Nieuwe jeugdboekrecensies 13+

altHet geheim van Chandra taal
Deel 2 uit de serie M.
Helena Daelman


O ja, M.! Meteen komt het eerste avontuur, De Magische reis, weer in het geheugen terug. Matthias’ vader is verdwenen toen hij een zeereis aan het maken was. Met behulp van de schilderijjongen M. gaat Matthias op zoek naar zijn vader. M. is een magisch personage. Hij is een geschilderde jongen, moet dus oppassen voor water, maar wat hem vooral bijzonder maakt is dat hij magische gaven heeft. Hij kan reizen door de tijd. Door alleen maar een plaats aan te wijzen op een wereldbol of kaart reist hij zo naar de gewenste plek. Als Matthias zijn hand vasthoudt, kan hij mee. Zo heeft de jongen ontdekt dat hij in Mud, een dorpje in de Himalaya een halfzusje heeft. Thuis vertelt hij daar niets over, maar als hij nu in het tweede deel – het is een jaar later – bericht krijgt dat er iets met Gawe, het zusje, aan de hand is, gaat hij opnieuw met M. op reis.


Dit keer gaat het meisje Rinske ook mee. Zij wordt wel gewaarschuwd: de reis kan gevaarlijk zijn, en ontberingen zal ze ook tegenkomen. Ze wil toch mee, ze is nieuwsgierig en de jongens verzekeren haar dat niemand thuis zal merken dat ze weg geweest zijn. De taal is ook geen probleem: M. hoeft maar met zijn vinger over hun voorhoofden te strijken en ze begrijpen en spreken de taal van de plek waar ze zijn. Met z’n drieën arriveren ze bij een dodelijk ongeruste Pema, de moeder van Gawe. Zij laat hen de boodschap zien, die opgesteld is in Chinese tekens. Vertaald:


’Geef ons het geheim van Chandra Taal in ruil voor het kind. Eens de klok middernacht heeft geslagen, in de nacht van het laatste maankwartier zal de uitwisseling plaatsvinden onder het alziend oog van de witte dame met duizend armen.’


Zeven dagen hebben ze om het geheim te vinden, en ze hebben geen idee. Wat is Chandra Taal? Wat voor geheim bedoelen die ontvoerders?
De eerste vraag wordt beantwoord: Chandra Taal betekent meer van de maan, het bevindt zich op het plateau van Samudra Tapu, en het is de bron van de Chandra rivier. Maar wat voor geheim daar mee verbonden is, niemand heeft een idee.


Als ze op pad gaan naar het meer, neemt Matthias de rugzak van zijn vader mee, die nog bij Pema lag. In de tas ontdekt hij het visitekaartje van ene Dr Amit Tekwani, de man met wie zijn vader op expeditie was. Ze weten niet beter te doen, dan die man op te zoeken, en dan begint het avontuur pas echt. Hij vertelt hen over een raadselachtig wezen dat hij tijdens een expeditie met Jean, Matthias’ vader, gespot had bij Chandra Taal. Hij had foto’s die hij Jean liet zien. Ze dachten dat het een buitenaards wezen was, een andere verklaring was er niet. Hun onderzoek ter plaatse leverde niets op en toen ze terugkwamen in New Delhi, werden ze opgewacht door de veiligheidsdienst en moesten ze al hun gegevens en foto’s afgeven. Een jaar later wilde Jean Dr Tekwani bezoeken, maar verdween op zee.


Dr Tekwani wil de kinderen best helpen, maar waarschuwt: het is erg gevaarlijk. Helaas blijkt dat maar al te waar. Toch gaan ze verder op onderzoek, en komen in Mexico, waar ze de jongen Pablo ontmoeten. Matthias probeert de hallucinante stof Peyote, ze raadplegen een sjamaan, reizen door naar China en intussen tikt de klok door. Zullen ze het meisje op tijd terugvinden?


‘Ik voel me rot. Mijn zusje zit ergens aan de andere kant van de wereld, gevangen gehouden, in omstandigheden die we niet kennen. Hier zit ik dan, machteloos, het spoor bijster, zonder aanwijzing of gids… was mijn pa er maar om me de weg te wijzen, net als de vorige keer.’


Er zijn nog een heleboel open vragen aan het einde van deel twee, dus we zullen deel drie af moeten wachten. Het is weer een erg avontuurlijk en spannend verhaal, waarbij aandacht besteed wordt aan sagen en legenden. Het taalgebruik is nogal Vlaams, en ik begrijp bijvoorbeeld niet waarom de schrijfster in plaats van het woord raadsel, dat ook gebruikt wordt, ineens het woord enigma gebruikt.
Maar Helena Daelman bezit genoeg fantasie om er een aantrekkelijk verhaal van te maken, dat je met graagte uitleest. Teleportatie via Google! Je moet er maar op komen.


Helena Daelman (1972) behaalde een master in de "Journalistiek en Audiovisuele Media" aan het RITS in Brussel. Dertien jaar werkte ze als journaliste en eindredacteur voor de Vlaamse televisie (1995 - 2008) en daarna koos ze bewust voor de zachte sector, waar ze als vormingsmedewerker (2008 - 2013) aan de slag ging in een centrum voor volwassenen met een mentale beperking.


In 2015 verscheen haar eerste jeugdroman M - De Magische Reis, waar dit boek een vervolg op is.


ISBN 9789462420526 | Paperback met flappen | 191 pagina's | Uitgeverij Kramat | augustus 2016
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 15 februari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"De hamer van Thor
Magnus Chase en de goden van Asgard deel 2
Rick Riordan


Nog niet zo lang geleden is het leven van Magnus Chase ingrijpend veranderd. Nou ja, “leven” is misschien niet het juiste woord. De destijds dakloze Magnus is gestorven tijdens het verrichten van een heldendaad. Normaal gesproken zou dat einde verhaal zijn geweest maar Magnus’ heldhaftige dood werd door de Walkure Samirah-al-Abbas, alias Sam, opgemerkt. Sam besloot Magnus in het Walhalla, de Vikinghemel voor gesneuvelde strijders, op te nemen. Sindsdien “leeft” Magnus als ondode voort.


In het Walhalla, dat een soort gigantisch vijfsterrenhotel blijkt te zijn, leidt Magnus een luxeleven. Aan werkelijk alles is gedacht. Helaas zijn er wel voorwaarden aan het verblijf in Walhalla verbonden. Magnus staat in dienst van de Vikinggoden en moet doen wat hem opgedragen wordt. Bovendien zal hij voor oppergod Odin moeten vechten tijdens Ragnarok, de onafwendbare strijd die zal leiden tot de ondergang van de goden.


Tot nu toe heeft vooral de dondergod Thor er een handje van een beroep op Magnus te doen. Hoewel de machtige god niet zonder zijn hamer kan, slaagt hij er regelmatig in het enorme voorwerp kwijt te raken. Ook nu is de hamer verdwenen. Niemand mag het weten want de kracht van Thor stelt zonder hamer weinig voor. De verdwijning van het wapen zou dan ook Ragnarok in kunnen luiden. Magnus krijgt opdracht de hamer zo onopvallend mogelijk op te sporen.


Hoewel Magnus een ondode is, wil dat niet zeggen dat hij ook onsterfelijk is. In het Walhalla kan hij zorgeloos het loodje leggen – hij verrijst dan gewoon weer uit de dood - maar in de buitenwereld is hij sterfelijk. Het scheelt dat Magnus een aantal bijzondere krachten, trouwe vrienden én een goddelijke vader heeft. Daarnaast kan hij altijd vertrouwen op de hulp van zijn zwaard Jack. Het is alleen vervelend dat Jack steevast – en heel vals – popliedjes brult wanneer hij zijn doelwitten te lijf gaat.


De hamer blijkt in het bezit van de reuzen te zijn en dat is niet best. Ze zijn meesters in het verstoppen van voorwerpen en bovendien oersterk. Tot Magnus’ schrik heeft Loki, de god van chaos en leugens, lucht van de situatie gekregen. De uiterst onsympathieke god heeft het op een akkoordje met de reuzen gegooid. Magnus en zijn vrienden zullen de hamer alleen terugkrijgen als Sam een enorm offer brengt.


Wat Loki van Sam vraagt, is ronduit verschrikkelijk. Het is duidelijk dat de gemene Loki een uiterst duister plan aan het smeden is. Magnus en zijn bijzondere vriendengroep hebben maar een paar dagen de tijd om zijn snode ideeën een halt toe te roepen.


Wie De hamer van Thor heeft gelezen kan het verhaal onmogelijk van a tot z navertellen. Er gebeurt namelijk enorm veel in dit boek. Reuzen, dwergen, elven, bokken, wurgkoorden, zwaarden, hamers en goden die selfies maken, zorgen ervoor dat het verhaal de ene wending na de andere neemt. Magnus ontsnapt meerdere keren aan de dood maar het ziet er niet goed voor hem en zijn vrienden uit. De vijand is gewoonweg te sterk. Om de hamer aan Thor terug te kunnen geven, zal Sam toch aan de eis van Loki gehoor moeten geven. “Sorry, het is niet gelukt”, zijn immers niet de woorden die een dondergod met een kort lontje wil horen.


Wie een boek wil lezen dat een betrouwbaar beeld van de Vikinggoden schetst, kan maar beter een ander boek kiezen. Hoewel de auteur zich heel goed in de geschiedenis heeft verdiept, heeft hij een geheel eigen stempel op het verhaal gedrukt. Zo zijn alle goden, inclusief de Romeinse en Griekse goden, naar Amerika verkast. De verhaalstijl is heel bijdehand en de personages zijn aangepast aan het moderne leven. Zo draagt Walkure Sam een hoofddoek omdat ze moslima is, en is haar broer (of zus) Alex genderfluid.


De hamer van Thor lees je dus niet voor het hoge waarheidsgehalte. Het is een boek voor lezers die van avontuurlijke verhalen vol ongewone personages en gebeurtenissen houden. Dit boek, dat prima los te lezen is, vormt het tweede deel van de serie Magnus Chase en de goden van Asgard. De schrijver laat zich aan het eind van dit verhaal ontglippen dat in het derde deel een oude bekende zal terugkeren. Wie het werk van deze auteur kent, mag driemaal raden wie het is!


ISBN 9789000345472 | paperback | 429 pagina's | Uitgeverij Van Goor | januari 2017
Vertaald door Marce Noordenbos
Vanaf 14 jaar

© Annemarie, 29 januari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altMijn naam is Nul
Luigi Ballerini

‘Ik kan me niet eens voorstellen hoe het is om te horen dat de wereld waarin je bent opgegroeid, slechts een lelijke kopie is van de echte wereld, een leugen. Het is alsof hij gisteren is geboren en in één enkele dag veertien jaar moet overbruggen!’


Door een gelukkig toeval – hetgeen overigens verder niet verklaard wordt – bevindt de jongen die zichzelf Nul noemt zich ineens in een wereld die hij niet kent. Hoewel, jawel, hij kent het wel, maar dat waren films. Dat was niet echt. De wereld die hij kent is er een waarin hij alleen de stem van een vrouw, Madar, kent. Er zijn wel technici, mensen die komen schoonmaken, de was doen, of zijn eten verzorgen, maar die ként hij niet. Ze maken geen contact met hem.


Zijn leven is begonnen met een samenstelling, is hem verteld, en zo gauw het kon is zijn training begonnen. Naast een fysieke training was er het werken op de computer: spelletjes doen, waarin hij een doelwit moest zoeken en vernietigen. Hij werd steeds beter en keek er naar uit om op hogere levels te komen, voor steeds moeilijkere missies. Maar nu is hij in een wereld beland, die hij niet kent. Die schermen die hij ziet, waarom reageren ze niet op zijn aanraking, zoals de virtuele schermen in zijn kamer dat doen? En waarom is het zo koud, en vies daar? Nog erger: hij ziet mensen, en die willen hem aanraken. Dat is angstaanjagend. Waar is hij? Hij wil terug!


Nul is een jongen, die veertien jaar lang opgesloten heeft gezeten. Hoe Ballerini beschrijft wat zijn eerste ervaringen zijn in de wereld die wij kennen, dat is fantastisch. Nul heeft een innerlijke stem, eigenlijk zijn enige ‘contact’. Het is zijn geheugen, zijn geweten, zijn vraagpaal. Maar nu hij ergens is waar hij volslagen onbekend is, laat ook deze stem hem in de steek. Door de jongen op deze manier gesprekken te laten voeren met zichzelf, kunnen we ons nog beter inleven. We voelen de twijfels, de verbijstering, de angst bij de jongen.


Tegelijk voert Ballerini zijn ‘redder’ op, ook in de ik-vorm. Stephanie, een jonge kinderarts vindt hem op straat en neemt hem mee. Haar partner is neuroloog. Samen zijn ze slim genoeg om nattigheid te voelen, als de ouders met een telefoontje de jongen opeisen. Want hoe weten zij dat de jongen bij hen is? Inderdaad hebben de opvoeders van de jongen zo hun methoden. En ze hebben er erg veel belang bij hem terug te krijgen. Het wordt nog spannend of dat zal lukken.

Een spannend verhaal, dat riekt naar sciencefiction, maar eigenlijk best voorstelbaar is. Voor een groot deel is het een thriller, en leef je mee met de jongen. Persoonlijk vind ik dat de ietwat zoetsappige epiloog niet nodig was, maar het boek is natuurlijk geschreven voor jongeren. Zij zien het verhaal waarschijnlijk graag als een geheel dat klaar is.


Luigi Ballerini (Sarzana, 1963) is arts en psychoanalyticus en richt zich voornamelijk op kinderen. Hij heeft meerdere boeken geschreven, voor volwassenen en voor jongeren.


ISBN 9789044827613| Hardcover | 200 pagina's | Uitgeverij Clavis | juli 2016
Vertaald uit het Italiaans door Veerle Willems | Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 30 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Tweestrijd
Deel 1 van de WitchWorld-legenden
Ton Theunis


Elaine van Berlichem heeft zich zo lang mogelijk tegen haar vertrek verzet maar haar ouders staan erop dat ze onderwijs gaat volgen. Ze is immers een echte jonkvrouw en op een dag zal ze haar vader, die graaf is, opvolgen. In het klooster van Naruthi zal ze leren lezen en schrijven, iets wat in het jaar 753 na Christus lang niet voor iedereen is weggelegd. Toch is Elaine allesbehalve blij met haar bevoorrechte positie. Ze heeft geen zin om tussen een stel oude monniken in een muf klooster te moeten verblijven. Haar vaders wil, is echter wet.


Na een reis van enkele dagen wordt Elaine allerhartelijkst door Broeder Lucius op het klooster ontvangen. Ze grinnikt wanneer ze ontdekt dat haar vader, die ook aan het klooster heeft gestudeerd, wordt herkend en liefkozend “Kleine Lennaert” wordt genoemd. Broeder Lucius gebied Elaine haar wapens in te leveren, wat ze niet doet, en drukt haar op het hart zich ’s nachts niet buiten de muren van het klooster te wagen. Zodra het duister invalt, ligt het kwaad daar op de loer.


De volgende ochtend neemt Elaine met tranen in haar ogen afscheid van haar vader. Een andere nieuwkomer merkt haar verdriet op en vertelt haar onomwonden dat hij het thuisfront beslist niet zal gaan missen. Elaine hoort de stoere praatjes van haar leeftijdsgenoot met verbazing aan. Wat een vreemde snuiter! Toch sluit ze vriendschap met de jongen. Hij heet Pippijn van Doornick en is de zoon van een groothertog. Pippijn is niet alleen naar het klooster gekomen. Zijn trouwe schildknaap Ivar zal niet van zijn zijde wijken. Ivar moet Pippijn beschermen tegen een gevaarlijke voorspelling. De nuchtere Elaine begrijpt er niets van. Eerst moest ze al oppassen voor kwaad dat ’s nachts op de loer ligt en nu loopt een tienerjongen gevaar omdat een of andere kwaadaardige dame het op hem voorzien heeft!


In de periode die volgt, trekt Elaine veel met Pippijn en Ivar op. Samen ontdekken ze dat er aardige en minder aardige monniken op het klooster verblijven. Dan gebeurt er iets dat Elaines leven voorgoed zal veranderen. In haar slaapkamer betrapt ze een piepklein mannetje met puntige oren op het stelen van haar spiegel. Elaine heeft al snel in de gaten dat het mannetje weliswaar een dief is, maar verder geen kwaad in de zin heeft. Toch durft ze Pippijn en Ivar niet te vertellen dat ze er een nieuwe vriend bijheeft. Het mannetje, dat Toerio heet, is immers een trol en trollen staan niet goed bekend. Ze zouden vertegenwoordigers van het kwaad zijn. Elaine gelooft echter geen moment dat Toerio kwaadaardig is. In de periode die volgt, schiet hij haar meerdere malen te hulp. Wat anderen ook beweren: Toerio is een vriend.


Hoewel het klooster nog altijd veilig is, komt het kwaad steeds dichterbij. Ook Elaine belandt in gevaarlijke situaties. Zal het verhaal van Pippijn dan toch waar zijn? Heeft de heks Blauwe Kula het daadwerkelijk op hem voorzien? Niemand minder dan Bonifacius, de stichter van het klooster, gaat de confrontatie met het kwaad aan. Wanneer hij en zijn mannen niet meer terugkeren, besluit Elaine de hulp van haar vader in te roepen. De graaf van Berlichem trekt met een groot leger een gebied vol gevaarlijke wezens in. Hoewel ze met velen zijn, keert niemand terug. Zelfs Toerio, die mee is gegaan om de weg te wijzen, is spoorloos verdwenen. Elaine aarzelt geen moment en reist het gezelschap achterna.


Tweestrijd is het eerste deel van de WitchWorld-reeks. De boekenreeks hoort bij een gloednieuw themapark rondom het Kasteel van Almere dat in 2019 zijn poorten zal gaan openen. Auteur Ton Theunis is de algemeen directeur van het toekomstige park. In WitchWorld zullen de avonturen van Elaine en haar vrienden centraal staan. Ik ben erg benieuwd naar het themapark want ik heb enorm genoten van dit boek.


Tweestrijd is goed geschreven, origineel en heerlijk avontuurlijk. Grappig is ook dat de trollen een eigen taal hebben. Het Noords dat ze spreken is een soort (fonetisch geschreven) combinatie van Zweeds en Noors. Elaine krijgt de taal op een jaloersmakende manier onder de knie. Ik wist al dat Ton Theunis goed kan schrijven maar niet elke schrijver kan met het moeilijke genre fantasy uit de voeten. Ton Theunis kan dat wel! Het is alsof hij nooit anders heeft gedaan. Dit meeslepende verhaal zit vol boeiende personages, bijzondere wezens en verrassende gebeurtenissen. Ik kijk reikhalzend uit naar het volgende deel!


ISBN  9789462970489 | paperback | 383 pagina's | Uitgeverij de Kring | oktober 2016
Vanaf 14 jaar

© Annemarie, 26 oktober 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Als de bergen huilen
Gerda van Erkel


"Het oog kijkt terug. Rond en glimmend en even zwart als een van de nachten waarin hij ijskoud van angst aan zijn bed vastgevroren ligt. [...] van het oog gaat iets betoverends uit, zoals toen hij als kleine jongen het ventje achter de spiegel zocht. Waarom zou hij nu bang zijn? Het is klaarlichte dag en hartje zomer. Bij het ontbijt kroop er zelfs een lieveheersbeestje over tafel, wat altijd een goed voorteken is. Het oog is ook overduidelijk niet dat van een mens. Dat zou heel wat anders zijn.
Het oog kijkt en wacht af. De jongen doet precies hetzelfde, zonder dat ze elkaar ook maar een seconde loslaten, zodat hij opnieuw aan spiegelbeelden moet denken. We peilen de diepte van elkaars ziel, denkt hij."

De jongen uit dit bovenstaande citaat is Sune en het oog is van een woerd. De eend schenkt hem troost. Als alles hem teveel wordt dan gaat hij tellen of vlucht hij weg, soms gaat hij dan naar het water en praat met de woerd die altijd naar hem luistert en hem nooit pest en hem nooit teveel vindt.


Sune woont in Norrland, het noordelijkste landsdeel van Zweden. Hij kent de omgeving op zijn duimpje, weet alles van de natuur, als mensen het wilden dan kon hij ze veel vertellen. Maar alleen zijn vader Mikhail en Saimi, het meisje van de supermarkt, nemen hem serieus. Zijn vader zegt dat hij alleen wat traag in zijn hoofd is en Saimi neemt boeken uit de bibliotheek voor hem mee, zoals boeken over het Noorderlicht. Sune wil later met haar trouwen.


Maar voor Ida zijn vijf jaar oudere zus is Sune bang. Zo is ze lief, zo is ze gemeen. "Als hij aan haar denkt, rent zijn hart als een opgejaagde wezel die zijn hol niet meer vindt." Hij wil dat Ida weggaat, maar Ida kookt aardappels, maakt het huis schoon en doet de was.  Ida snerpt en snauwt, haar stem hakt en hakt maar,  Ida is een trol. Hij wilde dat Ida een man vond en trouwde want Ida is overal.
Sune's moeder ging dood toen hij geboren werd. Daardoor voelt hij zich altijd schuldig. Maar elke avond wenst mama hem goedenacht, dan knipoogt de ster boven hun huis... maar dat kan niet zegt Ida. Toch blijft Sune het geloven.


Maar die dag is het allemaal anders. Die dag ontmoet hij Borr, net als Sune met de woerd in gesprek is. Sune is bang, hij hoort Borr aan komen lopen en denkt dat het de Pojkarna (de jongens) zijn die hem altijd pesten. Hij is zo bang dat hij begint te krijsen, 'als een pasgeboren blinde big'. Borr probeerde hem gerust te stellen vertelt hij later aan de politieagent.


Borr is met zijn moeder mee op vakantie, zijn vader is weg en woont nu bij Astrid. Zijn moeder is zwaar depressief, ze wil niets, alleen maar wat lezen en bij het zwembad zitten. Borr speelt in een band en schrijft zelf muziek, vaak met Helga in zijn achterhoofd, zij was zijn muze, zijn vriendin, maar ook dat is nu voorbij. Het gemis is enorm, en nu zit hij dan in Norrland een bijna verlaten gebied, het dorp heeft 34 huizen, een kerk, een supermarkt, een school, een een hotel.  Borr verveelt zich enorm en is eigenlijk was hij blij dat hij iemand zag waarmee hij eventueel zou kunnen optrekken. Kiruna is de meest dichtsbijzijnde stad waar de slimste kinderen na hun vijftiende jaar op internaat gaan.


Sune is bijna achttien, met achttien word je een man weet hij. En een man heeft een liefje en geld en dat heeft Sunne alle twee niet. Hij besluit werk te zoeken bij Lasse, de vriendelijke man die boten verhuurt en een terrasje heeft  en daar ontmoet hij Borr opnieuw. Borr wil naar de waterval en vriendelijk als Sune is, wil hij hem wel de weg wijzen. Geen betere gids dan jij, zegt Lasse, en zo gebeurt het en zo ontstaat de vriendschap tussen Borr en Sune.


Alles gaat goed, Sune vindt een baantje bij Lasse en is blij met zijn nieuwe vriend Borr. Hij laat Borr zelfs zijn geheime schuilplaats zien en ze worden bloedbroeders. Maar Sune weet donders goed dat de vriendschap niet blijft. Borr zal teruggaan naar Stockholm en 's winters is er geen werk voor Sune. Maar toch alles gaat nu goed, Sune is gelukkig... totdat ze de meisjes tegenkomen. Dan verandert alles, dan stapelen steeds meer dingen zich op in het hoofd van Sune, en rest hem nog maar één ding.


Vanaf het begin, voel je de dreiging. Halverwege het verhaal ontdek je zelfs  tot je schrik dat het verhaal deels door Borr verteld wordt, hij praat tegen een politieagent, die alles keurig noteert. Wat is er gebeurd? Waar is Sune?
Het andere deel wordt door de lieve, zuivere, intelligente, unieke Sune zelf vertelt. Hij geeft weer hoe hij de wereld ziet. Hij vindt het erg dat  hij kennelijk iedereen een blok aan het been is en niemand hem serieus neemt, en dat terwijl hij zoveel weet! Écht heel veel weet dankzij zijn vele observaties en vele denkwerk. Hij doorziet iedereen, voelt feilloos het karakter van iemand aan en houdt enorm rekening met iedereen. Al zijn problemen bespreekt hij met de woerd en de ster van zijn moeder, die luisteren tenminste....


Prachtig psychologisch verhaal over twee jongeren die zich staande moeten houden in een wereld die soms behoorlijk zwaar voor ze is. Beiden zijn vrij eenzaam maar ieder op zijn eigen manier. Ze krijgen veel te verstouwen maar blijven oplossingen zoeken. De karakters zijn erg goed neergezet, de jongens komen echt tot leven, vooral de licht autistische Sune. De mooie taal en zinnen die gebruikt worden passen perfect bij de karakters.  Grote pluim voor de schrijfster die zich zo fantastisch heeft weten in te leven. Het is een boek dat nog even na zal zinderen.


ISBN 9789059088177 | Paperback | 243 pagina's | Uitgeverij Davidsfonds infodok | augustus 2016
Leeftijd 14+

© Dettie, 9 september 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altHalf licht
Deel 3 van de Zwart/Wit trilogie
Sally Green


Toch maar even opnieuw vertellen wie Nathan, de hoofdpersoon van deze fantasytrilogie is.
Hij is niet bepaald een gewone jongen. Bijna achttien is hij en wees nu zijn vader, een Zwarte Heks, gestorven is. Zijn moeder, een Witte heks stierf bij zijn geboorte. Deze afkomst is niet makkelijk. Want wie is hij nu eigenlijk zelf?


‘Ik denk aan mijn vader en wil net zo als hij zijn, net zo sterk als hij. In veel opzichten was hij eerzaam en volkomen eerlijk. Maar hij kon ook wreed, hard en angstaanjagend zijn.
(...) Ik heb mijn moeder nooit gekend, behalve uit de verhalen van oma, Arran en Deborah; allemaal aardige, attente mensen. Ik weet dat ik nu heel ver van hen afsta, maar ik wil die helft van mezelf niet verliezen.
Ik wil een Halve Code zijn. Ik wil Zwart én Wit zijn, het beste van allebei.’


Dat valt hem zwaar, want men verwacht toch wel het een en ander van hem. Hij moet Soul bestrijden, de witte heks, die alleenheerschappij nastreeft.

In dit derde en laatste deel gaat hij met de gaven die hem ter beschikking staan, en de nieuwe gaven die hij nog moet ontwikkelen, op zoek naar Annelise. Hij is er van overtuigd dat ze hem verraden heeft en daar moet ze voor boeten. In zijn gezelschap is Gabriel, die hem tot bedaren probeert te brengen. Gabriel is niet zo’n vechter. Hij zou zich het liefst samen met Nathan ergens rustig terugtrekken. Geen oorlog meer.
Nathan doet natuurlijk wat zijn hart hem in geeft: eerst Annelise zoeken, wraak nemen, en dan Van, een Witte heks, helpen Soul te bestrijden en het evenwicht in de wereld te herstellen. Ook in deel drie zijn er de Jagers, die bestreden moeten worden omdat zij de handlangers zijn van Soul.


Er komt een nieuw element in het verhaal: de amulet dat zijn drager onoverwinnelijk zal maken. Gabriel heeft de ene helft, maar de andere is in handen van de heks Ledger, die een teruggetrokken leven leidt. Als zij gevonden is, blijkt ze ook haar eisen te willen stellen.
Ook de heks Celia heeft zo haar ideeën over hoe de wereld er uit moet komen te zien. Dat wordt de grootste uitdaging: hoe vorm je een verbond tussen Witte heksen, Zwarte heksen en halfbloeden die dan samen zonder verdere oorlog de wereld bevolken…


Het vervolg van de saga is boeiend, maar ik vind dat Sally Green er zich te makkelijk van af heeft gemaakt. Hoewel ze genoeg spanning en dramatiek in petto heeft voor de lezer, blijft er toch een onbevredigd gevoel hangen. Waarschijnlijk ligt dat aan het feit dat er een belofte gedaan lijkt te worden. Maar de inlossing daarvan gaat op het beslissende moment nogal kort door de bocht; de apotheose is vooral Het Gevecht, met de dramatische gebeurtenis en dan toch nog maar even die epiloog.
Er wordt net als in de andere delen heel wat strijd gevoerd, waarbij de deelnemers beschikken over speciale krachten. Dat zijn spannende delen. Ook is er romantiek, net als eerder.


Het derde deel lezen zonder de eerdere delen te kennen, valt niet aan te raden, maar als het al wat langer geleden is dat je die las, is dat geen probleem: je zit weer snel in het verhaal.
De kern van deze trilogie is de strijd tussen goed en kwaad, hetgeen je eventueel als een analogie kan zien voor de wereld van vandaag. Het speelt zich af in onze wereld, zonder echt duidelijk te maken waar precies. Alleen af en toe als er door ‘scheuren’ gereisd wordt, komt een aanduiding te voorschijn. Het is een strijd die zich buiten de belevingswereld van ons, fains, afspeelt. Dan kunnen we alleen maar hopen dat de strijd tussen de Witte en Zwarte heksen goede gevolgen heeft...


Sally Gree
n woont in Noordwest-Engeland. Eigenlijk is ze accountant, maar schrijven was hetgeen dat ze altijd al wilde doen. Half Zwart was haar debuut. Half wild een waardige deel twee. En met Half Licht is het gedaan. Hoewel??


De omslag is wederom heel mooi!


ISBN 9789048820481 | Paperback | 144 pagina's | Uitgeverij Moon | juli 2016
Vertaald uit het Engels door Lia Belt | Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 4 februari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Een onwaarschijnlijke vijand
Deel 3 van De Paladijnse Voorspelling
Mark Frost


Will kan zich bijna niet meer voorstellen dat hij eens een gewone tiener was. Sinds zijn ouders zijn ontvoerd, is alles veranderd. Op zijn nieuwe school, het Centrum, is Will tot de ontdekking gekomen dat er iets vreemds met hem aan de hand is. Hij kan warmte detecteren en zich ongekend snel voortbewegen. Tijd om van de schrik te bekomen, is hem niet gegund. Het Centrum lijkt contacten met een buitenaardse levensvorm te onderhouden. Will maakt onderdeel van iets groters uit, iets dat hij nauwelijks kan bevatten.


Ook Wills vrienden Ajay, Nick en Elise beschikken over bijzondere krachten. Ajay is bovenmenselijk intelligent, Nick is supersterk en Elise kan gedachten en beelden in iemands hoofd projecteren. Ook kunnen Nick en Elise zonder hardop uitgesproken woorden met elkaar praten. In een wereld waarin de muren oren lijken te hebben, komt dat bijzonder goed van pas. Will en zijn vrienden zijn constant op hun hoede. Nadat ze tot de ontdekking zijn gekomen dat hun vriendin Brooke in werkelijkheid een giftige spion is, vertrouwen ze vrijwel niemand meer.


Nog niet zo lang geleden hebben Will en zijn vrienden ontdekt dat de inwoners van de wereld Nooit-Bestaan het op de aarde hebben voorzien. Een geheim genootschap steunt hun snode plannen. De leden van het genootschap zijn meedogenloos en proberen een slaatje uit het hele gebeuren te slaan. Zo beschikt het genootschap inmiddels al over heel wat buitenaardse technologieën. Tot Wills grote afschuw heeft hij ontdekt dat Franklin Greenwood, de grootste slechterik van allemaal, zijn opa is.


Will besluit het spelletje mee te spelen. Hij zoekt zijn grootvader regelmatig op en doet net of hij aan zijn kant staat. Greenwood reageert enthousiast op de toenaderingspogingen van zijn kleinzoon en wordt steeds loslippiger. Terwijl Will steeds meer informatie over het Nooit-Bestaan en de buitenaardse technologieën verzamelt, beraamt hij samen met zijn vrienden, in het grootste geheim, een reddingsmissie. Zijn beste vriend Dave is in handen van de vijand gevallen. Hij bevindt zich ergens in het Nooit-Bestaan. Dave slaagde er enige tijd in belangrijke boodschappen aan Will door te geven maar nu is het stil. Is Dave nog wel in leven?


Will is een trouwe vriend en hij is niet van plan Dave aan zijn lot over te laten. Dat Dave niet menselijk is, doet er niet toe. Een vriend is een vriend. Ook Ajay, Nick en Elise zijn bereid te helpen. Ze beseffen inmiddels allemaal dat ze niet zomaar over bijzondere krachten beschikken. Hoewel ze hun angst nauwelijks kunnen onderdrukken, besluiten ze allemaal om met Will mee naar het Nooit-Bestaan te reizen. Ze beseffen maar al te goed dat ze hun levens op het spel zetten. Wat ze in het Nooit-Bestaan te wachten staat, weten ze niet. Wat ze wel weten is dat ze Franklin Greenwood en zijn levensgevaarlijke kornuiten moeten trotseren. Ze kunnen namelijk alleen via het hol van de leeuw naar de andere wereld reizen.


Een onwaarschijnlijke vijand is het derde en laatste deel van de reeks De Paladijnse Voorspelling. Het verhaal gaat verder waar het in het tweede deel ophield. Omdat het om een fantasyverhaal vol ongewone gebeurtenissen en personages gaat, duurde het even voor ik vat op het verhaal kreeg. Ik wist niet meer precies wat er allemaal in het tweede deel was gebeurd. Uiteindelijk kreeg ik toch de smaak te pakken, vooral omdat het verhaal iets heel eigens heeft.


Er zijn heel wat fantasyverhalen over jongeren met bijzondere krachten, vreemde werelden en griezelige monsters. Toch is Mark Frost erin geslaagd een unieke setting te creëren. Het verhaal wordt steeds spannender en de krachten van de personages verdiepen zich. Wie of wat is verantwoordelijk voor hun bijzondere gaven? Kunnen Will en zijn vrienden de waarheid wel aan? Heel fijntjes heeft de auteur een mooi en actueel moraal in het verhaal verwerkt. Ik hoop dat de jongeren die deze reeks lezen, de boodschap oppikken. Soms lijken fantasie en realiteit immers verdacht veel op elkaar.


ISBN 9789045208503 | paperback | 367 pagina's | Karakter Uitgevers |december 2016
Vertaald door Corry van Bree
Vanaf 14 jaar

© Annemarie, 7 januari 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altKristalkinderen 
deel vijf uit de serie 'Team Mortis'
Bjorn van den Eynden


Zoals we dat gewend zijn bij de verhalen over Team Mortis duiken we bij de proloog meteen het nieuwe avontuur in.


In Berlijn wordt een vijftienjarig meisje vermoord, Corina Weidling. Haar moordenaar, de spiegelman, denkt dat zij iets heeft wat hij wil hebben. Niet veel later stuurt de Zwitserse leider van Team Mortis, Celine Schield,  een deel van haar team op pad. In Kroatië moeten ze op zoek naar een meisje, Nelle Weidling. Ze moet van Lokva Rogoznica naar Kravica, een dorp verderop, gebracht worden.


De jongeren, Andreas, Erika en Felix, denken dat het een simpele opdracht is, en rijden naar de plek waar ze het meisje denken te vinden. Nelle wordt gevonden, maar zij laat zich niet zomaar meenemen. Ze heeft een eigen wil – natuurlijk – ze kent de anderen niet, en waarom zou ze meegaan? Maar ze heeft wel onmiddellijk gezien dat Andreas een mooie jongen is, en hij blijkt niet ongevoelig is voor de charmes van het Kroatische meisje. Nielsen en Giorgios, twee andere leden van Team Mortis zijn ook in  Kroatië, met een bijna gelijke opdracht: vind een meisje en breng haar naar Kravica. Dat meisje heet Rille Weidling. Wat is er met de dames Weidling aan de hand? Houdt de opdracht dan toch meer in dan ze dachten? Dat blijkt al snel als de spiegelmoordenaar weer opduikt, bij Rille.


Niet alles verloopt even voorspoedig, hetgeen spannende avonturen oplevert. De spiegelmoordenaar is ook niet alleen, en ze zijn beter bewapend. Zou ons team er opnieuw blijk van geven dat zij toch vindingrijker en sneller zijn dan hun geduchte tegenstanders? In de eerdere delen lukte het, maar nooit helemaal zonder kleerscheuren.


Bjorn van den Eynden heeft al eerder laten blijken over een onuitputtelijke fantasie te beschikken, en dat zullen we ook in dit vijfde deel weer ondervinden. De plot is goed uitgewerkt, het verhaal over de kristalkinderen overtuigend – binnen dit soort thrillers dan.
Het element romantiek wordt in dit verhaal ook wat meer uitgewerkt. Erika en Andreas vormen al in eerdere avonturen een stelletje, en zoals ik al aangaf komt Nelle daar nu tussen, ze is een echte stookster. Kan Erika haar vriend nog vertrouwen? Wil ze eigenlijk nog wel een relatie met een jongen die een ander meisje zoveel aandacht schenkt, ook al zegt hij dat het zijn werk is?


De personages worden steeds meer ‘eigen’, waardoor het wel wat vreemd is om te constateren dat ze nog steeds niet ouder zijn. Zeker gezien dat ene element in het verhaal, moeten ze hun verjaardag toch wel eens gevierd hebben intussen!
Maar de doelgroep zal zich daar niet druk over maken, die wordt vooral geboeid door het spannende verhaal, met de vele verrassende wendingen, die het nodige beloven voor komende vervolgdelen.


ISBN 9789059241367 | Paperback | 112 pagina's | Uitgeverij Bakermat | november 2015
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 16 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

hspace="15"Phobos
Victor Dixen


De achttienjarige Léonor is dankbaar. Uit miljoenen aanmeldingen is ze, samen met elf anderen, geselecteerd om aan het Genesisprogramma deel te nemen. Ze zal nooit meer lange diensten in de hondenvoerfabriek draaien. Ze zal nooit meer eenzaam zijn. Voor het eerst in haar leven zal ze bij een groep, en bij een iemand in het bijzonder, horen.


Léonor en de elf anderen zijn een jaar lang getraind voor de bijzondere reis die ze gaan maken. Vijf van de deelnemers kent ze al. Net als Léonor zijn het knappe tienermeisjes. De overige zes deelnemers zijn tienerjongens. Tijdens hun reis, die vijf maanden in beslag zal nemen, zullen ze aan elkaar voorgesteld gaan worden. Het is een enkele reis. Wanneer de twaalf jonge mensen, die uit verschillende delen van de wereld afkomstig zijn, op hun eindbestemming aankomen, zullen ze nooit meer naar huis kunnen gaan.


De reis die de twaalf deelnemers gaan maken is peperduur en uniek. In een luxe ruimtevoertuig zullen de jonge mensen naar de planeet Mars reizen. Voor het eerst in de geschiedenis zullen mensen zich definitief op de rode planeet gaan vestigen. De reis ernaartoe heeft een bijzondere functie. Het is een datingshow. Een realityshow die vierentwintig uur per dag en wereldwijd uitgezonden zal worden. Tijdens de reis naar Mars zullen de meisjes en jongens niet in dezelfde ruimte verblijven. Alleen tijdens zes minuten durende speeddates zullen ze elkaar ontmoeten. Aan het eind van de reis moet iedereen zijn of haar ideale partner kiezen. De kersverse stelletjes zullen vervolgens op Mars in door NASA gebouwde verblijven gaan wonen om daar gezinnen te stichten.


De Franse Léonor heeft niets te verliezen. Haar leven is tot nu toe geen pretje geweest. Dat geldt voor meer van de deelnemers. Niemand zal door familie op aarde gemist worden. Als er onderweg iets gebeurt, zal niemand zich geroepen voelen een rechtszaak tegen het Genesisprogramma aan te spannen. Dat komt de directie goed uit. Slechts een paar mensen weten dat er nooit een kolonie op Mars zal komen. De reis is een dodenreis.


Het vertrek van de deelnemers is een ware happening. Wereldwijd zien miljoenen, misschien wel miljarden, mensen hoe de deelnemers aan het publiek worden voorgesteld. De een is nog knapper dan de ander. Glimlachend en zwaaiend verdwijnen de jongens en meisjes in het ruimteschip. Alleen Léonor blijft even achter. De camera’s zien niet dat iemand haar probeert tegen te houden. Léonor kent de man die haar paniekerig aankijkt niet. Hij lijkt haar te willen waarschuwen, maar waarvoor? Er belandt een mobiele telefoon in haar hand. Het is streng verboden een dergelijk apparaat mee aan boord te nemen maar instinctief begrijpt Léonor dat ze de telefoon bij zich moet houden. Ze verstopt het en probeert het voorval te vergeten. Toch denkt ze tijdens de reis steeds aan het incident terug. Wat probeerde de man haar te vertellen?


In Phobos drijft de Franse auteur Victor Dixen de spot met de steeds absurdere vormen die realityprogramma’s aannemen. Een datingshow tijdens een reis naar Mars? Welja, alles voor de kijkcijfers! Ook wordt er geen genoegen meer met simpelweg een afspraakje genomen. De deelnemers van het Genesisprogramma moeten aan het eind van hun reis een levenspartner kiezen. Er wordt zelfs van ze verwacht dat ze op korte termijn voor nageslacht gaan zorgen. De speeddates vormen dan ook een ware vleeskeuring. De organisatoren hebben zelfs al bedacht hoe ze een slaatje uit de vroegtijdige dood van de jongeren zullen gaan slaan. Hun verlangen naar geld is groter dan hun geweten. De deelnemers zijn voor hun niets anders dan leuk uitziende attributen die veel geld opleveren. Ze lijken ze zijn vergeten dat het om jongeren van vlees en bloed gaat. Gelukkig onderschatten ze kracht van het individu. Ze onderschatten de slimme, achterdochtige Léonor.


Phobos is het eerste deel van een spannende serie. Zal Léonor op tijd beseffen welk gevaar zij en de andere deelnemers lopen? Vooralsnog houdt ze zich nietsvermoedend bezig met het vinden van haar levenspartner. Wie zal haar hart veroveren? Léonor draagt bovendien een groot geheim met zich mee. Ze zal het voor haar huwelijk aan de jongen van haar dromen moeten opbiechten. Victor Dixen houdt de spanning er goed in. Niet de realityshow maar de hebzucht van de mens staat in dit meeslepende verhaal centraal. De kwetsbaarheid van Léonor en de andere deelnemers wordt meedogenloos uitgebuit. Victor Dixen zet zijn jonge lezerspubliek goed aan het denken.


ISBN 9789021403403 | paperback | 398 pagina's | Uitgeverij Q | augustus 2016
Vertaald door Robbin Besselink
Vanaf 14 jaar

© Annemarie, 3 oktober 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altVervloekt
Luc Hanegreefs


‘Weet je dat dan niet, molenaarsdochter? Een grote vis die strandt, is de voorbode van een ramp.’


In de meimaand van het jaar 1348 spoelt er een enorme vis aan op het strand van Waterdunen. Een potvis. Alles  wat er aanspoelt is eigendom van de pachtheer, en die woont in Brugge. De pachtboer, Den Brunen, eist gauw het recht op de vis te beheren, want er moet nu snel iets gebeuren. De vis is zo groot! Hij moet verwerkt worden voor het karkas gaat rotten. De viskoopman en zijn zoon Snellard nemen die taak op zich zodat na een flinke tijd de vis en de stank ervan verdwijnen.


Het volgend voorjaar blijft het maar regenen, de schapen krijgen wolrot, de graanoogst mislukt, en ook de uien- en raapoogst dreigt niets te worden. En er steekt een grote storm op. Nu is het wel klaar, hopen de bewoners, maar helaas: niet lang daarna komt een geheimzinnige ziekte, de ‘Grote Sterfte’.
Is God boos op hen? Reynold, een zonderling die steels over het eiland zwerft, zegt dat het de wraak van God is. Is het eiland vervloekt?


Op het eiland Waterdunen woont ook Hille, de molenaarsdochter. Ysewin, zoon van de pachtboer, heeft een oogje op haar, maar Hille heeft een ander op het oog: Alwin, die in St Lambrecht woont, op het eiland Wulpen. De Waterduners gaan daar naar de markt, en Hille doet dat maar al tel graag. Maar is Alwin een dief, zoals Ysewin beweert?
Intussen is Heinric Taybarts in Brugge er niet zeker van dat zijn zaken daar op dat verre eiland wel goed beheerd worden, en hij stuurt zijn secretaris erheen. En er arriveert nog een vreemde op het eiland: een Engelsman spoelt aan met zijn bootje.


Vanaf dat moment gaat het fout: de een na de ander wordt ziek en sterft. Reynold kwijt zich van de onaangename taak de doden te begraven. Er gebeuren nog meer vreemde dingen: een brand, twee mannen die verdrinken. Het kan niet anders, het eiland is vervloekt. Toch, als de molenaar besluit het eiland te isoleren, om het andere eiland en zijn bewoners te beschermen, zijn de achterblijvers daar niet blij mee.
Dat Hille en anderen overleven is bekend bij de lezer, omdat zij getuigenissen afleggen, die in een ander lettertype tussen de hoofdstukken staan.


Luc Hanegreefs geeft een goed beeld van de veertiende eeuw, voor zover bekend is hoe mensen toen leefden. Hanegreefs heeft zich terdege laten informeren, getuige het dankwoord:  Over de pest, en ook de historische achtergrond van de topologie werd gecontroleerd. De kaart zien we aan de binnenzijde van de omslag.


Waterdunen zou een eiland geweest zijn dat tussen de eveneens verdwenen eilanden Wulpen en Koezand lag. In 1356 teisterde een storm de kustlijn van Vlaanderen. Waterdunen verdween. In de eeuwen die volgden veranderde de kustlijn steeds weer. Het is niet helemaal zeker wat Waterdunen was. Een eiland? Een dorp op een eiland? Of misschien allebei?  (zie www.waterdunen.nl bij ‘echt gebeurd’) Heden ten dagen is er opnieuw een Waterdunen: een nieuw natuurgebied In Zeeuws-Vlaanderen, ten westen van Breskens, dat moet dienen als versterking van de kust, maar ook een recreatiegebied zal worden.


ISBN  9789044826999  | Hardcover | 254 pagina's | Uitgeverij Clavis |  april 2016
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 29 augustus 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER