Nieuwe jeugdboekrecensies 13+

In de ruimte is het stil
(Planet Earth is Blue)
Nicole Panteleakos


Het verhaal speelt in 1986, hetgeen in het begin bevreemdt. Waarom is dat? Maar dat wordt gaandeweg het verhaal – vooral aan het einde - duidelijk.


Hoofdpersoon is de twaalfjarige Nova. Ook zonder haar fascinatie voor de ruimtevaart is zij een bijzonder meisje: ze heeft een vorm van autisme waardoor communiceren erg moeilijk is. Enkele woorden kan ze wel zeggen, maar omdat het haar moeite kost zegt ze liever niets. Mensen denken dat ze achterlijk is. Daar baalt ze wel van, maar ze weet niet hoe ze dat kan doorbreken. Haar vijf jaar oudere zus Bridget begreep haar wel, en daarom vindt Nova het echt heel erg dat Bridget weg is.


In de loop van het verhaal vertelt ze ons over hun gezamenlijke verleden, waarbij ze van het ene pleeggezin naar het andere werden overgeplaatst. Hun vader is omgekomen in Vietnam, waarna hun moeder aan de drank is geraakt. Ze kon niet voor haar twee meiden zorgen.
Behalve de hechte band met haar zus is er ook NASA-beer, die ze geen moment loslaat.


Maar nu is Bridget weg, ze was niet te hanteren, zeiden ze op het vorige pleegadres. Bridget had een vriendje. Nova vond dat ook niet leuk, maar het was de oorzaak van onenigheid binnen het pleeggezin. En toen liep Bridget weg. Maar ze heeft beloofd dat ze terug zal zijn- wat er ook gebeurt - als de spaceshuttle Challenger gelanceerd gaat worden. Nova telt de dagen af, terwijl ze gewoon naar school gaat en probeert te wennen bij Francine en Billy, haar nieuwe pleegouders.


‘Het was een enorm lawaai in de kleuterklas.
Gepiep van de potloodslijper.
Knikker die uit een blik op de vloer kletterden.
Krijtjes die uit ene kartonnen doos op de tafel rolden.
Buiten kwetterden vogels.
Binnen kwetterden kinderen.
Het was te veel.
Nova liet zich op haar knieën vallen en wiegde heen en weer, gillend, nog steeds met haar ogen dicht.
‘Opstaan’, zei de juf, en ze trok aan haar arm.
‘Bidge!’ schreeuwde Nova. Haar grote zus moest haar komen redden. ‘Bidge! Bidge!’
‘Wat zei je daar?’  De juf sleurde Nova ruw overeind.’


Een voorbeeld van wat het meisje te verduren kreeg. De juf dacht dat ze uitgescholden werd. Nova wordt er iedere dag mee geconfronteerd: onbegrip, angst en wanhoop. Bij Francine en Billy gaat het beter. Zij hebben geduld, en begrijpen beter wat er in haar omgaat.
Maar aan het gemis van Bridget kunnen zij ook niets doen. Nova wacht…en de dag van de lancering nadert.


Het verhaal wordt verteld met Nova als vertelperspectief. Dan laat Panteleakos haar ook nog brieven schrijven (ze kan niet of nauwelijks schrijven) aan haar zus. Dat is voor het verhaal erg nuttig, maar tegelijk rijst er twijfel: hoe kun je weten wat er in het hoofd van het meisje omgaat.


In een nawoord vertelt de schrijfster dat ze zelf ook een vorm van autisme heeft, en dat men in 1986  nauwelijks wist wat die stoornis inhield. Dat is gelukkig verbeterd. Tegenwoordig kunnen autisten met behulp van een tablet of spraakcomputer duidelijk maken wat ze willen zeggen.


Door het hele verhaal speelt de ruimtevaart een grote rol, als ook het boek ‘De kleine prins’ die grote indruk heeft gemaakt op de meisjes met zijn filosofische opmerkingen. En er is het lied van David Bowie. Space Oddity. Hij zingt: ‘planet earth is blue and there’s nothing I can do.’ De Engelse titel van dit boek is Planet Earth is blue. Natuurlijk is een vertaling lastig, maar het betekent letterlijk dat de aarde er vanuit de ruimte blauw uitziet. En figuurlijk dat de aarde er somber, verdrietig uitziet. Met het vervolgzinnetje in het liedje is duidelijk dat Major Tom zich machteloos voelt. Hij heeft geen controle meer over het ruimteschip. Zo heeft Nova geen controle over haar leven, over zichzelf misschien ook niet, en ze voelt zich verdrietig. Die somberheid komt ook naar voren op de momenten dat ze aan het liedje denkt. Dat is toch anders dan In de ruimte is het stil, de Nederlandse titel.

Los daarvan is het een bijzonder verhaal, ontroerend, en beklemmend met een afloop die je verwacht maar die je niettemin erg raakt.


Het nawoord is nogal technisch, lastig voor jonge lezers, die dit misschien niet meer zullen lezen als het verhaal eenmaal uit is.
Het gaat niet alleen over autisme, maar ook over de achtergrond van het verhaal: de lancering van de Challenger.
Het is het debuut van deze schrijfster.


ISBN 9789000372225 | hardcover | 248 pagina's | Uitgeverij van Goor | juni 2020
Vertaald uit het Engels door Lidwien Biekmann | Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 2 juli 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Zilverbloed
De kronieken van de Zeven Eilanden 5
Mariette Aerts

Dit is het vijfde en laatste deel van de superserie over Calli en Raben. Helaas voor de fans, we zullen zonder hen verder moeten, zonder hun spannende avonturen in een magische wereld.


Het slot speelt zich af waar het ooit begon: op Ing’Tassa, het grootste eiland van de zeven, waar in de stad Kironos de heerser van Kir, de heer Glendahl, zich bevindt. Hij is lang zo machtig niet meer als hij was toen het verhaal begon. Hij heeft nog steeds geen opvolger. Zijn oudste zoon Enzor vindt hij niet geschikt en de jongste zoon, Arden, is pas zeventien. De heer Glendahl heeft zich nu gericht op zijn raadgever de monnik Himmondar, die evenwel zo zijn eigen plannetjes heeft.


Het land is steeds onstabieler geworden. Op andere eilanden zijn indringers, op Ing’Roz bijvoorbeeld hebben de Dwingers het voor het zeggen, de Zaghramongul. Zij dwingen anderen met hun gedachten te doen wat zij willen. Als zij blijk geven van uitbreidingsdrang, is dat een doorn in het oog van Glendahl en Himmondar. Zij willen de weg vinden naar de Oude Magie, met behulp van voorwerpen, artefacten.


Om deze voorwerpen te kunnen begrijpen hebben ze de hulp nodig van ‘Lezers’. Zij lezen letterlijk een voorwerp dat ze aanraken. Een van hen is Raben, eigenlijk genezer, net als zijn moeder. Zijn talent is erg gewild, hij wordt er zelfs om ontvoerd. Als hij zijn eerste reis maakt met Enzor wordt hun schip overvallen door piraten. Onder hen is Calli. Zij is niet de dochter van piratenkapitein Zoutbaard, maar hij behandelt haar wel zo. Calli is een stormzinger, een Elementaliste, zij kan al zingend het weer beïnvloeden. Handig bijvoorbeeld als er wind in de zeilen nodig is.
Vanaf het begin zijn Calli en Raben op elkaar gesteld. Zij beleven heel wat avonturen, en keren nu terug naar waar alles begon. Zij willen de eenheid in het Rijk van de Zeven Eilanden herstellen, en Enzor heeft een democratische leiding in gedachten. Zeer tegen de zin van Glendahl en Himmondar.


Eerder al waren er nog andere kapers op de kust, de drie Geleerden, die zich eeuwen stil hebben gehouden, maar die zich nu – uit verveling – overal mee willen bemoeien. Igra, Zaul en Malazor beheersen alle oude magie min of meer, waarbij Igra gespecialiseerd is in gedachten, een Dwinger; Zaul beheerst de gedaante, zodat een ander of hijzelf onherkenbaar is; Malazor is de zanger: hij beheerst de elementen, sterker dan Calli.


De terugkomst van Calli en Raben valt samen met de komst  van Igra, met in haar kielzog Zaul en Malazor. Ook de broer van heer Glendahl is in aantocht. Hij is gevraagd als voogd voor Arden. Deze Cranvall gedraagt zich nogal vreemd. Intussen wordt de stad en omgeving onveilig gemaakt door de gevaarlijke mengwezens, het resultaat van mislukte experimenten van Himmondar.
Als de drie Geleerden er in slagen om samen te werken lijkt het Rijk van Kir verloren. Of hebben onze vrienden genoeg medestanders en vrienden, die ieder over speciale krachten en magie beschikken?


Deze serie doet absoluut niet onder voor The Lord of the Rings. Ook hier wordt een strijd gevoerd tegen kwaadaardige magie door goede magie. Alle personages, zowel de goede als de slechte, hebben bijzondere magische eigenschappen. Wat hier anders is, is misschien het aantal slachtoffers. We lezen hier niet over gruwelijke slachtpartijen, er is daarentegen meer aandacht voor gewone menselijke facetten als de liefde. Hoewel: zijn Raben en Calli nu een stelletje? Of toch niet?
Je zou zelfs kunnen zeggen dat er een politieke boodschap in verborgen zit: Enzor die streeft naar democratie. En er is aandacht voor benadeelde minderheden.


Een van de talenten van Mariëtte Aerts is dat zij de lezer wiens geheugen niet zo sterk is heel handig weer mee terugneemt in het verleden zonder dat ze hele verhalen gaat ophangen. En ze schrijft heel vlot: geen lange uitweidingen maar prettig snelle acties. Pittige dialogen met een dosis humor. Een fris verhaal met veel personages en gebeurtenissen die niettemin heel goed te volgen zijn.
De gebruikelijke kaart zit voor in het boek, met extra verklarende woordenlijsten.
Moeten we nu echt zonder Calli en Raben - en de hond Zinder – verder? Onvoorstelbaar!

ISBN 9789051167580 | paperback | 436 pagina's | Uitgeverij van Goor | december 2019
Opnieuw een fraaie omslag van JeRoen Murré | Leeftijd vanaf 12 jaar

© Marjo, 16 maart 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Bizar
Sjoerd Kuyper


Sallie Mo is dertien jaar als ze haar beste vriend, haar overopa, verliest. Hij was de enige met wie ze goed kon praten. Dat heeft er mee te maken dat ze een soort superlezer is en alles onthoudt wat ze leest, net als haar opa. Haar moeder vindt het geen goede ontwikkeling dat ze zich steeds maar afzondert met een boek, en stuurt haar naar de psychiater. Dat blijkt een gouden greep: dokter Bloem heeft duidelijk begrip voor deze intellectuele puber. Er is een klik. Sally Mo accepteert dan ook de uitdaging die de dokter haar stelt:


‘Sallie Mo, je gaat op vakantie, het lijkt me verstandig als je drie maanden niet leest. Drie maanden – oké? Ga leven buiten je boeken. Bekijk alles, denk na over alles wat je ziet. Lezen is denken met je hoofd van een ander, het wordt tijd dat je met je eigen hoofd gaat denken. En ga op zoek naar het sublieme. Ik weet het goed met je gemaakt: als je drie keer het sublieme meemaakt, mag je weer lezen, ook als de drie maanden nog niet om zijn.’


Ook zegt hij dat ze moet proberen één dag niet te liegen. Als Sallie Mo aangeeft de opdracht erg moeilijk te vinden, geeft hij aan dat ze ook mag lezen als ze er in slaagt op een dag niet meer dan twee keer te liegen. Ga schrijven, zegt hij. De periode die ze doorbrengt op het eiland waar ze ieder jaar met haar alleenstaande moeder heen gaat, zal moeilijker worden dan ze dacht.


Maar eerst de vakantie. Zoals ieder jaar zal ze twee weken lang in het gezelschap zijn van de veertienjarige Dylan de jongen op wie ze al dertien jaar (!) verliefd is. Het is een vast groepje dat ieder jaar op de camping zit: Sallie Mo en Dylan met hun moeders, plus de zestienjarige Donnie, met zijn tien jaar oude broertje Beitel en hun moeder.
Terwijl de moeders op jacht gaan naar een nieuwe vader voor hun kinderen, zwerven de kinderen wat rond. Sallie Mo volgt daarbij Dylan in zijn voetsporen, al weet hij dat niet. Zo gaat het ieder jaar. Maar deze zomer is alles anders. Er is de opdracht van dokter Bloem, waar Sallie Mo zelf aan toegevoegd heeft dat ze dit jaar Dylan zal versieren.


Op het eiland zijn echter nog drie kinderen. Weggelopen van huis houden ze zich schuil in een bunker. Dylan is de eerste die hen ziet. Sallie Mo dus ook. Tot haar schrik ziet ze hoe Dylan als een blok valt voor het oudere meisje. Het wordt ingewikkeld: zij is verliefd op Dylan, Dylan op Jacqueline. Maar Donnie wil Jacqueline ook. En Beitel is verliefd – ook al zijn hele leven, bekent hij – op Sallie Mo.


Een normaal verhaal over pubers zou je denken, maar niets is minder waar. Eerst al is Sjoerd Kuyper de schrijver, en dan weet je als lezer dat de taal prachtig zal zijn. Die verwachting wordt niet beschaamd. Maar veel belangrijker is de thematiek in dit boek.


Als Sallie Mo de wereld eindelijk eens goed bekijkt ontdekt ze dat er veel te zien is. Het sublieme bestaat! Maar ook tragiek. Daar weet ze dan weer alles van want ze is een fan van Hamlet, die ze te pas en te onpas citeert. Ze vertelt het verhaal zelfs tegen Beitel. Ze had hem nog nooit echt gezien – dat heb je als je altijd zit te lezen – en ze ontdekt dat hij een heel bijzonder kereltje is. Ze kunnen het goed vinden samen. Ging het met Dylan ook maar zo goed, maar ja, die heeft zijn aandacht nu elders.


De drie weglopertjes worden steeds belangrijker. Jacqueline blijkt te willen ageren tegen haar rijke ouders. Hij is een bankier die van de mensen steelt, zegt ze. Kuyper legt haar de perfecte woorden in de mond om het banksysteem heel duidelijk uit te leggen. Donnie ziet mogelijkheden voor een omverwerping van de maatschappij, maar zijn ideeën zijn niet echt realistisch.


Wat Kuyper ook doet is profiteren van het feit dat Sallie Mo ontdekt hoe moeilijk het is om niet liegen. Want zij is de schrijfster van hetgeen wij lezen, en hoe weten we nu of het allemaal waar is wat ze vertelt? ‘Niets is waar’, zei haar opa. ‘en zelfs dat niet.’ Als je dat kunt accepteren, dan geniet je van een bizar boeiende jongerenroman, die met zijn Kuyperiaanse filosofische inslag absoluut ook door volwassenen gelezen zou moeten worden.
Waartoe zijn wij op aarde, het nefaste van het banksysteem en de vluchtelingencrisis, het milieu: grote thema’s, waarover Kuyper zijn lezer laat nadenken, al is het duidelijk wat zijn mening daarover is.
En dan het verhaal nog: op het moment dat je denkt dat het toch wel gezapig begint te worden, is er de grote ommekeer.


Prachtig en belangwekkend boek.

ISBN  9789089672889 | Hardcover | 315 pagina's | Uitgeverij Hoogland van Klaveren | maart 2019
Leeftijd vanaf 13 jaar.

© Marjo, 29 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Apollo's ondergang
Rom Molemaker


De moeder van Lester Stevens vindt haar zoon onhandelbaar. Ze kan hem niet langer aan, dus moet hij maar naar een jeugdinstelling. Lester vindt dat niet eens zo erg, want thuis heeft hij het niet naar zijn zin. Zijn vader heeft hem en zijn moeder in de steek gelaten. Op dat moment woonden ze nog in Australië, maar zijn moeder wilde terug naar Nederland, waar ze toetrad tot een streng-christelijke sekte.


Lester is echter een zoon van zijn vader: al die regels, het ‘moeten’, dat is niks voor hem, en toen hij eenmaal naar het voortgezet onderwijs ging kreeg hij foute vrienden. Van school zag hij niet veel meer, hij hing rond op straat, werd opgepakt wegens kleine criminaliteit en moest taakstraf vervullen. Maar dat hielp dus niet en nu brengt zijn moeder hem naar Dr. Predikman, een jeugdinstelling midden in de bossen. De opzet van deze instelling was: eigen verantwoordelijkheid leren nemen. Je krijgt als lezer het idee dat dit nu precies is wat Lester wil en wat hij ook aan kan mits hij in de juiste omgeving is.


Op Dr. Predikman wijst de directeur, van wie hij niet meteen hoogte krijgt, hem een oudere leerling als mentor toe. Dat is Apollo Vrieling. De jongens met wie Lester een huis deelt waarschuwen hem:


‘Je had beter kunnen treffen, maar zeker niet slechter.’
‘Apollo is puur vergif, daar heeft Sven gelijk in,’ beaamde Dwayne. ‘Dat weet iedereen.’
‘O?’ zei ik afwachtend. ‘Vertel’.
‘Hij zuigt je leeg, spuugt je dan weer uit, laat je alles oplikken, en dan begint hij weer van voren af aan.’ Die uitleg gaf me een duidelijk beeld, en dat bezorgde me een vieze smaak in mijn mond, maar ik slikte en zei: ‘Zo erg kan het toch niet zijn?’


Maar al snel komt Lester er achter dat er inderdaad niet te spotten valt met Apollo. En evenmin met zijn vriendinnetje Charmaine. En er zijn nog meer mensen van wie hij niet zeker weet aan wiens kant ze staan. Zelfs wat betreft de leraren is dat onduidelijk. Men is bang voor deze jongen.
Maar wie is Apollo Vrieling dan eigenlijk? Heeft hij – of zijn maten – iets te maken met de onverwachte dood van Ylias, de jongen wiens plaats Lester inneemt? De jongen zou gevlucht zijn, en onverhoeds de straat opgerend waar hij aangereden werd met dodelijk gevolg. En ook zijn er nog niet zo lang geleden twee meisjes verdwenen. Wat is er aan de hand in deze jeugdinstelling?


Je volgt het verhaal door de ogen van Lester. Die is meer bezig met zijn kwelgeest en een paar meisjes dan met schoolwerk. Ook krijg je niet echt een beeld van wat er nu eigenlijk gedaan wordt om de jongeren weer in het gareel te krijgen. Jammer wel, want daar heeft Rom Molemaker vaker over geschreven en die kennis heeft hij dus wel. In dit verhaal blijft het bij een spannend verhaal, een jeugdthriller.
De titel is wel een weggevertje, maar wat er nu precies aan de hand is in die instelling, wie je wel en wie dus niet kunt vertrouwen, dat blijft lang onduidelijk.


Het boek leest als een trein, het verhaal is chronologisch in een vlotte stijl geschreven, zonder flashbacks of andere lastige stijlvormen, dus heel geschikt voor de onderbouw van de middelbare school. Na de intrigerende proloog valt de spanning enigszins weg, tenenkrommend wordt het ook niet meer, maar wel spannend genoeg om lekker door te blijven lezen. Je wilt tenslotte wel weten hoe het verder gaat!


Rom Molemaker is een Nederlands jeugdschrijver. Na de kweekschool te Utrecht afgerond te hebben, stond Molemaker van 1968 tot en met 1996 voor de klas. Sinds 1998 is hij fulltime schrijver.


ISBN 9789025114497 | Paperback | 160 pagina’s | Uitgeverij Holland | oktober 2019
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 6 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Drama Queen
Derk Visser


Angel woont in een wijk waar het er ruig aan toe gaat. Het is de tijd rond Kerst en Oud en Nieuw. Een stel jongens uit de buurt knalt er al lustig op los. Dezelfde jongens maken het Angel soms knap moeilijk maar ze weet van zich af te bijten en eventueel gebruikt ze ook haar handen. Ze is gewoon een stoere meid, tenminste zo ziet iedereen haar. Maar ze zal wel moeten, anders heeft ze geen leven.


De twaalfjarige Angel woont met haar zeer jonge, mooie moeder in een oude flat. Een vader is er niet, Angel is verwekt tijdens een eenmalige vrijpartij. De volgende ochtend was de vogel gevlogen. Haar moeder was toentertijd vijftien. Mama is stripteasedanseres, iets waar Angel flink moeite mee heeft maar voor de rest hebben de twee een zeer speciale band. Ze ruziën wat af, zijn open, rechtstreeks en soms hard  in hun woorden, maar ze zijn evengoed stapelgek op elkaar.

Angel is net een stuiterbal. Ze heeft ADHD maar is gestopt met de ritalin, daar werd ze een zombie van volgens eigen zeggen. Op school zit ze alleen want ze leidt mensen teveel af volgens de juf. Angel kan absoluut niet tegen onrechtvaardigheid en knalt dan ook bijna uit elkaar als er iets gebeurt dat ze niet kan rijmen met haar gevoel voor eerlijkheid. Ze heeft dan ook geen vriendinnen want ze is veel te rechtstreeks en te druk.


Maar dan komt Kayleigh op school, en ze moet naast Angel zitten. De twee krijgen onmiddellijk een band. Kayleigh woont in de flat tegenover die van Angel. Deze laatste beschermt haar voor de jongens die zitten te klieren. Angel is heel blij met deze vriendschap, het maakt haar zacht, iets wat ze niet kent.
Ook bij Kayleigh is de thuissituatie niet zoals hij moet zijn en de twee meiden vinden mede daardoor elkaar. Maar dan is Kayleigh op een dag vertrokken, de flat is leeg. Het laat Angel met zeer verwarde gevoelens achter.


Ondertussen lezen we ook over opa, de vader van Angels moeder, die Angel stiekem bezoekt want opa en mama hebben ruzie. Opa lust te graag een glaasje en heeft het mede daardoor verbruid bij zijn dochter. Maar Angel vindt het prettig bij opa, ondanks zijn gemopper en vergeetachtigheid. Als opa ziek wordt volgt er een mooi, ontroerend verhaal zonder sentimenteel te worden, daar zijn opa en Angel te stoer voor. Maar juist door die stoerheid grijpt het je aan. Veel wordt niet gezegd, maar wel gevoeld bij de twee.


De moeder van Angels is een 'hoofdstuk apart' ze is pas dertig en staat nog volop in het leven, zij en Angel kunnen enorme keet schoppen en de slappe lach krijgen, maar toch blijft ze ondanks haar jeugdige gedrag toch een échte moeder. Hoe ouder Angel wordt en de leeftijd krijgt die haar moeder had toen zij geboren werd, hoe meer ze beseft hoe haar geboorte voor haar moeder geweest moet zijn. Ondertussen heeft Angel, Kayleigh weer ontmoet en dat maakt alles anders.


De titel Drama Queen doet Angel geen eer aan, ze is allesbehalve een drama queen. Het boek levert wel een prachtig verhaal over groeipijn en volwassen worden.
Het is een van de beste 57 boeken van 2019 volgens de Volkskrant. Dus... gewoon lezen dit boek, gewoon doen!


ISBN 9789025771881 | Hardcover | 215 pagina's | Uitgeverij Gottmer | oktober 2019
Leeftijd 13+

© Dettie, 2 december 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Kom bij me terug
Luigi Ballerini

‘Paulines blik viel op een vrouw die in het rood gekleed was en tegen het hek aan leunde. Ze stond doodstil in de regen en zag er moe en een beetje verward uit. Pauline liep langs haar door. Ze was jonger dan verwacht. Pauline wist niet waarom, maar ze vond haar verontrustend, vooral nadat ze haar blik op zich had voelen branden.’


Pauline zoekt er verder niets achter, tot ze ontdekt dat haar vriend Mattia de vrouw ook gezien heeft. En Alberto, de vriend van Mattia eveneens. En alle drie vonden ze iets eigenaardigs aan de verschijning van die vrouw. Ze duikt ineens op en verdwijnt net zo plotseling. Ze ontdekken dat er na het zien van de vrouw bij ieder van hen iets bijzonders gebeurde: Pauline die eigenlijk dacht dat ze een verkeerd vakkenpakket had gekozen, blijkt ineens toch talent voor bètavakken te hebben. Mattia wordt gescout bij een voetbalwedstrijd en mag een klasse hoger mee voetballen. Alberto krijgt een appje van het meisje waar hij al zo lang stiekem verliefd op was en die hem niet zag staan. Tot nu toe.


Als een vierde persoon, Eleonora, hen meldt dat ook zij de vrouw heeft gezien en dat dat gebeurde toen ze een auto-ongeluk had gehad waarbij ze wonder boven wonder ongeschonden uit de auto is gekomen, gaan de vier jongeren op zoek naar iets wat ze dan misschien gemeen hebben. Waarom verschijnt die vrouw aan hen?


De zaak wordt nog vreemder als blijkt dat het niet dezelfde vrouw is, maar voor ieder van hen een andere. Wel met een rode jas aan.
Mattia, Alberto en Eleonora blijken geadopteerd te zijn, maar Pauline niet. Ze komen er niet uit, wat moeten die vrouwen van hen?
En dan krijgen ze alle vier tegelijk een bericht op hun telefoon.


Hun leven krijgt een verbijsterende wending. Iets waar ze niet op zaten te wachten. Die gelukkige voorvallen waren prima, maar er blijkt een prijs voor betaald te moeten worden. En ze weten niet zo zeker of ze dat wel willen. Zeker, hun leven is niet ideaal. Bovendien is de boodschap dat het een beslissing moet worden van hen samen: alle vier, of geen van hen.
Dat wordt nog heel lastig…


Dit is absoluut een origineel verhaal, de vorm dan toch. Dat jongeren voor een belangrijke en ogenschijnlijk onmogelijke keuze komen te staan, dat gebeurt vaak genoeg, maar dat ze dit soort beslissingen voor hun hele verdere leven moeten nemen terwijl ze nog maar net komen kijken, het lijkt schier onmogelijk. Het eist veel van hen, er is alleen maar de keuze tussen wel of niet. En er is geen weg terug.


Luigi Ballerini weet er een overtuigend verhaal van te maken. Het is gelukkig pure fantasie, een sprookjesachtig verhaal als van een goede fee die het misschien toch allemaal niet zo goed bedoelt, althans niet zoals jij het zou willen. En dan voor vier jongeren tegelijk, die ook nog heel verschillend in het leven staan. Die personages zijn goed uitgewerkt, dat staat los van de beslissing die ze samen moeten nemen.
Al met al een bijzonder verhaal, geen fantasy in de gebruikelijke zin, maar helemaal realistisch is het ook niet. Een mooie mix dus.


Luigi Ballerini (Sarzana, 1963) is arts en psychoanalyticus.


ISBN 9789044836974 | Hardcover | 436 pagina's | Uitgeverij Clavis | januari 2020
Vertaald uit het Italiaans door Veerle Willems | Leeftijd vanaf 13 jaar.

© Marjo, 13 april 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Op zoek naar Paulie Fink
Ali Benjamin


De dertienjarige Caitlyn Breen is nieuw op de Mitchellschool. De klas waarin zij terecht komt heeft de bijnaam de Originals, omdat zij al vanaf het begin bij elkaar in de klas zitten, en dat eerste jaar was ook het eerste jaar dat de school bestond. Het zijn er maar tien, hetgeen het voor Caitlyn nog moeilijker maakt om aansluiting te vinden. Niet dat ze haar buitensluiten, ze zijn eigenlijk druk met iets anders. Er is namelijk een leerling nièt begonnen aan het nieuwe schooljaar! Paulie Fink dus. En hij heeft geen afscheid genomen, helemaal niets gezegd over zijn wegblijven.
Dat Paulie een belangrijk rol vervulde op de Mitchellschool wordt al snel duidelijk. Caitlyn krijgt de wildste verhalen te horen over rare en grappige streken die hij uithaalde. Hoe hij alles durfde.


De jongelui hebben Caitlyn uitverkoren om een wedstrijd te leiden, een soort realityshow: De Zoektocht naar de Nieuwe Geweldige Paulie Fink. Iemand die net als hij leven in de brouwerij brengt. Maar dan moet eerst duidelijk zijn wie die Paulie dan wel was. Caitlyn neemt interviews af om daar achter te komen. Uit de verhalen van haar klasgenoten blijkt al snel dat Paulie een soort kwade genius was. Gaandeweg leert ze ook de kinderen die ze wèl iedere dag ziet, kennen met hun eigenaardigheden en hun kijk op Paulie. Het zijn stuk voor stuk karaktertjes deze kinderen.


De Mitchellschool is dan ook bijzonder: er worden geiten gehouden die het grasveld bij houden. Dat veld moet namelijk tiptop in orde zijn voor de jaarlijkse voetbalwedstijd tegen de concurrent, Devlinshire. Een wedstrijd die ze nog nooit gewonnen hebben. De Originals zorgen voor de geiten zoals ze ook zorgen voor de kleuters, de Mini’s, als een soort mentor. Zo krijgt Caitlyn de zorg over Kiera die ze Pluis noemt, omdat ze rondloopt met een knuffelkonijn. Het gaat haar boven verwachting goed af.  Ook de interviews verlopen prima, zodat ze al snel opgenomen is in de groep.



Ze bedenkt dat de deelnemers opdrachten moeten uitvoeren. In de geest van Paulie, want intussen weet ze wat voor streken die uithaalde. De winnaar is niet alleen de nieuwe Paulie Flink, maar krijgt ook eeuwige roem.


De eerste opdracht staat in het teken van Shakespeare. In onze ogen nogal apart, maar het verhaal speelt binnen de Engelse cultuur, waar Shakespeare belangrijk is. De rol van de leerkracht Grieks is ook bijzonder. De leerlingen mogen zelf ideeën aanreiken, die zij dan vertaalt naar een ‘Grieks’ onderwerp. Een van de aangedragen onderwerpen is ‘de leukste herinneringen aan Paulie’. Door de leerkracht vertaalt als een les over Herodotus, een geschiedschrijver.


Als Plato en zijn concept van de grot behandeld zijn in haar lessen, blijft dit thema nog lang nasudderen in het verhaal. Al worden ze heel speels vertaald naar de wereld van de tieners, het zijn niet alleen literaire en filosofische thema’s die een rol spelen. Het gaat over opgroeien, volwassen worden. Caitlyn worstelt nog met haar verleden. Op haar vorige school was ze een van degenen die dat ene meisje pestte. Nu beseft ze pas hoe erg dat geweest moet zijn.
En het verhaal heeft zeker een grappige kant. Paulie mag dan streken uitgehaald hebben die de lachlust opwekten, de anderen kunnen er ook wat van.


Maar: wie wordt nu de nieuwe Paulie Fink?
Het is aan Caitlyn om die beslissing te nemen. Niet bepaald simpel, te meer doordat er ook andere dingen gebeuren.


In het verhaal worden de interviews weergegeven, evenals de appgesprekken met mensen uit Caitlyns vorige leven. Ze maakt graag lijstjes, en zet steeds de dingen op een rijtje,
De titel is wel enigszins misleidend. Je krijgt het idee dat de persoon Paulie Fink gezocht moet worden, en dat blijkt niet echt het geval te zijn. De Engelse titel is The next great Paulie Fink. Dat is iets heel anders. Het is een soort realityshow, boer zoekt vrouw, maar dan anders. Nu staat er op het binnenblad voor het verhaal begint ‘Het officiële verslag van de zoektocht naar de nieuwe geweldige Paulie Fink’. Dat lijkt er meer op.


De Amerikaanse schrijfster Ali Benjamin schreef eerder over astrofysici en atleten, kosmologen en bewaarders van de Noordpool, geologen en psychologen. Haar eerste fictiejeugdboek boek Suzy en de kwallen won de Gouden Lijst 2017.


ISBN 9789000370214 | Hardcover | 304 pagina's | Uitgeverij van Goor | november 2019
Vertaald uit het Engels door Lidwien Biekmann | Leeftijd vanaf 13 jaar.

© Marjo, 29 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Duivels spel
Inge Verbruggen

Ik-verteller Lynsey baalt vreselijk als ineens haar vriend Noah verdwenen is. Hij heeft niets gezegd, niet eens een bericht achtergelaten! Hij is weg en laat niets meer van zich horen, reageert niet op haar telefoontjes, niets. Is ze zelfs geen appje waard? Was hun vriendschap niet wat zij dacht dat het was?


Eigenlijk gelooft ze dat niet. Ze heeft op aanraden van haar oudere zus de verdwijning van Noah wel bij de politie gemeld, maar daar heeft ze weinig vertrouwen in. Ze gaat zelf wel zoeken. Het komt goed uit dat ze een reservesleutel van zijn huis heeft.
Wat vreemd dat alleen de jongen weg is, en niet zijn spullen! Alles lijkt er gewoon te zijn. Ze onderzoekt zijn telefoon en laptop, maar veel wijzer wordt ze niet.


‘Maar waarom hij van het ene op de andere moment verdween, is me een raadsel. Ik kan alleen maar besluiten dat er kwaad opzet in het spel is.’


Lynsey weet dat Noah dol is op raadsels en puzzels. Ze scrabbelden vaak. Zou ze misschien iets kunnen met de berichten die ze vindt? Ook neemt ze een T-shirt mee uit zijn kamer en geeft haar hond Max de opdracht Noah te zoeken. De hond vindt de auto, waar Noahs rugzak in ligt. Nog vreemder!


Als Lynsey probeert wijs te worden uit de dingen waarvan zij denkt dat het aanwijzingen zijn, blijkt dat haar vriend op verschillende plaatsen in België en Nederland dingen verstopt heeft. Waarom? Dat weet ze niet, maar ze wil alles gaan zoeken. Gelukkig wil haar zus wel rijden, met openbaar vervoer duurt het allemaal erg lang. Sophie blijkt een nieuwe relatie te hebben, en deze jonge vrouw, Lief geheten, vindt het ook leuk om te helpen.
Maar misschien wel iets te leuk…


‘Let erop dat alle blokjes compleet zijn Lynsey’, maant hij. ‘Een spel dat niet compleet is, is waardeloos.’

In het verhaal dat in het verleden speelt, aangeduid met TOEN boven de hoofdstukken, zijn vier tieners ook raadsels aan het oplossen. Want dat is geocachen in feite ook. (Geocaching.nl: Geocachen is een schatzoektocht op basis van GPS coördinaten. Via deze coördinaten en je GPS (of smartphone) kan je aan de slag gaan met geocachen. Naar wat je op zoek gaat tijdens het geocachen is steeds een raadsel’.
Het groepje bestaat uit drie jongens: Alex, Roel en Cas, en een meisje, Vix. Omdat zij er niet tevreden mee zijn om alleen maar een schat te zoeken, bedenken zij nieuwe uitdagingen.
Dat loopt dus danig uit de hand.


Maar wat heeft Noah te maken met deze jongeren, die Lynsey natuurlijk evenmin kent?
Zij komt tijdens haar zoektocht een jongen tegen die haar duidelijk probeert te maken dat ze moet stoppen met zoeken. Maar Lynsey  is niet van plan te doen wat deze Tim wil. Zij wil Noah!


Langzaam raken de verhaallijnen met elkaar verbonden en begrijpt de lezer dat Lynsey niet alleen haar eigen leven in de waagschaal stelt, maar ook dat van de hond op wie ze dol is. En van nog anderen.


Na een intrigerende proloog gaat het boek verder als een licht verhaal, om na vijftig pagina’s opnieuw nieuwsgierig te maken. Onder TOEN lees je iets wat enkele jaren eerder gebeurd is waarbij je je afvraagt waarom dat verhaal over de vier vrienden eigenlijk verteld moet worden.Maar natuurlijk is dat niet voor niets: als deze twee verhaallijnen verwikkeld raken en de dingen langzaam duidelijk worden, dan kun je het boek niet zomaar meer wegleggen, want hoe gaat dit aflopen? Zo spannend…


Er gebeurt veel in deze jeugdthriller, die ook een romantisch tintje heeft.
Echt een duivels spel!


Duivels spel is de tweede jeugdthriller van de Vlaamse Inge Verbruggen (Lier). Zij won enkele verhalenwedstrijden en schreef vervolgens Doodverklaard dat uit kwam in 2017.


ISBN 9789044837094 | hardcover | 288 pagina’s | Uitgeverij Clavis | november 2019
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 14 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De slaventocht
Team Mortis 10
Bjorn van den Eynde



De (nog steeds) 16-jarige Erika Storm bevindt zich na de vorige stressvolle opdracht met Team Mortis in het dorp Thilay. Niemand daar weet wie zij is, laat staan dat ze gezocht wordt voor moord (zie deel 9). Eindelijk kan ze zich weer wijden aan haar hobby: het dansen.
Graag had ze het zo gehouden, maar eigenlijk heeft ze geen rust. Wat als ze haar daar toch vinden?


Ze verblijft buiten het dorp, in een klein huisje dat nogal geïsoleerd ligt. Na een optreden trekt ze zich daar terug, maar iets is anders dan anders. Ze hoort geluiden. Is er iemand binnengedrongen?
Haar instinct heeft haar niet bedrogen, maar het is goed volk. Tenminste, Andreas was haar vriend, zelfs haar geliefde. Nu weet ze niet zo goed meer wat ze aan hem heeft, maar dat hij hier zomaar op zou duiken had ze nooit verwacht. Het is dan ook niet zomaar: Andreas is daar in opdracht van Celine Schield, de leider van Team Mortis. Ze hebben Erika nodig. Niet dat zij dat wil. Maar als Andreas vertelt wie er achter haar aan zit, moet ze wel vluchten. Ze heeft de man in kwestie al gespot. Hij haar dus ook. Team Mortis is weer bijeen.


In Noorwegen is iets griezeligs gaande.Twee tienersterren en influencers, Livia Holt en Finn Thorsen, zijn verdwenen. Bekend is dat zij beiden ontvoerd werden, en dat hun ontvoerder hen liet kiezen wie van de twee zou sterven. Livia stierf, Finn verdween.
Zowel Livia als Finn speelden in een populaire televisieserie, Kaos. Als een ander stelletje, Bent en Ilona op hun beurt verdwijnen en voor eenzelfde keus komen te staan, denkt men dat de serie de link is. Team Mortis ontdekt echter nog veel meer. Maar of zij in staat zijn de jongeren te redden die de dader ook nog op het oog heeft?


Celine kan niet anders dan Erika te laten infiltreren in de sociale omgeving van de jongelui. Zij is van dezelfde leeftijd. Maar behalve dat ze dan gevaar loopt ook een slachtoffer te worden van deze Noorse moordenaar, is er nog steeds het gevaar dat ze opgepakt wordt door degene die haar verdenkt van de moord in Amsterdam. Celine weet dat het gevaar groter is dan het Team denkt: Erika is immers officieel al dood. Je kan haar dus straffeloos ombrengen.


Terwijl Erika met hulp van haar neef Nielsen en de vrienden Felix en Andreas er achter probeert te komen wat er gaande is, wil ze ook nog heel graag de raadsels rond haar - overleden - ouders opgelost zien. Celine heeft beloofd haar te helpen, maar die wordt zelf dwarsgezeten. Er is minder vertrouwen in haar.
En natuurlijk springen er weer vonken heen en weer tussen Erika en Andreas, die soms heel snel gedoofd worden, maar soms ook uit kunnen groeien tot een klein vuurtje. Of het nu eindelijk echt iets wordt?


De trouwe lezer van de Team Mortis serie weet dat Bjorn van den Eynde je steeds om de tuin leidt. Het verhaal is altijd spannend, en je moet er wel tegen kunnen dat de moorden die gepleegd worden in alle gruwelijke details beschreven worden. Ook het romantische gedeelte gaat verder. Logisch natuurlijk, in een relatie gebeurt van alles! Erika en Andreas zijn in feite normale onzekere tieners.
Eigenlijk is het verbazingwekkend dat Van den Eynde je altijd zo ver weet te krijgen dat je door wil lezen, al vanaf de eerste pagina. Terwijl je heel goed weet dat de verrassende wendingen niet altijd even geloofwaardig zijn. Maar je weet niet wat de schrijver in petto heeft, je bent nieuwsgierig, dus ja, je leest door. Ook in dit tiende deel.


Team Mortis - De Slaventocht is deel tien van een verslavende serie. Dat is een mooi afgerond geheel, maar of het hierbij blijft, dat heeft de schrijver nog niet bekend gemaakt. Dat geldt ook voor de serie Campus 12, boeken die horen bij de gelijknamige televisieserie.
Het meest recente deel van de serie over Carlo Cabana verscheen in 2015; Ghost Rockers lijkt in 2017 geëindigd te zijn.
Duizendpoot Van den Eynde is bezig met een nieuwe serie: De Sonny Summer Super Secret School voor jeugd van tien jaar en ouder.


De cover van Peer de Maeyer is heel mooi overigens!


Bjorn Van den Eynde (Kessel,1984) is een jeugdauteur, televisiescenarist en regisseur. Na de opleiding 'Audiovisuele Kunsten' aan het RITS, waar hij in 2006 met onderscheiding afstudeerde, heeft hij een jaar gewerkt als regisseur voor productiehuis Eyeworks. Daarna heeft hij zich volledig toegelegd op fictie, als regisseur, scenarist en/of co-scenarist van o.a tv-reeksen zoals Ghost Rockers, Campus 12, Amika, Hotel 13, Galaxy Park, Mega Mindy en Het Huis Anubis.


ISBN 9789059247321  | hardcover | 331 pagina’s | Uitgeverij Fantoom | oktober 2019

© Marjo, 29 januari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Opgejaagd
deel 2 De wolventemmer
Barbara Jurgens


Runa, het veertienjarige meisje dat tijdens een vakantie in Italië ontdekt heeft dat ze een halfwolf is, trekt met een grote groep wolven naar het Noorden. De wolven werden bedreigd in Italië, ze moeten gered worden. Maar de zoektocht naar een veilige plek valt niet mee. Waar moeten ze heen? En hoe kan ze haar groep, bestaande uit bijna vijftig wolven, uit de belangstelling houden? Ze vreest het ergste als de pers hier lucht van krijgt.


Dat gebeurt natuurlijk: als ze besluit die journaliste een interview toe te staan, worden ze vanaf dat moment gevolgd op haar tocht door Europa. Niet dat ze zich daar de hele tijd van bewust is, haar telefoon heeft meestal geen bereik, en ze komt maar weinig mensen tegen én het lukt de media niet altijd om haar te lokaliseren.


Op de momenten dat ze hoort dat het journaille haar gevonden heeft, is ze eigenlijk vooral benauwd dat het zo wel erg makkelijk gemaakt wordt voor de man die hen achtervolgt: Giacomo Grifone is er op uit om alle wolven te doden, en met Runa heeft hij ook akelige plannen. Ze dacht veilig te zijn voor hem, hij zat immers opgesloten? Maar haar moeder vertelt haar op een van de zeldzame contactmomenten dat hij weer op vrije voeten is. En de kinderbescherming zit ook achter haar aan, omdat ze immers leerplichtig is.
Runa heeft veel steun van Rocco, ook een halfwolf, maar dan in de gedaante van een wolf. Met alle wolven heeft kan ze communiceren, maar met Rocco heeft ze een speciale band.


Runa trekt naar het Noorden, de Alpen over. Dat wordt een gevaarlijke tocht, het is winter. En ze moet een smokkelroute nemen, want op de doorgaande weg wacht Giacomo…
De wolven kunnen die smalle glibberige paadjes wel aan, ze springen gewoon over hindernissen en zij jagen om in leven te blijven. Maar Runa mag geen vlees eten, ze is bang dat ze dan in een wolf verandert. Als ze Vito ontmoet, een tienjarige jongen die met zijn vader alleen in de bergen woont, is het probleem om over de bergen te komen ook opgelost. Tenminste… Vito kan natuurlijk niet meer dan laten zien waar ze moet gaan.


‘Dan gaan we gletsjers beklimmen en abseilen met de jongens. Met stijgijzers en pikhouwelen.’
‘Met de jongens?’ vroeg Runa. ‘Mogen de meisjes niet mee?’
Vito keek haar verbaasd aan. ‘Meisjes?’ Hij dacht even na en keek haar toen onschuldig aan. ‘Die blijven thuis om te koken en te poetsen.’
‘Koken en poetsen?’
‘In Italië doen meisjes dat,’ verklaarde Vito met een uitgestreken gezicht.’


Of Vito echt zo over meisjes denkt?  Hij en Runa worden in ieder geval dikke vrienden, maar hij kan niet de hele reis mee. En Runa weet nog steeds niet waar ze heen moet…


Door dit spannende verhaal leert de lezer veel over het gedrag van wolven, maar leest vooral een spannend avontuur van een tocht dwars door Europa.
De ontknoping is verrassend! In de zin van een verhaal met een boodschap - als een sprookje, met een bijzondere wens voor de lezer - past het idealistische slot daar helemaal bij.
Maar het is een modern sprookje, compleet met sociale media en drones. De combinatie van een sprookjesachtig avontuur en de moderne wereld werkt prima.
Of de tocht van Runa nu ten einde is blijft enigszins open, er zou zomaar een vervolg kunnen komen.


Barbara Jurgens, acteur en scenarist, schreef tv-series als Fort Alpha en Keyzer & de Boer. Ook maakte zij een jeugdfilm Vechtmeisje.


ISBN 9789048846870  | Hardcover | 288 pagina's | Uitgeverij Moon| september 2019
Leeftijd vanaf 13 jaar

© Marjo, 20 november 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER