Nieuwe jeugdboekrecensies 6+

Kapper Tom
illustraties: Arnold Hovart
tekst: Danny De Vos


Eigenlijk is dit zo'n boek waar je niets over moet vertellen maar wat je gewoon moet zien en lezen! Maar ja kinderen (en hun ouders) moeten ook weten dat het boek bestaat dus schrijf je er toch maar een verslag over.


Het boek gaat dus over kapper Tom die het welbekende bloempotmodel aanhoudt. Iedereen die bij hem in de stoel komt te zitten, krijgt een flinke soepkom op zijn hoofd en alles wat daar aan haar onderuit komt, wordt weggeknipt. Het resultaat is prima. Hij noemt het 'de coupe à la kom'. Zijn coupe wordt een ware trend. Maar dan gebeurt er een ramp. De soepkom valt en spat uiteen...


Kapper Tom raakt zijn klandizie kwijt, want zonder kom kan hij niet knippen. Uit verveling wipt hij maar eens binnen bij buurvrouw Kaat van het antiquariaat. En daar gebeurt het! Hij vindt een mooie vaas... en knipt zijn eerste klant een vaasmodel en de militair krijgt een prachtig blokhead dankzij een mooie stevige heel grote mok en wat te denken van een sauskom of een trechter? Dankzij Kaats antiquariaat worden er steeds meer nieuwe modellen geknipt.
De kapsels van Kapper Tom worden een rage!


Men zag langs de drie eikenbomen
steeds meer nieuwe klanten toestromen.
Tom knipte non-stop
en het viel hem op
dat hij vaak van Kaat stond te dromen.


Het boek loopt helemaal goed af, voor Tom en Kaat maar de kleine Andreas is later niet zo blij met de 'kom' die door zijn papa gebruikt wordt. Wat voor kom dat is, moet je zelf maar kijken.


Zo zie je maar dat aanvankelijke pech uiteindelijk heel goed uit kan pakken!

Nu is dit verhaal op zichzelf al heel leuk maar de afbeeldingen zijn nóg leuker. Op grote uitklapbladen zien we de geweldige modellen die kapper Tom met zijn 'kommen' weet te knippen. Er wordt zelfs een koptelefoon gebruikt voor de kalende man... Alles is enorm vindingrijk en vol humor afgebeeld. Zelfs degene die het boek eventueel voorleest zal er veel plezier aan beleven.


ISBN 9789461319173 | Hardcover | 64 pagina's | Uitgeverij Van Halewyck | oktober 2019
Afmeting 21,5 x 25,5  | Leeftijd 6+

© Dettie, 24 december 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De jongen achterin de klas
Onjali Q. Raúf


Achter in mijn klaslokaal stond vroeger een lege stoel. Nu zit er een nieuwe jongen, hij heet Ahmet. De ik figuur is gefascineerd door deze Ahmet, en probeert samen met Josie, Tom, en Michael contact met hem te krijgen. Maar dat gaat nog niet zo makkelijk. Aanvankelijk blijft Ahmet in de pauze hij binnen en ook na schooltijd is het moeilijk om hem te benaderen omdat hij steeds opgehaald wordt door een mevrouw met een rode das.
De ik-figuur is enorm begaan met Ahmet en neemt steeds iets voor hem mee, een zuurtje, een appel, een sinaasappel. De jongen is verlegen maar ook blij met het lieve giften. Ook blijkt Ahmet heel goed te kunnen voetballen, dat is fijn!

Thuis praat de ik-figuur over Ahmet en mama wijst aan waar Syrië ligt. Mama weet ook dat mensen uit Syrië vast graag granaatappels eten.


"Mama kunnen we er een kopen?"
"wat, lieverd?"
"Een granaat-appel," zei ik zorgvuldig.
"Hmmm... Ze zijn nogal duur... en je kunt ze lang niet overal vinden..." [...]
"Ze keek me aan en glimlachte. "Zullen we proberen of we er een kunnen vinden? Als avontuur voor vandaag?"
Ik sprong blij overeind.  "Mogen het er twee zijn?" vroeg ik.[...]
"Waarvoor heb je er twee nodig? [...]

"Ik wil er twee kopen om er één aan de nieuwe jongen te geven," zei ik.
"Ik dacht dat hij het misschien fijn zou vinden om fruit te krijgen dat hij thuis ook altijd at, voordat de bommen vielen en hij moest vluchten."


Ze moeten een flink eind reizen en zoeken in allerlei winkels, maar uiteindelijk vinden ze de granaatappels.  Ahmet is er verschrikkelijk blij mee. "Thuis" zegt hij. Maar de vervelende klasgenoot Brendan pakt de granaatappel af en gooit het ding over naar andere klasgenoten. En dan gebeurt er iets wat niemand van de andere kinderen durfde te doen. Ahmet valt Brendan aan, hij is niet meer te stoppen! Daarmee is Ahmet in één klap de held en iedereen vond hem gelijk cool! In tegenstelling tot daarvoor... Er werden namelijk allerlei verhalen over vluchtelingen verteld. Vluchtelingen liegen en stelen en pikken de banen in, werd gezegd.


Even is de ik-figuur bang dat Ahmet nu niet meer bevriend wil zijn met hen. Coole kinderen gaan namelijk alleen met elkaar om en de ik-figuur, Josie, Tom en Michael zijn niet cool. Maar Ahmet blijft hun vriend.


De 4 kinderen komen steeds meer over Ahmet te weten, maar op een dag hoort de ik-figuur in de bus twee mensen zeggen dat de Britse overheid over negen dagen de grenzen zal sluiten voor de vluchtelingen. Wat nu? Want hoe kan Ahmet dan ooit herenigd worden met zijn ouders? Er volgt een spoedberaad en uiteindelijk bedenken de vier een wereldplan... Ze halen zelfs de krant!

 

Toen gebeurde het opeens.
Ik kreeg een idee!
Het was het Beste Idee van de Wereld. Het sprong zomaar ineens in mijn hoofd, als een grote kikker, en bleef rondspringen tot ik zeker wist dat het zou werken. Het moest gewoon.
Ik sprong op en pakte mijn schrift om mijn plan te tekenen.
Toen ik klaar was, keek ik ernaar en dacht er nog eens goed over na. Ik wist meteen dat het zou werken, maar alleen als Tom, Josie en Michael hielpen en het geheimhielden.
Ik kroop weer in bed en lag te wachten tot het ochtend werd zodat ik aan de slag kon met het Beste Idee van de Wereld om Ahmet te helpen zijn familie te vinden.
Ik wist dat we allemaal nog nooit zoiets spannends hadden gedaan.[...]


Het is een prachtig, integer verhaal. Juist door het via een kind te vertellen, wordt het veel directer en levendiger. In dit boek wordt op een liefdevolle manier duidelijk gemaakt hoe het leven van een vluchteling in een ander land is. Wat er aan vooraf gaat voordat iemand vertrekt, en wat voor leed het allemaal veroorzaakt zowel voor de thuisblijvers als degene die vertrekken. Natuurlijk is het een heftig onderwerp maar Onjal Q. Rauf brengt het in behapbare taal zonder dat het zijn  indrukwekkendheid verliest.
Eigenlijk een boek dat op alle scholen gelezen zou moeten worden.


ISBN 9789047711773 | Hardcover | 312 pagina's | Lemniscaat | september 2019
Met illustraties van Pippa Gurnick | Vertaald door Tjalling Bos | Leeftijd 9+

© Dettie, 9 december 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Arachne
Willy de Vries-Kuijken


Een boek over een spin, dat is wel vaker geschreven. Vooral de spin Anansi is heel bekend. Vaak blijkt in de verhaaltjes over spinnen dat mensen ze eng of vies vinden. Of het zijn non-fictieboeken die vertellen over hoe een spin leeft, woont en werkt.

In dit boek vertelt de spin Arachne haar verhaal zelf, helemaal vanaf het moment dat ze geboren wordt...


'Pfff!' zucht een stemmetje. 'Wat een verpakking. Is dat even werken!' Vermoeid hangt een spinnetje half uit de cocon.
 'Zeg dat wel!'
Verbaasd kijkt ze op. Ze ziiet dat een broertje zich ook naar buiten heeft weten te werken.
'Hoi', groet ze, terwijl ze zich uit de cocon hijst. 'Ik dacht dat ik er nooit uit zou komen!'


Haar broer vertelt dat hij bij het uit de cocon kruipen zijn uitsteeksels bij zijn kaken is kwijtgeraakt en daardoor weten we gelijk dat die nodig waren om die cocon kapot te maken. En dat is het knappe van dit boekje. Doorheen het hele verhaal vertelt Arachne wat er allemaal gebeurt in haar leventje, inclusief het verwisselen van 'jurk' ofwel het wisselen van velletjes omdat ze eruit gegroeid is.


We lezen over de eerste keer dat ze een draad spint om zich daarna door de wind te laten meevoeren, lekker zwengelend aan die draad. We maken kennis met Araneus Diadematus, kortweg Arie, die Arachne haar naam geeft en vertelt dat zij kruisspinnen zijn.
Ze leert Theridium Ovatum, ofwel Terry de kogelspin, hoe hij een web moet maken, want dat kan hij niet zo goed. Maar bij dat gedeelte wordt het wel een beetje moeilijk. Arachne heeft het over de hoofdkabel en raamdraden en een vangspiraal en nog meer webtechnieken. Het is jammer dat Arachne er geen tekening bij gemaakt heeft zodat ook mensenkinderen snappen wat Arachne bedoelt.


Bij een aanval van een sluipwesp die het feeënlampje van Arie's nichtje probeert de doorboren, leert Arachne nog andere spinnensoorten kennen die ieder hun eigen vaardigheden hebben zodat uiteindelijk de enge sluipwesp verjaagd kan worden.
En uiteindelijk merkt Arachne, dat ze Arie wel héél erg leuk vindt...


Op zich is het dus een erg leuk verhaaltje dat op een heel speelse manier veel informatie over spinnen geeft maar wat ontbreekt zijn toevoegende afbeeldingen. Zonder die afbeeldingen is namelijk niet alles even goed te volgen. Vooral het verhaal over het weven van een web is veel te technisch voor kinderen, één afbeelding erbij met de namen van de draden bijvoorbeeld zou genoeg zijn geweest. Ook het feeënlampje komt niet goed uit de verf, ondanks dat daar - op de volgende pagina - wel een getekende afbeelding bij gemaakt is. De sluipwesp en zijn boor én het 'lampje' zijn wel te zien maar het is niet duidelijk. Dat is jammer. De gekleurde potloodtekeningen zijn sowieso niet erg goed. Ze komen een beetje knullig over. De zwart-wit afbeeldingen zijn beter gelukt.


Kortom, de informatie is goed, het verhaal apart, maar de uitvoering, zeker wat de afbeeldingen betreft, kan een stuk beter.


ISBN 9789491777950 | paperback | 40 pagina's | Uitgeverij Eigenzinnig | november 2019
Leeftijd ca. 7+

© Dettie, 29 november 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De vuurtoren
illustraties: Annette Fienieg
tekst: Koos Meinderts


Oma droomde er als meisje al van, later zou ze in de ronde kamer in de vuurtoren gaan wonen.


En haar droom kwam uit, want in de ronde kamer woonde Jonas, de zoon van de vuurtorenwachter, en Jonas droomde van oma, die toen nog geen oma was, maar een vrolijk meisje met appelrode wangen.
O, dacht Jonas, als ik ooit nog eens die wangen mocht kussen.


En dat mocht hij. Alleen was dat jaren later. 
Jonas trouwde met oma, die nog steeds geen oma was, en droeg haar helemaal de trap op. Eenmaal boven droomde ze een nieuwe droom. Ze droomde over een kleine Jonas en ook hij kwam er.
En ook deze Jonas trouwde en er kwam weer een kleine Jonas bij en oma, die nu wel een oma was, mocht voor hem zorgen.


Oma was heel lief voor haar kleine Jonas. Oma leerde Jonas alles wat hij moest weten en ze vertelde hem eindeloos verhalen over de twee ander Jonassen, over opa Jonas hoe lief hij was geweest en over haar zoon Jonas, die de weide wereld in getrokken was. Oma vertelde en vertelde en Jonas luisterde.


En toen kwam de dag dat Jonas, oma naar boven droeg, net als opa heel vroeger gedaan had. En later vertelde Jonas aan oma de verhalen, want zij wist ze niet meer zo goed. Samen keken ze naar buiten, naar de eindeloze zee, waar opa zwaaide...

Een prachtig, liefdevol kippenvelverhaal over de cyclus van het leven met even zo mooie illustraties die bol staan van de levenslust. Meer moet er niet over gezegd worden. Dit is een boek dat je moet lezen en herlezen en herlezen en daarna doorgeven aan kinderen en later de kleinkinderen en weer later aan...


ISBN 9789056379094 | Hardcover | 40 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | februari 2007
Leeftijd 7+

Dettie, 18 november 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Juf Braaksel en het meesterbrein
Carry Slee


In het eerste deel over Lotte en Thijs lazen we hoe hun school compleet veranderde met de komst van een nieuwe directeur. Juf Brakel werd al snel de bijnaam Braaksel gegeven, en dat was niet voor niets. Alles wat een beetje leuk is aan school werd weggehaald: geen aquarium meer, geen feestjes, alleen presteren is nog belangrijk. Scoren! En dan niet met voetbal, want dat vindt ze ook geen goede tijdsbesteding. En toen de kinderen van groep zes hun best hadden gedaan om hun eigen juf Evi uit te laten roepen tot de liefste juf van de provincie, wist Braaksel het zo te draaien dat zij met de prijs ging lopen! Maar er is iets heel bijzonders wat juf Braaksel niet weet. En Lotte en Thijs weten dat wel!  Hun juf Evi is in het bezit van een magische ring. Door er aan te draaien maakt ze iets onzichtbaar.


In dit tweede verhaal ontdekken we meer over de maker van die ring. Er komt een nieuwe jongen op school. Een bijzondere jongen: Lucas is pas zeven, maar komt al in groep zes, en eigenlijk is hij daar ook nog te knap voor. Hij is superintelligent, hij heeft een meesterbrein!
Lotte ontdekt dat hij eigenlijk ook een gewone jongen is die graag met de andere kinderen wil omgaan. Maar juf Braaksel geeft hem die kans niet. Zij wil dat Lucas meedoet aan de wedstrijd voor de knapste leerling, en gebruikt hem om de school meer aanzien te geven.


Kunnen Lotte en Thijs hun nieuwe vriendje helpen te ontsnappen aan de klauwen van de vreselijke juf? En dan in een moeite door er voor zorgen dat juf Brakel weg gaat? Dat is heel moeilijk omdat iedereen – behalve de leerlingen van de school - denkt dat zij echt de liefste juf is!
Lucas kan gelukkig ook een steentje bij dragen: hij is technisch ook heel goed en maakt de meest bijzondere dingen. Er is een link met de maker van de magische ring…


Het worden wilde avonturen die de drie kinderen mee maken, zoals we dat kennen van Carry Slee: allemaal net een beetje over de rand. Maar dat maakt jonge lezers natuurlijk niets uit, het is lekker spannend! Iedere lezer wil die akelige juf een lesje leren!
Ook Bram en Daan zijn er weer, met hun malle fratsen maken ze het verhaal extra grappig.
Het serieuze thema is er natuurlijk ook: Lucas is niet zomaar bij hen op school gekomen: zijn ouders liggen in scheiding. De jongen vindt dat vreselijk natuurlijk, al snapt hij wel waarom. Maar moet zijn moeder nou zo nodig gaan daten?


Het is duidelijk: een boek met heel veel inhoud. En Iris Boter heeft er hele leuke tekeningen bij gemaakt. Kijk maar eens naar de omslag, brrr…waar zou die tekening betrekking op hebben?
Carry Slee is in 1949 in Amsterdam geboren en is daar opgegroeid. Als je leest over haar leven snap je meteen waar ze de inspiratie vandaan haalt voor haar vele boeken.


ISBN 9789048850884 | hardcover| 286 pagina's | Uitgeverij Overamstel | september 2019
Illustraties van Iris Boter | Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 13 november 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

James Hond en de elfenbank
illustraties: Arnold Hovart
tekst: Noëlla Elpers



"Mijn naam is Hond, James Hond. Ik zie eruit als een heel gewone hond, meer bepaald een jack russel.  Mijn speurneus is mijn voornaamste wapen." Deze woorden van James blijken te kloppen als een bus want we gaan een spannend avontuur met hem beleven en zijn speurneus heeft daar alles mee te maken.


James woont bij Andreetje van het Zeetje. Het Zeetje is een vlees en visrestaurant dat gespecialiseerd is in zeetong. Maar Martinus, de leverancier, komt de laatste tijd met ondermaatse zeetong aan. Het blijkt dat scheepseigenaar Haaisema met zijn mooie, nieuwe, geavanceerde boten alle grote zeetongen voor iedereen wegkaapt. De kleine visjes blijven over voor de vissers met een gewone vissersboot.


Maar op een dag komt Martinus bij Andreetje en vraagt of hij James een keertje met hem zijn vrouw Lieke mee mag nemen naar zee. Hij heeft namelijk gedroomd dat James precies kon aanwijzen waar de elfenbank lag. Dat is een zandbank waar veel vis te vinden is maar de elfenbank verandert steeds van plaats.
Andreetje - die ene beetje hondentaal verstaat - zegt dat het alleen mag als James het wil, want James is vrij om te gaan en te staan waar hij wilt. Maar James vindt het geweldig, hij ruikt het avontuur al!


En zo gebeurt het dat James als een boegbeeld op het schip staat en de droom uit laat komen. Hij vindt inderdaad de elfenbank! Martinus en Lieke zijn dolblij net als Andreetje, want die kleine visjes kostte hem zijn klanten. James mag nog wel een keer mee...
Minder blij is Haaisema, hij is woedend dat de vangst van Martinus zo goed is en wil zijn geheim weten.


Ondertussen zijn de honden van Haaisema hun eigen spel aan het spelen tegen James. De grote doberman pinscher, Dog X genaamd, slaat erg dreigende taal uit, maar daar kan James wel tegen. Moeilijker heeft hij het met de verleidelijke Honey, de vrouwlijke hazewindhond. James is namelijk helemaal gek van hazewindhonden. Zij probeert door middel van haar verleidelijke gedrag van James te weten te komen waar de elfenbank is. Het is heel moeilijk om haar blikken te weerstaan...


James ondergaat allerlei heftige avonturen dankzij die akelige Dog X, Honey en Haaisema maar weet uiteindelijk dankzij zijn slimheid en geweldige speurneus overal onderuit te komen.


Heerlijk spannend avontuur op EVI-E4 niveau. Bij het verhaal staan heel sprekende, in aparte stijl weergeven, zwart wit afbeeldingen die spanning en de sfeer van het verhaal nog meer verhogen.
Hoewel de taal is soms best pittig voor jonge lezers, vooral het gedeelte over de uitleg rond verschillende boten en de visvangst, leest het toch heerlijk weg.
Verder wordt ook een béétje de problematiek rond visvangst besproken, met name de visvangst naar schol en tong, waarbij de netten teveel over de grond slepen en er zodoende veel bijvangst is waardoor de natuurlijke levensvorm op de bodem verdwijnt..


Zie ook het inkijkexemplaar


Dit is het eerste deel uit de serie James Hond, het tweede deel James Hond en de zwarte vorst is inmiddels ook verschenen.


ISBN 9789461318459 | Hardcover | 124 pagina's | Uitgeverij Van Halewyck | april 2018
Leeftijd 8+

© Dettie, 16 december 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De zaak Kikker
Rory de Raaf detective dl 4
Illustraties: Ralph Lazar
Tekst: Andrew Clover


In Amerika gaan basisschoolkinderen eten in de kantine van de school. Daar wil Rory, de ik-verteller, meer over vertellen. Er gebeurt namelijk iets vreselijks in die kantine! En het is al zo’n akelige plek, bloedheet en lawaaierig. En de drie dames die daar de baas zijn, die maken het niet veel aangenamer.


Er is het hoofd, mevrouw Rogiers, door de leerlingen De Kikker genoemd (ziehier de titel verklaard!), er is mevrouw Wenskams, die geen woord zegt en er is mevrouw Eetveldt. Op die laatste is Rory wel gesteld, ze maakt namelijk heerlijke perzikcrumble.


Nadat Rory nog wat meer achtergrondinformatie heeft gegeven begint zijn verhaal, een avontuur waarin hij zijn talenten als detective namelijk weer kan laten zien.
Gelukkig laat hij zich terzijde staan door Kato, zonder haar zou hij zich flink in de nesten werken!


Het is de jaarlijkse talentenjacht. Meneer Bommers, de onderdirecteur, kondigt aan dat hij zelf een rap zal doen. Dat vinden de leerlingen heel grappig, een volwassene die gaat rappen? Ze moeten nog even wachten, er zijn eerst anderen die laten zien wat ze kunnen. Als je Rory moet geloven is het niet veel soeps.
En dan mag meester Bommers. De kinderen kijken eerst wat lacherig toe als hij een tekst rapt over de dt-regel, maar al snel zijn ze helemaal vol bewondering. Wat doet de meester dat leuk! Hij zwaait ook met borden, en het werkt aanstekelijk. Al gauw doen ze allemaal mee!


Voor het verhaal begint staat er een tekstje:


‘Wij dragen dit verhaal op aan alle leraren die extra hun best doen om hun lessen interessant te maken – en aan de kinderen die naar hen luisteren.’


Dat heeft waarschijnlijk vooral te maken met deze rap, die een belangrijke taalregel uitgebreid naar voren brengt. Wat zou het in het originele Engelstalige versie geweest zijn?


Maar eigenlijk gaat het boek dus over mevrouw Kikker. Ook zij doet een optreden, maar niet lang daarna hoort Rory een ijselijke schreeuw. En als hij op onderzoek uit gaat zien ze mevrouw Rogiers op de vloer liggen, met een enorme blauwe plek op haar hoofd.  Ze is dood! En dan gaat Rory op onderzoek uit, op zijn eigen onovertroffen wijze, met Kato dus. Doldwaze capriolen halen ze uit om er achter te komen.
Maar hoe graag hij ook een held wil zijn, Rory is toch een heel gewone jongen.


“Wanner ik naar mijn kamer boven ga, voel ik me gespannen. Ik denk voor het eerst: Er was een echtbestaande moordenaar op school vandaag, en ik ben doodsbang. Maar op dit moment ben ik nog veel banger van mijn mama.
Want dit is een van die momenten waarop je niet weet hoe geïrriteerd je mama zal zijn, omdat je niet weet wat zij weet.’’


Dit boek zit vol humor, die door Clover en Lazar zowel in de tekst als in de tekeningen is verwerkt. Véél tekeningen, dus het boek is zeker geschikt voor die kinderen die niet zo graag lezen. Op de binnenkanten van de omslag worden alle personages getekend voorgesteld.


ISBN 9789403214139 | hardcover | 360 pagina's | Uitgeverij Ballon| september 2019
Vertaald uit het Engels door Saskia Martens | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 6 december 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Mijn (bijna) perfecte) puppy
Olivia- Mijn geheimen, deel 2
illustraties: Danielle McDonald
tekst: Meredith Costain


In deel een hebben we kennis gemaakt met Olivia, die een dagboek bijhoudt dat niemand mag lezen, vooral haar oudere zus niet. Op de eerste pagina staat dan ook: ‘NIET OPENEN GA WEG’.
Grappig: was het eerst boek vooral roze, dit tweede is vooral blauw! Maar de grappige tekeningetjes, en de woorden met nadruk zijn hier ook aanwezig.


In het eerste deel heeft Olivia een nieuwe vriendin gekregen, Matilda. Zij is wederom van de partij. Makkelijk is het natuurlijk dat ze via een gat in het hek tussen hun huizen heel snel bij elkaar kunnen komen. Maar: dat weet haar puppy ook. Bob is de liefste hond ter wereld, zegt ze, maar ondeugend dat hij is! Zoals honden dat doen begraaft hij vaak spulletjes in de tuin. En hij is dol op vuilnisemmers, daar zitten altijd wel lekkere dingen in.
Aan Olivia de taak om daar iets aan te doen. Ze vraagt de dierenarts om raad. Die zegt dat de hond te veel energie heeft!


Olivia en Matilda weten daar wel iets op: ze bouwen een super ninja-ridder-hondenparcours, speciaal voor Bob. Bob vindt het prachtig, hij legt het parcours steeds opnieuw af, door de hoepel, onder de tafel door, slalommen, springt over hekken, en nog meer. (Alles staat getekend in het boek, je kan precies zien wat de dames gebouwd hebben)
Wie ook dol is op puppy Bob is overgrootmoeder Paula (OGP) dus Olivia neemt de hond mee als ze op bezoek gaat. Maar als ze even niet opletten is de hond verdwenen. Het gevolg van zijn avonturen in het bejaardenhuis is dat hij niet meer mee mag. Maar hoe moet dat nu? Overgrootmoeder Paula is dol op hem!


Het is een echt dagboek, Olivia is er heel eerlijk in. Ze vertel ook wanneer ze moet stoppen  met schrijven, bijvoorbeeld als ze moet gaan eten. En ze vertelt over de ruzie die ze met Matilda had, compleet met tekeningen van twee boze meisjes.
En gelukkig is Olivia een slimme meid: ze vindt er wel wat op! Hoewel…


Meredith Costain is een Australische schrijfster met nog meer boeken voor meiden op haar naam. Ze schreef ook een dagboekserie vanuit Ella, de zus van Olivia, waarvan zes boeken vertaald zijn. Die zijn voor net iets oudere kinderen.

ISBN 9789048846870  | Hardcover | 100 pagina's | Uitgeverij Ballon| september 2019
Vertaald uit het Engels door Saskia Martens | Leeftijd vanaf 7 jaar

© Marjo, 20 november 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Saar is vies
Trenke Riksten Unsworth


Saar heeft iets op haar arm en Ans ziet dat.


'hee, wat is dat?' roept ans.
ze wijst naar de arm van saar.
'dat is een wrat.' zegt saar.
'het ziet er eng uit.' zegt ans.
'het is niet eng,' zegt saar.
'het is een bult.'
'het is wel eng.' zegt ans.
'en het is vies.'


En daarmee begint het gepest, Tim begint met het liedje en al gauw is iedereen aan het meezingen 'Saar is vies'. Saar vindt dat natuurlijk helemaal niet leuk en roept dat ze moeten stoppen. Maar dat doen ze niet. Als Saar thuis is vertelt ze het aan haar moeder en mama wil gelijk naar school om met de juf te praten, maar dat wil Saar niet. Ze klikt niet...


Ze doet maar een trui met lange mouwen aan, dan zien ze die wrat niet. Maar als Saar weer op school komt is Joep aan de beurt. Ook hij heeft een wrat...
Wat Saar vervolgens doet is heel slim en heeft tot gevolg dat Tim, na een heel wijze les, zijn excuses aanbiedt en nooit meer zal pesten.

Trenke Riksten Unsworth is fantastisch in het schrijven van verhalen op AVI niveau. Ze weet de taal zo te vormen dat ze voldoet aan de strenge Avi regels maar maakt er toch een echt verhaal van. Zelfs van dit verhaaltje voor de net beginnende lezer weet ze nog een boeiend, beetje spannende en leerzaam geheel te maken. Elke keer opnieuw speelt ze met taal en lopen de korte zinnetjes als een trein.


De tekst bestaat uit korte zinnen met woorden van één lettergreep. Enkele leestekens worden al wel gebruikt maar de hoofdletters ontbreken nog. Het lijkt alsof het schrijven haar heel makkelijk af gaat maar er zal vast een heleboel gepuzzel aan vooraf gaan voor een verhaaltje goed genoeg is voor het beoogde Avi niveau. Mijn petje af voor haar!


Bij het verhaal staan zwart-wit tekeningen van Chantal Dingjan die goed de gevoelens van Saar en de andere personages weergeven.
Fijn leesboekje.


ISBN 9789463900065 | Paperback | 27 pagina's | Uitgeverij Eigenzinnig | september 2019
Afmeting Leeftijd 6+ AVI-M3

© Dettie, 18 november 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER