopte studie ervaren. Het boek is grondig onderbouwd en Pauwels weet zijn interpretatie van de historische feiten met zeer rake citaten uit vele 'secundaire' bronnen te illustreren. Naast de grondige onderbouwing van de feiten schrijft Pauwels zijn betoog in een helder en duidelijk verhaal en is daarmee vlot te lezen.


Ik vond het verbijsterend om dit boek te lezen. De vele voorbeelden die Pauwels naar voren brengt waaruit blijkt dat oorlogen ook vooral economische belangen dienen en in het geval van Amerika tijdens de Tweede Wereldoorlog dus niet enkel idealistische motieven kent. De vijand kan ideologisch verwerpelijke standpunten hebben, maar als het op economische motieven aankomt is diezelfde vijand een prima handelspartner. In ons achterhoofd weten we dit wel en kennen we ook de voorbeelden hiervan, maar om het zo opgesomd te lezen als in dit boek van Pauwels waren voor mij toch opnieuw een schok.


Pauwels benadrukt overigens in zijn voorwoord nog dat dit boek niet aansluit bij sommige recente visies dat Hitler niet zo boosaardig was en dat het nazisme ook zijn positieve kanten heeft gekend. Hij gaat uit van de historische basisaanname dat Hitler en zijn nazibroeders gewetenloze misdadigers waren, en dat het nazisme een mensenverachtende en daarmee verachtelijke ideologie was. Dit boek gaat echter niet over dat onderwerp, maar over de rol van Verenigde Staten in de Tweede Wereldoorlog. Het weerlegt daarmee het overheersende verhaal van de Amerikanen in de rol als enkel bevrijders en weldoeners en ontkracht daarmee wat hij in zijn ondertitel De mythe van de goede oorlog noemt.


Bijzonder is dat door dit boek opnieuw een stuk van de geschiedenis herschreven is. Door de afstand in tijd is er ruimte zowel de te behandelen onderwerpen als in de hoofden en de gevoelens van de lezers om dit soort ook zeer belangrijke feiten voor het voetlicht te brengen. Dat heeft Pauwels, naar mijn mening, met dit bijzondere boek dan ook gedaan.


Over de auteur
Jacques R. Pauwels studeerde geschiedenis aan de Rijksuniversiteit van Gent en behaalde in Toronto doctoraten in de geschiedenis en in de politieke wetenschappen. Hij doceerde aan meerdere universiteiten in Canada en publiceerde in Canada, de VS, Duitsland, Italië, Spanje, Cuba, Nederland en België over de Tweede Wereldoorlog en andere historische onderwerpen. Zie voor uitgebreide informatie de website: http://www.jacquespauwels.net


ISBN 9789462671027 | Paperback | 342 pagina's | Uitgeverij EPO | mei 2017

© Ria, 5 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Pax Romana
Oorlog en Vrede in de Romeinse Tijd
Adrian Goldsworthy

In dit boek onderzoekt Adrian Goldsworthy hoe de Romeinen hun uitdijende rijk bijeen hielden en bestuurden. Op het hoogtepunt van hun macht beheersten de Romeinen het hele gebied rondom de Middellandse Zee. Dit wereldrijk heeft ook nog eens bijna 1000 jaar bestaan.


Dat was en is een unieke prestatie. Maar er lag geen vooropgezet plan ten grondslag aan dit rijk. Rome groeide tegen de verdrukking in en na elke gewonnen oorlog was het grondgebied weer uitgebreid. De Romeinen streefden naar natuurlijke grenzen, zoals rivieren, woestijnen en bergketens, omdat het rijk anders onverdedigbaar zou zijn. De befaamde muur van Hadrianus in Engeland was bij gebrek aan een natuurlijke grens pure noodzaak. Een kunstmatige grens vergde de bouw van muren, torens, forten en de inzet van veel troepen. In verhouding tot een natuurlijke grens vergde het dus een veel grotere investering aan geld en mankracht. In Europa vormden de Rijn en de Donau (de zogenaamde Limes) een prima afbakening tussen Germaans en Romeins territorium.


Binnen het rijk werd een uitgekiend wegenstelsel aangelegd, zodat diplomaten, militairen en kooplieden zich gemakkelijk konden verplaatsen. Het Romeinse Rijk werd een smeltkroes van volken, culturen en religies. Het algemene beleid van de Romeinse heersers was dat elke minderheidsgroep met rust werd gelaten mits het Romeinse gezag zonder mankeren geaccepteerd werd. De Romeinen regeerden met harde hand en maakten korte metten met binnenlandse onrust of agressie van buitenaf.


Augustus (27 v. Chr-14 na Chr.) was de eerste keizer. Hij was tevens de laatste en grootste veroveraar uit de geschiedenis van Rome. Onder zijn heerschappij kwam de grondvorm van het rijk tot stand.
Het Rijk bracht rust, orde, vrede en een zekere welvaart. Dat verstaan we onder de term Pax Romana. Aan de andere kant, zeker gezien vanuit hedendaags perspectief, bleef de levensverwachting onthutsend laag, was de kindersterfte hoog, leefden velen in armoede, was hongersnood bij een tegenvallende oogst onvermijdelijk en decimeerden epidemieën de bevolking. Slavernij was een geaccepteerd en normaal verschijnsel. Voor de meeste mensen was het leven hard. Wie arm of ziek was, was op zichzelf aangewezen en op hulp van familie.


In deel I van dit boek beschrijft Goldsworthy de opkomst van Rome tot aan Julius Caesar. Deel II beschrijft het leven onder de keizers.
Goldsworthy gaat in op het bestuur van het rijk, handel en verkeer, de inrichting van de belastingdienst, het leger en de oorlogvoering, het dagelijks leven van burgers, vrijen en slaven.


Er zijn twee fotokaternen opgenomen. Een deel van de foto’s is in kleur. Mooie foto’s met een prima onderschrift, zodat de katernen een grote toegevoegde waarde geven aan dit boek.
Het boek is voorzien van een verklarende woordenlijst, een notenapparaat, bronnenopgave en register. Het is dus een boek dat aan de wetenschappelijke standaard voldoet. Door de wijze waarop de schrijver zijn stof rangschikt zijn er echter een enkele keer overlappingen en herhalingen in de tekst.


Goldsworthy is een kundig schrijver en een specialist in de Romeinse geschiedenis. Eerder schreef hij boeken over De val van Rome; Cleopatra; het Romeinse leger; Caesar en Augustus.


Dit is een prima boek voor de vele geïnteresseerde lezers van boeken over de antieke geschiedenis.


ISBN: 9789401909921 | Paperback | 512 pagina's | Uitgever Omniboek | april 2017

© Henk Hofman, 6 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Het beste uit Koud bloed
Redactie Koud bloed


Het tijdschrift Koud bloed verscheen tussen 2008 en 2016 vier keer per jaar. Onderzoeksjournalist Siem Eikelenboom en uitgever Marie-Anne van Wijnen vormden samen het brein achter dit verrassend boeiende tijdschrift, waaraan niet alleen misdaadjournalisten maar ook andere schrijvers en zelfs dichters uiteenlopende bijdragen leverden. Voor dit boek zijn de beste verhalen uit acht jaar Koud bloed geselecteerd. Omdat ik vind dat alle auteurs een waardevolle bijdrage aan het tijdschrift en het boek hebben geleverd, noem ik in deze recensie alle artikelen die in het boek voorkomen.


Net als in de vorige verzamelbundel bijt muziekkenner Leo Blokhuis het spits af. Dit keer met een artikel over seriemoordenaar Charles Manson die een grotere invloed op de muziekwereld heeft gehad dan menigeen denkt. Ik weet nu bijvoorbeeld wat de, toch wel schokkende, link tussen The Beach Boys en Manson is.


Het tweede artikel is geschreven door Vasco van der Boon en heet “Dieren smokkelen voor de elite”. In het artikel staat ondernemer Vitor Moonen centraal die schaamteloos flinke bedragen neertelt voor zeldzame vogels. Zijn hebzucht is zo groot dat hij er geen enkele moeite mee heeft de dieren via het illegale circuit te bemachtigen. Ook lapt Moonen alle veiligheidsregels aan zijn laars terwijl hij nota bene ten tijde van de rechtszaak commercieel directeur is van een bedrijf dat zich bezighoudt met het ruimen van pluimveebedrijven die door besmettelijke dierziektes zijn getroffen. Moonen kent de risico’s en hij weet donders goed dat de natuur mede door zijn toedoen letterlijk leeggeroofd wordt maar zolang hij zijn privé-avifauna met zeldzame exemplaren kan vullen, interesseert de rest hem geen biet.


De bijdrage van Erik Brouwer bestaat uit een interessant achtergrondverhaal over de in 2005 vermoorde kickbokster Peter ‘Hurricane’ Smit en Frits Conijn schreef een artikel over vastgoedfraudeur Nico Vijsma. Siem Eikelenboom besteedt aandacht aan Willem Holleeder en John van den Heuvel wijt een artikel aan Henk Rommy, alias de Zwarte Cobra. Het gekozen artikel van Frank van Kolfschooten gaat over het rijgedrag van prins Bernhard. De prins, die schrikbarend hard reed, raakte maar liefst bij tien ongevallen betrokken.


Maarten Kolsloot schrijft over de Zuid-Afrikaanse voetballer Steve Mokone die in Nederland als een held werd onthaald maar zich tegenover zijn gezin niet bepaald sympathiek gedroeg. Harald Merckelbach besteedt aandacht aan Ralf Jansse, die acht jaar lang onschuldig in een veel te volle cel in Zambia gevangenzat. Wat houdt Jansse tegenwoordig op de been? De In Memoriam, wat een vaste rubriek in Koud bloed was, is door Bart Middelburg geschreven en gaat over Klaas Bruinsma die zo onopvallend mogelijk is begraven.


Steffie van den Oord schrijft over een ongewone moord, Rob van Scheers komt met een verhaal over een psychopaat uit Utrecht en Weert Schenk besteedt aandacht aan de grootste drugsvangst ooit in Engeland. Het verhaal van Eric Slot heb ik met een grote grijns op mijn gezicht gelezen. De titel van het verhaal luidt “Paragnosten zijn waardeloos als speurneus”. In het artikel legt Slot heel duidelijk uit waarom hij dat durft te beweren.


Schrijver/dichter F. Starik mag vrijwillig in de Bijlmerbajes logeren. Hij gaat grif op het aanbod in maar wanneer het eenmaal zover is, slinkt zijn enthousiasme als sneeuw voor de zon. Merel Thie heeft voor een pittig onderwerp gekozen. Haar heftige artikel gaat over Robert M., de pedofiel die zich aan een schokkend aantal kinderen vergreep. Nico Verbeek schrijft over de moord op twee biologiestudenten in de Colombiaanse kustplaats waar zijn schoonouders wonen. Wat is de twee jongeren precies overkomen?


Paul Vugts schrijft over de Knokkestraatzaak – waarbij een hoofd voor het waterpijpcafé Fayrouz in Amsterdam-Zuid op straat werd gegooid - en over de jacht op onderwereldfiguur Dino Soerel. De bijdrage van Marcella van der Weg gaat over oplichter Henrik de Jong. De jonge meisjes die de pech hadden verliefd op hem te worden, verdwenen in het niets. De Jong was zelfs enige tijd verdachte in de Londense Jack the Ripper zaak. Edwin Winkel schrijft over het verhaal dat de Spaanse dichter en toneelschrijver Federico García Lorca noodlottig werd en Sytze van der Zee blikt terug op het leven van seriemoordenaar Koos Hertogs. Rob Zijlstra sluit af met een interessant verhaal over een moord zonder lijk.


Door de grote verscheidenheid aan onderwerpen is Het beste uit Koud bloed voor een grote groep lezers interessant. Zelfs aan de liefhebbers van poëzie is gedacht. Er zijn misdaadgedichten van Nico Dijkshoorn en Moordgedichten van John Schoorl toegevoegd. Lees dit boeiende boek van a tot z of kies alleen de onderwerpen die je aanspreken uit en geef het boek daarna aan de volgende liefhebber door. Het enige minpuntje aan het boek is dat er geen artikel van Joop van Riessen in het boek staat, terwijl hij wel op de kaft wordt genoemd. Het is ontzettend jammer dat het tijdschrift is opgeheven maar gelukkig weet dit boek het leed enigszins te verzachten.


ISBN 9789462970625 | paperback | 288 pagina's | Uitgeverij De Kring | augustus 2017

© Annemarie, 29 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altVan Tim naar Bertje
Vilan van de Loo


Iedereen die ooit een geliefd huisdier heeft moeten missen weet hoeveel pijn dat kan doen. Vilan van de Loo beschrijft in dit boekje het rouwproces na het overlijden van haar rode kater Tim. Hun samenzijn was intens, ze vormden samen gedurende zeventien jaar een gezin. Des te moeilijker is dan te moeten accepteren dat het dier er niet meer is. Je mist een constante aanwezigheid, je maatje is weg. Hoe moet je nu verder?

Vilan koos er voor alle spulletjes die met Tim te maken hadden op te slaan in de berging en op zoek te gaan naar een nieuw maatje. Immers, ook met een nieuwe huisgenoot kun je rouwen om de vorige, makkelijk misschien zelfs, de nieuwe bewoner kan je helpen. Het werd Bastiaan.


‘Hij was groter dan ik had gedacht. Uit zijn ene oor miste een stukje, daardoor had hij net als Tim een raar oortje. Met een vinger aaide ik zijn vacht. Die was dik en zacht. Ik wriemelde achter zijn oor. Hij keek weg. Ik stopte.‘


Bastiaan werd omgedoopt: Adelbert Cornelis, roepnaam Bertje. De kater vond het best. Maar Vilan moest erg wennen. Beertje was niet Tim. En ze miste Tim nog steeds. Het zijn gevoelens die bij rouw horen: hoe kan iemand zomaar weg zijn? Je voelt zijn aanwezigheid nog, je ziet hem. Je komt een kamer binnen waar hij altijd was en je ziet hem. Maar hij is er niet.


Er zijn de speciale momenten, bijzondere dagen, waarop de overledene weer volledig in je gedachten opduikt – alsof hij ooit weggeweest is…


Maakt het uit dat het hier om een dier gaat, en niet om een mens? Nee dus. De gevoelens zijn hetzelfde. De rouw, het gemis, zelfs de schuldgevoelens - was ik er genoeg voor hem? - het moet een plek krijgen, terwijl het leven verder gaat. Vilan droomt over hem, en voelt zijn aanwezigheid, terwijl Bertje langzaam went aan zijn nieuwe tehuis en de bewoonster en laat weten dat hij er ook voor haar is, hij troost haar.
Maar dit boekje moest nog geschreven worden. Een eerbetoon aan een geliefde kater is het, maar vooral ook een boek dat laat zien dat je verdrietig mag zijn ‘al is het maar een huisdier’. Iedereen zal het op een eigen manier doen, en de manier van Vilan is zeker de slechtste niet.


Op de omslag van Van Tim naar Bertje staan de twee katers in een grafische weergave, waarbij vooral de ogen sprekend zijn. Het boekje heeft korte hoofdstukken, maar voor wie meer wil is er een boek met blogs van Tim, en de Website, Twitter- en facebookpagina van Huiskater Bert.


Vilan van de Loo heeft al ruim twintig boeken geschreven. Ze gaan vooral over geschiedenis (Nederlands-Indië) en literatuur.


ISBN 9789460224355| Paperback | 96 pagina's | LM Publishers | april 2017

© Marjo, 20 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Reïncarnatie
Wat is reïncarnatie? Reïncarnatie, óók in andere culturen. Over zielen en vorige levens.
Robert Jan Blom


In dit boekje probeert Robert Jan Blom in razende vogelvlucht alle aspecten van reïncarnatie te vatten. Naast beschrijvingen van wat hij denkt dat reïncarnatie is, heeft hij ook persoonlijke verhalen opgenomen van mensen die ervaringen beschrijven die zouden moeten bewijzen dat er sprake zou kunnen zijn van het reïncarneren. Ik schrijf 'wat hij denkt dat reïncarnatie is', omdat nergens duidelijk wordt waar Blom zijn ideeën vandaan heeft gehaald.


In zijn eerste hoofdstuk die de vraag zou moeten beantwoorden wat reïncarnatie is, zou zijn eerste zin daarop antwoord moeten geven. Hij schrijft De aanduiding 're-incarneren' betekent: 'opnieuw in het vlees geboren worden'. Wie de term reïncarnatie intypt in Google krijgt inderdaad een dergelijke beschrijving met als verschil dat Blom vergeet te vermelden dat het de ziel is, die opnieuw in het vlees geboren wordt. Hij schrijft over Iets dat blijft voortleven, nadat het aardse leven het heeft opgeven.


Blom citeert veel vaker in dit boek, zonder enige vorm van verwijzing wat zijn bron daarbij is. Zelfs ieder hoofdstuk begint met een citaat, waarvan de lezer moet raden aan wiens brein dat citaat ontsproten is. Ik vind dat altijd jammer, omdat ik het fijn vind te weten van wie sommige mooie citaten afkomstig zijn.


Wat mij echt stoorde in dit boek, is dat Blom de overgang naar 'een' of hét hiernamaals en reïncarnatie op één hoop lijkt te gooien. Verhalen van mensen die een bijna-dood-ervaring beschrijven lijken te worden opgevoerd als zijnde een verwijzing naar reïncarnatie. Nergens vermeldt of beschrijft hij dat dit wellicht het voorstadium c.q. een tussenstadium zou kunnen zijn voor een latere eventuele reïncarnatie.
Kortom het hele boekje is, wat mij betreft, nogal kort door de bocht. Net als de tweede vraag uit de ondertitel, Reïncarnatie, óók in andere culturen. Hoezo óók? Het wiel van reïncarnatie is niet in onze cultuur uitgevonden, zie Wikipedia Reïncarnatie


Wat ik wel met veel belangstelling heb gelezen zijn de persoonlijke verhalen van mensen. Daarvan is echter ook de herkomst volledig onbekend. Zijn dit verhalen die de auteur zelf rechtstreeks uit de monden van de vertellers heeft opgetekend of heeft hij deze via een andere bron verkregen?

Het boekje leverde mij dus meer vragen op dan antwoorden. Op de persoonlijke verhalen na, zou ik dit boekje van Blom dus niet lezen als ik echt meer te weten zou willen komen over hoe op dit moment (in de wetenschap) gedacht wordt over reïncarnatie. Misschien kan van een auteur die zo'n hoge productie heeft voor wat het schrijven van boeken betreft (alleen al 19 boeken tussen 2007 en 2017 lees ik in een lijst achter in het boek) niet verwacht worden dat hij bij het schrijven van een boek over een onderwerp waar heel veel over te leren valt, zeer zorgvuldig te werk is gegaan en dat is voor de lezer heel jammer.


ISBN 9789463381796 | Paperback | 198 pagina's | Uitgeverij Aspekt | juni 2017

© Ria, 15 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altZinkplaat en planken
Het verdwijnen van de houten volkswoning in Paramaribo
Wim Verboven


In 1667 werd Suriname, dan gekolonialiseerd door de Engelsen, door de Nederlanders ingenomen. Fort Willoughby werd omgedoopt tot Fort Zeelandia waar omheen de stad Paramaribo zich uitbreidde tot het in 1800 bestond uit ongeveer 1.100 huizen met 12.000 inwoners. De straten kregen Nederlandse namen.

Veel gebouwen is het centrum zijn van hout, op de overheidsgebouwen na. Steen was duur, moest uit Europa geïmporteerd worden. Een belangrijke figuur in die tijd was de landmeter en stedenbouwkundige Franciscus Lieftinck. Hij ontwierp een groot deel van Paramaribo, en gaf de stad de rechthoekige structuur die heden ten dage nog bestaat, zoals we kunnen zien op de plattegronden in dit boek. De architectuur is een samensmelting geworden van Engelse cottages en Hollandse dorpse huisjes, maar ook de Hollandse stadshuizen in steen vormden een inspiratie. Daarnaast zie je de invloed van Franse en Duitse architectuur, en nog later deed de Noord-Amerikaanse colonial style zijn invloed gelden. Het geheel heeft geresulteerd in een typische Surinaamse bouwstijl. De Surinaamse hoofdstad staat sinds 2002 op de Werelderfgoedlijst vanwege de vele oude houten gebouwen waarvan sommige honderden jaren oud zijn. http://cityofparamaribo.nl/read/werelderfgoed


Toen de slavernij werd afgeschaft in 1863 trokken veel voormalig slaven naar de stad. Zij kwamen natuurlijk niet terecht in een van deze grote koloniale panden. Er ontstonden volkswijken met traditionele houten woningen. Heden ten dage worden deze huizen bedreigd met sloop en komen er moderne gebouwen voor in de plaats.


Wim Verboven heeft dit mooie fotoboek gemaakt met ruim 250 foto’s over zo’n 100 huizen. Het is een monument geworden voor een stuk cultuurhistorie dat op het punt van verdwijnen staat. Soms zien we de huizen zoals ze waren in volle glorie, met het verval er naast. Er zijn verhalen van bewoners, die trots zijn op de huizen die vaak nog door hun grootouders zijn gebouwd. Niet alleen trots op de huizen en hun grondje, ook trots op hun verleden:


‘Wat je vroeger deed…die prapies daar werd cassave in gedaan om gomma te maken, stijfsel, en ook gommakoek, ja, lekkere koekjes waren dat, mang! Ik weet niet meer wat ze allemaal met cassave deden hoor, maar ze deden er heel veel mee. En volgens mij gebruikten ze het water, dat overbleef na het persen voor kasiri, maar dat maakten ze niet in de stad,. Maar als je er aan terugdenkt, de mensen waren toen heel actief. Altijd aan het bakken, koken, onvoorstelbaar die energie, jongen! De mensen waren vanaf zeven uur ‘s morgens bezig. Ze gingen vroeg slapen, om negen uur sliepen ze al, maar ze waren ook heel vroeg op. En dan maakten ze gemberbier. Hadden ze de gember al geraspt.’


De oorzaak van de slechte staat van onderhoud is grotendeels de boedelproblematiek. Men weet niet van wie de grond precies is. Of de eigenaar is wel bekend maar die heeft zijn erfenis niet netjes onder de nazaten verdeeld. Dat komt dan weer deels voort uit het feit dat er geen burgerlijke regelingen waren zoals wij die kennen met alle familiebanden in aktes opgetekend. Gelukkig is Stadsherstel Paramaribo druk met (een poging tot) het behouden van een aantal huizen, en kan menigeen nog met eigen ogen de traditionele huisjes van Paramaribo gaan bekijken.

Naast verhalen, prachtige foto's en veel informatie zijn in dit boek ook gedichten te vinden van Surinaamse dichters, in de oorspronkelijke taal met een vertaling ernaast, die een sfeerbeeld oproepen van de oude volkswijken.


http://werkgroepcaraibischeletteren.nl/zinkplaten-en-planken

ISBN 9789460223723 | hardcover |180 pagina's | Uitgeverij L M Publishers| mei 2017

© Marjo, 30 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altPassendale
Ieper 1917
Nick Lloyd


‘…de niet-aflatende dreun van exploderende granaten voor ons, enorme vuurflitsen en schoten in de lucht boven ons, het geratel van mitrailleurs in de Duitse linie, de ontploffingen van kartetsgranaten uit de Duitse kanonnen; flitsende vlammen die als een op zijn prooi duikende havik uit de lucht neerschoten en de mannen waar ze op neerkwamen verpulverden – door zoiets omringd trokken wij op, over de desolate woestenij van modder en water en granaattrechters.’

Zouden de soldaten die ploeterden in de modder in dat kleine stukje België iets geweten hebben van wat de hoge heren allemaal boven hun hoofden bedisselden? 500.000 slachtoffers vielen er in deze derde slag van Ieper, die ook Slag van Passendale wordt genoemd. Het startsein werd gegeven op 31 juli 1917, tot begin november Passendale tenslotte opgegeven moest worden. Terreinwinst was 8 kilometer…
Waar men het later over eens was is dat de slag van Passendale zinloos was geweest. Niet in de ogen van veldmaarschalk Haig overigens: hij had immers een belangrijke heuvelrug (waar het dorp Passendale op ligt) veroverd? Dat de Duitsers die in 1918 weer in handen kregen, kon hij dan nog niet weten.


Over de controverse tussen de Britse premier David Lloyd George en zijn veldmaarschalk sir Douglas Haig is al veel geschreven. De eerste was niet overtuigd dat wat Haig dacht te zullen bereiken, de Belgische kust in handen krijgen, ook zou lukken. Lloyd George wilde geen herhaling van Somme, hij wilde het leger inzetten op het Italiaanse front. Eerst Oostenrijk-Hongarije verslaan. Maar Haig bleef overtuigd van zijn gelijk: hij zou doorstoten en de Duitsers de genadestoot toebrengen. ‘Bite & hold’ (De troepen rukken op naar een vooraf bepaald doel en langs een minder breed front, terwijl artillerie van te voren massaal insloeg op de vijand, en hielden vervolgens de veroverde linies vast in plaats van meteen weer verder op te rukken)
De Duitse generaals gaven zich ook niet gewonnen, zij waren op de hoogte van de Britse manoeuvres en wisten waar de versterkingen naar toe moesten. Bovendien hadden zij het pas uitgevonden mosterdgas.


Na afloop van de oorlog werd Haig als een held onthaald. Hij had Groot-Brittannië gered! Toen hij overleed in 1928 kreeg hij een staatsbegrafenis. Wat Nick Lloyd evenwel aantoont in dit nieuwste boek, met de nieuwste inzichten en vooral ook gedegen onderzoek naar de Duitse kant van de oorlog, is wat er ook na Haigs dood al wel gezegd werd: zijn overmoed had te veel levens gekost.
Had Haig wel kunnen winnen? Had hij de fouten die gemaakt werden kunnen vermijden? Van de tegenstand van zijn politiek leider trok hij zich weinig aan, daar lag het probleem niet. En dat het klimatologisch gezien absoluut niet de juiste periode was om een slag te gaan voeren, dat had hij ook niet in de hand. Evenmin als de toestand van de Vlaamse grond, de klei die geen water doorliet, waardoor de loopgraven continu onder water kwamen te staan.


‘Modder, modder en nog meer modder’. Zo omschreef een getuige het slagveld. Na de oorlog werd in Ieper een monument opgericht, en Menenpoort, waar de namen op gegrift staan van al die manschappen die wegzonken in die modder, mannen die nooit teruggevonden werden.


Nick Lloyd is een Britse militair en historicus. Hij doceert Krijgswetenschappen aan King’s College in Londen. De Eerste Wereldoorlog is zijn specialisatie en eerder schreef hij daarover drie boeken. Dit boek geeft vooral inzicht in de bovenlaag: hoe alles bedisseld en besloten werd door mannen die misschien wel iets van het slagveld zagen, maar zelf niet vochten. Hoewel Nick Lloyd de gewone man af en toe aan het woord laat, biedt dit boek vooral inzichten in de politieke en militaire achtergrond.  Zijn conclusie: als maarschalk Haig niet zo'n bijter was geweest had The Great War minder mensenlevens gekost en minder lang geduurd. Als..


Luitenant-generaal Launcelot Kiggell bezocht het front. Hij barstte in tranen uit en mompelde: Good God, did we really send men to fight in that? Het antwoord was: 'It's worse further up on...'


ISBN 9789048827398| paperback |512 pagina’s met foto’s en kaarten| Uitgeverij Hollands Diep| mei 2017
Vertaling uit het Engels door Willem van Paassen

© Marjo, 16 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER