Nieuwe boekrecensies

altMoederband
Rafel Nadal

In Spanje speelde zich vanaf 17 juli 1936 tot 1 april 1939 de Spaanse Burgeroorlog af. De Tweede Spaanse Republiek onder leiding van president Manuel Azaña werd omver geworpen door een groep rechtse generaals, omdat ze het niet eens waren met het linkse beleid van de republikeinen. Zo’n 500.000 mensen kwamen om tijdens deze oorlog; vele linkse Spanjaarden vluchtten naar Frankrijk. Spanje werd een dictatuur onder leiding van generaal Francisco Franco. Het was een verwarrende periode waarin velen de kans grepen om persoonlijke vetes uit te vechten, of om anderen uit de weg te ruimen voor persoonlijk gewin, of vanwege verschillende religieuze of politieke meningen. Dit ging na het officiële einde van de oorlog vaak gewoon door.


Het verhaal van Rafel Nadal speelt zich af in de omgeving van Girona, in een dorpje in Catalaanse deel van Spanje, dicht tegen de grens met Frankrijk. Het is gebaseerd op een waargebeurde geschiedenis.


In het heden stuit de verteller in een antiquariaat op een foto. Daarop staat een weg met bomen, met op de achtergrond een wit huisje. Herinneringen grijpen hem bij de keel: Dat huis, het huis van mevrouw Stendhal, stond bij het dorp waar twee mannen de baas waren: Sabater en Ros, grootgrondbezitters die de wetten naar hun hand zetten en de controle strak in de hand hielden. De verteller is Luc, een jongen nog maar aan het eind van de Spaanse Burgeroorlog. Hij heeft vage herinneringen aan hoe zijn moeder om het leven kwam bij een schietpartij. Daarna werd hij opgevangen door een vriendin van zijn moeder, mevrouw Stendhal, die met haar vader en haar zoon Dani in het huisje woonde.

Dani is Lucs grote held, zijn beschermer en hij droomt er van de droom van Dani mee te zullen beleven. Dani is van school afgegaan en werkt. Hij wil een eethuis openen voor zijn moeder, zodat ze niet meer hoeft te sloven en niet meer het doelwit is van de administrateur van Sabater. Als langzaam de onschuld van de jongen verdwijnt en hij steeds meer ontdekt over het verleden, beseft hij hoe de wereld echt in elkaar steekt. Mevrouw Stendhal stuurt hem naar een internaat, maar na een paar jaar loopt hij weg. Dani is intussen verdwenen, grootvader overleden.
Als hij er achter komt dat Dani gestorven is en wat hij precies deed, stapt hij in diens voetsporen, tegen de wil van mevrouw Stendhal. En hij is vastbesloten wraak te nemen, op Sabater en Ros, ondanks dat mevrouw Stendhal hem verteld heeft dat Ross een goede man was.
Door zijn onwetendheid doet hij bepaalde dingen, die hem zijn leven lang zullen achtervolgen.
Maar de hele waarheid ontdekt hij pas na het vinden van de foto…


Het is een roman over de strijd van de partizanen. De verhoudingen binnen het Catalaanse dorp worden behoorlijk op hun kop gezet. Het is een gevaarlijke tijd, je kon niet vrijuit spreken. Dat idee volgt Rafel Nadal dus ook. Er heerst veel geheimzinnigheid, en dat maakt helaas het verhaal nogal eens onduidelijk. Vandaar deze opmerking: ik geef toe dat ik de feiten van de Spaanse Burgeroorlog niet in mijn hoofd heb zitten. Maar dat zal zeker ook bij andere lezers het geval zijn!


Het zou heel prettig geweest zijn als in een voorwoord even de achtergronden van die tijd geschetst waren. Dat had het verhaal een stuk duidelijker gemaakt, temeer omdat ook internet weinig prijsgeeft over de situatie in dat specifieke gebied rondom Girona.


Soms is de vertaling wat krom, zoals in deze zin: ’in de winkel ontving me hels geschreeuw.’ Ondanks deze ‘mankementen’ is Moederband een verhaal dat je onderdompelt in een Spaanse wereld die Nadal zoals ook andere Spaanse schrijvers weet op te roepen: een wazig, nieuwsgierig makend en betoverend sfeertje, waar je graag in mee gaat, en die in dit geval hevig ontroert.


Rafel Nadal (1954) is een Catalaanse auteur. Zijn historische romans spelen zich af in Spanje en Italië, waarbij de gewone burger centraal staat. Hij won verschillende prijzen.

ISBN 9789401608015| paperback | 232 pagina's | Uitgeverij Xander | september 2017
Vertaald uit het Spaans door Pieter Lamberts

© Marjo, 18 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Kraaien tellen
Lucas de Waard


De stem van zijn vader was iel. Tobias begreep dat het om de stem van een boodschapper ging. Een boodschapper met nieuws dat Tobias niet wilde horen. De woorden kwamen toch. Direct en zonder omhaal. “Krista is gevallen.”


Krista’s valpartij vond plaats in Praag. Ze was van het balkon van het hotel waar ze verbleef gevallen. Uit het briefje dat ze achterliet werd duidelijk dat het om een geplande val ging. Het was geen ongeluk. Krista was bewust de dood tegemoet gevallen. Met een grote stap in het luchtledige was ze bij Tobias weggegaan. Zijn trouwe bondgenoot had hem alleen op de wereld achtergelaten.


Tobias gaat zo snel mogelijk weer aan het werk. Op de veegwagen voelt hij zich immers het meest op zijn gemak. Al jaren veegt hij dag in dag uit de straten van de stad schoon en terwijl het vuil tussen de borstels door in het binnenste van de veegmachine verdwijnt, lossen de muizenissen in zijn hoofd op.


De dood van Krista is echter meer dan een muizenis. Hoe harder Tobias zijn best doet niet aan haar te denken, hoe meer ze zich aan hem opdringt. Ze duikt zelfs als een soort geestverschijning op. Ook willen mensen steeds met hem praten. Hem steunen. Tobias heeft daar geen behoefte aan. Wie kan hem steunen nu zijn steun en toeverlaat er niet meer is? Ook zijn ouders blijven maar toenadering zoeken. Tobias wil het niet. Hij wil vegen en verder niets.


Krista en Tobias waren twee handen op een buik. Samen sloegen ze zich door hun kindertijd heen. Hun moeder was een verbitterde, nare vrouw die het gezin regelmatig dagenlang verliet om haar geluk elders te beproeven. Nog altijd vergoelijkt hun vader haar egoïstische gedag. Nu blijven ze maar op contact aandringen. Er wordt zelfs al over het vieren van Sinterklaas gesproken, alsof de wereld nog gewoon ronddraait. Voor Tobias staat de wereld stil. Wat moet hij zonder Krista? Waarom heeft ze hem in de steek gelaten? Misschien had hij wel met haar meegewild.


Tobias zoekt zijn heil in seks. De jonge Cayenne staat hem ruwe, gewelddadige seks toe. Iets anders wil Tobias niet. Liefdevolle seks schept een band. Het roept gevoelens op die Tobias juist wil vermijden. Tobias wil pijn voelen, pijn toebrengen. De pijn in zijn binnenste wil echter maar niet verdwijnen. Hij begaat een fout. Een onvergeeflijke fout. Zelfs de veegwagen schenkt hem niet langer rust. De wereld staat stil en iedereen haalt hem in. Tobias rent zo hard hij kan maar hij komt niet meer vooruit.


Met zijn eerste roman De kamers trok Lucas de Waard mijn aandacht al maar met Kraaien tellen heeft hij mij volledig van zijn kunnen overtuigd. Tobias is een briljant gekozen personage. Hij is een intelligente eenling die totaal geen interesse in een succesvolle carrière en geld heeft. Hij heeft zelfs zijn studie afgebroken om voor de rust van de veegwagen te kiezen. Rust en overzicht, dat is alles wat hij wil. Hij vindt het heerlijk om ’s avonds huiswaarts te keren met het geruststellende gevoel dat het vuil onder controle is.


Kraaien tellen gaat over de ingewikkelde dingen in het leven. Familie kan je een gevoel van geborgenheid maar ook van vervreemding en eenzaamheid geven. Verlies kan opluchting maar ook wanhoop verschaffen en seks kan iets moois maar ook iets lelijks zijn. Iedereen moet een manier vinden om zich in het leven staande te houden. De een is er wat beter in dan de ander en Tobias blinkt er helaas niet echt in uit.


Denk niet dat Kraaien tellen een zwaar verhaal is. Lucas de Waard heeft een heerlijk gevoel voor humor waardoor een tragikomisch verhaal is ontstaan waarin alle verhaalelementen uitstekend met elkaar in balans zijn. Zo denken mensen aan wie hij vertelt dat hij “andermans zooi opruimt” niet meteen dat hij veegwagenbestuurder is. Kraaien tellen is diepgaand, choquerend en luchtig tegelijk. Met deze zeer geslaagde roman maakt Lucas de Waard allesbehalve subtiel duidelijk dat niemand nog om hem heen kan.


ISBN 9789044538175 | hardcover| 251 pagina's | Uitgeverij De Geus | september 2017

© Annemarie, 16 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altWees onzichtbaar
Murat Isik

Als een klasgenoot hem vraagt wat zijn naam, Metin Mutlu, betekent, antwoordt hij: ‘Standvastig Gelukkig.’
Wie het verhaal van de Turkse Metin eenmaal kent, weet hoe misplaatst die naam is. Gelukkig is hij niet, en standvastig zijn is ook niet echt een van zijn sterke kanten.
Onzichtbaar zijn, dat leert hij vrij snel.


Zowel thuis als op school heeft hij het niet getroffen. Als hij thuis duidelijk aanwezig is, is de aandacht die hij van zijn vader krijgt niet bepaald prettig. Meestal wordt hij genegeerd.
Metin, zijn zus en hun moeder waren dan ook helemaal niet welkom in het leven van Harun Mutlu. Hij is een enorm egocentrische man, geeft ook volmondig toe dat hij nooit had moeten trouwen, maar eist wel van zijn vrouw - 'vogelbrein' noemt hij haar - dat ze altijd voor hem klaar staat. De gezinshereniging in Amsterdam kwam alleen tot stand omdat hij als hoofd van het gezin wèl in aanmerking kwam voor een woning. Voor zijn vrouw en kinderen was het de hemel op aarde na drie maanden in Hamburg vrijwel op straat geleefd te hebben, daar waar hij hen achtergelaten had.
Maar ze moeten er flink voor ‘betalen.’ Harun leidt zijn leven zoals hij dat zelf wil, en bekommert zich niet om zijn gezin, dat maar moet zien hoe ze de boodschappen betalen.


Metin was vijf toen hij in 1983 in de Fleerde, een van de Bijlmerflats, terechtkwam. Met zijn talenknobbel is de basisschool niet zo’n probleem. Dat komt pas als hij – min of meer gedwongen door zijn ouders – het VWO gaat bezoeken. Vanaf de eerste dag werd hij gepest, vernederd tot op het bot. Is hij thuis op zijn hoede voor zijn vader op school is Dino, de grote donkere jongen met de vervormde mond zijn kwelgeest. Wees onzichtbaar…


Reeds in het debuut van Murat Isik was duidelijk dat deze schrijver de gave van het vertellen van verhalen in de genen heeft. Deze lijvige roman over het leven van een Amsterdamse Turk (Zaza-Turks eigenlijk) bevestigt dat. Het is geen enkel probleem dat het een verhaal is van bijna 600 pagina’s. Integendeel zelfs. Het relaas van het opgroeien van de jongen in een wijk met veel import is kleurrijk, en geeft een duidelijk beeld van dit stukje Amsterdam. Ieder aspect dat bij het opgroeien in die jaren hoort komt aan bod. En we lezen over de ramp in 1992, over de wederopbouw, en intussen volgen we de wederwaardigheden van het gezin Mutlu, dat de aanvankelijke armoe weet te ontgroeien. Ook Metin weet zich te ontwikkelen, al heeft hij nog enkele jaren nodig voor hij zover is dat hij zijn eigen keuzes maakt.


Isik rekent met dit boek af met vooroordelen. Het is niet je afkomst die bepaalt wie je bent of hoe je behandeld moet worden: ieder mens moet beoordeeld worden op zijn daden.
Behalve het verhaal van een opgroeiende jongen is dit boek het verhaal van de Bijlmer en dat van een veranderende maatschappij.
Het moge duidelijk zijn dat het verhaal gebaseerd is op de eigen jeugd van de schrijver.
Een weergaloos boek!

Murat Isik (İzmir, 1977) is een Nederlandse schrijver en jurist van Zaza-Turkse afkomst. Isik studeerde rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Amsterdam en San Francisco State University. In 2011 kreeg hij de El Hizjra Literatuurprijs voor het korte verhaal 'De laatste reis'. In 2012 kwam zijn eerste roman uit 'Verloren Grond', waarvoor hij de Bronzen Uil Publieksprijs kreeg.


ISBN 9789041422903 | paperback | 596 pagina's | Uitgeverij Ambo|Anthos | mei 2017

© Marjo, 7 september 2017

Lees de reacties op het forum, klik HIER

 

Terug naar Morningside Manor
Carrie Turansky


September 1899
Tijdens een boottochtje met haar ouders, zus Olivia en de kleine Violet ontdekt Maggie Lounsbury dat de boot lek is. Vader en Maggie roeien zo hard mogelijk terug naar de waterkant maar het water in de boot stijgt sneller dan ze roeien kunnen. Vader duwt daarom de kleine Violet in Maggies armen en zegt haar naar de oever te zwemmen. Hij zal zich over haar moeder en zus ontfermen. Maar als Maggie eindelijk vaste grond onder haar voeten voelt en zich omdraait zijn ze alle drie verdwenen, ze zijn verdronken...

En nu, vier jaar later, wonen Maggie en Violet bij hun grootmoeder in het dorpje Heatherton. Oma runt een goedlopende hoedenzaak en Maggie heeft inmiddels van haar het vak geleerd. Die dag in april 1903 zal haar leven echter opnieuw helemaal veranderen. Haar vrolijke, spontane zusje wordt aangereden en niemand minder dan Nathaniel (Nate) Harcourt schiet te hulp. Nate, haar grote vriend, de bewoner van Morningside Manor, die haar zo enorm in de steek had gelaten na het ongeluk met de boot op het meer bij zijn landgoed. Ze wil hem niet zien en niet spreken. Ze kan niet uitstaan dat hij zo bezorgd doet. Nu wel, maar waar was hij toen ze hem zo hard nodig had? Als ze hem daarop aanspreekt, reageert Nate stomverbaasd, wat Maggie nog kwader maakt.

Na dit begin weet je eigenlijk al hoe het verhaal verder zal lopen. Het plaatje en de covertekst, die het verhaal o.a. een kostuumdrama noemt, deden eveneens al zoiets vermoeden. Maar buiten scheen de zon en de tuinstoel lonkte, dus heb ik het verhaal toch maar verder gelezen. En zo werd ik meegevoerd in het leven van de opstandige Maggie en de knappe Nate. Natuurlijk voelen ze zich tot elkaar aangetrokken maar er zijn allemaal obstakels die eerst weggewerkt moeten worden.

Ten eerste moet uitgesproken worden waarom Nate niet op de begrafenis was na het bootongeluk en waarom hij daarna niets van zich liet horen.  
Ten tweede is er de vreselijk stiefmoeder van Nate die na de dood van haar kortgeleden gestorven man, Nates vader, het voor het zeggen wil hebben op Morningside Manor, maar Nate heeft de Manor geërfd en accepteert haar inmenging op zowel privé als zakelijk gebied niet. En zakelijk gaat het ook al niet al te best, er zijn ernstige problemen rond de veiligheid van arbeiders, een staking dreigt...
Ten derde heeft Maggie ernstige vermoedens omtrent het ongeluk van haar ouders. Vermoedens die van diverse hooggeplaatste personen hun reputatie ernstig zou kunnen schaden... maar koppig als ze is, zet ze haar zoektocht naar de waarheid wel voort, wat op gegeven moment zelfs gevaarlijk voor haar wordt.
Ten vierde is er nog een rivaal, die een relatie tussen Maggie en Nate in de weg staat.


De obstakels zijn hoog, de problemen zijn zwaar en ernstig. Daarnaast speelt het geloof nog een rol. Na het gebeurde heeft Maggie daar weinig meer mee op. Maar oma en Nate hebben hun vertrouwen aan God geschonken en weten dat hij hen zal helpen en daar heeft Maggie moeite mee.
Maar er is een erg goede dominee, in mijn ogen de hoofdrolspeler van het verhaal, die Nate en Maggie op zijn eigen, unieke, mooie manier verder helpt.


Het boek leest als een trein, is heel romantisch en heeft een mooie sfeer die overeenstemt met de tijd waarin het zich afspeelt. Het heeft alle ingrediënten van een damesroman in zich maar is niet zo oppervlakkig als de meeste van deze romans zijn. Het lezen bezorgde me een paar aangename, ontspannen uurtjes en dat is het. Meer valt er niet over te zeggen maar voor mensen die van dit soort romans houden is dit denkelijk wel een van de betere boeken.


ISBN 9789029726610 | Paperback 384 pagina's | Uitgeverij Kok | augustus 2017
Vertaald door Marianne Grandia

© Dettie, 5 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De zomerval
Thomas Verbogt

Maurits Verkerk is een BN-er. Hij heeft naam gemaakt als programmamaker en presentator op de Nederlandse televisie. Op een doordringende en confronterende manier confronteert hij mensen met wat ze het liefst zouden vergeten.
Behalve fans levert zo’n programma ook vijanden, maar eigenlijk is Maurits zelf zijn grootste vijand. Als hij zich de vraag stelt of hij het zelf allemaal zo leuk vindt wat hij doet, moet hij erkennen dat het antwoord negatief is. Dat hangt samen met een jeugd die misschien niet echt traumatisch is verlopen maar toch ook niet gewoon was.


Drie voorvallen waren er die hun stempel drukten op zijn leven: als kind van drie zag hij zonder te begrijpen wat er precies gebeurde zijn moeder vallen en sterven. Omdat zijn moeder al met hem inwoonde bij haar tweelingzus en diens echtgenoot, bleef Maurits daar. Vader was onbekend.
In het dorp waar hij opgroeide samen met zijn vrienden was er een geval van seksueel misbruik waar Maurits bij betrokken was. En het derde voorval dat hem dwars zit is het verraad van een klasgenoot als Maurits een gedicht publiceert in de schoolkrant dat voor zijn geheime liefde bestemd is. De klasgenoot verandert de tekst, en zet hem voor schut. Voor de hele school. Dat komt hard aan op die leeftijd.
Maurits loopt bij een psycholoog, maar vindt daar weinig soelaas voor de woede en haat die hij ervaart. Het besluit dat hij dan neemt zal alles oplossen…
De ontknoping die volgt zou zeker een vierde punt geweest zijn.

‘Ik had me iemand laten worden die niet meer in staat is zich veel te herinneren. Er is hoofdpijn voor in de plaats gekomen.’


Het is een roman die langzaam op gang komt, maar ook al is de hoofdfiguur een sombere niet erg sympathieke man, er is geen moment dat je er over denkt om niet verder te lezen. Het is wederom de stijl van Verbogt, zijn droge humor, zijn subtiele manier van triggeren, en zijn manier van sfeer oproepen die het weer doet. Ook het feit dat je zelf als lezer je best moet doen om via de kleine dingen achter de grote oorzaken te komen, bevalt me zeer.
Het is de tweede roman in deze omnibus.

ISBN 9789025423766 | Paperback | 200 pagina's | Uitgeverij L.J. Veen | 1998

© Marjo, 3 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Nour, waarom zag ik het niet aankomen?
Rachid Benzine


Falluja, 13 februari 2014

Lieve papa,

Ik weet dat deze brief je pijn zal doen.
Toch wil ik je zeggen hoeveel ik van je hou.
Papa, ik heb je gevraagd of ik een paar dagen bij tante Safia mocht logeren. Ik heb haar niet opgezocht. Het spijt me: ik heb je iets voorgelogen. Eergisteravond ben ik in Irak aangekomen, waar ik me bij mijn man heb gevoegd. We hebben elkaar op internet leren kennen. Hij is fantastisch. Ik weet zeker dat je van hem zult houden. Hij is regioleider van de Islamitische Staat, je weet wel, het leger vrijwilligers dat werd opgericht om de islam en de armen te verdedigen. Hij heet Akram [...]


Zo begint de briefwisselingen tussen Nour en haar vader. Ze vertelt hem dat ze vrij en gelukkig is met haar kersverse man die hoofd van de politie in Falluja is. Ze schrijft over hun plannen:


We gaan de ongelovigen verjagen. Iedereen verjagen die onze godsdienst besmeurt; de kruisvaarders verjagen. Hun onderdanige slaven verjagen. We gaan Irak bevrijden. Onze boodschap verspreiden in Syrië. [...]


In feite slaat Nour haar vader met zijn eigen wijze lessen om de oren, zoals 'We moeten vechten voor de bevrijding van de volkeren.' Alleen is haar interpretatie niet datgene wat vader destijds bedoelde. Hij geloofde in vrijheid, democratie, gelijkheid van mensen, cultuur, vrouwenemancipatie, rechtvaardigheid en goedheid jegens de armen en dat is precies waar Nour volgens haar nu voor gaat strijden! Dat wilde hij toch? Vader wilde dat juist niet, niet op deze manier, niet zo. Hij waarschuwt haar: 'Vergis je niet van gevecht. Verandering begint met de opvoeding.'


Vader is wanhopig, hij leest alles wat los en vast zit om zich een beeld te vormen van de situatie daar om haar te kunnen adviseren en alles te begrijpen. Maar vooral smeekt hij haar terug te komen wat Nour natuurlijk niet doet. Zij gelooft oprecht in haar strijd. Ze is euforisch. 'Het is afgelopen met de slavernij, papa!' schrijft ze hem.


Vader gaat bijna kapot van zelfverwijt, waarom had hij het niet zien aankomen? 'Je bent een vrouw geworden, terwijl ik dacht dat je nog een kind was,' schrijft hij haar. Steeds opnieuw smeekt hij haar om met haar man naar huis te komen.  Steeds opnieuw weigert Nour.


De brieven worden steeds feller, de afstand tussen vader en dochter steeds groter, de toon wordt grimmiger hoewel de liefde voor elkaar onderhuids steeds aanwezig blijft. Ze proberen wanhopig elkaar te overtuigen, te begrijpen, maar hun manier om hun doelen te bereiken verschilt teveel. Ze proberen steeds elkaars ogen te openen wat niet lukt.  En dan wordt de kleine Jihad geboren, de dochter van Nour, en dat maakt alles anders.


Rachid Benzine is docent en islamoloog. Hij is een van de bekendste pleitbezorgers van een liberale islam. Hij tracht in zijn werk een islam uit te denken die aansluit bij onze tijdgeest. In dit boekje komt dat ook duidelijk naar voren. In de brieven van Nour overheersen de radicale denkbeelden en de vader reageert daarop met veel begrip en mildheid. Beiden willen in feite hetzelfde alleen de manier waarop ze hun doel willen bereiken verschilt hemelsbreed. Vader probeert haar te laten zien dat haar manier van strijden niets oplost, maar Nour heeft een andere visie. Helaas loopt alles heel anders dan beiden wensten en gehoopt hadden.


Het verhaal is zeer schrijnend, ontroerend, integer, choquerend en fascinerend. Rachid Benzine geeft vermoedelijk een vrij realistisch beeld van de tweestrijd die gaande is. Het geloof tegen de rede, het ideaal tegen de werkelijkheid enz. Door voor de briefvorm te kiezen krijgt het verhaal meer diepte. Kortom, het is een prachtig, indringend, verhelderend verhaal. Een verhaal om meerdere keren te lezen.
Ook uitstekend geschikt om als lesmateriaal te gebruiken.


ISBN 9789463102384 | Paperback met flappen | 117 pagina's | Uitgeverij Polis | februari 2017

Dettie, 29 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Een muur vol herinneringen
Anthony Doerr


In Een muur van herinneringen schetst schrijver Anthony Doerr, die wereldwijd doorbrak met zijn prachtige boek Als je het licht niet kunt zien, een zevental portretten van doodgewone mensen die zich op allerlei verschillende manieren staande proberen te houden in het leven.


Het titelverhaal is het langs en eveneens het meest indrukwekkend. Het gaat over de rijke, blanke Zuid-Afrikaanse weduwe Alma Konacheck. Ze is vierenzeventig jaar en heeft dementie. Om te voorkomen dat ze al haar herinneringen kwijtraakt bezoekt ze regelmatig het geheugenonderzoekscentrum in Kaapstad. Daar worden haar herinneringen geoogst en op speciale cartridges overgezet, die Alma thuis met behulp van een speciaal apparaat afspeelt. Alma leeft in het verleden.


Alma wordt liefdevol verzorgd door Pheko die al vijftien jaar voor haar werkt. Helaas voor Pheko is Alma van de oude stempel en behandelt ze gekleurde mensen als minderwaardig. Alma is volledig afhankelijk van Pheko die werkelijk alles voor haar regelt, haar voorleest en haar huis keurig schoonhoudt. Toch kan hij nauwelijks rondkomen. Samen met zijn zoontje Temba woont hij in een krakkemikkige barak die met afdankertjes van Alma en haar overleden man Harold is gevuld.


Ook voor Luvo, een tienerjongen, is het leven niet makkelijk. Sinds Roger Tshoni hem onder zijn hoede heeft genomen, verliest hij grip op zijn identiteit. Roger heeft slordige gleuven voor cartridges in Tuvo’s hoofd laten plaatsen en hij gebruikt de jongen om naar belangrijke informatie op Alma’s cartridges te zoeken. Dat het slecht en zelfs dodelijk is om andermans herinneringen af te spelen, interesseert hem niet. Luvo interesseert hem niet. Of Roger vindt wat hij zoekt en hoe het Luvo, Pheko, Temba en Alma vergaat, verklap ik natuurlijk niet. Lees dit prachtige verhaal zelf. Het is ongewoon maar absoluut de moeite waard.


Het tweede verhaal gaat over Imogene en Herb die dolgraag een kindje willen. Wanneer ze ontdekken dat ze op de natuurlijke manier geen baby zullen krijgen gaan ze de medische molen in. Heel overtuigend beschrijft Anthony Doerr hoe zwaar de vruchtbaarheidsbehandelingen voor het stel zijn. Het tast niet alleen hun persoonlijke geluk maar ook hun relatie aan.


Verhaal nummer drie is ontroerend. Het gaat over een vader die zich zorgen om zijn zoon maakt, die door het leger uitgezonden is. Bovendien durft hij zijn kind niet te vertellen dat hij en zijn vrouw uit elkaar zijn. Het volgende verhaal, dat Dorp 113 heet, is even mooi als het eerste verhaal. Het gaat over een vrouw die in een dorp woont dat zal verdwijnen omdat er een grote dam wordt gebouwd. Alle inwoners zullen hun identiteit, thuis en geschiedenis verliezen om hun leven in onpersoonlijke appartementencomplexen voort te zetten. Voor de vrouw in het verhaal is het extra erg. Het is immers haar zoon die de leiding over het project heeft. Het is haar kind die dit iedereen aandoet. Er gaan zelfs geruchten dat hij dwarsliggers spoorloos laat verdwijnen.


In het vijfde verhaal verhuist de vijftienjarige Alison van de Verenigde Staten naar haar opa in Litouwen nadat haar ouders kort na elkaar zijn gestorven. Het leven in Litouwen lijkt in niks op haar oude leven en door de taalbarrière vindt Alison het moeilijk haar gevoelens te uiten. Gelukkig heeft haar stokoude buurvrouw geen woorden nodig om haar te steunen.


Het daaropvolgende verhaal gaat over de bejaarde Esther Gramm. Ze is afkomstig uit Duitsland maar woont al jaren in Ohio. Wanneer ze last van ernstige toevallen krijgt, blijft haar lichaam hulpeloos in Ohio achter terwijl haar geest terug naar Duitsland reist. Tijdens haar toevallen is Esther opnieuw een angstig weesmeisje dat, samen met haar vriendinnetjes uit het weeshuis, de Tweede Wereldoorlog probeert te overleven.


Ook de hoofdpersoon in het laatste verhaal beschikt over een zwakke gezondheid. De jonge Tom heeft een hartaandoening waarmee hij niet oud zal worden. Zijn overbezorgde moeder probeert hem zoveel mogelijk in huis op te sluiten maar het lukt haar niet te voorkomen dat Tom over zijn oren verliefd op Ruby wordt.


Zeven heel verschillende verhalen die toch uitstekend bij elkaar passen. Ze gaan over eenzaamheid, angst, opoffering, liefde, verlies, verdriet en berusting. Elk verhaal heeft me weten te raken. Elk verhaal heeft me wat te overdenken gegeven. Opnieuw weet Anthony Doerr prachtig te schrijven over het unieke van de doodgewone mens. Identieke levensverhalen bestaan immers niet. Anthony Doerr laat de lezer keer op keer inzien dat elk mens bijzonder is en dat elk mensenleven telt. Lees deze mooie verhalen en laat je betoveren door de prachtige schrijfstijl van deze begenadigde schrijver.


ISBN 9789044351477 | Ebook | 198 pagina's | The House of Books | augustus 2017
Vertaald door Karin Pijl

© Annemarie, 24 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altTussenruimte
Truus Rozemond


Egbert is een veertiger, getrouwd met Annelies, met wie hij twee kinderen heeft. Eerder was hij getrouwd met Anja, maar na acht jaar verklaarde hij hun huwelijk zielloos. Zijn moeder Mieke neemt hem de scheiding nog steeds kwalijk, zij kon zo goed overweg met Anja.


Wat Egbert zijn moeder dan weer kwalijk neemt is vooral het gebrek aan aandacht toen het eerste kindje van hem en Annelies levenloos ter wereld kwam. Het was een meisje, en Eva zoals ze haar noemden, speelt nog steeds een rol in hun leven. Door het gebrek aan steun van zijn ouders zijn moeder en zoon uit elkaar gegroeid. Maar Mieke is nu gepensioneerd en heeft last van kwalen, ze wil graag meer contact met haar kleinkinderen. Als zij het weer eens probeert en het gezinnetje uitnodigt voor een vakantie op Lanzarote, haalt Annelies haar man over om op de uitnodiging in te gaan. Egbert doet dat, op zijn eigen voorwaarden.


Wat de lezer al meegekregen heeft is dat Egbert danig met zichzelf in de knoop zit. Hij heeft de dood van zijn eerste dochter nog niet verwerkt; hij is zoals veel mannen niet echt in staat zijn gevoelens te tonen. Hij is gevlucht in zijn werk als economiedocent. Met zijn kinderen gaat hij heel goed om, maar als ze eenmaal op Lanzarote zitten blijkt hij zijn depressieve neigingen niet meer te kunnen onderdrukken. Hij is een iezegrim, moppert overal op en wil eigenlijk helemaal niet met zijn ouders omgaan.


Intussen lezen we hoe Mieke eigenlijk soortgelijke problemen heeft (gehad). Hun karakters verschillen helemaal niet zoveel, ook vraagt Mieke zich af of Egbert wel de zoon van haar man is. Ligt het aan deze twijfel dat ze eigenlijk nooit een goed contact met haar zoon heeft kunnen opbouwen?
Twee moeilijke karakters bij elkaar brengen, vooral Annelies heeft haar handen vol. Egberts vader heeft niet zo veel te vertellen in het verhaal.


Het verleden speelt vanzelf een grote rol: hoe is deze afstand tussen moeder en zoon ontstaan? Bij de teksten van beide personages vinden we flashbacks, die soms verklaren wat de ander ondervonden heeft. Maar dat weet dan alleen de lezer. Het feit dat de roman grotendeels speelt op Lanzarote maakt het geheel meer leesbaar (beschrijvingen van het eiland als trekpleister), want van pittige dialogen met Rozemond het niet hebben. Het zijn vooral psychologische ontledingen.


De roman begint – verrassend – met een man als hoofdpersoon, al duurt het even voor je beseft dat de ik-verteller een man is. Het is een verhaal dat om en om verteld wordt door Egbert en Mieke, zijn moeder. Beiden zijn ik-verteller, en hun verhalen overlappen soms. We volgen als lezer de emotionele ontwikkeling, die gepaard gaat met hetgeen gebeurt in het verhaal, op de voet en in details.


In het nawoord verklaart Truus Rozemond zelf de titel, die ze heeft ontleend aan Martin Buber. Tussenruimte verwijst naar een beleving van ruimte en tijd in een ontmoeting waarin we werkelijk “zijn met de ander”. Ontmoetingen kunnen iets doen ontstaan. Dat Truus Rozemond, auteur van deze roman, psycholoog is, is overduidelijk. De twee karakters Egbert en Mieke worden zodanig ontleed dat je deze personages haast persoonlijk lijkt te kennen.


Rozemond werkte aan de Hogeschool van Amsterdam en aan de Universiteit van Amsterdam. Ze publiceerde regelmatig over haar vakgebied. Tussenruimte is haar eerste publicatie bij uitgeverij Magonia.


ISBN 9789492241191 | Paperback | 240 pagina's | Uitgeverij Magonia| oktober 2016

© Marjo, 21 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Ik ben Eleanor Oliphant (en met mij gaat het goed)
Gail Honeyman


Hoewel de dertigjarige Eleanor Oliphant al negen jaar als financieel medewerker bij hetzelfde bedrijf werkt, heeft ze nauwelijks contact met haar collega’s. Zonder hun stemmen te dempen roddelen ze over haar. Mensen mijden haar. Niet alleen vanwege het enorme litteken op haar gezicht maar ook omdat ze haar raar vinden. Eleanor heeft geaccepteerd dat andere mensen haar “getikt” noemen maar zelf vindt ze dat het goed met haar gaat. Ze heeft een keurige opvoeding genoten en weet hoe het hoort. Dat anderen zich vrijwillig als een stel barbaren gedragen, vindt ze onbegrijpelijk. Eleanor begrijpt de wereld niet en de wereld begrijpt Eleanor niet.


Al jarenlang lijkt elke week van Eleanors leven precies op de week daardoor. Op haar werk komt en gaat ze op een vast tijdstip en in haar lunchpauzes maakt ze kruiswoordpuzzels. De avonden en weekenden brengt ze door in haar ongezellige appartement, waar ze boeken leest of televisiekijkt. Op vrijdagavond koopt ze steevast een pizza, een fles chianti en twee flessen wodka. Daarna drinkt ze, het hele weekend door, tot het maandag is en ze weer naar haar werk kan. Er is geen eenzamer bestaan dan dat van Eleanor maar zelf houdt ze stug vol dat het prima met haar gaat. Ze heeft immers een baan, een dak boven haar hoofd, kleding en voedsel. Wat wil een mens nog meer?


Toch is er een verandering op komst. Eleanor heeft de man van haar leven ontmoet. Dat hij daar zelf nog niet van op de hoogte is, vormt slechts een klein obstakel. Toen Eleanors oog tijdens het optreden van een plaatselijke band op de leadzanger viel, wist ze meteen dat het slechts een kwestie van tijd zou zijn voor ze een paar zouden vormen. Wel moet ze zich goed voorbereiden op hun volgende ontmoeting. Eleanor begint met een bezoekje aan een schoonheidssalon om haar bikinilijn te laten harsen. Helaas laat de communicatie ernstig te wensen over…


Op kantoor gaat ook niet alles naar wens. Haar computer is kapot en Raymond, de nieuwe IT-medewerker, neemt zijn telefoon maar niet op. Eleanor ergert zich groen en geel aan zijn zogenaamd grappige voicemail. Precies op het moment dat ze hem wil gaan zoeken, sloft een slonzig geklede man met een terugwijkende haargrens en een buikje op haar bureau af.  Hij lijkt in niets op haar knappe leadzanger. Terwijl hij Eleanors computer repareert valt hij haar lastig met allerlei kletspraatjes. Gelukkig weet ze hem zo snel mogelijk af te poeieren. Wat haar betreft hoeven ze elkaar nooit meer tegen het lijf te lopen. Het lot beschikt echter anders. Een paar dagen later verlaten ze gelijktijdig het kantoor en loopt Raymond tot Eleanors schrik een eindje met haar op. Alsof dat nog niet erg genoeg is, steekt hij ook nog een sigaret op. Eleanor voelt zich verplicht hem op de gevaren van zijn smerige gewoonte te wijzen.


Terwijl Eleanor haar uiterste best doet van Raymond af te komen, valt even verderop een oude man op de grond. Eleanor denkt dat het om een dronkenlap gaat en wil minachtend haar weg vervolgen maar daar steekt Raymond een stokje voor. Het gaat om iemand die onwel is geworden en zij moeten hem helpen. En zo gebeurt het dat Raymond de onbekende naar het ziekenhuis vergezelt, terwijl Eleanor met de boodschappen van de zieke achterblijft. Er zit niets anders op dan de tassen met levensmiddelen naar het ziekenhuis te brengen. Tot haar verbazing wordt ze uiterst hartelijk ontvangen. Er is een verandering in gang gezet. Een verandering die Eleanor uit haar veilige schulp doet kruipen.


Ik ben Eleanor Oliphant is een ronduit fantastisch boek over een contactgestoorde vrouw die met een reden is wie ze is. Gail Honeyman heeft een debuutroman met een voortreffelijke mix van humor en verdriet geschapen. Waarom denkt Eleanor het zonder liefde en vriendschap te kunnen stellen en hoe is ze aan haar littekens gekomen? Ik moest regelmatig lachen om Eleanors onbeholpen opmerkingen maar toen een doodnormale aanraking haar met geluk vervulde, schoot ik vol.


Ik ben Eleanor Oliphant is een verhaal over intense eenzaamheid. Pas wanneer Eleanor mensen in haar leven durft toe te laten, beseft ze hoe alleen ze het grootste deel van haar leven is geweest. Met mensen omgaan betekent echter ook emoties toelaten en die had Eleanor met een reden zorgvuldig afgeschermd. Ze moet een lange weg bewandelen om de gruwelijkheden uit haar verleden voorgoed achter zich te laten. Gelukkig staat ze er niet langer alleen voor!


ISBN 9789023465379 | paperback | 400 pagina's | Uitgeverij Cargo | juni 2017
Vertaald door Hien Montijn

© Annemarie, 18 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altUne vie
Guy de Maupassant


In 1883 schreef Guy de Maupassant een roman over een jongedame uit de lagere adel, een rijke familie, in het bezit van meerdere hoeves en landhuizen. In de omgeving van Yport, in Normandië woont het gezin: het echtpaar le Perthuis des Vauds met een bijna volwassen dochter, Jeanne.
De vader houdt zich wel bezig met zakelijke activiteiten rondom zijn bezittingen, maar de dames zijn nogal ijdel. Ze wandelen wat, doen wat naaiwerk, maar hun leven is nogal saai (in onze ogen) Jeanne heeft scholing gehad, in een klooster, maar haar toekomst is, denkt ze, helemaal gericht op het vinden van een echtgenoot en een gezin stichten.


Julien de Lamare is degene die haar benadert, en zonder al te veel poespas trouwt de dan nog onschuldige en naïeve jongedame hem. Hun huwelijksreis naar Corsica is een succes. Des te harder is de teleurstelling als Jeanne ontdekt dat huwelijkstrouw niet erg hoog in het vaandel ligt van haar man. Hier blijkt overigens haar naïviteit: ze ontdekt dat ook haar ouders niet zo nauw keken. Maar met haar hele lijf en leden komt ze in opstand: moet zij dit zonder meer accepteren?


Ongeveer in dezelfde tijd dat Rosalie, haar dienstmeid die ze vertrouwde, een kind van Julien krijgt, bevalt ook Jeanne van een zoon, Paul. Haar echtgenoot komt om bij een tragisch ongeval, en ineens zijn alle ogen van het huis alleen nog maar gericht op Paul. Haar moeder is intussen overleden, een vrijgezelle tante is komen inwonen. Al deze aandacht leidt tot een ultieme verwennerij, niet zo vreemd dat Paul volledig ontspoort en le Perthuis des Vauds veel geld kost. Naar de arme Jeanne kijkt hij niet om.

Gelukkig heeft de Maupassant ook wel goede dingen in petto voor Jeanne, maar over het algemeen beschrijft hij een ongelukkig leven.
Guy de Maupassant is vertegenwoordiger van de naturalistische stroming in de literatuur, en binnen die stroming de pessimist. Jeanne is een gevangene van haar tijd en milieu, en haar ontbreekt de kracht om zich er aan te ontworstelen. Ze wordt een sombere, depressieve vrouw, en dat terwijl het allemaal zo leuk begon…


Guy de Maupassant (1850, Dieppe) wordt als een van de grote schrijvers van de 19e eeuw beschouwd. Zijn gehele oeuvre, omvattende zes romans, meer dan driehonderd novellen en korte verhalen, honderden kronieken en enkele toneelstukken en gedichten, is verschenen in een periode van tien jaar.


Zijn werk is inderdaad nogal somber, maar hij schrijft helder en direct, en is ondanks de beschrijvingen van de aard van de mens en de natuur ook in de originele taal goed leesbaar.

ISBN 2070365441| Paperback | 292 pagina's | Gallimard | 1974

© Marjo, 14 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altBijna echt gebeurd
Liane Moriarty

Erika woont de lezing bij die haar vriendin Clementine geregeld geeft voor allerlei soorten groepen mensen. Terwijl de lezing vordert verbaast Erika zich over de informatie die Clementine geeft. Hoezo: het was een koude, sombere dag? Het was juist een stralende dag! Het was een bijeenkomst van mensen die elkaar eigenlijk niet zo goed kenden, maar iedereen genoot, zegt Clementine. Welnee, denkt Erika, jij misschien wel, maar een aantal van ons ook niet.
Inderdaad, Erika was onderdeel van het verhaal dat verteld wordt. En het was een belangrijke gebeurtenis, want sindsdien is zij een deel van haar geheugen kwijt.

Het gaat over een barbecue op een stralende zondag bij het echtpaar Tiffany en Vid, spontane gastvrije mensen. Ze hebben een dochter, Dakota, een tienjarige boekenwurm.
Als Vid in een opwelling Erika en haar man Oliver, hun buren uitnodigt voor een barbecue, probeert Erika, die helemaal niet zo sociaal is, daar onder uit te komen door te zeggen dat Clementine en haar man Samuel die middag bij hen thee komen drinken.
Maar Vid is niet voor een gat te vangen en hij en zijn vrouw hebben Clementine, Oliver en hun twee dochtertjes al ooit ontmoet. Ze moeten dus gezellig meekomen! Desgevraagd stemt Clementine toe.

Hiermee wordt het voor Erika en Oliver erg moeilijk. Zij hebben namelijk een speciaal verzoek aan Clementine, hoe moeten ze dat nu inkleden? Vooraf aan de barbecue, of erna?
Ze kiezen voor vooraf, en dat heeft een behoorlijke invloed op de sfeer. Erika drinkt meer dan ze anders doet, en ze had ook al een pilletje genomen om rustig te blijven.
Het drama dat die avond plaats vindt zal het leven van alle betrokkenen veranderen. Bovendien vindt Vid enkele dagen daarna de buurman dood onderaan de trap; hij blijkt gestorven te zijn op de dag van de barbecue.
Dit zijn al ingrediënten genoeg voor een dramatisch verhaal, maar er is nog meer.

De vriendschap tussen Clementine en Erika is altijd al een eigenaardig soort vriendschap geweest. Het is in hun jeugd min of meer opgedrongen door de moeder van Clementine, en daar zijn ze zich alle twee van bewust. Toch blijven ze ‘bevriend’. Maar nu - na de barbecue en door het speciale verzoek – is het zeer de vraag hoe het verder moet.


Het is een verhaal dat sterk rust op menselijk falen, op schijnheiligheid en hoe je je dient te gedragen. Maar ook is er menselijke warmte, vriendschap, en het is gedurende het hele verhaal de vraag welke gevoelens zullen gaan overheersen.

Het wordt verteld als een soort documentaire: er is iets gebeurd, en de betrokkenen mogen allemaal vertellen hoe zij die dag en alles wat er mee te maken hebben ervaren.
Het heden is een paar maanden later, wat inhoudt dat wat de betrokkenen nu vertellen ook meteen hun mening is over wat gebeurd is.
Dat is voor de lezer heel interessant en geeft deze psychologische roman een diepte, die er anders waarschijnlijk niet zou zijn. De beschreven emoties zijn herkenbaar en ondanks de vele details wordt er niets overbodigs verteld. De spanning wordt opgebouwd door steeds in de tijd heen en weer te springen en af te wisselen tussen de personages. Detail voor detail wordt duidelijk wat er precies gebeurd is, en wat de gevolgen in eerste instantie zijn. Maar ook hoe er nadat er een redelijke tijd overheen is gegaan over gedacht wordt.


Liane Moriarty (Sydney, 1966) is een Australische schrijfster. Ze brak door met haar vijfde roman, Het geheim van mijn man, die binnen twee weken op #1 stond in Amerika en daar langer dan een jaar in de bestsellerlijst bleef staan.
Dit smaakt zeker naar meer.


ISBN 9789400508378| paperback | 528 pagina's | A.W Bruna| april 2017
Vertaald uit het Engels door Monique Eggermont

© Marjo, 18 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

alt

Mist in augustus
Robert Domes


Ernst is de oudste zoon van het rondreizende echtpaar Lossa. Zij leven als zigeuners maar als je hen zo noemt zijn ze beledigd. Zij zijn geen zigeuners, zij zijn Jenische. Zelf denken ze dat ze afstammen van het Keltische volk, maar eigenlijk weet niemand wat voor volk zij precies zijn. Ze zijn blank, en hebben net als zigeuners geen vaste verblijfplaats, maar reizen rond als handwerkers, bijvoorbeeld ketelmakers, mandenvlechters of waarzeggers.


Ook de familie Lossa trekt rond met een woonwagen; moeder Lossa biedt haar diensten aan als waarzegster, en vader Lossa drijft handel. De kinderen – behalve Ernst zijn er twee jongere zusjes – zijn nog te klein om te worden ingezet, en de tijden - de jaren dertig van de vorige eeuw, zijn slecht. Het nazisme doet opgang, en steeds meer worden zigeuners – en dus ook de Jenische- verguisd, en weggestuurd. Het kost hen moeite om rond te komen, en moeder Lossa is hoogzwanger. Dat is de reden dat het gezin naar Augsburg trekt waar ze in de winter altijd een huis huren, dan kan het kind in een huis geboren worden, en officieel ingeschreven worden. Maar als ze daar arriveren - het is mei - zegt de verhuurder dat hij het huis aan iemand anders verhuurd heeft. Ze hebben dus geen andere keuze dan te vragen of ze tijdelijk bij oom Fritz mogen wonen. Daar wordt Christian geboren.


Er bestaat zoiets als een ‘zigeunerboek’. Het is een boek dat uitgegeven is door de veiligheidsdienst van Munchen en daarin staan de families van zigeuners en Jenische vermeld. Vermeld staan in het boek staat gelijk aan het hebben van een strafblad. En de familie Lossa staat er in. Zij weten dat ze gezien worden als verderfelijk volk, en dat ze opgepakt kunnen worden. Zeker in deze tijden.


Het gaat niet goed met het jonge gezin. Ze zijn met teveel mensen in een kleine ruimte en armoe is troef. Vader gaat op zoek naar werk en op dat moment komt de Jeugdzorg en haalt de kinderen weg bij hun zieke moeder. Ernst komt als vierjarige terecht in een tehuis, en zijn zusjes worden in een ander tehuis geplaatst. Het is het begin van een hoop ellende. De jongen wordt gepest, en gedwongen dingen te doen die de oudere jongens zelf niet durven. In de ogen van de gezaghebbers is hij de schuldige. Hij is immers een zigeuner, en Ernst klikt niet, laat het allemaal gebeuren. Het is wel zo: hij is net een ekster. Als hij iets moois ziet moet hij het hebben. Die neiging probeert hij onder controle te krijgen, maar dat lukt niet erg.


En zo groeit de jongen op. Zijn moeder overlijdt. Zijn vader laat zich af en toe zien, maar neemt hem niet mee. Later belandt hij in een concentratiekamp. Intussen breekt de oorlog uit. Niet dat ze daar in het tehuis veel van merken, het is een kleine wereld. Ernst is een intelligente jongen die een normale ontwikkeling doormaakt in een niet zo normale omgeving. Hij wordt gezien als een raddraaier en men plaatst hem over naar andere, strengere tehuizen. Een daarvan is een psychiatrische inrichting waar de jongen om zich heen gruwelijke dingen ziet gebeuren. En tenslotte komt ook hij terecht in een concentratiekamp waar hij de dood vindt.


Dit verhaal is de geromantiseerde geschiedenis van de jongen Ernst Lossa. Zijn dossier werd in 2002 door de geneesheer-directeur van het streekziekenhuis Kaufbeuren in handen gegeven van Robert Domes, met het verzoek het verhaal van Ernst op te schrijven. Al eerder, in 1945, werd door de Amerikanen onderzoek gedaan naar de moorden van de nazi's op psychiatrische patiënten, waarbij men steeds op de naam Ernst Lossa stuitte.


Hoe kon het dat een geestelijk normale jongen, gezond van lijf en leden, in een inrichting voor zwaar gehandicapten terecht kwam? Wie zette hem op de dodenlijst? Robert Domes onderzoekt zijn zaak. Aan de hand van het dikke dossier kon hij het leven van de jongen reconstrueren. Ook interviewde hij mensen die hem en zijn familie gekend hadden. Van wat hij te weten kwam maakte hij dit goed lopende verhaal. Hij maakt de jongen niet tot een engeltje, hij blijft een kwajongen. Maar eentje waar geen kwaad in steekt. Een slachtoffer van het naziregime, een regime dat zijn hand niet omdraaide bij het doden van onschuldige mensen die als lastig ervaren werden. Mensen die niet pasten in hun ideaalbeeld. Zo'n 200.000 vooral geestelijk en/of lichamelijk gehandicapten, werden slachtoffer van het euthanasieprogramma van de nazi's.

Robert Domes, Duits politicoloog en journalist (1961), laat Ernst het vertelperspectief zijn. Het verhaal is gebaseerd op feiten al maakte Domes er voor de leesbaarheid een roman van. Daarbij kiest hij niet altijd voor de goede toon, die bij de betreffende leeftijd zou passen, maar dat zij hem vergeven. Het is een verschrikkelijk verhaal, dat aan komt als een klap in je gezicht, omdat je weet dat Ernst niet het enige slachtoffer was.


Ernst Lossa kijkt je aan vanaf de voorkant van het boek, een gewone jongen, die helder uit zijn ogen kijkt en sympathiek overkomt. Een gewone jongen die een gewoon leven wilde leiden, maar de kans niet kreeg. Na het relaas is er een nawoord met uitleg, een tijdlijn, een woordenlijst en opmerkingen bij de verfilming. ‘Nebel in August’ was de verfilming van dit verhaal, en kwam uit in 2016.


ISBN 9789401606967| paperback | 341 pagina's | Xander| april 2017
Vertaald uit het Duits door Sylvia Wevers

© Marjo, 10 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Geachte Mr. Knightley
Katherine Reay


Samantha Moore's jeugd was nogal turbulent. Ze trok van het ene naar het andere pleeggezin. Niet dat ze zo lastig was maar het mislukte steeds  vanwege haar 'onvermogen om te hechten' zoals de Raad voor de Kinderbescherming het noemt. Niet zo vreemd gezien alles wat Samantha heeft meegemaakt.  Ze is inmiddels drieëntwintig en woont in Grace House, een tehuis voor jongeren, waar ze eigenlijk wel graag weg wil.


Samantha heeft een pantser om zich heen gebouwd, bang als ze is om weer gekwetst of afgewezen te worden. Ze verschuilt zich achter de personages uit de boeken van Jane Austen. Ze kent hele passages uit haar hoofd en gebruikt die ook om antwoord te geven.


'Als Elizabeth Bennet me niet te hulp schiet, kan ik er altijd op rekenen dat Mr. Darcy met de juiste reactie voor de dag komt.'


Kortom, Samantha is niet veel gewend en al helemaal niet dat ze hulp van iemand krijgt. En als ene voor haar totaal onbekende Mr. Knightley haar aanbiedt om de studiekosten voor de mastersopleiding journalistiek op zich te nemen onder de voorwaarde dat zij hem brieven stuurt waarin ze verslag doet van haar leven en studie, kan ze het nauwelijks geloven. Hij zal haar brieven overigens nooit beantwoorden, wordt Samantha verteld. Wat zit daar achter? Is dat écht alles wat ze moet doen...


Maar hulp vragen is moeilijk, Mr. Knightley - zelfs al heb ik die hulp keihard nodig. Elke plaatsing van mij als pleegkind was bedoeld om me te helpen; elke nieuwe maatschappelijk werker probeerde mij verder te helpen; en toen ik als twaalfjarig meisje terug naar huis werd gestuurd, deed de rechter dat ook om mij te helpen... ik ben al die hulp zo zat.


Samantha huivert, is bang, want altijd ging alles verkeerd maar ze neemt het aanbod toch aan want er is niets liever dat ze wil... schrijven. Haar voorkeur gaat uit naar boeken schrijven maar Mr. Knightley staat erop dat ze de genoemde opleiding gaat doen.


En zo stappen wij, via de brieven aan de grote onbekende Mr. Knightsley, in het leven van Samantha. Ze schrijft veel en openhartig. Het verhaal wat zich vervolgens ontvouwt is dat van een erg eenzaam, gevoelige jonge vrouw, die zoveel probeert, zoveel wil, maar niet weet hoe ze alles moet aanpakken. Sociale vaardigheden zijn haar vreemd, alleen de taal en personages uit de boeken van Austen zijn vertrouwd, die boeken zijn haar thuis. Heel voorzichtig zet ze haar tentakels uit om die aanvankelijk onmiddellijk terug te trekken als iemand te dichtbij komt.


Pater John en de jonge Kyle, de nieuwe jongen in het tehuis, zijn een van de weinige mensen waar ze mee omgaat. Pater John is haar steun en toeverlaat. De dertienjarige Kyle, die eveneens erg kwetsbaar is en waar ze veel in herkent, is haar uitdager. Hij prikkelt en lokt haar uit haar tent, tot haar frustratie maar ook tot haar plezier. Samantha's nieuwe leven op de Universiteit zorgt ervoor dat ze meer in het werkelijke leven komt te staan, maar wat valt het haar soms zwaar. Maar het wordt helemaal moeilijk als ze een schrijver ontmoet die veel voor haar gaat betekenen.


Het is een boek dat je met een lach en een traan leest. Vooral de kleine opmerkingen over haar leven zijn zo schrijnend maar vooral ontroerend. Samantha is zo weinig vriendelijkheid gewend dat wanneer dat wel gebeurt het haar diep raakt en erg gelukkig maakt. Elk sprankje aandacht, elk aardig woord koestert ze als een enorme schat. Je ziet bijna het eenzame kind voor je, je ziet bijna hoe ze heel voorzichtig uit haar schulp kruipt, uit de wereld van Jane Austen stapt, en probeert pootje te baden in de grote oceaan die wereld heet. Ze is nog bang voor de 'golven' maar gaat steeds meer vertrouwen op zichzelf en haar medemens. Het is verhaal dat je raakt en nog lang nazindert. Prachtig!


ISBN 9789029726627 | Paperback | 350 pagina's | Uitgeverij Kok | augustus 2017
Uitstekend vertaald door Tinke Tuinder-Krause

© Dettie, 6 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Alle goede dingen
Clare Fisher


Hoewel Beth nog maar eenentwintig jaar oud is, zit ze in de gevangenis omdat ze iets vreselijks heeft gedaan. Het is beslist geen licht vergrijp en ze wil er met niemand over praten. Dat kan ze niet. Beth is simpelweg niet in staat haar daad onder ogen te zien. Ze wil de gebeurtenis die haar leven volledig op zijn kop zette niet in haar gedachten toelaten. Dat kan ze niet aan. Beth is een gebroken jonge vrouw.


Elke week moet Beth verplicht een uur naar therapeute Erika. Hoewel Beth haar uiterste best doet zich zo terughoudend en dwars mogelijk op te stellen, blijft Erika geduldig en vriendelijk. Wanneer Erika haar vraagt een lijst van alle goede dingen in haar leven te maken besluit Beth, tot haar eigen verbazing, mee te werken. Het is niet moeilijk het eerste punt op papier te zetten. Het is de overheerlijke geur van het hoofdje van haar pasgeboren dochter. Hoewel haar kind bij een andere moeder zal opgroeien, is de liefde die ze voor haar dochter voelt nog altijd overweldigend.


Beth herinnert zich de eerste dagen in de gevangenis nog goed. Ze was bang. Bang voor de herinneringen aan wat er was gebeurd en bang voor wat komen ging. Inmiddels heeft ze haar draai gevonden en probeert ze haar schooldiploma alsnog te halen. Beth is beslist niet dom maar in haar tienertijd kwam ze met verkeerde jongens in aanraking waardoor haar cijfers drastisch kelderden. Het leek wel of niemand nog grip op haar had. Beth was onbereikbaar, ook voor de diverse pleegouders die zich over haar ontfermden. Uiteindelijk besloten de instanties dat ze al jong op eigen benen mocht gaan staan en kreeg ze een flatje toegewezen.


Voor ze in de gevangenis belandde, had Beth haar leven goed op orde. Heus, ze redde zich prima. Ze had immers een flatje, een baan, een vriend en een kind. Alles ging prima tot ze dat ene vreselijke deed. Beth kan zichzelf niet vergeven, ook al vindt Erika dat ze te streng voor zichzelf is. Haar medegevangenen maken zich zorgen om haar. Aanvankelijk vochten ze om de restanten van Beths maaltijden maar nu hopen ze juist dat de magere Beth eens wat meer gaat eten. Maar Beth heeft geen honger. De leegte die ze vanbinnen voelt kan niet met eten opgevuld worden.


Alle goede dingen is beslist geen vrolijk verhaal maar toch leest het als een trein. De lezer leert Beth kennen als een boze, jonge vrouw die voorheen een boze tiener was. Beth lijkt een potje van haar leven gemaakt te hebben en dat ze in de gevangenis zit, lijkt een logisch gevolg van haar daden. Tegenwoordig zijn velen van ons daar op bijvoorbeeld sociale media heel duidelijk over. “Eigen schuld, dikke bult”, is nog een van de vriendelijkste opmerkingen die onder berichten over mensen als Beth worden geplaatst. Maar is dat wel zo? Is iemand echt honderd procent verantwoordelijk voor haar of zijn daden?


Waarom is Beth toch zo boos, dwars en onrustig? Waarom zit ze in de gevangenis? Naarmate het verhaal vordert, leert de lezer Beth steeds beter kennen. Haar verhaal roept medelijden op. Het is een verhaal over een meisje dat al op jonge leeftijd geen enkele zekerheid in het leven meer kende. Een meisje dat zich staande hield tot ze dat simpelweg niet meer kon. Hoewel Beth degene is die de misdaad heeft begaan en het logisch is dat ze ervoor moet boeten, is ze niet de enige schuldige in het verhaal. Zo simpel is het gewoonweg niet.


De vertelstijl die Clare Fisher hanteert past goed bij het verhaal. Het is geen strak geconstrueerd verhaal maar juist een wat warrige vertelling. In de loop van het verhaal lukt het Beth steeds beter haar gedachten te ordenen waarna uiteindelijk ook aan bod komt wat er precies is gebeurd en welke omstandigheden daartoe hebben geleid. Door deze stijl komt de verwarring van Beth uitstekend op de lezer over zonder dat het verhaal moeilijk te volgen is. Het is heel knap gedaan.


Met Alle goede dingen maakt Clare Fisher de lezer duidelijk dat we ervoor moeten waken altijd met een oordeel klaar te staan. Beth is de fout ingegaan maar ze is niet de enige. Bovendien zijn de termen “goed” en “fout” te vastomlijnd. De schrijnende geschiedenis van Beth heeft me geraakt.  Onder het aanvankelijk wat chaotische verhaal in dit boek zit een indrukwekkend verhaal verstopt.


ISBN 9789402752649  | Ebook | 222 pagina's | HarperCollins | augustus 2017
Vertaald door Karin Schuitemaker

© Annemarie, 4 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altKop uit ‘t zand
Jan Terlouw


Een toekomstverhaal dat verdacht veel overeenkomsten vertoont met het heden. Alles draait om een veelbelovende wetenschapper, Arie Minderhout. Hij is een bevlogen activist die  probeert zijn baan bij Rijkswaterstaat te gebruiken om de wereld wakker te schudden zodat er maatregelen genomen worden:


‘Mijn collega’s bij Rijkswaterstaat zijn het in principe met me eens,’ zei hij tegen Bart. ‘Maar ze vinden dat ik te hard van stapel loop. Gisteren ben ik bij Zwart geroepen, mijn baas, je weet wel. Hij zei dat ik een bekwame vakman ben en dat ik in wezen gelijk heb met wat ik in mijn lezingen te berde breng, maar ik moet een beetje inbinden. Mijn gelijk moet gedoseerd worden.’

Tegen Bart, zijn vriend, zegt hij dat hij niet van plan is zijn toon te matigen. De aarde gaat naar de kloten, zegt hij. De CO²- uitstoot gaat nog sneller dan voorzien. Bart is het met hem eens, maar hij is niet zo fanatiek als zijn vriend. Hij is getrouwd, heeft andere dingen aan zijn hoofd.


Dan is er een melding op het journaal: een milieuactivist heeft zich op het Plein met benzine overgoten en in brand gestoken. Het is Arie.
Als Bart hem opzoekt in het ziekenhuis, net voor zijn overlijden, belooft hij zijn vriend de fakkel over te nemen.
Maar er is een kind op komst, een huishouden kost geld. En Bart neemt beslissingen waarvan hij weet dat het tegen Aries wensen ingaat.
Intussen echter staat de wereld niet stil, en krijgt Arie wel gelijk: de opwarming van de aarde gaat in snel tempo. Het klimaat verandert, en dat is niet ten voordele van de mensheid. Moet nu echt de volgende generatie de aarde redden? Als dat überhaupt nog kan…


Het verhaal is nogal mager, maar het is ook niet de bedoeling dat dit een grootste roman werd. Het gaat Terlouw er om de milieuproblematiek weer eens onder de aandacht te brengen.  Alles wat in dat kader fout kan gaan, gaat dan ook fout in dit verhaal, maar, dat zou ook zomaar eens onze toekomst kunnen zijn! Dit is een waarschuwing die we allemaal ter harte moeten nemen.


ISBN 9789462970465 | Paperback | 95 pagina's | Uitgeverij De Kring | november 2016

© Marjo, 30 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altSimone van der Vlugt
Ginevra

Zoals Simone van der Vlugt in een nawoord uitlegt, is dit verhaal gebaseerd op een historisch feit. Of in ieder geval een legende zoals die in Italië verteld wordt. Dit in een nawoord vertellen is absoluut de juiste keuze, want de schrijfster maakt van het gegeven een mooi romantisch verhaal en het zou niet leuk zijn om van tevoren al te weten wat er wel historisch is, en wat er bij verzonnen werd.


Het verhaal speelt in Florence (in het boek Fiorenza) in het jaar 1347. De tijd van de pest, een tijd waarin bijgeloof heerste, waarin de vrouw altijd de mindere was van de man, en een tijd waarin de geestelijkheid misschien nog belangrijker was dan de adel. Maar ook de tijd waarin de eerste stappen richting de Renaissance gezet werden en de tijd waarin Copernicus vaststelde dat de aarde niet het middelpunt van het heelal is.


Simone van der Vlugt kiest natuurlijk een vrouw als hoofdpersoon. Het is de achttienjarige Ginevra degli Amieri, een slimme jongedame, maar behalve lezen en schrijven heeft ze niets geleerd. Dat wilde ze echter wél, en het feit dat de drie jaar oudere Antonio Rondinelli haar voor vol aanziet en zijn kennis wel wil delen, is een van zijn aantrekkelijke kanten. Ze valt voor de knappe jongeman. Aanvankelijk lijkt er geen vuiltje aan de lucht. Maar de vooruitstrevende ideeën van Antonio vallen niet goed in de familie, ze zijn ketters!


De vader van Ginevra zoekt een andere huwelijkskandidaat voor zijn dochter. Dat wil ze natuurlijk niet, en ze besluit weg te lopen met haar geliefde. Maar de macht van haar vader reikt ver, ze wordt teruggehaald en uitgehuwelijkt. Ze heeft nu een echtgenoot die in alles het tegengestelde is van Antonio. En dan breekt de pest uit…


Natuurlijk is er onmiddellijk de vergelijking met het liefdesverhaal van Romeo en Julia. Toch is dit verhaal heel anders, maar verklappen op welke manier zou zonde zijn! In het boek vinden we ook een oude plattegrond van Florence en in de tekst zijn weetjes over het leven in die tijd verwerkt. Zoals wanneer op een dag Ginevra de stad in gaat:


‘Er hing al een tijdje een opgewonden sfeer in de stad. De vaandels voor de pallio waren gewassen en de paarden gekeurd. De Piazza della Signoria had een flinke schoonmaakbeurt gekregen en de relieken voor de processie ter ere van San Giovanni waren opgepoetst.
Een dag voor de feestelijkheden begonnen, hadden de bewoners van de gildenhuizen banieren aan de gevels gehangen, en de Corso, de langste, meest rechte straat in Fiorenza, was afgesloten voor de rennen die er de volgende dag zouden plaatsvinden. Een groot deel van de straat was overspannen met azuren zonneschermen, versierd met gele lelies.’

De stijl van Simone van der Vlugt zorgt er voor dat het verhaal goed leesbaar is, zoals we dat bij al haar boeken gewend zijn. Persoonlijk geef ik de voorkeur aan deze historische getinte verhalen boven haar thrillers, en ook deze is weer heel fijn!


ISBN 9789026337055 | Paperback | 187 pagina's | Ambo-Anthos | mei 2017

© Marjo, 24 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De brekerjongens
Ellen Marie Wiseman


In dit boek maken we via Emma Malloy kennis met de wereld van de mijnwerkers woonachtig in het Amerikaanse mijnstadje met de toepasselijke naam Coal River. Het is 1912 en de voorzieningen en werkomstandigheden voor de arbeiders zijn nog erbarmelijk. De mijngangen zijn slecht onderhouden en staan constant op instorten, wat ook regelmatig gebeurt. Zelfs kinderen worden ingezet bij de levensgevaarlijke breker, de machine die brokken kolen in fijnere stukken breekt. En dat terwijl het bij wet verboden is om kinderen onder de twaalf jaar in dienst te nemen.


De negentienjarige Emma, die na het overlijden van haar ouders noodgedwongen bij haar welgestelde tante Ida en oom Otis moet wonen, vindt het afschuwelijk wat ze allemaal ziet. De gierige oom en tante laten Emma werken in de winkel waar de mijnwerkers verplicht zijn al hun boodschappen te doen. Een vergoeding ontvangt ze daarvoor niet, ze zijn al veel te veel geld kwijt aan Emma vinden ze.
In de winkel worden belachelijk hoge prijzen voor de goederen gevraagd. De meeste mensen kunnen die bedragen niet betalen en moeten zonder voedsel de winkel weer verlaten. Emma heeft erg te doen met de straatarme vrouwen die zich in allerlei bochten wringen om hun kinderen toch in leven te kunnen houden. Soms zelfs vergeefs want er komen veel brekerjongens om of ze raken gehandicapt.


Het is vooral het lot van deze jongens die Emma zich aantrekt. Ze probeert hun situatie te verbeteren zodat niet zoveel kinderen een akelige of geen toekomst zullen krijgen. Emma heeft daarvoor in het geheim contacten gelegd met de arbeiders en ze probeert ook op een slinkse manier de schulden van de mijnwerkers weg te werken. Ze verzameld verder stiekem voedsel uit de voorraden van haar tante en oom en laat 's nachts voedselpakket achter voor de allerarmsten wat haar overigens flink in de problemen brengt.
Inmiddels heeft Emma ook de aantrekkelijke mijnwerker Clayton ontmoet die bij haar oom en andere bazen bekend staat als oproerkraaier, maar het enige dat Clayton wil, is gerechtigheid en dat is precies wat Emma ook voor ogen heeft...


Doorheen bovenstaand verhaal loopt als rode draad de gevolgen van het lang geleden overleden kleine broertje van Emma, iets waar zij de huidige plaatselijke notabelen verantwoordelijk voor houdt.


De stijl van deze roman is een mengeling van het werk van Danielle Steel, schrijfster van romantische boeken, en Catherine Cookson, schrijfster van streekromans waarin meestal een misstand aan de kaak gesteld wordt. Het boek leest heel vlot weg en voor de liefhebbers van bovenstaande schrijfsters is het een uitstekend boek. Maar sommige dingen zijn wel erg voorspelbaar en zelfs een beetje op het randje van onwaarschijnlijk. Toch heeft Ellen Marie Wiseman wel goed de sfeer weten te raken rond het zware leven en de misstanden bij het werk van de mijnwerkers zonder al te zwartgallig te zijn. Ze legt goed uit welk werkzaamheden de arbeiders moesten verrichten, hoe de breker werkt en waarom het werk zo gevaarlijk is. Het zijn vooral de misstanden daaromheen die de nadruk krijgen. De kloof tussen arm en rijk is enorm. De tegenstelling tussen egoïstisch winstbejag en empathisch met elkaar meeleven is eveneens groot.  Persoonlijk had ik echter - ondanks het in feite serieuze onderwerp - wat meer psychologische diepgang in het verhaal willen zien.


ISBN 9789029726733 | Paperback | 366 pagina's | Uitgeverij Kok | augustus 2017
Vertaald door Roelof Posthuma

© Dettie, 24 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het kleine leven van Norbert Jones
Marloes Kemming


Norbert Jones is een man die bescheiden in het leven staat. Hij volgde de wens van zijn vader op en werd een middelmatige accountant zonder ambities, maar was tevreden. Zijn huwelijk met Emma is waardig en liefdevol. Hun leven is rustig en verloopt volgens een vast patroon, 's ochtends een eitje bij het ontbijt, 's avonds wordt de krant gelezen en na het dagelijkse glaasje port en bakje pinda's gaan ze slapen of hebben ze elkaar lief. Overdag is Norbert in de garage te vinden tussen zijn meer dan negentienduizend verzamelde voorwerpen. Norbert is zevenenzeventig.


Wat niemand weet is dat Norbert in zijn hoofd een heel ander leven leidt. Hij is een dromer. Zittend tussen zijn spullen is hij de ene keer de kleine jongen die weer bij zijn moeder thuis is en speelt met zijn zusje, de andere keer ontmoet hij zijn vrouw opnieuw en danst met haar. - Norbert is bij vlagen nog steeds verliefd op zijn vrouw.  -  Soms is hij in zijn hoofd weer op reis of bezoekt hij een voor hem belangrijke plaats. Kortom, alle verzamelde objecten bezorgen Norbert een rijk en fantasievol leven. Norbert is een gezegd mens.

Maar dan vertelt de specialist hem dat hij niet lang meer te leven heeft. Na de schok verwerkt te hebben besluit hij Emma en zijn dochter Marie niets hierover te vertellen en zijn met veel liefde bij elkaar gezochte spullen te verkopen maar alleen aan mensen die hem kunnen vertellen waarom ze dat artikel willen hebben. En zo leven we met Norbert mee en horen de verhalen die de klanten hem te vertellen hebben. Als een klant hem niet aanstaat noemt Norbert een belachelijk hoge prijs, zodat de mogelijke kopers afdruipen en andere klanten krijgen wat extra's als hun verhaal hem raakt. De gesprekken met klanten laten Norbert andere visies op een leven zien.

Het mooie aan dit verhaal is dat het ogenschijnlijk zo prettig voortkabbelt, we geniet mee met Norberts kleine pleziertjes en onuitputtelijke fantasie maar langzamerhand komt er een diepere laag bovendrijven die in stukjes en beetjes aan ons onthuld wordt. En zo ontdekken we dat achter de enorme verzameling van Norbert een schrijnende maar enorm liefdevolle reden schuilt. Daardoor blijkt dat het kleine leven van Norbert Jones grootser dan groots te zijn. 

Meer moet over dit boek niet gezegd worden. Het is een verhaal dat je moet ondergaan, een verhaal dat bij je blijft, een verhaal dat je ontroert en een verhaal dat je van kleine dagelijkse dingetjes laat genieten. Gewoon lezen en koesteren dit boek.


ISBN 9789401604727 | Paperback | 223 pagina's | Uitgeverij Xander | november 2015

© Dettie, 19 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"En elke ochtend wordt de weg naar huis steeds langer
Fredrik Backman


Hoe moet ik uitleggen dat ik hem zal verlaten voordat ik dood ben?”


Uiterlijk is hij nog steeds dezelfde, een oude man die zielsveel van zijn zoon Ted en nog veel meer van zijn kleinzoon Noah houdt. Vanbinnen heerst echter chaos. Herinneringen buitelen over elkaar heen. Soms komt ineens iets moois van vroeger naar boven, een andere keer verdwijnt iets voorgoed uit zijn geheugen. Het is beangstigend. Hij wil niets vergeten, vooral niet de liefde die hij voor zijn kleinzoon voelt.


Hoe moet hij de kleine Noah vertellen dat hij meer dan van wie dan ook ter wereld van hem houdt maar hem toch zal gaan vergeten? Hoe leg je uit dat het onvermijdelijk is, ook al zal hij uit alle macht verzet bieden? Zijn kleinzoon is het mooiste dat hem ooit is overkomen. Als opa is hij een beter mens dan als vader. Toen zijn zoon Ted opgroeide, was hij er lang niet altijd voor hem. Zijn werk nam al zijn aandacht in beslag. Nu zijn kind groot is, beseft hij dat hij fouten heeft gemaakt. Fouten die hij goed probeert te maken door zijn kleinzoon met liefde te overspoelen. Liefde die ook voor zijn zoon is bestemd.


Soms voelt hij zich verrassend helder en speelt hij wiskundespelletjes met Noah. Andere keren zwerft hij in het verleden rond en ontmoet hij zijn overleden vrouw opnieuw. Zijn geest speelt spelletjes met hem. Hè, is zijn zoon al een volwassen man? Zit hij niet meer op school? Ted is Noah en Noah is Ted. Of toch niet? Het is verwarrend allemaal.


Waarom knijp je zo hard in mijn hand, opa?” fluistert de jongen weer. “Omdat dit allemaal verdwijnt, Noahnoah. En ik wil jou het langst van alles houden.” De jongen knikt. Hij knijpt ook wat harder in opa’s hand.


Schrijver Fredrik Backman was aanvankelijk helemaal niet van plan dit verhaal over alzheimer met iemand te delen. Voorafgaand aan dit ontroerende korte verhaal vertrouwt hij de lezer toe dat hij zijn gedachten vaak op papier zet omdat het hem helpt dingen op een rijtje te krijgen. Zijn gedachten werden een verhaal, een verhaal over hoe je iemand al tijdens zijn of haar leven kunt missen. Een verhaal over een traag en intens vaarwel.


Dit is een verhaal over herinneringen en over loslaten. Het is een liefdesbrief en een langzaam afscheid tussen een man en zijn kleinzoon, en tussen en vader en zijn zoon.


Als geen ander begrijpt Fredrik Backman hoe eenvoudig en ingewikkeld tegelijk een mens in elkaar zit. Met zijn personages weet hij portretten te scheppen die deel van mijn leven gaan uitmaken. Zelfs in dit korte verhaal weet hij de genoegens van klein en groot geluk prachtig weer te geven, waarbij hij ook verdriet gul de ruimte geeft. Een lach en een traan gaan immers vaak hand in hand. Fredrik Backman is gewoonweg een fantastische schrijver en met dit korte verhaal heeft hij wederom iets heel moois gecreëerd.


ISBN 9789021406916 | Ebook| 38 pagina's | Uitgeverij Q | augustus 2017
Vertaald door Edith Sybesma

© Annemarie, 17 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER