Nieuwe jeugdboekrecensies 13+

altHeksenjong
Luc Hanegreefs

In de streek waar de rivier de Demer door het Vlaamse landschap kronkelt wordt de legende verteld van de spooksoldaat. In de verhalen wisselt zijn afkomst van Spaanse edelman tot Schotse huurling. Maar altijd is de soldaat vermoord en zwerft zijn geest rond op zoek naar wraak. Een ander element dat in alle versies opduikt is dat iemand hem zou helpen de rust terug te vinden. Die persoon werd Heksenjong genoemd.

In het jaar 1578 – de Tachtigjarige Oorlog, een opstand van de Nederlanden gericht tegen de Spaanse overheersing, is dan al enkele jaren aan de gang - had de spooksoldaat zich al enkele jaren niet meer laten zien. Maar als hij weer op duikt, in een tijd waarin bijgeloof en heksenjacht een grote rol spelen, slaat de schrik bij de bevolking weer toe.
Het zijn sowieso moeilijke tijden: Duitse landknechten, in dienst van het Spaanse leger, trekken door de Demervallei waar het dorp Sichenen ligt. Het dorp wordt belegerd, eenmaal veroverd zou de doorgang tot Diest vrij zijn. Maar het dorp biedt flink verzet.

De landknechten zwerven door de omgeving, ze plunderen en verkrachten, hun leider Alexander Farnese, prins van Parma, heeft hen niet onder controle.

De jongen Henric woont bij zijn oom. Met zijn vriend Coppen gaat hij vaak op avontuur. Op een dag zien ze hoe een Duitse landknecht Henrics nichtje belaagt en ze bevrijden het meisje. Daarbij wordt de soldaat gedood. Uit vrees voor wraak begraven ze de man.
Maar de soldaat was niet alleen: de jongens stuiten op een zoekende soldaat. Het is de broer van de gedode man. Natuurlijk kunnen de jongens hem niet vertellen wat er gebeurd is, zelfs al is deze man, Moritz, een vriendelijke jongeman die helemaal niet wil vechten. Hij blijkt nog een andere opdracht gekregen te hebben. Elf jaar eerder is namelijk een oudere broer van de twee landknechten in deze contreien verdwenen. Op verzoek van hun moeder probeert Moritz er achter te komen wat er met hem gebeurd is.

Dan volgt een vrij ingewikkeld verhaal waarin gebeurtenissen van elf jaar eerder en het heden verwikkeld raken. Henric en Coppen lopen gevaar, en dat is niet alleen omdat het Spaanse leger in het land is.
Het is een verhaal over het Beleg van Zichem, en over de manier waarop de hoge heren het volk onder de duim proberen te houden. Hekserij was een veel gebruikte methode om af te rekenen met ‘opstandige elementen’.

Voor wie meer wil weten van de historische achtergrond – en dat is heel handig om het verhaal beter te kunnen volgen - bestaat er gelukkig internet.
In de periode waarin het verhaal van Henric speelt is de Tachtigjarige Oorlog uitgebroken. Zichem (in het verhaal wordt de oude naam Sichenen gebruikt) was een welvarende stad en werd belegerd (https://nl.wikipedia.org/wiki/Beleg_van_Zichem)
De schrijver had er misschien goed aan gedaan wat meer uitleg te geven over de achtergronden van het verhaal. Dat is dan wel een spannend en boeiend verhaal geworden, ook zonder die informatie, maar als je weet wat er precies speelt, is het veel interessanter.

Luc Hanegreefs (1959) werkte jarenlang als journalist. Nu verdeelt hij zijn tijd tussen schrijven en doceren aan de Hasseltse hogeschool, waar hij studenten journalistiek opleidt. In 1996 verscheen zijn eerste jeugdboek.

ISBN 9789044829556| hardcover | 215 pagina's | Uitgeverij Clavis| juli 2017
Leeftijd vanaf 14 jaar

© Marjo, 19 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDe hamer van Thor
Magnus Chase en de goden van Asgard  2
Rick Riordan


In het eerste deel van deze serie is al verteld dat de de god Thor niet zo zorgvuldig met zijn hamer omgaat, en dat terwijl die hamer het machtigste in de Negen Werelden is! Zijn vijanden azen op het voorwerp, want dan kunnen zij Thor verslaan. Het wordt de nieuwe taak voor Magnus en zijn vrienden om er voor te zorgen dat de opnieuw zoekgeraakte hamer weer op zijn plek komt. En dan ontdekken ze dat de vijand hem al hééft! En natuurlijk niet zomaar weer terug wil geven. Daar zal voor betaald moeten worden. Maar de prijs die genoemd wordt, nee, dat zal niet gebeuren!


Nog een paar dagen hebben ze de tijd, de eerste dag van de lente wordt een belangrijke dag, die als het aan Magnus ligt, anders zal verlopen dan Loki wil. Want ja, Loki is de tegenstander.
Magnus krijgt een heleboel problemen op zijn bord, maar gelukkig wordt hij geholpen door zijn vrienden Hearth en Blitz. Ook Samira, de Walkure die er voor gezorgd heeft dat Magnus zich in deze wereld bevindt, doet wat ze kan, net als zijn pratende zwaard Jack.


De eerste dag van de lente, Ostara. Het gaat een dag worden waarop de wereld vooral voor Blitz en Samira volledig zal veranderen, maar misschien wel voor alle bewoners van de Negen Werelden. Ostara is de namelijk ook de dag waarop de Negen Werelden vernietigd worden, het gebeuren dat Ragnarok genoemd wordt: de legers van de goden en de reuzen zullen voor de laatste keer tegen elkaar ten strijde trekken.
De Negen Werelden komen samen in de Wereldboom, waarvan de takken heen en weer gaan en de wortels ver in de grond reiken. Zo kan de tijd steeds verschuiven. Dat maakt het er niet makkelijker op. Wel spannender.


Het is wederom een verhaal vol spanning, verbazingwekkende avonturen en veel humor. Een zwaard dat verliefd wordt? De twee bokken Otis en Marvin duiken weer op, en de scenes met Gellir, de mummieheer, zijn eigenlijk ook heel grappig. Rick Riordan kaart in zijn verhalen ook moderne kwesties aan: transgenders, islamofobie, dat soort zaken. Niet uitgebreid, maar genoeg om een lezer even te laten nadenken.Voor de liefhebber is dit smullen geblazen!

Rick Riordan (1964) is vooral bekend van de fantasyseries rond Percy Jackson en de Olympiërs en Helden van Olympus. De goden van Asgard is een nieuwe serie, waarin ook naar andere series verwezen wordt.


ISBN 9789000345472| paperback | 432 pagina's | Van Goor| januari 2017

© Marjo, 26 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altEen dodelijk kaartspel
Rom Molemaker


‘Rond Heuvelgem waren ook heuvels. Hellingen met gras, bloemen en bomen. Als ik de hoogste heuvel beklom keek ik uit over het dorp en dan wist ik wat geluk was.‘

Nu bevindt de 15-jarige Ingel zich in een vreemde omgeving, waar hij en zijn even oude vriend Poppe beland zijn doordat ze hun vaders volgden. In de herberg van Ingels ouders was een vreemde vrouw gearriveerd. Een lelijke oude heks die zich Bitterzoet noemde, en die zich kon veranderen in een prachtige verleidelijke vrouw. Zo lokte ze de mannen van het dorp. Gouden bergen beloofde ze hen en wie er in trapte - bijna allemaal! - verdween spoorloos.
Zij volgden De Weg naar de Rijkdom, waarvandaan nooit iemand ooit terugkeerde.


Ingel zag hoe Bitterzoet een kaart bij de mannen op het voorhoofd hield, waarna ze verdwenen. Samen met Poppe besloot hij de mannen te volgen. Zonder gezien te worden door de vrouw gingen zij dezelfde weg als hun vaders. Doordat zij niet in haar ban waren, bleven ze helder genoeg om uit te zoeken wat er precies gebeurd was en waar ze nu waren.


‘Wat voor mensen werken er in de vlechterij?’ vroeg hij. ‘Mensen die hierheen gekomen zijn of mensen van het land zelf?’
‘Mensen van dit land zijn er niet,’ zei Felkon raadselachtig.
‘Iedereen komt ergens anders vandaan.’


Het lijkt wel een strafkamp, een werkkamp waar ze zich bevinden. Dwangarbeid is het lot van iedereen die naar deze plek is gekomen. Sommigen gelokt, zoals de mannen van Heuvelgem, anderen uit hun land gevlucht voor een tiran.
De jongens zoeken een uitgang, want natuurlijk zijn zijn van plan hun vaders en iedereen die wil te bevrijden. Maar een uitweg lijkt nergens te vinden…


Het verhaal over de twee jongens lijkt een zwart sprookje. Heuvelgem is een onduidelijke plek, in een niet nader benoemde tijd. Wel duidelijk is dat het dorp behoorlijk armoedig is. Geen wonder dat de mannen vallen voor de valse beloften! Het oord waar ze dan terecht komen is nog vreemder, een donkere magische wereld. De plaats waar je moet boeten voor je hebzucht.


Rom Molemaker heeft al menig jeugdboek geschreven, waarvan een aantal aansprekender dan dit verhaal. Het duurt namelijk even voor je echt zin krijgt om verder te lezen, het begint nogal mat en kabbelend. Als het avontuur begint, wil je natuurlijk weten hoe het af loopt. Er zijn helaas geen echte verrassingen meer.


Na de kweekschool te Utrecht afgerond te hebben, stond Molemaker van 1968 tot en met 1996 voor de klas. Sinds 1998 is hij fulltime schrijver. Zijn eerste boek was Olaf de Polaf. Voor Een gang met gele deuren kreeg hij in 2007 de Tip van de Jonge Jury onderscheiding.


ISBN 9789025113643| paperback | 224 pagina's | Uitgeverij Holland | maart 2017
Leeftijd vanaf 14 jaar

© Marjo, 12 februari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altParadise now
Anouk Saleming


Als de ouders van Elif hebben besloten haar uit te huwelijken aan een Turkse jongen, komt zij in opstand. Ze heeft de jongen in kwestie ontmoet, en ze vindt hem best aardig. Maar trouwen? Hallo, haar leven is nog niet eens begonnen!
Ze vraagt aan haar vriendin Najima of ze met hen mee mag naar Marokko. De familie staat op het punt van vertrekken en Elif ‘leent’ even de scooter van haar broer Savaş, en laat die - niet afgesloten - in de voortuin bij haar vriendin achter.


Willem ziet haar vertrekken met de scooter. Hij is tot over zijn oren verliefd op het Turkse meisje, maar hij weet dat hij geen schijn van kans maakt. Bij geen enkel meisje trouwens.
Akwasi is het vriendje van Najima, maar haar ouders mogen dat niet weten. Een week eerder had de jongen problemen op school, en besloot hij het pistool van zijn broer te pakken. Gelukkig heeft hij er niets mee gedaan…
Op zijn werk - een vakantiebaantje - komt Akwasi in contact met Tessa, de dochter van de baas. Zij moet op de zaterdag dat alles uit de hand gaat lopen op haar kleine broertje passen, maar als Akwasi een ritje moet maken met de bus van de zaak, zorgt ze ervoor dat ze mee mag. Het broertje dus ook.


‘En nu dus dat bericht op Facebook. Elif wordt vermist. Was er misschien een heel andere reden dat Elif dinsdag bij Najima in het huis van haar broer was? Elif en Najima hadden steeds blikken met elkaar gewisseld. Waar ging dat over? Ik heb steeds gedacht dat ik werd uitgelachen, maar misschien ging het helemaal niet over mij. Ik word opnieuw kwaad. Waarom zeggen vrouwen niet gewoon wat ze van plan zijn? Wat was dat voor geheimzinnig gedoe die avond?
Ik pak mijn telefoon en bel Savaş op. Hij klinkt opgefokt. Ik laat hem weten dat ik zal helpen als dat nodig is. Mannen zijn tenminste helder in wat ze zeggen.’


Akwasi en Tessa zijn onderweg naar de veiling, als Savaş inderdaad om die hulp vraagt. Hij wil de bus gebruiken om zijn zus achterna te gaan.
En dan is er nog Stanley. Hij woont nog maar net in Nederland en wil naar de dansacademie. Hij wil naar een feest maar heeft geen vervoer. Tot hij de onbeheerde scooter in die voortuin ziet staan.


Zes nationaliteiten, die op een toevallige manier met elkaar te maken hebben. Een pistoolschot zal hun levens nog meer in de war sturen dan ze zelf met hun puberaal gedrag al gedaan hebben.


De jongeren vertellen om en om hun verhaal, waarbij de algemene verhaallijn langzaam op zijn plek komt te vallen. Saleming maakt duidelijk hoe iedere jongere vanuit een eigen achtergrond doet wat hij of zij doet. Als alles in elkaar past, heb je in feite een thriller gelezen. Maar wel een die inzicht geeft in karakters. Hoe je achtergrond ook is, het blijft een feit dat je je eigen keuzes moet maken, en je bent vrij om al of niet je afkomst daarvoor in te zetten. En zo is dit jeugdboek een mooi debuut geworden. Met voorin een voorstelrondje van de personages en hun nationaliteit, en woordenlijst achterin.


Dit verhaal is ook een toneelstuk. Het werd als theatervoorstelling onder de titel Backfire gespeeld door theatergroep De Gasten. In 2005 ontving Anouk Saleming voor haar jeugdtheaterstukken het Charlotte Köhler Stipendium en in 2012 won zij met het stuk Runnin'Blue de internationale jeugdtheaterprijs Kaas en Kappes.


Paradise now heeft de debuutprijs van de Jonge Jury 2017 gewonnen.

ISBN 9789025113230 | paperback | 125 pagina's | Holland | maart 2016
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 21 juni 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altHet verdoemde zwaard
Magnus Chase en de goden van Asgard deel 1
Rick Riordan


Je moet sterven om in het hiernamaals te komen. Niet zo leuk. Maar als dat hiernamaals het Walhalla is, een plek met negen dimensies, waar jonge helden in de watten worden gelegd? Ach, dan is het zo slecht nog niet. De zestienjarige Magnus Chase – de ik-verteller - had op aarde toch al niet zo’n leuk leven, hij leefde op straat sinds het overlijden van zijn moeder. En nu bevindt hij zich in het paradijs!


Helaas zitten er ook haken en ogen aan. Heel veel haken en ogen eigenlijk: als je gewend bent aan tamelijk rustig over straat slenteren en je af en toe verbergen voor het gezag, dan zijn de avonturen die hij gaat beleven na zijn dood onvoorstelbaar. Het begint met een remake: hij krijgt bijzondere krachten, en een magisch - pratend - zwaard vormt zijn versterking.

Het is voorspeld dat er een dag zal komen dat de Negen Werelden vernietigd worden in een vuurzee en de legers van de goden en de reuzen voor de laatste keer tegen elkaar ten strijde trekken. Die dag heet Ragnarok.
Er zijn twee stammen goden: de Aesir met Odin, Thor, Tyr en nog meer, en de Vanir, onder andere Freyr, Freya en Njord. De Aesir, zetelend in Asgard, zijn vooral oorlogsgoden, terwijl de Vanir, met als zetel Vanaheim natuurgoden zijn. Het Walhalla is het hiernamaals van de Aesirgoden. De informatie dat de Vanirs een ander hiernamaals hebben is voor Magnus een vervelende boodschap. Sinds hij geaccepteerd heeft dat hij in het Walhalla is, was zijn eerste doel zijn moeder zoeken. Maar misschien zit ze dus heel ergens anders!


Magnus blijkt de zoon te zijn van een Noorse god, Freyr. Nog een verrassing is dat Hearth en Blitz, zijn vrienden van zijn leven op straat, ook anders zijn dan wie ze leken. Als ook zij opduiken in het hiernamaals, ontdekt Magnus dat zijn vrienden een elf en een dwerg zijn, en dat ook zij bepaalde krachten hebben. Natuurlijk hebben hun vijanden die ook, het gaat dus een heel spektakel worden!

Magnus raakt van de ene benarde situatie in de andere, krijgt iedere keer nieuwe opdrachten en uiteindelijk is het de bedoeling dat hij magische zwaard vindt om daarmee te voorkomen dat de wolf bevrijd wordt op Doemdag, waarna de werelden vernietigd zullen worden. Als dat gebeurt, zal Magnus ook nooit zijn moeder vinden, hij weet dus wat zijn prioriteit is.


Je steekt heel wat op over de Noorse mythologie en gelukkig wordt alles niet zo beknopt verteld als ik hier boven doe. Als het te pas komt worden dingen uitgelegd, en achterin het boek staat nuttige informatie. Het verhaal wordt leesbaarder gemaakt door humor, en verwijzingen naar onze eigen tijd, zoals bijvoorbeeld de plastic soep. Goden en andere schepsels blijken zeer menselijke trekjes te hebben, terwijl ze allemaal ook magische eigenschappen hebben. Dit toch vrij dikke boek leest als een trein!


‘Het bleek dat het Walhalla zijn recyclemateriaal naar de thuisplaat van Fenway Park (= Boston) had gestuurd, wat een verklaring kon zijn voor de problemen van de Red Sox met hun offensieve slagorde.’


De Amerikaanse schrijver Rick Riordan (1964) is vooral bekend van de fantasyseries rond Percy Jackson en de Olympiërs en Helden van Olympus. De goden van Asgard is een nieuwe serie.


ISBN 9789000344789 | paperback | 464 pagina's | Van Goor| januari 2016

© Marjo, 25 mei 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Phobos 2
Victor Dixen


Enkele maanden geleden veranderden twaalf jongeren in ware ruimtehelden. Stralend van geluk stapten ze in een ruimtevaartuig dat hen voorgoed naar Mars zou brengen. Zes knappe, jonge vrouwen en zes aantrekkelijke jonge mannen reisden gescheiden van elkaar naar hun nieuwe thuisplaneet. Onderweg maakten ze tijdens speeddates kennis met elkaar. Hoewel de twaalf kandidaten elkaar maar zes minuten per keer spraken en elkaar niet aan mochten raken, bloeiden er prachtige liefdes op. Eenmaal op Mars zouden de kersverse liefdesparen met elkaar in het huwelijk treden om op Mars een nieuw leven te beginnen.


Aanvankelijk waren de twaalf kandidaten dankbaar voor de unieke kans die hen geboden werd. Stuk voor stuk hadden ze een zware jeugd achter de rug. Allemaal snakten ze naar een nieuwe kans. Een nieuw leven. Dat hun leven letterlijk in een realityshow was veranderd en de hele wereld dag en nacht ademloos toekeek, was een offer dat ze graag brachten. De achttienjarige Léonor heeft echter, kort voor de landing op Mars, ontdekt dat ze voorgelogen zijn. Er staat hen op Mars geen nieuw leven maar een wisse dood te wachten! Hun prachtige toekomst is in duigen gevallen.


Serena, de producer en presentatrice van het programma, is van een tweede moeder in een dodelijke vijand veranderd. Wanneer Léonor haar ontdekking aan de anderen vertelt, verbreekt Serena vliegensvlug het contact met de miljarden kijkers op aarde. Terwijl op aarde paniek uitbreekt, vertelt Léonor dat ze heeft ontdekt dat er tijdens de testperiode op Mars iets mis is gegaan. Alle proefdieren zijn door een onbekende reden om het leven gekomen. Zodra de twaalf jonge pioniers op Mars geland zijn, zijn hun dagen geteld. Het nieuws van Léonor slaat in als een bom. Er breekt een grote onderlinge ruzie uit.


Wat moeten de twaalf jongeren doen? Ze kunnen weigeren het ruimtevaartuig te verlaten om vervolgens de terugreis in te zetten. Het probleem is alleen dat ze niet over genoeg voorraden voor de lange terugreis beschikken. Na een aantal pittige discussies en een stemronde wordt besloten toch op Mars te landen. Vanaf het moment dat ze voet op Mars zetten is Serena aan de macht. Zij bedient letterlijk de knoppen. Als de jongeren het bedrog van Serena wereldkundig maken, zal ze de druk in hun verblijven weg laten vallen. Ze zullen dan allemaal, nog eerder, sterven. Léonor en haar nieuwe vrienden hebben geen keus. Ze moeten zogenaamd dolenthousiast aan hun nieuwe leven op Mars beginnen. De kijkers zullen voortaan naar een zorgvuldig opgevoerd toneelstuk kijken.


Léonors liefde voor de Amerikaanse Marcus is echter niet gespeeld. Ontwaken naast haar kersverse echtgenoot voelt als een droom. Léonor dacht dat liefde niet voor haar weggelegd was, maar Marcus aanbidt haar. Zelfs wanneer haar grote geheim aan het licht komt, houdt zijn liefde voor haar zonder wankelen stand. Léonor weet dat ze allemaal zullen sterven op Mars. Toch hoopt ze, tegen beter weten in, dat ze de oorzaak voor de vroegtijdige dood van de proefdieren kunnen opsporen. Zijn ze echt ten dode opgeschreven? Is er een manier om de alziende Serena te misleiden? Vooralsnog ziet het er somber voor de twaalf pioniers uit.


Phobos 2 is minstens even spannend als het eerste deel. Opnieuw haalt auteur Victor Dixen uit naar programmamakers die alles voor goede kijkcijfers overhebben. Er is gesold met de twaalf hoopvolle jongeren. Hun levens zijn zonder aarzelen te grabbel gegooid. Natuurlijk sturen de makers van realityshows die momenteel op televisie worden uitgezonden geen deelnemers naar Mars maar er worden al wel heel wat grenzen overschreden. Kwetsbare deelnemers zouden tegen dit soort programmamakers beschermd moeten worden. In de Phobos-serie worden zelfs mensenlevens opgeofferd om goede kijkcijfers te halen. Hopelijk is de fantasie van Dixen op hol geslagen en zal de toekomst er in werkelijkheid anders uitzien.


De Phobos-reeks is gelukkig meer dan een sneer naar programmamakers. Deel 2 zit boordevol afwisselende gebeurtenissen, persoonlijke groei van de personages en romantiek. De ontluikende liefdes worden op een lieve, smaakvolle manier omgeschreven. Phobos 2 leest als een trein. Ik zou de hele reeks het liefst achter elkaar verslinden en ik ben dan ook blij dat het derde deel van deze indrukwekkende young adult-reeks nog dit jaar zal verschijnen!


ISBN 9789021405155 | paperback | 414 pagina's | Uitgeverij Q | maart 2017
Vertaald door Robbin Besselink
Vanaf 14 jaar

© Annemarie, 12 april 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"De voortvluchtige
John Grisham


De dertienjarige Theo Boone heeft zich erg op de werkweek van de brugklas verheugd en nu het eindelijk zover is stuitert hij bijna van enthousiasme. Verdeeld over vier grote touringcarbussen gaan honderdvijfenzeventig leerlingen uit Strattenburg samen met een aantal leraren en ouders op weg naar Washington D.C. om daar maar liefst drieënhalve dag de wonderen van de hoofdstad in zich op te nemen. Theo is van plan van elke seconde te gaan genieten. Hij is blij dat zijn soms wat overbezorgde ouders zich niet als vrijwilliger hebben aangemeld.


Van tevoren hebben alle leerlingen op een lijst aangegeven welke bezienswaardigheden ze willen gaan bekijken en Theo heeft onder andere gekozen voor het Ford’s Theatre, de plek waar Abraham Lincoln is neergeschoten. Samen met nog achttien leerlingen en geschiedenisleraar Babcock stapt Theo in de metro om een paar minuten later op 10th Street uit te stappen en halt te houden voor een rood bakstenen gebouw. Het verhaal dat meneer Babcock vertelt en de daaropvolgende rondleiding zijn interessant maar na twee uur is Theo blij dat het uitje erop zit.  Opnieuw stapt het gezelschap in de metro, dit keer gaat de reis terug naar het hotel.


Op de terugweg is het een stuk drukker in de metro. De werkdag zit erop en iedereen is onderweg naar huis. Vreemd genoeg ziet Theo een bekend gezicht. Hij weet zeker dat hij de man al eens heeft gezien maar hij kan zich niet herinneren waar en wanneer. Nieuwsgierig wringt Theo zich tussen de opeengepakte mensenmenigte door om de man van dichtbij te kunnen bekijken. Wanneer hij beseft om wie het gaat, stokt zijn adem. Het is Pete Duffy, een voortvluchtige moordenaar uit Strattenburg!


Wat moet Theo doen? Als Pete Duffy in de gaten heeft dat iemand door zijn vermomming heen heeft geprikt, slaat hij ongetwijfeld op de vlucht. Theo moet achterhalen waar Duffy naartoe gaat. Zo onopvallend mogelijk gaat hij steeds verder van zijn klasgenoten af staan. Wanneer het tijd is om uit te stappen, heeft niemand door dat Theo ontbreekt. Hij blijft in de metro en maakt heel voorzichtig een video-opname van Duffy. Op metrostation Tenleytown stapt Duffy uit. Theo probeert hem te achtervolgen maar hij verliest Duffy uit het oog.


Eenmaal terug bij zijn klasgenoten weet Theo met een smoesje onder een fikse straf van meneer Babcock uit te komen. Zodra hij kans ziet te telefoneren, belt hij zijn oom Ike. Nadat Ike zijn verhaal heeft aangehoord, besluit hij ook naar Washington te reizen om de persoon die sprekend op Pete Duffy lijkt met eigen ogen te zien. Als Theo gelijk heeft, moeten Ike en Theo zo snel mogelijk actie ondernemen. Pete Duffy mag niet nogmaals ontsnappen!


De voortvluchtige biedt meer dan een spannend en meeslepend verhaal. Omdat Theo’s ouders allebei als advocaat werken en Theo er zelf ook het nodige van weet, leert de lezer heel wat over het Amerikaanse rechtssysteem. Ook wordt er in de reeks over Theo Boone regelmatig een bezoekje aan de dierenrechtbank gebracht. Dit keer staat geiten die heel snel flauwvallen centraal.


Terwijl de lezer geniet van de avonturen van Theo en zijn familie, stelt John Grisham ook een aantal maatschappelijke kwesties aan de kaak. Zo komen voor- en tegenstanders van de doodstraf aan bod en wordt er aandacht besteed aan oneerlijke concurrentie door illegale werknemers. Grisham belicht elk onderwerp steeds van meerdere kanten waarbij hij extra aandacht besteedt aan de persoonlijke verhalen van de betrokkenen. De lezer mag zelf zijn/haar mening over de onderwerpen bepalen maar dat Grisham zelf een democraat is, valt niet te negeren.


Met de Kid Lawyer-reeks zet Grisham een prettige reeks voor jongeren neer. De nadruk ligt niet op de spannende gebeurtenissen maar juist op het leven van alledag. Zonder belerend te zijn wijst Grisham zijn lezers op het belang van een maatschappij waarin voor iedereen ruimte is. Ik juich deze reeks dan ook van harte toe.


ISBN 9789400508866  | paperback | 192 pagina's | A.W. Bruna Uitgevers | juli 2017
Vertaald door Guus van der Made
Vanaf 14 jaar

© Annemarie, 13 september 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDansen met een ooievaar
Karen Curé

Jacob Soto is een dertienjarige wildebras. Erg impulsief, en heetgebakerd, houdt van voetballen en heeft een broertje dood aan leren. Vooral de leraar Zwart moet hij niet, en die geeft nog wel twee vakken, Nederlands en Engels. Maar Jacob is geen lezer. Stripverhalen, dat lukt nog wel.


De thuissituatie is niet ideaal, zijn ouders zijn uit elkaar. Mama heeft het niet breed, maar toch is Jacob liever bij haar dan bij zijn vader die met een nieuwe vrouw, Valérie, is gaan samenwonen. Het ligt niet helemaal aan Valérie ook al is die naar Jacobs zin te veel bezig met biologische verantwoorde eten en zo, maar het is vooral zijn vader. Die zegt niets, er valt niet mee te praten.

'En waarvan wil je dan dat ik prentkaarten stuur?' gromt papa. 'Van honger lijdende kindjes of bombarderende vliegtuigen?'
'Ach, stik.' Jacob ploft met zijn rug tegen de autostoel. Hij had er niet over moeten beginnen. Praten met papa is net zo moeilijk als dansen met een ooievaar.’


Zijn korte lontje, en het feit dat zijn klasgenoten hem pesten met zijn naam (‘Jacob de Zotte’) maakt dat hij vaak in de problemen komt. Hij is een eenling, zelfs op voetbal, dat hij toch meestal heel goed doet, heeft hij geen vrienden.


Als hij uit de gymles wordt weggestuurd naar de studieruimte leert hij een van zijn klasgenoten beter kennen. Eigenlijk keek hij nooit om naar deze dikke jongen die ook geen vrienden heeft en altijd met zijn neus in de boeken zit, maar Alexander blijkt reuze mee te vallen. Hij helpt hem als Jacob meer wil weten over die vreemde brieven die hij krijgt. Ze zijn afkomstig van een jongen die in Zuid-Amerika woont, wiens vader in de gevangenis werd gegooid, waarna zijn vrouw en kinderen met de nek aangekeken worden en in armoe moeten leven. De jongen moet naar zijn opa, een man die niet om hygiëne geeft, en eigenlijk ook niet om jongens.
Gaandeweg gaat het verhaal dat die briefschrijver hem vertelt boeien en Jacob wil wel terugschrijven. Maar hoe?


Als Jacob ontdekt wat de lezer intussen al wel vermoedt, lijkt alles fout af te lopen. Als dan ook Alexander hem in de steek laat, ja, dan wordt het allemaal wel erg moeilijk. De beslissingen die Jacob neemt, brengen hem nog verder in de problemen.


Een indringend verhaal over een jongen die maar moeilijk vriendschap sluit. Hij zit te veel met zichzelf in de knoop om een ander toe te laten en dat maakt hem onzeker. Zijn opvliegendheid helpt natuurlijk ook niet, zelfs al weet hij dat vaak onder controle te houden door flink te gaan rennen.


Karen Curé schrijft invoelend en haar taal is poëtisch. Zij legt niet overdreven uit, laat het vaak aan de lezer over om uit te zoeken hoe het zit. Het verhaal begint als Jacob bij zijn vader is, en een hoofdstuk later is hij ineens bij zijn moeder. Dat wordt niet uitgelegd maar hoe het zit wordt gaandeweg duidelijk. Zo staat er niet dat zijn vader journalist is, maar ‘Zijn ogen zweven over Jacobs hoofd, alsof hij nadenkt over zijn volgend artikel voor de krant.’


’Je moet niet denken,’ zegt abuelo Nelson. ‘Er hebben al genoeg mensen gedacht. De grond zit vol met miserabele gedachten.’


‘Na een paar jaar waren er in het huis geen woorden meer te vinden. Het leek of ze er stilletjes vandoor waren gegaan.’


ISBN 9789044829730| hardcover |174 pagina's | Clavis | mei 2017
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 20 augustus 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altBloedlijst
Deel 6 Team mortis
Bjorn van den Eynde


Team Mortis bestaat uit verschillende groepen jongeren die door heel Europa uitgezonden wordt om speciale zaken op te lossen als undercoverteam. Het team dat de lezers van deze serie gevolgd hebben bestaat uit onder andere Erika, Nielsen, Felix en Andreas. In eerdere delen die verschenen zijn hebben zij al heel wat avonturen beleefd. Nielsen en Erika zijn neef en nicht, hij is zorgzaam ten opzichte van haar. Felix is een beetje verliefd op haar maar maakt geen kans omdat Erika valt voor de Italiaan Andreas.


‘Haal je maar niets in je hoofd, hè!’
‘Nee, nee, we zijn vrienden. Meer wil ik ook niet,’ loog hij. ‘Ik vind het knap dat je dit kunt, op dit moment. Ik bedoel, jongens versieren. Met Andreas en dat gedoe met Nelle nog zo vers in je geheugen.’
Erika’s ogen bliksemden. Als blikken konden doden…'


Maar nu voelt de arme Erika zich erg eenzaam. Ze wil geen contact meer met Andreas, ze is woest omdat hij bij de vorige opdracht aangepapt heeft met het kristalmeisje Nelle. Ook al is Andreas niet meer bij hun team - hij is elders ingedeeld - Erica denkt er af en toe aan om wraak te nemen. Als Andreas vreemd kan gaan, hoeft zij hem ook niet trouw te blijven.


Haar nieuwe opdracht biedt haar de kans. Haar wordt gevraagd aan te pappen een lid van een metalband, de Deense gitarist Carsten Akselsen, een nogal heetgebakerd type. Hij wordt verdacht van handel in drugs. Pas als Erika als groupie in zijn kringen is binnengedrongen en zijn aandacht heeft getrokken, ontdekt ze dat de leiders van Team Mortis hem van iets veel ergers verdenken.

Er circuleert namelijk een gruwelijk filmpje op internet waarop te zien is hoe een jonge man op een bevroren meer vastgebonden is. Zijn geliefde probeert hem te redden, waarop ze allebei verdrinken. Het filmpje is voorzien van muziek, en kondigt een vervolg aan. Meerdere filmpjes volgen, allemaal even akelig. Steeds vinden tieners de dood. In de auto van een van de slachtoffers is een gitaarriem gevonden en aan Erika de taak om het DNA van Carsten te verkrijgen. Maar in haar gemoedstoestand drinkt ze te veel en de opdracht dreigt helemaal fout te lopen. Met gevaar voor Erika zelf, die ook nog onder druk wordt gezet: er dreigen immers meer slachtoffers te vallen.
Als dan Andreas toch opduikt, gaat het eigenlijk alleen nog maar slechter met haar.

Dit zesde deel draait vooral om Erika, om haar gevoelens ten opzichte van Andreas. Hoe zij heen en weer geslingerd wordt tussen twijfel en hoop. Kan ze Andreas vergeten? Is ze in staat van een ander te houden? Haar teamgenoten zien haar gemoedstoestand met grote zorgen aan. Kan ze haar opdracht wel vervullen? Natuurlijk beweert Erika dat ze dat heel goed kan, maar intussen gaat er van alles fout.


Het is een verhaal geworden vol psychologische spanning, maar natuurlijk vergeet de schrijver de actiescènes niet. Die zijn naast de beschrijvingen van die akelige filmpjes veelal op Erika gericht. In feite is zij dan ook de hoofdpersoon in deze serie, ook al bevindt de lezer zich geregeld in het hoofd van een ander personage. De ontknoping van dit zesde deel is superspannend. En het kan gewoon niet zo zijn dat het klaar is. Er moet een zevende deel komen!

Bjorn Van den Eynde heeft bekend gemaakt dat er wellicht een tv-serie over Team Mortis in het verschiet ligt. Lijkt me fantastisch!


ISBN 9789059242623 | paperback |306 pagina's | Uitgeverij Signatuur| oktober 2016
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 6 juli 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altKom hier Rosa
Anna van Praag


Kom hier, Rosa,
Je bent mijn zusje, je bent mijn zusje
Kom hier Rosa
Je bent mijn zusje, ja, ja

Sita en Lot, beiden veertien, zijn al vanaf hun jeugd bevriend. Ze zijn met hun ouders meegegaan naar Spanje, waar de vader van Lot een restaurant heeft, en de ouders van Sita een yogaboerderij leiden. Ze hebben zo’n speciale vriendschap, dat kan nooit kapot. Denken ze. Maar natuurlijk gebeurt er dan toch iets wat het uit elkaar drijft.


Lot, de ik-verteller, is een nogal naïef, dromerig meisje. Het liefst speelt ze romantische filmscènes na met Sita. Als de puberteit hen beiden besluipt, heeft Sita duidelijk het eerst meer vrouwelijke trekjes. Lichamelijk, maar ook in haar doen en laten. Jongens beginnen haar te interesseren, en Lot begrijpt dat niet. Waar is haar vriendin gebleven? Waarom vraagt Sita om ruimte, om privacy?


Maar er komt nog iets veel ergers op haar af, dan een vriendin die zich anders ontwikkelt: de crisis heeft toegeslagen. Het gaat niet meer goed met de yogaboerderij, en de ouders van Sita besluiten terug te gaan naar Nederland. En Lots moeder gaat mee, dus Lot ook. Maar haar vader niet!
Lot weet dat er een ruzie is geweest, maar wat of waarom, ze weet het niet. De meisjes balen vreselijk, maar er valt natuurlijk niets aan te veranderen. En de verwijdering tussen Sita en Lot is er niet door verminderd. Wat is er toch met Sita?

En dan is daar dat dagboek, waar Sita altijd in schrijft. Op een dag ziet Lot per ongeluk een stukje tekst dat haar niet loslaat. Als ze nu verder leest, dan ontdekt ze vast wel wat er aan de hand is! Maar het is veel erger dan ze ooit had kunnen verzinnen. Haar wereld stort in. En ze sleurt iedereen met zich mee.


Zo close als de meisjes zijn in Spanje, zo afstandelijk zijn ze in het kille Nederland. Een vrolijk en kleurrijk leven maakt plaats voor een minder spontaan bestaan. (En de verleden tijd maakt plaats voor een killere tegenwoordige tijd).
Het is een behoorlijk heftige coming of ageroman. De ontwikkeling van vooral Lot wordt heel realistisch en invoelbaar beschreven. Het boek volgt heel fraai het kinderliedje, dus wie de tekst daarvan kent, kan voorkennis hebben van hoe het verloop van het boek is…


Anna van Praag is een Nederlandse kinder- en jeugdboekenschrijfster. Zij studeerde Spaans in Amsterdam en werkte bij diverse theatergezelschappen en filmfestivals.


ISBN 9789047704942 | hardcover | 300 pagina's | AmboAnthos | september 2012
Leeftijd vanaf 13 jaar.

© Marjo, 27 mei 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDe Witchworld-legenden 1: Tweestrijd
Ton Theunis


Tweestrijd is het eerste deel van de Witchworld-legendes 1, een fantasyserie voor jongeren.
We maken kennis met de zestienjarige Elaine, die - zwaar tegen haar zin - naar een klooster wordt gestuurd, naar, zegt ze : ‘een stel ouwe kerels die me de hele dag bestoken met hun gebeden en zogenaamde wijze lesjes waar je geen vis mee kunt vangen en geen zwaard of dolkmes mee af kan weren!’

Dat klopt wel een beetje: er mogen geen wapens binnen de muren zijn, al trekt Elaine zich daar niet veel van aan, ze neemt haar katapult stiekem mee. Ze is een eigenwijs meisje, deze dochter van de heer van Berlichem, maar ze is ook slim en moedig, zoals we zullen merken. Al snel heeft ze vrienden: Pippijn van Doornick en zijn bewaker Ivar. Er is wel iets met die Ivar, merkt ze, soms doet hij vreemde dingen. Maar ze worden druk bezig gehouden in het klooster, ze heeft nauwelijks tijd zich er zorgen om te maken.


Ze maakt zich eerder druk over die rare verschijning in haar kamertje. Ineens staat daar een trol! Hij stelt zich voor als Toerio. Ook met hem raakt Elaine (Ellenne, zegt hij) bevriend. Dat zal zeer handig blijken, want er wacht hen een groot avontuur en Toerio is van vele markten thuis. Onderweg naar het klooster al werden ze gewaarschuwd: ‘Het is een slechte tijd om nu in Naruthi (=de abdij) te zijn. Alle zwarte vrouwen verzamelen zich in het woud rondom.’  Elaine vindt het maar geneuzel, geesten en heksen, die bestaan niet.  Maar Toerio bevestigt het, al heeft hij het meer over die enorme zwarte raaf die zich af en toe laat zien.


Als op een dag het klooster bezoek krijgt van zijn stichter, de monnik Bonifatius - het verhaal speelt in 753 - begint de ellende. Want Bonifatius gaat op zoek naar de bron van het dreigend onheil. Hij ziet een verband met de aanwezigheid van Toerio, die hij gevangen laat nemen, en met Elaine zelf, en dringt er op aan dat ze het klooster verlaat. Nou, Elaine wil best naar huis! Maar de abt houdt haar tegen. 


Als Bonifatius naar het noorden vertrekt, lijkt hij verdwenen te zijn. Elaine roept haar vader en zijn trawanten om hulp, maar ook zij komen niet terug van hun tocht over de Limes. En jawel: dan gaat Elaine zelf, in gezelschap van haar vrienden.
Het noorden, dat is het gevaarlijke moeras, een onherbergzaam gebied, waar nauwelijks bewoning is. Onderweg raken ze elkaar kwijt, maar leert ze ook nieuwe vrienden kennen. En nog verder naar het noorden wacht haar die geheimzinnige figuur.


Tweestrijd is een spannend verhaal met magie en humor:


‘Dus al ik het goed begrijp is jouw trollenvriend nog in leven omdat die steen om je nek is gaan gloeien en zijn wij nu op weg naar ergens in tegengestelde richting van waar we heen zouden moeten gaan en waar hij dus zou kunnen zijn.’


Een heerlijk verhaal met veel verwijzingen naar de menselijke aard, en natuurlijk de strijd tussen goed en kwaad. Ik ben heel benieuwd hoe het Elaine verder vergaat.


Ton Theunis (1959) schreef thrillers gebaseerd op zijn ervaringen in de criminele wereld. Hij is algemeen directeur van WitchWorld, het themapark dat naar verwachting in 2019 zijn poorten zal openen rondom het Kasteel van Almere. Centraal daarin staan de avonturen van Elaine en haar vrienden.


‘De legende van de Gravin van Almere speelt zich af in en om wat nu Flevoland heet. Ooit, voordat het water kwam, lag daar een uitgestrekt gebied van moerassen, bossen en venen. Vele eeuwen later beleeft de bezoeker de geschiedenis van deze streek opnieuw in een park dat middenin het hypermoderne Almere ligt alsof het verstrijken der eeuwen er geen vat op heeft gehad. ‘


ISBN 9789462970489 | paperback | 416 pagina's | Uitgeverij De Kring | september 2016
Leeftijd 14+

© Marjo, 8 mei 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDe appeltaart van hoop
Sarah Moore Fitzgerald

Het verhaal begint met een herdenkingsdienst voor Oscar Dunleavy. In de kerk bevindt zich ook Meg, het meisje dat sinds eeuwen zijn buurmeisje was. Maar op het moment van zijn verdwijning was ze er niet. Ze was met haar ouders naar Nieuw-Zeeland verhuisd, voor een half jaar maar. Ze wilde eigenlijk niet mee, maar als meisje van veertien heb je niets te zeggen. Dus moest ze Oscar achterlaten, en dat net op het moment dat ze besefte dat ze hem niet kon missen. Ze hield van hem. Maar dat durfde ze niet te zeggen, al schreef ze hem wel een brief, die ze verstopte onder het matras.


In de maanden dat zij er niet was, woonde er een ander gezin in hun huis, waar hun spullen nog achterbleven. En het meisje dat in de kamer van Meg sliep, in het bed van Meg sliep, dat meisje palmde ook Oscar in en het ergste: Paloma vond de brief. En gaf hem aan Oscar. Met boze opzet.


Tijdens de dienst wordt Oscars beste vriendin naar voren geroepen. Meg schrikt, dat is zij immers. Ze wist niet eens dat ze iets moest zeggen!
Maar dan staat er een ander meisje op, en Megs wereld, die toch al in duigen was gevallen is nu helemaal aan gruzelementen. Ze is zelfs niet meer degene die Oscars vriendin was…


Toch: ze gelooft eigenlijk helemaal niet dat hij er niet meer is. Dat zou ze toch voelen? De jongere broer, Stevie, is gelukkig: eindelijk iemand die net als hij ook niet denkt dat Oscar dood is. Verdwenen, ja, maar dan moeten ze hem toch zoeken?
Maar wil Oscar, de jongen die magische appeltaarten bakt, wel gevonden worden…

Dit is een prachtig verhaal over vriendschap. Er is ook nog een mooie rol weggelegd voor een oudere eenzame man. Het boek is geschreven in eenvoudige maar doeltreffende taal, en toont de jonge lezer dat je met hoop, en volharding kunt overwinnen.


'Er is altijd een kruimel over', staat dan ook op de omslag.


Sarah Moore Fitzgerald (New York) woont in Ierland. In 2013 debuteerde ze als schrijfster.
De appeltaart van hoop is haar tweede boek.

ISBN 9789000348138 | paperback | 308 pagina's | Van Goor Uitgevers | april 2016
Vertaald door Sandra C Hessels | Leeftijd 13+

© Marjo, 25 maart 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER