Nieuwe recensies Non-fictie

altKas di sjon
Plantagehuizen op Curaçao vroeger en nu
Sandra van Noord (red.)


Ooit bestond Curaçao alleen maar uit plantages. Het grootste deel van de landhuizen werd tussen 1660 en 1725 gebouwd.


Het begon met de West Indische Compagnie (WIC), dat in 1634 het eiland veroverde op de Spanjaarden. Wie aan plantages denkt heeft waarschijnlijk een beeld voor zich zoals we dat kennen uit films over slavernij: uitgestrekte velden met mais of suikerriet, maar de eerste Hollandse boeren werden zwaar teleurgesteld toen de meegebrachte zaden niets opleverden. Curaçao was niet vruchtbaar genoeg, er viel veel te weinig regen. De WIC stichtte toen plantages ten behoeve van de slavenhandel: de uit het verre Afrika afkomstige mensen, konden daar aansterken alvorens verkocht te worden in andere koloniën.


De daarna gestichte plantages probeerden het te redden door zoet water te verzamelen en te verkopen of door zout te gaan winnen, anderen konden zich handhaven door van alles wat te doen. Een beetje landbouw, een beetje veeteelt, met diverse teelten en dieren.


Zolang ze slaven in dienst hadden konden ze het nog wel redden, maar toen in 1863 de slavernij werd afgeschaft en ze hun arbeiders moesten gaan betalen was het snel gedaan met de meeste plantages. Een andere reden dat dit verval doorzette was de komst van Shell in 1916. Dit concern onttrok water aan het toch al droge eiland ten behoeve van eigen activiteiten, en al snel trokken de mensen in grote getale naar de stad om daar in loondienst te gaan werken. Veel plantagehuizen raakten in verval. Slechts een deel bleef in redelijk tot goede staat omdat ze dienden als buitenverblijf van de rijkelui.


De plantagehuizen die je heden te dage nog in hun oude glorie kunt bekijken zijn unieke monumenten met een bijzonder verhaal. Gelukkig zijn er organisaties zoals Monumentenzorg (opgericht in 1954) die het cultuurgoed van het eiland in stand wil houden en restaureren. Zo zijn van de ooit bijna 900 huizen er nu nog 80 over die in goede staat verkeren.


Dit boek vertelt over 18 van deze huizen, toegankelijk voor het publiek, en vertelt daarnaast over de achtergrond van Curaçao. Er wordt verteld over de typische architectuur, de verschillende stijlen en de herkomst van de kleuren. Over het ontstaan en de betekenis van de vaak grappige namen. Wat te denken van Pannekoek, Bovenhuis, Habaai of Rooi Catootje?
De huizen zijn nu in gebruik als museum - Jan Kok laat bijvoorbeeld de geschiedenis van de slavernij op Curaçao zien – als restaurant of kantoor. Een ervan is een distilleerderij, een ander een hotel.


Kas di sjon is een boek met teksten van de hand van verschillende mensen die hun hart verloren hebben aan het eiland. Een boek met kaarten - oud en nieuw -, met prachtige foto’s, waaronder ook een serie over de ruïnes, en foto’s van overblijfselen die je over het hele eiland kunt tegenkomen. (Dan is het overigens handig als je dit boek gelezen hebt dan wel bij je hebt, anders herken je de dingen niet als wat ze zijn)


In 1997 werd Willemstad door Unesco aangewezen als Werelderfgoed. Nu zijn er plannen om ook enkele plantages en hun bebouwing voor te dragen. Een boek als Kas di sjon (= huis van de plantage-eigenaar) kan daar toe bijdragen doordat het de bekendheid met dit erfgoed vergroot. Daarnaast geeft het de lezer veel kijkplezier, en het boek kan hem zo maar inspireren om er zelf eens te gaan kijken, daar op dat Caribische eiland.


ISBN 9789460224447 | Paperback met geplastificeerde omslag | 260 pagina's | LM Publishers | mei 2017

© Marjo, 24 juni 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Wally Tax
Leven en lijden van een outsider
Rutger Vahl


Ergens was ik wel nieuwsgierig naar het verhaal van deze muzikant, die bekend werd met The Outsiders, waarmee hij ruige rock maakte en later een nummer schreef waar Lee Towers bekend mee werd, terwijl hij ook nog betrokken was bij de Nederlandse Abba-kloon Champagne, waarvoor hij teksten heeft geschreven. Ik vond het interessant om te weten waarom een muzikant betrokken was bij muziek, waarvan je in zekere zin zou kunnen zeggen dat ze nogal haaks op elkaar staat. Nu is hij niet de enige met een dergelijke switch in z'n muzikale carrière, maar het bleef me toch wel fascineren. Als je leest dat Wally van het levenslied hield en een fan van Johnny Jordaan was, die hij later ook nog heeft geïnterviewd (er staat een foto van deze ontmoeting in het boek), dan is het misschien ook wel te begrijpen.


Rutger Vahl heeft het tragische verhaal over deze muzikant, die enerzijds behoorlijk onsympathiek kon zijn en heel veel mensen geschoffeerd heeft, maar aan de andere kant toch ook wel sympathie weet op te wekken, op een boeiende manier weten te vertellen, zonder de negatieve kanten uit de weg te gaan. Het is ook geen afrekening van een teleurgestelde fan. Ondanks het feit dat Wally heel veel mensen niet altijd even aardig heeft behandeld, bleven ze toch altijd wel een zekere sympathie voor hem houden.


Net als Herman Brood, was Wally Tax een groot deel van z'n leven verslaafd aan drank en drugs. In tegenstelling tot Herman Brood, die een soort nationale troeteljunk werd en met z'n gebruik koketteerde, hield Wally z'n gebruik verborgen. Hij probeerde ook verschillende keren af te kicken, maar uiteindelijk viel hij altijd weer terug.


Wally Tax beschrijft z'n jeugd als gelukkig, hoewel daar misschien nog wel iets op af te dingen valt, als je deze biografie leest. Hij groeide op in een liefdevol huis en z'n ouders hebben hem altijd gesteund, maar z'n Russisch-Oekraïense moeder was geestelijk behoorlijk beschadigd door wat ze in de Tweede Wereldoorlog mee had gemaakt. Z'n vader had ook een verleden in de oorlog en werd later depressief.


Het boek vertelt het verhaal van z'n leven behoorlijk chronologisch en boven ieder hoofdstuk staat een fragment van een song, die voor Wally Tax belangrijk was. Sommige hoofdstukken in het begin overlappen elkaar in chronologisch opzicht en de chronologie wordt een keer onderbroken door een hoofdstuk over het drugsgebruik van Wally en tegen het eind nog een keer door een hoofdstuk over de autobiografie 'Tot hier en dan verder' die Wally samen met Ettie Huizing heeft geschreven.


Het verhaal van Wally is tragisch te noemen, van rijk en beroemd in de jaren 60, tot berooid bij z'n dood in 2005. Daar tussen zitten nog wel wat kleine pieken, maar na het succes met The Outsiders is het toch vooral bergafwaarts gegaan. De vroegtijdige dood van Laurie Langenbach wordt ook besproken en dit was de zoveelste klap in het leven van Wally. Op een gegeven moment kwamen er wel wat reünieoptredens van The Outsiders, maar onder andere door de aftakeling van Wally Tax, waren die misschien toch niet zo'n succes.


In de epiloog van het boek vraagt de auteur zich ook nog af waarom het met Wally Tax mis is gegaan. Oorzaken genoeg, zoals gebrek aan echte begeleiding toen het geld binnenkwam in de tijd dat The Outsiders succes hadden. Te jong om de weelde te kunnen dragen en vervolgens nooit meer in staat geweest om het succes uit z'n jeugd te evenaren


Al met al een mooi boek over een tragisch leven, voorzien van foto's en aan het eind van het boek bij ieder hoofdstuk een toelichting over de bronnen van de verhalen.


ISBN 978 90 388 0043 1 | Paperback | 272 pagina's | NUR 320 | Nijgh & Van Ditmar | april 2015

© Renate, 13 juni 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altSara en Liv
Suzan Hilhorst


Het lijkt zo gewoon: je hebt een relatie en je wilt samen een gezin vormen. Maar zo normaal is het niet voor iedereen.
De ik-verteller, die de schrijfster zelf blijkt te zijn, vertelt een autobiografisch verhaal. Samen met Jens, een Zweed, wil zij een toekomst opbouwen, en daar horen kinderen bij. Hun zoon Nils wordt geboren, en omdat hij voorspoedig opgroeit, zijn zij totaal niet voorbereid op het feit dat het ook fout kan lopen. Want dat gebeurt.


Als hun dochter Sara wordt geboren, lijkt een koningswens vervuld: een zoon en een dochter. Maar Sara moet na een paar weken opgenomen worden in het ziekenhuis, en blijkt ongeneeslijk ziek. Medische kennis blijkt niet toereikend, het meisje sterft. Onbeschrijflijk verdriet wordt een deel van hun leven, maar als de doctoren hen verzekeren dat dit een toevalstreffer was, dat Sara niet overleden is aan een erfelijke ziekte, durven Suzan en Jens het nog een keer aan.
Liv wordt geboren. Maar hun grootste angst wordt bewaarheid: hoe klein de kans ook is volgens de dokter, het toeval treft hen een tweede keer. Ook Liv overlijdt.


Als je een lezer bent als ik, die het liefst onvoorbereid aan een boek begint, en die bovendien geen idee heeft wie Suzan Hilhorst is, welke indruk blijft dan achter?


Intussen weet ik dat het verhaal op de werkelijkheid gebaseerd is, en ook dat de schrijfster een bekend figuur is, maar dat verandert niets aan mijn leeservaring. Genieten van een mooi verhaal wordt wel overtuigender als je leest met de wetenschap dat alles levensecht is, maar ook als het volledig fictief zou zijn, is het lezen een indrukwekkende beleving.


Suzan Hilhorst heeft afstand kunnen nemen van haar eigen leven zodat ze haar verhaal op een prachtige manier kon stileren. Vaak is zij zelf de verteller, maar zij geeft ook het woord aan Sara. Door de keuze om Sara op te voeren als een alziende verteller, krijgt het verhaal een extra dimensie. Samen vertellen zij over liefde, over leven en dood. Over doorgaan met leven, al lijkt dat onmogelijk. Hier is Sara aan het woord:


‘Natuurlijk was ik erbij toen ze aankwamen in Miami. Ik dwarrelde losjes achter hen aan. Volgde ze door de lange gangen van het vliegveld. Langs de paspoortcontrole, de customs, richting de lange rijen voor de autoverhuur.’


Het verhaal is indringend. Overtuigend. Ontroerend. En schokkend.
Het lijkt onmogelijk dat een lezer niet geraakt wordt.


‘De trap kronkelde van de mensen.’


‘De zwerm witte jassen werd steeds groter en wervelender. Ze zoemden om mijn bed, raakten me aan en lieten me weer los. Ze riepen en zongen, over het leven en de dood. Ze werden engelen zonder vleugels, verbaasd en in de war over het lot dat zomaar deed waar het zin in had.’


‘In welk deel van haar hersenen zat haar persoonlijkheid te wachten tot iemand de deuren naar de wereld zou opengooien en zou zeggen dat het goed was?’


Suzan Hilhorst is verslaggever en programmamaker bij BNN-VARA. Hopelijk vindt zij de tijd en inspiratie om na dit overtuigende debuut meer te schrijven.


ISBN 9789048839667 | Hardcover | 192 pagina's | Hollands Diep | mei 2017

© Marjo, 30 mei 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Sara en Liv
Suzan Hilhorst


Sommige boeken raken me tot in het diepst van mijn ziel. Omdat ze waargebeurd zijn of omdat ze ronduit prachtig zijn geschreven. Voor het debuut Sara en Liv gelden beide argumenten. In dit boek vertelt verslaggever en programmamaker Suzan Hilhorst haar hartverscheurende verhaal. Suzan is moeder van drie kinderen, waarvan haar jongste twee niet meer in leven zijn. Wat begon als een sprookje, eindigde in totale verslagenheid.


Wanneer alles zo’n acht jaar geleden tijdens een rondreis in Nicaragua in het honderd loopt, heeft dat voor Suzan onverwacht prettige gevolgen. Ze leert de Zweed Jens kennen. Tijdens de rest van de reis wordt duidelijk dat ze bij elkaar horen en twee jaar later verhuist Jens voorgoed naar Nederland. Een jaar later wordt hun zoon Nils geboren. Het leven is heerlijk. Een onuitputtelijke bron van vreugde.


De komst van dochter Sara laat even op zich wachten maar wanneer ze zich eindelijk bij Suzan, Jens en Nils voegt, is hun geluk compleet. Twee verliefde ouders, een zoon en een dochter. Het geeft Suzan een gevoel van pure verwondering en dankbaarheid. Wat kan een mens innig tevreden zijn.


Het geluk droop van ons af, vormde een stroperige massa onder onze voeten, en maakte het lopen bijna onmogelijk.”


Na een paar weken gaat het mis. Het hart van de kleine Sara klopt niet goed. Ze wordt naar het Sophia kinderziekenhuis in Rotterdam gebracht, waar haar totaal ontredderde ouders hun uiterste best doen hun kleine meisje van hun liefde en steun te overtuigen.


Voorzichtig streelden ze die avond mijn huid, daar waar die vrij was van pleisters en injectienaalden. Zachtjes fluisterden ze in mijn oor, kamden met trillende vingers mijn dunne haar. Ze zongen voor me, behoedzaam, zodat mijn bloeddruk niet te snel omhoog zou schieten. Net zo lang tot ik weer hun kind werd, al moesten ze me delen met de artsen en verpleegkundigen.


Sara blijft knokken maar ze balanceert regelmatig op het randje van de dood. Er wordt voorzichtig over een harttransplantatie gesproken. Moeten Suzan en Jens werkelijk over het lot van hun kind beslissen? Sara zou de jongste baby in Nederland zijn die een dergelijke operatie zou ondergaan en het was niet zeker of ze het zou overleven.


Ineens lag haar leven in onze handen. Was het aan ons, om haar de kans te geven op te groeien. Ouder te worden, te ontdekken wie ze was. Ineens leek haar dood een keuze, een keuze die wij moesten maken.


Suzan wordt letterlijk ziek van angst en loopt een darmkoliek op. Ze probeert beter voor zichzelf te zorgen maar weigert haar kind minder te zien. Sara is inmiddels op een hart-longmachine aangesloten. En dan komt het verpletterende nieuws. Er hoeft niet langer gewikt en gewogen te worden. Het lot van Sara ligt niet langer in hun handen en ook niet in die van de artsen. Er is een bloedprop ontdekt. Een enorme bloedprop, bij Sara’s hart. De artsen kunnen niks meer voor haar doen.


Ik kan me niet voorstellen hoe het moet zijn geweest voor Suzan en Jens om hun kindje te verliezen. Wekenlang klampten ze zich stevig aan een piepklein sprankje hoop vast om uiteindelijk los te moeten laten. Waarom moet een onschuldige baby al zo snel weer afscheid van het leven nemen? Voor mij als lezer is het bijna niet te bevatten en mijn verslagenheid is maar een splinter van het allesoverheersende verdriet dat Suzan en Jens moeten hebben ervaren.


Toen hun dochter Liv werd geboren, was zij beslist geen vervanging voor Sara. Ze was een nieuw wonder. Een kindje dat met evenveel liefde werd verwelkomd. Wat Sara was overkomen, zou niet nog een keer gebeuren. Dat hadden de artsen hen verzekerd. Maar het ondenkbare gebeurt toch. Ook Liv komt te overlijden. Twee meisjes, twee innig geliefde meisjes, zijn zomaar uit het leven weggerukt.


Met Sara en Liv verschaft Suzan Hilhorst de lezer een kijkje in haar ziel. De mooist geschreven fragmenten uit het verhaal heb ik bewust niet geciteerd, omdat ik ze niet uit de context wilde wegrukken. Denk niet dat ik alles al heb verklapt, want de woorden van Suzan vallen niet even snel samen te vatten. Dat wil ik ook niet. Dit boek moet je beslist zelf lezen. Het verhaal is een mengeling van poëzie, rauwe emoties en pure, allesoverheersende liefde. Suzan beschrijft niet alleen haar eigen gevoelens maar ook die van Sara. Heel overtuigend heeft ze de gevoelens en onschuld van het ernstig zieke meisje in woorden omgezet. Het is de intense band tussen moeder en kind die dit mogelijk heeft gemaakt.


Ik kan alleen maar hopen dat het schrijven van dit prachtige boek een heel, heel klein beetje verdriet van Suzan heeft weggenomen. Dat het haar troost heeft geboden. Misschien dat wij als lezers allemaal een flintertje van Suzans verdriet mogen absorberen, zodat zij net genoeg kracht zal vinden door te gaan.


ISBN 9789048839667 | hardcover | 192 pagina's | Hollands Diep | mei 2017

© Annemarie, 25 mei 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 
The golden years of Dutch pop music
Robert Haagsma


Ondanks de Engelse titel is dit echt een Nederlands boek. Het maakt in zekere zin deel uit van de gelijknamige serie CD's en ook dit boek bevat een CD, waarover aan het eind wat meer.

Na een leuk voorwoord van Dave von Raven (Zanger van de Rotterdamse groep The Kik, die z'n naam dankt aan de Haagse groep de Kick, die beroemd en berucht was in Den Haag en omstreken. Een aantal leden van de groep doken later op in bekendere bands, als Q65 en Shocking Blue) en een inleiding, waarin in het kort de opkomst van diverse Nederlandse bands in de tweede helft van de jaren 60 wordt beschreven, volgen verhalen over de geschiedenis van verschillende bands, terwijl er ook wat verhalen in staan over andere aspecten die van belang waren, zoals Veronica, Jaques Senf (een manager en concertorganisator, wiens belang voor de Haagse beatmuziek niet kan worden onderschat, hetgeen wordt geïllustreerd door de eretitel 'beatkoning van Den Haag) en festivals.


De verhalen vind ik een beetje het equivalent van de korte documentaires, die altijd te zien zijn in het programma 'Top 2000 a gogo'. Het zijn niet altijd uitgebreide biografieën, maar persoonlijke verhalen van leden van de diverse groepen. Je kan lezen wat er zoal mis kan gaan en hoe sommige groepen hun zaken op orde hadden, of kregen. Het bevat ook de nodige leuke anekdotes. Al met al heel interessant leesvoer voor iedereen die de Nederlandse popmuziek een warm hart toedraagt. In het boek staan ook nog 3 lijstjes: met de 33 essentiële nederpopalbums, allemaal voorzien van een toelichting, 45 essentiële nederpopsingles en 13 singels uit het rariteitenkabinet van de nederpop, wederom allemaal voorzien van een toelichting.

Als kers op de taart is er nog een CD toegevoegd met muziek van diverse groepen uit de jaren 60. - De enige uitzondering is het nummer 'Lyrics' van Kayak, uit 1973. Waarom dat nummer op de CD staat, is mij een raadsel. De groep komt niet in het boek voor en het is het enige nummer op de CD, dat na 1970 is opgenomen. - Van de 18 groepen op de CD, staan er 14 ook in het boek en de CD geeft een aardig overzicht van de Nederlandse popmuziek uit de jaren 60.

ISBN 9789000350087 | Hardcover | 256 pagina's | NUR 660 | Spectrum Unieboek | oktober 2016

© Renate, 20 mei 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER
 

Ikigai
Het Japanse geheim voor een lang en gelukkig leven
Francesc Miralles & Hector García


Iedereen heeft een Ikigai oftewel een reden van bestaan. Het is één van de geheimen voor een lang, tevreden en gezond leven, leert de flaptekst ons.


Ook is daar te lezen dat op het Japanse eiland Okinawa meer gezonde en actieve honderdjarigen wonen dan waar ook ter wereld. "De auteurs vertrokken naar Okinawa om te ontdekken wat dat geheim voor een optimistisch en gezond leven is. Ze kregen inzicht in wat de Japanners eten, hoe ze bewegen, weken en omgaan met anderen. En hoe je honderd jaar in topvorm kunt leven."

Omdat ik altijd wel geïnteresseerd ben in allerlei verschillende levensstijlen was ik benieuwd wat de auteurs mij te vertellen hadden over dit geheim van deze eilandbewoners. Welk inzicht hadden ze gekregen? Hoe hadden ze dit onderzocht? Wat was hun conclusie? Ze hadden het in het voorwoord over 'het ter plekke de geheimen van die Japanse honderdjarigen te bestuderen, aangezien de ouderen in Ogimi - zo heet het dorp met een hoog aantal honderdplussers - tot het einde van hun dagen actief en tevreden zijn.'

Het blijkt echter dat 'het ter plekke bestuderen' een bezoek van één week aan Okinawa behelst en dat er ca.  honderd gesprekken met de bewoners gevoerd zijn. Een studie kan ik dat niet noemen. In feite gaat maar een heel klein deel van het boek over de honderdplussers van Okinawa zelf. Het hele verhaal over hen had bij wijze van spreken ook in een lang artikel in een tijdschrift verteld kunnen worden.


Voorafgaand aan hun eilandbezoek hadden de twee schrijvers wel een jaar theoretisch onderzoek verricht. De medische onderzoeken die tot dan toe uitgevoerd waren op de bewoners van Okinawa brachten enkele bijzonderheden aan het licht; bij deze mensen kwamen minder vaak hartkwalen en kanker voor, ze hadden een grote levenslust, minder mensen werden dement, het eten bevat veel antioxidanten enz. Maar hoe verder kan het dat ze zo gezond blijven wordt niet gemeld daarin. Dat is juist waar we zo nieuwsgierig naar zijn... Het enige wat eventueel een oorzaak zou kunnen zijn is dat de mensen op Okinawa hun maag maar tot 80% vullen, maar dan nog is hun hoge ouderdom wonderlijk.


Het merendeel van het boek is echter vooral gevuld met het bespreken van bepaalde - gezonde - manieren van leven én met allerlei bevindingen en conclusies die andere, vooral Amerikaanse, onderzoekers geconstateerd en getrokken hebben rond een gezonde levenswijze, - deze gaan dus niet over de bewoners van Okinawa - en brengen ons weinig nieuws. Teveel stress is ongezond, een zittend bestaan is 'de vijand van de jeugdigheid' met daarbij tips over hoe je in het dagelijks leven meer kunt bewegen zoals; neem de trap in plaats van de lift of roltrap, ga sporten, speel met je kinderen enz. Tja. Dat wisten we allemaal wel... Gebruik een zonnebrandmiddel, drink een paar liter water per dag, zorg voor voldoende slaap zijn ook al van die open deuren.

Tussen deze tips en adviezen door lezen we wel diverse korte verhalen van de bewoners van Okinawa. Daar word je ook niet veel wijzer van qua 'lang en gelukkig leven' maar ze zijn wel leuk om te lezen. De een zegt dat ze nooit vlees heeft gegeten, de anders adviseert vooral om je te ontspannen en een vrouw fietste tot haar 100ste en rookte tot haar 120e. En dan... lezen we ineens, tot mijn bevreemding, o.a. verhalen van een Amerikaanse man (114) die adviseert om geest en lichaam bezig te houden en een 111-jarige Pool die nuchter constateert 'Ik ben gewoon niet eerder doodgegaan'. Maar dit boek ging toch over de leefwijze van de Japanse eilandbewoners?


We krijgen verder nog veel te lezen over allerlei vormen van bewegen zoals o.a. yoga, shiatsu, Qi gong enz. met daarbij enkele beschreven oefeningen, we lezen over voeding - het advies is o.a. veel groente te eten (Op Okinawa eten ze minstens vijf groente- en fruitgerechten per dag), geen suiker te gebruiken etc. (B. Willcox en C. Willcox hebben er een boek over geschreven 'The Okinawa Program') maar dat levert ook geen nieuwe inzichten op. Dat is iedereen inmiddels wel bekend.


Al die tips en adviezen voor een gezonde geest en een gezond lichaam zijn natuurlijk prachtig en goed, maar het heeft in feite weinig met het beloofde 'Japanse geheim' te maken. Het gaat in dit boek gewoon om hoe je op een prettige manier oud kunt worden en dat is o.a. door een gezonde, zinvolle levenswijze, een bloeiende kennissen- en vriendschapskring onderhouden en lichamelijk en geestelijk in beweging blijven. Daar is geen 'studie' op Okinawa voor nodig. En ik voel me ook een beetje bekocht dat het wel op deze manier gepresenteerd wordt. Het boek zelf is inhoudelijk natuurlijk niet verkeerd maar is niet wat de cover en flaptekst belooft en dat is jammer.


Het is overigens wel een erg aantrekkelijk ogende en mooi verzorgde hardcover.


ISBN 9789022578452 | Hardcover | 192 pagina's | Boekerij | november 2016
Vertaald door Jacqueline Visscher

© Dettie, 13 juni 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Veldgids Vogelzang
Vogels herkennen aan hun zang en roep
Dick de Vos


Regelmatig zit ik op een bankje in de duinen. Het is zo’n bankje dat door particulieren gesponsord is en waarop vaak de naam van de gulle gever(s) en een welluidende tekst is geplaatst. In dit geval luidt de tekst ‘wie het geluid kent, kent de vogel’. Een zeer toepasselijk tekst want het bankje staat op een plek met uitkijk op en omringd door bossages van duindoorn, waarvan vanaf eind maart tot einde juni bij zonnig weer onophoudelijk gekwinkeleer van vogels is te horen. Soms laten de vogels zich even zien wanneer ze boven in de top van een struik gaan zitten, of snel heen en weer schieten tussen de struiken.


Uit deze situatieschets blijkt al het enorme belang van het herkennen van het geluid bij het achterhalen om welke vogel het gaat. In het verleden bestonden er opnames van vogelgeluiden op vinyl langspeelplaten en later op cassettebandjes waarmee het onmogelijk  of zeer lastig was ter plekke het geluid te verifiëren. Tegenwoordig beschikt bijna iedereen over een smartphone of ander elektronisch apparaat waarmee je heel goed geluiden kan opnemen en vervolgens razendsnel de verschillende vogelgeluiden met elkaar kunt vergelijken.


De stormachtige technologische ontwikkelingen van de laatste jaren bracht schrijver Dick de Vos en geluidspecialist Henk Meeuwsen ertoe een veldgids samen te stellen die geheel gericht is op vogelzang. Van 200 Europese soorten die vooral door hun geluid opvallen wordt zeer uitgebreid ingegaan op de verschillende kenmerkende geluiden. Naast zang komen ook alarm, contactroep, vluchtroep en bedelroep aan de orde.


Van al deze geluiden zijn sonogrammen opgenomen in het boek. Een sonogram kan bestaan uit een combinatie van het spectrogram dat de frequentie afzet tegen de tijd en het oscillogram dat het volume afzet tegen de tijd.  Sonogrammen kunnen ook enkel uit een spectrogram of oscillogram bestaan. Het gebruik van sonogrammen vergt enige oefening maar is veel eenvoudiger dan muziekschrift en zijn in dit boek om het gemakkelijker te maken voorzien van fonetische transcripties.


De gids bevat zeer gedegen informatie over vogelgeluiden en aan het eind wordt uitgebreid ingegaan hoe je zelf vogelgeluiden kunt opnemen en welke valkuilen je daarbij moet weten te omzeilen. Bij dit boek is speciaal een vogelgeluiden-app samengesteld waarin vrijwel alle geluiden van de 200 beschreven soorten zijn te beluisteren.


ISBN 9789050115728 | Hardcover | 288 pagina's | Uitgeverij KNNV | maart 2017

© Cavendish, 11 juni 2017

Lees de reactie op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Zoektocht in Hartstocht
Bezoeken aan Rembrandtschilderijen wereldwijd
Arno Wubben


Arno Wubben heeft, gedreven door een grote liefde voor Rembrandt, zichzelf ten doel gesteld alle Rembrandtschilderijen over de gehele wereld te zien. Zijn queeste voerde hem o.a. naar Schotland, Duitsland, Frankrijk, Denemarken, Italië, Amerika, België, Engeland en Tsjechië, al heeft hij grappig genoeg een van zijn indrukwekkendste ervaringen in een privéhuis in Amsterdam, nog geen kilometer  lopen van zijn eigen huis.

Het liefst bezoekt hij schilderijen in hun natuurlijke omgeving, in een museum waar ze al jaren thuishoren en hoogstwaarschijnlijk nooit meer weg zullen gaan. Regelmatig reist hij duizenden kilometers, om even oog in oog te staan met een schilderij, één keer maakte hij een autoreis van twee uur heen en twee uur terug voor een geschatte één minuut durende bezichtiging van een privébezit. Vaak schrijft Wubben te voren musea aan om toegang te krijgen tot hun archieven en tot schetsen van Rembrandt die niet tentoongesteld worden. Dat mag vrijwel altijd en bevlogen curatoren gaven hem vaak meer te zien dan waar hij op gehoopt had.


Je zou als leek denken dat de schilderijen van Rembrandt vooral in grote statige musea te vinden zijn, maar tot mijn verrassing bleken er toch ook heel wat Rembrandts in oude landhuizen en krakkemikkige kleine dorpsmusea te hangen. Een keer komt  Wubben in een zaal terecht die het best als ‘rommelhok’ te omschrijven valt en er is een zeer vermakelijke scene waarin de schilderijen, vermoedelijk uit zuinigheid, of wellicht omdat er aan hun echtheid getwijfeld wordt, slechts in duisternis te zien zijn. Gelukkig is de voorzienigheid met hem en schijnt er net wat licht door de ramen, zodat zijn lange reis niet vergeefs is geweest.


Dat kleine dorpsmusea ook Rembrandts in hun collectie hebben, blijft  overigens niet altijd zonder gevolgen, menigmaal vond er een vrij simpele kunstroof plaats, zoals in een museum in Kopenhagen, waar, toen de politie onderzoek deed naar de diefstal, er tot hun verbijstering geen alarm, bewegingssensoren of videocamera’s aanwezig waren en er zonder al teveel moeite een schilderij van 16 miljoen geroofd kon worden. In een museum in Boston namen twee mannen vermomd als politieagenten dertien belangrijke schilderijen mee, waaronder drie Rembrandts. Allen onverzekerd...


De schrijver heeft zichzelf ten doel gesteld met ieder schilderij van Rembrandt wat hij bezoekt op de foto te gaan om een tastbare herinnering te hebben. Vaak levert hem dat een kat en muis spel met suppoosten op. Meestal lukt het wel, een enkele keer niet, maar als het dan een buitengewoon indrukwekkende ontmoeting met het schilderij is geweest, valt daar toch nog mee te leven, zoals bij een gemiste foto van De graflegging van Christus….


De foto is niet genomen. De afdruk zou louter een momentopname zijn geweest die me alleen herinnerde aan deze dag. Wat ik nodig had, was een registratie van de indruk die ik zojuist had opgedaan. Een imprint in mijn ziel die ik voor altijd bij mij draag, waar ik op kan leunen, waar ik van kan genieten, waar ik om kan treuren.


Het mag duidelijk zijn dat de liefde voor Rembrandt van iedere bladzijde van dit boek afspat. Het is dan ook een liefdevol en informatief boek geworden, met veel achtergrondinformatie over zowel de musea als de schilderijen. Daarnaast is het ook nog eens een heel vermakelijk boek, omdat het niet alleen de schilderijen beschrijft maar ook de reizen er naar toe, die zoals bij reizen betamelijk, gevuld zijn met obstakels, onverwachte gebeurtenissen en anekdotes. Toch ligt de nadruk uiteraard op de schilderijen zelf, op het hoe en waarom Rembrandt ze schilderde zoals hij ze schilderde en op de ontroering en bewondering die de schrijver kan bevangen bij hun aanblik, ook al heeft hij er al ontelbare malen replica’s van gezien.


Het boek benadrukt dat Rembrandt een verhalenverteller is. Landschappen zijn zeer zeldzaam in zijn oeuvre, portretten schilderde hij op bestelling en om in zijn onderhoud te voorzien, maar zijn voorkeur ging vooral uit naar het schilderen van Bijbelse scènes. De wijze waarop de verhalen worden verteld, laten zien dat dát zijn passie had. Hij zocht de originaliteit op en gaf andere momenten weer dan gebruikelijk was en hij koos vooral verhalen waarbij emotie hoogtij vierde.


Al lezend bevangt je dan ook onontkoombaar de behoefte om binnen afzienbare tijd zelf weer eens een Rembrandt te gaan bewonderen. En dat was waarschijnlijk precies de bedoeling.


ISBN 9789402235593 | Paperback | 170 pagina's | Uitgeverij Boekscout | 28 april 2017
Afmeting 16 x 24 cm

© Willeke, 30 mei 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Kinderen van zwarte bevrijders
Een verzwegen geschiedenis
Mieke Kirkels


Het voorwoord bij dit bijzondere boek van Mieke Kirkels is geschreven door Ad van Liempt. Hij schrijft dat niet alleen de loop van de geschiedenis vaak verrassend is, maar dat dat soms ook geldt voor de geschiedschrijving en dat dit boek van Kirkels daar een goed voorbeeld van is.    

Kinderen van zwarte bevrijders, aldus Van Liempt, beschrijft een aantal bijzondere aspecten, die tot dusver nooit eerder aan het licht kwamen. Kirkels vertelt namelijk het verhaal van de donkere kinderen die opgroeien in Limburg en waarvan de omgeving wist dat ze waren voorgekomen uit de bevrijdingsperiode in Zuid‑Nederland. De kinderen zelf werd hier echter niets over verteld en de vragen over hun achtergrond bleven vaak onbeantwoord. Door deze omstandigheden is het leven van veel van hen in hoge mate getekend en, zoals Kirkels haar eerste hoofdstuk vooraf laat gaan door een citaat van Maya Angelou is there no greater agony than bearing an untold story inside you.

De auteur begint het boek met het beschrijven van het tijdsframe waarin dit verhaal zich afspeelt. De heersende opvattingen over de seksuele moraal in Nederland, met name opgelegd door de katholieke kerk, maar ook het feit dat er in Amerika nog volop sprake was van een strikte rassenscheiding. Dit resulteerde uiteindelijk in zeventig jaar zwijgen (eveneens de titel van het eerste hoofdstuk) over de gevolgen van het 'verloochenen' van de heersende seksuele moraal. Daarnaast was de benadering van de zwarte bevrijders door de blanke bevolking iets bijzonders, aangezien zij in eigen land onderhevig waren aan die strikte rassenscheiding, die ook in het Amerikaanse leger in hoge mate was doorgevoerd.

Het laten vieren van de door andere opgelegde 'eigen' normen en waarden aan beide zijden, onder deze bijzondere omstandigheden van de bevrijding, had daarmee grote gevolgen, die in onze tijd nog steeds zichtbaar en voelbaar zijn voor de betrokkenen. Zoals de auteur het zelf zegt:


Door Limburgers werden de zwarte Amerikanen als bevrijders omarmd, maar de acceptatie van de kinderen die ze verwekten, verliep minder vlekkeloos. Deze 'onechte' kinderen van zwarte bevrijders werden aanvankelijk in het witte, overwegend katholieke Limburg gezien als exotisch of als 'missiekindjes', maar later in hun jeugd hebben ze het niet gemakkelijk gehad.


In Limburg werden al vroeg in 1945 de eerste bevrijdingskinderen geboren. Een zeventigtal, zo lezen we achter op het boek, is duidelijk herkenbaar als 'Amerikaantjes' – ze hebben een donkere huidskleur. Van twaalf van deze bevrijdingskinderen heeft de auteur hun verhalen opgetekend, die zijn opgenomen in dit boek. Daarbij is ook heel veel fotomateriaal in het boek opgenomen, die de verhalen nog eens verlevendigen en benadrukken. De verhalen zijn stuk voor stuk heel indrukwekkend en door Kirkels met veel betrokkenheid en empathie uitgewerkt. De rode draad is dat veel van hen het helemaal niet gemakkelijk hebben gehad. Het lezen van juist deze persoonlijke verhalen maakt ons als lezer duidelijk wat voor verstrekkende gevolgen dit 'stukje geschiedenis' voor alle betrokkenen heeft gehad.


Doordat ze betrokken zijn bij dit boek komen de bevrijdingskinderen ook met elkaar in contact. Een van hen, Huub Schepers, zegt over hun eerste bijeenkomst: Ik heb het gevoel eindelijk broers en zussen te hebben. Een maand later overlijdt Huub. De besloten afscheidsdienst is op Marten Luther King day, een aantal 'broers en zussen' zijn daarbij aanwezig.


Bedankt Mieke Kirkels voor het optekenen van deze indrukwekkende verhalen!

Over de auteur: Mieke Kirkels (1947) studeerde arbeidsmarktpolitiek en werkte onder meer op het gebied van gelijke behandeling en diversiteit, en als communicatieadviseur. Ze leidde in 2008 het oral history-project Akkers van Margraten. Eerder publiceerde zij Van Alabama naar Margraten; herinneringen van grafdelver Jefferson Wiggins (2014).


ISBN 9789460043215 | Paperback  | 192 pagina’s | Uitgeverij Vantilt | april 2017

© Ria, 23 mei 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Verantwoord Bijbelgebruik
John Boekhout

Dit boek is een gids voor mensen die de Bijbel willen bestuderen, alleen of in groepsverband. En het is een prima gids.


Met Bijbelstudie kun je niet zomaar plompverloren beginnen. En al helemaal niet als je niet vertrouwd bent met de Bijbel. Natuurlijk staan er tal van mooie verhalen in de Bijbel die wereldwijd bekendheid hebben gekregen en die voor iedereen leesbaar zijn. Denk eens aan het verhaal van de Verloren Zoon of de gelijkenis van de Barmhartige Samaritaan. Maar voor Bijbelstudie is een vaste methode nodig en die verschaft John Boekhout.


Er zijn tal van commentaren op de Bijbel beschikbaar en vele handboeken die een lezer kan raadplegen, maar dat is niet wat Boekhout voor ogen staat. Wij moeten eerst zèlf op onderzoek gaan. Ook waarschuwt hij voor oppervlakkig onderzoek en snelle conclusies. 
De drieslag die Boekhout aanbeveelt, bestaat uit: Ontdekken, Begrijpen, Toepassen.


In de eerste fase ‘kauwt’ de lezer op de tekst. Lezen, herlezen, het verband van de tekst nagaan, parallelteksten opzoeken, vragen stellen aan de tekst. Vooral deze fase is van enorm belang. Nadenken over de tekst, weer andere vragen aan de tekst stellen, schema’s van verbanden maken.


In de tweede fase gaat het om het wikken en wegen wat de juiste uitleg van een tekst zou kunnen zijn. Het gaat niet om de vraag wat ‘ik’ vind dat er staat, maar om de vraag ‘wat heeft de tekst mij te zeggen’.


Daarmee komen we toe aan het derde sleutelbegrip: hoe pas ik de tekst toe in mijn dagelijks leven.


Het boek Ruth staat centraal. Steeds bespreekt Boekhout delen van dit Bijbelboek om zijn methode praktisch toe te lichten. 

Verantwoord Bijbelgebruik wordt afgesloten met een knap overzicht van belangrijke Bijbelse kernbegrippen, een leesrooster en een aantal heel duidelijke kaarten.

Al met al is dit een heel gestructureerd, helder en sympathiek geschreven boek. Didactisch bezien is het een uitstekend boek. Tal van vragen en opdrachten helpen de Bijbellezer op weg. Daarbij is een heel sterk punt dat Boekhout uitgaat van de Bijbeltekst. De Bijbel aanpassen aan de tijdgeest en daarmee de boodschap relevant maken voor de moderne mens is niet de goede weg. Tegelijk echter is Boekhout wars van Biblicisme, waarmee de tekst tot een keurslijf wordt. Zijn veelzijdige benadering van de tekst waarborgt een verantwoorde exegese van de tekst.  In de woorden van de auteur:


“Het gaat er niet om … dat wij een eigen reconstructie maken van de ideeën van de Bijbelauteurs. Het gaat ons er juist om dat de geïnspireerde boodschap zoals die in de geschriften staat bij ons wat uitwerkt. Elk Bijbelboek heeft een boodschap. Elke zin en elk woord in elk Bijbelboek draagt bij aan deze boodschap… Het is onze taak als lezers die boodschap te ontdekken” (blz. 114).


Deze methode is ontzettend intensief en tijdrovend. Maar als men zich de methode eigen weet te maken, verrijkt men zijn leven met een schat aan nieuwe inzichten

Deze uitstekende gids kan ik van harte aanbevelen, zowel bij geschoolde dan wel ongeschoolde Bijbellezers.


John Boekhout is docent aan de Evangelische Theologische Hogeschool in Veenendaal/Ede, geeft workshops en traint predikanten in Afrika.


ISBN: 9789058816757 | Paperback | 368 pagina's | Uitgeverij Buijten & Schipperheijn, Amsterdam | 5e druk, 2017.

© Henk Hofman, 19 mei 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER