Nieuwe jeugdboekrecensies 6+

Juf Braaksel en de geniale ontsnapping
Juf Braaksel deel 3
Carry Slee


Dat stinkdier! Die wrattenkoningin! Dat stuk spinrag! Die gifkikker! Die kotszak! Dat rotte ei! Dat geniepige stekelvarken!
Wie zou hier bedoeld worden?


Gelukkig hoort die dit niet, want het is natuurlijk die intens gemene juffrouw Brakel die ermee bedoeld wordt! Zijn het Lotte en Thijs die haar zo noemen? Dat zou je toch tegenvallen van die twee aardige kinderen!
Zij zijn het dan ook niet: er zitten nog anderen achter die lintworm aan: de dames – nou ja, dàmes, Alie Cyaankali en Greta Granaat hebben namelijk nog een appeltje met de juf te schillen. Door haar zijn zij in de gevangenis beland! Ze willen wraak.!


Dat is niet alleen voor de juf geen goed nieuws, ook voor Thijs is het heel vervelend, want ze willen hem gebruiken voor hun akelige plannetjes. En Thijs heeft het al zo zwaar: op school bedenkt hij met zijn klasgenoten nog steeds hoe ze Juf van Brakel weg kunnen pesten, maar voorlopig is zij degene die pest. Ze wil dat de schoolprestaties beter worden en daarom moet het niet mogelijk zijn dat vrienden of vriendinnen maast elkaar zitten. Ze heeft een heel schema opgesteld welke kinderen naar een andere klas moeten. Buiten spelen is ook nergens voor nodig, dat kost maar tijd, die ze anders aan rekenen kunnen besteden. Ook wil ze dat de kinderen een uniform dragen. Als dat nu nog een leuk uniform was! Niet natuurlijk.


Terwijl juf Evi van alles probeert om het gezellig te houden in de klas is zij onbedoeld toch ook degene die nog een probleem voor Thijs naar voren brengt. Voor haar babyproject zoeken de kinderen allemaal naar foto’s uit hun babytijd. En Thijs doet een schokkende ontdekking, waardoor hij helemaal van slag is.


Het is raadzaam om eerst de andere boeken over Juf Braaksel te lezen, omdat er elementen uit die verhalen terugkomen in dit derde deel. Dan verrast het ook niet dat er ineens ongeloofwaardige = magische dingen gebeuren.
Ook komt er een hoofdpersoon uit eerdere delen terug.
Het is wel een superspannend verhaal, er gebeuren dingen die best gevaarlijk zijn. De drie vrouwen met hun akelige plannen beheersen een deel van het verhaal. Het andere is gereserveerd voor Thijs.
En ja, er komen naast de hoofdthema’s ook allerlei kleinere thema’s aan bod, we hebben hier wel te maken met Carry Slee. Dat betekent dat er heel veel aan de orde komt!


Het deel dat gaat over hoe de vriendschap tussen de twee kinderen deuken krijgt, en hoe ze daarmee omgaan, is goed verwerkt in het geheel. Het is misschien welk de achterliggende boodschap: vriendschap is het belangrijkste wat er is!


Het blijft lang de vraag of het plan van Thijs en Lotte dit keer zal slagen: zal de directeur eindelijk haar heil elders gaan zoeken? Maar ja, dan komen er niet meer van dit soort spannende verhalen! En al moet er natuurlijk een einde aan een serie komen, zodat er weer wat nieuws uit de pen kan vloeien – daar is Carry Slee heel goed in – de vraag is of de jonge lezer dat wel wil!
Iris Boter vrolijkt de boel nog eens op met haar leuke tekeningen!

ISBN  9789048858415  | Hardcover | 288 pagina's | Uitgeverij Moon | september 2020
Illustraties van Iris Boter | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 29 oktober 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Emilia Hoektand en de vermiste yetischatten
Emilia Hoektand deel 5
Laura-Ellen Anderson


Ken je Emilia al? Zij is een tienjarige vampier. Zij woont met haar ouders, de graaf en gravin Hoektand, in het land Nocturnië.
De pompoen Pulpje is haar huisdier, en haar vrienden zijn Prins Tangijn, een verwende modefat, de Yeti Floor en Heintje Verdoodt (Magere Hein Junior).


De vrienden worden uitgenodigd om de 350ste verjaarnacht te komen vieren in de Yetiberg, een hele grote berg waar alle Yeti samen wonen, in holen, die grenzen aan een enorme lange gang. Natuurlijk gaan ze, maar Emilia heeft voor hetzelfde weekend ook een uitnodiging voor een kennismaking met de nieuwe pompoenclub, en daar wil ze ook graag naar toe. Het is immers haar droom om pompoenoloog te worden! Maar het lukt maar niet om het Floor te vertellen, steeds komt er iets tussen. En tenslotte beleven de vrienden een hachelijk avontuur, waardoor alles in de soep dreigt te lopen. Ook het feest voor de grootyeti Klaar.
Het begint allemaal heel gezellig: taart, dansen op de speciale Yetimanier feliciteren, het geven van de cadeaus.


‘SUPERGELUKKIGE VERJAARNACHT, GROOTYETI!’ bulderde Floor. Ze stapte trots naar grootyeti Klaar, alsof ze ze licht als een veertje was. De twee yeti’s draaiden zich met hun ruggen naar elkaar en botsten opnieuw, en opnieuw, en nog eens opnieuw met hun billen tegen elkaar… Driehonderdvijftig billenbotsen later trok grootyeti Klaar Floor naar zich toe en gaf haar een dikke, zachte knuffel.’


Ze drinken de speciale maagzuurdrank die overopa Tor vroeger maakte en waarvan ze helaas het recept niet kennen. Van dit drankje gaan ze zweven! Ze hebben de grootste lol! En ze gaan verstoppertje spelen. En zo ontdekken ze dat het niet helemaal pluis tis in de yetiberg!
De kamer van Prins Tangijn die zo supernetjes is, is een grote chaos, en hij verdwijnt nog ook. Net als zoveel kostbaarheden stuk voor stuk verdwijnen! Heeft Prins Tangijn daar de hand in?


Emilia gelooft daar niets van en met Pulpje en Floor gaat ze op zoek naar hem, maar als ze onder in de berg zijn, horen ze gerommel: het ene na het ander hol stort in! Het wordt supergevaarlijk! En als de berg zo beschadigd is, dan moeten de yeti’s verhuizen! Dat vinden Emilia en prins Tangijn verschrikkelijk. Want al vond Floor het helemaal niet leuk om uiteindelijk te horen dat Emilia eerder weg wilde gaan van het feest, ze wil toch graag vrienden blijven.
Kan dit allemaal nog goed komen? Het ziet er helemaal niet goed uit.


Niet alleen is het verhaal reuze leuk, met al die grappige en spannende gebeurtenissen in deze bijzondere setting, er zijn ook nog de hele mooie tekeningen, deels paginagroot;. Er zijn zwarte bladzijden met witte letters; de bladspiegel is ruim.
Er zijn wel weer lastige woorden, maar het verhaal is zo leuk, dat de jonge lezer daar vast wel de moeite voor neemt.
Klaar en Floor bulderen en dan worden er hoofdletters gebruikt, en de hoofdstukken hebben titels, die je verleiden tot lezen. Want wat zijn ‘eenhoornwindjes en praal’? Wie draagt er een flamingodrakenonderbroek? En wat gebeurt er als de titel is: ‘ze hebben wat van mijn knapheid uitgeknepen’.
De fantasie van de schrijfster lijkt grenzeloos, en haar illustraties zijn fenomenaal! Thematiek ontbreekt ook niet. De kwestie rond het dilemma van Emilia, dat ze eigenlijk naar twee feesten wil, is heel goed uitgewerkt.


Speciale hulde voor de vertaalster, Saskia Martens. Dit moet een heidens karwei geweest zijn, met al die vreemde termen. Maar stiekem ook erg leuk, om het Nederlands equivalent te ‘verzinnen’.

http://lauraellenanderson.co.uk

ISBN  9789403216607 | Hardcover | 332 pagina's | Uitgeverij Biloan junior | juni 2020
Vertaald uit het Engels door Saskia Martens | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 25 oktober 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De diamant van Banjarmasin
Arend van Dam


Vroeger is overal. Geschiedenis is overal.
Dat het boek deze titel heeft, is te danken aan het feit dat Arend van Dam geïntrigeerd was door het zien van de diamant in het Rijksmuseum. Deze diamant is oorlogsbuit. Ooit was hij eigendom van Panembahan Adam, de sultan van Banjarmasin (Kalimantan). De steen behoorde tot de rijkssieraden, symbolen van de sultans soevereiniteit. Na diens dood mengde Nederland zich in de opvolgingsstrijd. In 1859 veroverden Nederlandse troepen met geweld Banjarmasin, en hieven eenzijdig het sultanaat op. De ruwe diamant werd naar Nederland gestuurd waar hij werd geslepen tot een rechthoek van 36 karaat.


Het verhaal komt natuurlijk voor in dit boekje. Maar er is meer. Een mengeling verhalen, zonder direct onderling verband, behalve dat het allemaal geschiedenis is. De hoofdpersonen zijn bijvoorbeeld Anton de Krom, Hendrik Jut, Amalia van Solms, Mary Chilton.
Binnen deze verhalen zijn er nog andere verhalen, het is niet echt een lopend geheel, maar voor wie geschiedenis leuk vindt, is dit een prettig klein boekje.


Al meer dan 30 jaar schrijft Arend van Dam boeken voor kinderen en hij geldt als een van de productiefste auteurs van ons land. Hij debuteerde in 1989 met Het pietenboek en schreef daarna meer dan 120 boeken. Al die jaren was hij opvallend onopvallend aanwezig. Voor zijn stroom aan boeken won hij in 2008 één Zilveren Griffel voor Lang geleden...


Zijn werk met vooral historische onderwerpen werd vooral op scholen veel gebruikt maar bleef bij recensenten meestal onder de radar.  Dat veranderde in 2018 dat een jubeljaar voor Van Dam was. Met De reis van Syntax Bosselman bleek hij over onvermoede kwaliteiten te beschikken. Niet zozeer stilistisch maar wel met het vermogen om een gevoelig en veelzijdig onderwerp secuur te belichten. Voor de slavernijgeschiedenis kreeg hij een Zilveren Griffel én de Thea Beckmanprijs. Met het in hetzelfde jaar verschenen De bromvliegzwaan, een non-fictieboek over taal, wint hij ook nog eens een Vlag en Wimpel.

ISBN  9789047627128  | Paperback | 96 pagina's | Kinderboekenweekgeschenk 2020 | Uitgeverij CPNB | december 2019
Illustrator: Anne Stalinksi | Leeftijd vanaf 8 jaar

© Marjo, 4 oktober 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Kitty op avontuur in de daktuin
Kitty: Deel 3
Paula Harrison


Kitty kan dan overdag wel een gewoon meisje zijn, ’s nachts verandert ze in een superheld. Niet zomaar een, maar een poes: ze kan dan makkelijk op daken klimmen, en ziet uitstekend in het donker. Ook heeft ze dan heel goede oren.
Buiten in het maanlicht met haar vrienden ronddartelen, dat is het leukste wat er is. Haar vrienden zijn natuurlijk poezen, ze worden voor in het boek voorgesteld: Pompom, Figaro, Katsumi en Pixie.


Als ze op school (wanneer slaapt ze dan, als ze overdag naar school gaat en ’s nachts op de daken ravot?) de opdracht krijgt om een ontwerp te maken voor de nieuwe schooltuin, vertelt Pixie haar dat er ergens een mooie daktuin moet zijn. En dat klopt: wat een mooie tuin is dat!


‘Tot in de hoeken van het dak was alles gevuld met bomen en bloemen, als een fontein van heldere kleuren. Een kronkelend wandelpad van witte stenen liep langs de bloemperken. Een paar zilverberken stonden op een rij aan de ingang en vormden een poort met hun breekbare, witte takken.’


Er is wel een kater die de tuin bewaakt, en die is boos als hij merkt dat er indringers zijn, Ze hebben immers niet gevraagd of ze mochten komen kijken! Maar als ze voorzichtig zijn vindt hij het goed. Ze genieten van de kleuren en geuren. En van het kattenkruid!
Helaas overziet Pixie niet wat de gevolgen zijn als ze haar enthousiasme de volgende dag deelt met iedere kat die ze tegenkomt. Die avond wordt het steeds drukker in de tuin. Dat gaat niet goed...


‘Ik wist dat het fout was om hier bezoekers toe te staan!’ gromt Graver, de bewaker.
Kan Kitty er voor zorgen dat de tuin niet verwoest gaat worden?


Het duurt vrij lang voor er een beetje spanning in het verhaal komt. De stukken met dialogen zijn wèl leuk maar helaas zijn er best veel saaie beschrijvingen onder andere over die tuin. Het taalgebruik is af en toe lastig: wonderbaarlijk, recyclen; uitkerven. Niet bepaald woorden die een jonge lezer dagelijks gebruikt.
Maar er is veel witruimte, dus niet al te veel tekst op een pagina. En veel illustraties in een prachtige kleurencombinatie! Bijna alle pagina’s laten tekeningen zien die zijn uitgevoerd in zwart-wit met fel oranje, soms ook hele pagina’s. En die zijn een genot om naar te kijken!
De omslag voelt fluwelig aan, echt als een kattenvelletje, dat is een leuk extraatje!


Dit is het derde avontuur van Kitty. Waarschijnlijk wordt in het eerste boek het een en ander uitgelegd, en kan je dat maar beter eerst lezen. Of het ook daaraan ligt? Want qua verhaal is dit boek niet zo bijzonder, als het geschikt moet zijn voor jonge lezers. Maar qua vormgeving krijgt dit boek een dikke tien, zo mooi is het.


ISBN 9789403215389 | Hardcover | 128 pagina's | Uitgeverij Blloan junior | september 2020
Vertaald uit het Engels door Saskia Martens  | Illustraties van Jennie Løvlie | Leeftijd vanaf 7 jaar

© Marjo, 30 september 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Mijn moeder is een gorilla (en wat dan nog)
Frida Nilsson


De negenjarige Jonna woont in een kindertehuis, waar Greta haar kinderen flink laat werken. Haar motto: ze hebben immers meer dan genoeg vrije tijd als ze slapen!

De kinderen kloppen en vegen wat af, bijvoorbeeld als er iemand langs komt om een kind uit te zoeken om te adopteren. Dan moeten alle kinderen zich netjes opstellen zodat de toekomstige ouders hen goed kunnen beoordelen. Ook Jonna wil een nieuw tehuis, ze is nogal eens het mikpunt van Greta. Dat komt omdat ze niet zo netjes is, en het nut er niet zo van in ziet om steeds maar haar handen te wassen en haar haren te kammen.


Maar zo af en toe komt de gemeente inspectie houden en ook dan moet alles spik en span zijn. Greta is dan helemaal gestrest, want er is een extra probleem: er mogen namelijk maar vijftig kinderen zijn, en nu zijn er 51!
Aron, een vriend van Jonna, vertelt dat dit al eerder het geval was, en dat Greta toen een van de kinderen in het bos achtergelaten heeft. En dat kind hebben ze nooit meer teruggezien. Zou dat waar zijn?
Dan komt er een auto de keurige oprijlaan op gescheurd:


‘Nu waren Arons ogen niet de enige die zo groot waren als schoteltjes. De auto zag eruit alsof hij zojuist ontsnapt was aan zijn doodvonnis op de schroothoop. De uitlaat sleepte over de grond, er kwam een brandlucht van de motor en de ruiten waren volgeplakt met stickers en plakplaatjes. De hele auto zat vol bruine roestplekken, maar hier en daar kon je de groene lak nog zien.’ (-)
'Een hand greep de rand van het autoportier beet en de bestuurder wurmde zich met veel gekreun en gesteun door de opening. Ik dacht dat mijn hart stil bleef staan. Iedereen was muisstil.
Het was een gorilla!’


Je snapt het al: de gorilla komt een kind uitzoeken en haar oog valt op Jonna! Jonna heeft daar helemaal geen zin in, maar ze moet mee. En komt terecht in een oude, leegstaande fabriek waar de gorilla een uitdragerij heeft. Als het dat nu was, maar natuurlijk zijn er problemen...


Het is een verrassend en humoristisch verhaal, over een bijzondere vriendschap tussen een kind en een gorilla.


Frida Nilsson (Hardemo, 1979) is een Zweedse kinderboekenschrijver, die al meerdere prijzen in de wacht sleepte.


ISBN 9789045124582 | hardcover | 144 pagina's | Uitgeverij Querido | september 2020
Illustrator: Martijn van der Linden | Vertaald uit het Zweeds door Femke Muller | Leeftijd vanaf 9 jaar

© Marjo, 20 september 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Gevonden
Cees van den Berg


Tot wanhoop van haar ouders neemt Frietje (eigenlijk Frida) steeds allerlei zielige dieren mee naar huis die ze onderweg tegenkomt. Ze kan er gewoon niet tegen om die arme beesten achter te laten. Maar deze keer vindt ze iets anders namelijk een oude man, op zijn pantoffels, midden op een fietspad. Hij heeft geen idee wie hij is en waar hij vandaan komt. En tja dat vindt Frietje zielig en ook hem neemt ze mee naar huis.


Haar ouders runnen een drukbezocht restaurant en zijn op zijn zachts gezegd niet blij met meneer Fritz zoals Frietje hem gedoopt heeft. Wat moeten ze met die man, die een vreemd verhaal vertelt over zijn woonplaats?
Natuurlijk wordt de politie gebeld maar niemand wordt vermist. Ook mevrouw van Staphorst SVP (Steunpunt Verwarde Personen) komt langs en wil hem meenemen, tot grote schrik van Frietje, maar hij mag gelukkig voorlopig bij Frietje en haar ouders logeren.


Omdat haar ouders het zo druk hebben met het restaurant wordt veel aan Frietje overgelaten. Soms een beetje teveel, zoals de keer dat Frietje meegaat naar de arts in het ziekenhuis om te kijken waar het geheugenverlies vandaan komt. Dat een kind, hoe verantwoordelijk Frietje ook is, bij zo'n onderzoek is, wekt een beetje bevreemding op. Toch is dat gedeelte ook lekker hilarisch. Meneer Fritz komt af en toe leuk uit de hoek.


Verder is het heerlijk om te lezen hoe zorgzaam Frietje is en de band die tussen de twee ontstaat is heel speciaal. Ze worden dikke vrienden. Meneer Fritz zegt af en toe dingen die iedereen verbaast en helemaal leuk is het als meneer Fritz ineens iets heel goed blijkt te kunnen! Hoe kan dat nou?
Frietje grijpt echt alles wat hij zegt of doet aan om er achter te komen wie meneer Fritz echt is. Samen met hem speuren ze plekken af die hem mogelijk zijn geheugen terug kunnen geven. Ze hebben best veel lol samen, waardoor het verhaal ook grappig is, maar soms is het ook moeilijk, vooral als meneer Fritz weer even helemaal de weg kwijt is in zijn hoofd.


Langzamerhand werkt het verhaal zich naar de ontknoping toe en eigenlijk wil je, net als Frietje, niet dat het afloopt. Het stel is zo gehecht aan elkaar geraakt, je leeft zo met ze mee, dat je liever wil dat ze nog even bij elkaar kunnen blijven.
Het einde is gelukkig wel heel verrassend, hoopvol en ontroerend.


Wat een ontzettend leuk, menselijk en hartverwarmend boek! Meer van dit graag.


ISBN 9789047712831 | Hardcover | 144 pagina's | Uitgeverij Lemniscaat | oktober 2020
Leeftijd 9+

© Dettie, 29 oktober 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

vspace=Het grote experiment
Olivia - Mijn geheimen, deel 4
Illustraties van Danielle McDonald
Tekst van Meredith Costain


Zoals al Olivia’s dagboeken begint ook dit boek met waarschuwingen, vooral gericht aan haar oudere zus Ella - haar dagboek is geheim!!! - en daarna valt ze meteen met de deur in huis, er komt een wetenschapsbeurs aan, en daar kijkt ze erg naar uit, want alle klassen mogen meedoen: een eigen experiment bedenken en laten zien aan een jury van echte wetenschappers.
Olivia wil winnen!
En ze heeft heel goede ideeën vindt ze zelf. Sommige dingen heeft ze thuis al uitgeprobeerd, het project van de schitterende schimmel en het plant-in-de-pot-project bijvoorbeeld. (of haar moeder dat leuk vindt?)


Op school beginnen ze eerst met de naam voor hun groepje. Ze zitten een logo te tekenen als er een mevrouw van het secretariaat een nieuw meisje in hun klaslokaal binnenbrengt. Het meisje heet Billie en meneer Bram zet haar bij het groepje van Olivia.  En dat wordt een probleem. Olivia is gewend dat haar vrienden haar volgen, maar deze Billie is nogal dominant. Het begint er al mee dat ze de naam die de anderen gekozen hebben afwijst, en een nieuwe verzint. En ze schept nogal op over haar vorige school.


Tja, de anderen vinden Billie heel leuk, zeker als ze de volgende dag T-shirts bij zich heeft met de nieuwe naam erop. Dus Olivia doet maar mee. Maar ze vindt haar idee wel nog steeds het leukste: een tijdmachine. Helaas boort Billie het idee helemaal de grond in. Ze heeft zelf een idee met eieren. Maar het mislukt. Ze moeten helemaal opnieuw beginnen. Zo gaat dat met experimenteren: er kan van alles mis gaan!


Er worden heel veel experimenten uitgelegd – nou ja, niet al te gedetailleerd. De ideeën van de andere kinderen in de klas, en alles wat ze zelf verzinnen, het zijn er best veel. Maar met welk idee zullen ze uiteindelijk meedoen aan de wedstrijd? En maken ze een kans om te winnen?


Dit deel is weer een erg leuk verhaal van Olivia, het laat zien dat meisjes niet alleen maar bezig zijn met hun uiterlijk, en dieren. Er zijn er ook die wetenschap heel leuk vinden! Vriendschap en rivaliteit zijn neventhema’s.
Olivia schijft het allemaal zelf op, de taal is zodoende zeer geschikt voor leeftijdgenootjes, vooral mesjes – maar net zo goed jongens – vanaf 7 jaar. Ze tekent ook wat er gebeurt (met de hand van Danielle McDonald) en ze gebruikt allerlei lettertypes. De kleur is basic: zwart-roze.


Meredith Costain is een Australische schrijfster met nog meer boeken voor meiden op haar naam. Ze schreef ook een dagboekserie vanuit Ella, de zus van Olivia. Die zijn voor net iets oudere kinderen.


ISBN  9789403217079  | hardcover | 104 pagina's | Uitgeverij Biloan | september 2020
Vertaald uit het Engels door Saskia Martens | Leeftijd vanaf 7 jaar

© Marjo, 5 oktober 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De steen en de tijd
Een reis van 150.000 jaar geleden tot nu
Tekst: Rian Visser
Illustraties: Tineke Meirink


Geschiedenis, wat is dat eigenlijk? Lang geleden, wat betekent dat? Is dat gisteren? Vorige week? Tijd is voor jonge kinderen een lastig begrip. Niet voor niets vragen kinderen vaak aan hun grootouders of zij vroeger ook in een hol woonden en of ze dinosauriërs hebben gezien? 
De begrippen 'later' en 'vroeger' kennen kinderen van een jaar of zes wel, ze begrijpen wat verleden is, en wat toekomst, maar het begrip blijft moeilijk. Echte geschiedenislessen beginnen dan ook pas in groep 5.


Rian Visser nam de taak op zich om te verduidelijken wat geschiedenis betekent.
Het verhaal is eenvoudig:


Een zwerfkei uit de ijstijd, 150.000 jaar gelden, maakt duizenden jaren geschiedenis mee. Boeren zetten hem rechtop. Romeinen en ridders komen voorbij. De tijd gaat steeds sneller.
En de steen ligt daar maar te liggen.
Maar om hem heen verandert er van alles: eerst ligt hij op ijs. Dan smelt het ijs en ligt hij op een heuvel. Mensen zetten hem rechtop, hij kan meer zien. Er komen mensen om hem heen wonen, die huizen worden groter, tot er een heel groot huis, een kasteel, staat en er bloemetjes om de steen gezet worden. Weer later is het kasteel een ruïne, er is een stad, en die wordt groter en groter. En dan blijkt de steen in de weg te staan. Hij wordt opgetakeld!
Een nieuw plek om de wereld te bekijken.


De steen, iets wat alle kinderen kennen, die blijft zoals hij is. Maar terwijl de steen hetzelfde blijft, verandert zijn omgeving. Dat is geschiedenis. De veranderingen.
Toen zag het er zo uit, en nu ziet het er anders uit.


Tineke Meirink maakte de paginavullende afbeeldingen, met veel leuke details waar het kind naar kijkt terwijl het voorgelezen wordt.


Rian Visser is kinderboekschrijfster en grafisch vormgever. Zij heeft ruim honderd kinderboeken geschreven voor kinderen van 2 tot 12 jaar en ze schreef voor Sesamstraat en diverse jeugdtijdschriften.


ISBN 9789491647260 | Hardcover | 32 pagina's | Uitgeverij Books2download | juli 2020
Leeftijd vanaf 6 jaar

© Marjo, 2 oktober 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De lapjeskat met de rodehond
illustraties: Francien van Lang
Tekst: Elsbeth de Jager


‘Ik voel me plotseling zo blij
Maar waar komt dat vandaan?’


Dat kun je zo maar ineens hebben, zo’n geluksgevoel dat opborrelt zonder dat je precies aan kunt wijzen waar het vandaan komt.
Dit gedicht verwoordt dat helemaal: je kan wel dingen verzinnen waar het misschien aan zou kunnen liggen, maar wat doet het er toe. Je wil het alleen maar vasthouden!


Het is het eerste gedicht in dit boekje, waarin bijna alle gedichten over een emotie gaan. Over blij zijn en willen dansen; over blij zijn ook al regent het; over blij zijn en genieten van het gevoel. Over hoe aan ellende ook altijd toch wel een lichtpuntje te vinden is. En nog meer...


Gedichten veelal in dezelfde vorm van vier regeltjes, soms niet meer dan die vier, soms langer, soms in de vorm van een limerick, maar allemaal verwoorden ze treffend wat je voelt in bepaalde situaties. Gevoelens, dat is dus het thema van deze bundel.
Het had heel zwaar kunnen worden, maar de toon blijft luchtig, zelfs al is het soms een wat lastiger onderwerp.
Dit is het mooiste gedicht (vind ik):


Ik ken je en ik weet het wel:
Jij had and’re bloemen gekozen
Want wat jij het allerliefst krijgt
zijn fresia’s. Of rode rozen

Maar weet je, bij de bloemenman
die aan het einde van onze steeg
waren alle vazen, potten, emmers
met fresia’s en rozen leeg

Ik dacht aan jou en aarzelde
En kocht toen toch maar gauw
- in de hoop dat je er blij mee bent -
deze liefdesbloem voor jou


Degene die de bloem krijgt kan alleen maar blij zijn, want er is nagedacht over het cadeautje!
Om te weten welke bloem het uiteindelijk is geworden, verwijs ik naar het boek. Francien van Lang heeft die er bij getekend, zoals ze alle gedichten van een prachtige illustratie heeft voorzien.
Een hele mooie bundel is dit, ook voor wie niet zo veel met gedichtjes heeft!


Elsbeth de Jager is vertaler en auteur. Ook heeft ze jarenlange ervaring als docent/taaltrainer Duits, docent Creatief Schrijven/schrijfcoach en docent NT2.


Op de site van Francien van Lang staat: ‘Een beetje zon in je hoofd en vlinders in je buik wil ik je geven bij het zien van mijn illustraties’. En of dat lukt? Kijk maar:
https://www.francienvanlang.nl

ISBN 9789492844781 | hardcover | 52 pagina's | Uitgeverij de Droomvallei | september 2020
Leeftijd vanaf 6 jaar

© Marjo, 30 september 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Clara zet door
Deel 3 van de trilogie Clara
Pieter Feller & Tiny Fisscher


Nadat Clara - zoals we in de eerdere delen hebben kunnen lezen - van school is gegaan omdat ze haar moeder moet helpen, nu die weduwe geworden is, heeft het meisje al het een en ander meegemaakt. Ze baarde nogal opzien toen ze met haar kranten voor het Centraal Station stond. Een krantenmeisje! Dat had men nog nooit gezien. Maar Clara weet wat ze wil: ontdekkingsreiziger worden. Dat zal niet zonder slag of stoot gebeuren, dat weet ze wel.


Wat is ze enorm blij als meneer Korevaar haar benadert: hij wil een avondschool starten voor diegenen die de lagere school niet hebben afgemaakt, en natuurlijk moet Clara daar bij zijn!
Ze heeft al laten zien dat ze een gevoel voor taal heeft. En oog voor wat de krantenlezer interesseert. Ze levert stukjes nieuws aan voor in de krant, en verdient zo af en toe een kwartje. Intussen is ze al geen krantenmeisje meer, ze werkt bij thee- en koffiehandel Brandt, in de winkel, maar vooral om te bezorgen. Dan gaat ze opnieuw heel Amsterdam door op haar fiets.


Helaas is de verkering met Sjaak uit gegaan toen ze hem met een ander meisje zag, maar er zijn nog meer jongens in de stad! Of ze daar tijd voor heeft, is de vraag: ze werkt zes dagen in de week, heeft twee avonden school, schrijft de stukjes voor de krant en helpt thuis ook nog mee.
Er gebeurt nog veel meer: Rinus, de vriend van haar moeder, heeft bijzondere plannen. Clara vindt een andere baan voor haar moeder, en intussen maakt ze zich zorgen over haar oom Marcus, die met zijn gezin de lange reis vanuit Suriname naar Amsterdam aan het maken is. Per boot. En de Titanic is immers ook vergaan, er kan van alles gebeuren! Intussen doet ze haar best op school, want haar grote voorbeeld, Alexine Tinne, is niet uit haar hoofd verdwenen!


Het is inderdaad een boek waarin veel gebeurt.
Clara is een sociaal bewogen meisje. Ze ziet het onrecht om haar heen, en wil daar over schrijven. Dan krijgt ze te maken met censuur, want niet al haar stukjes zijn geschikt, zegt de meneer van de krant. Ze ziet armoede, merkt de onderwaardering van de vrouw op. Als Marcus eenmaal aangekomen is, ziet ze ook nog tekenen van racisme.


‘Hoe is het nu met ze?’ vraagt ze bezorgd.
‘Het gaat wel, hoor,’ stelt moe haar gerust. ‘Ze hebben wat blauwe plekken, maar die trekken wel weg. Het was natuurlijk schrikken, In Suriname werden ze ook wel eens uitgescholden omdat tante Anna met een witte man ging.’
’Wat stom,’ mompelt Clara. ‘Je kunt er toch ook niks aan doen op wie je verliefd wordt?’
’Nee,’ zegt tante Boes. Ze grinnikt. ‘Anders was je moeder ook nooit verliefd geworden op een ijzerhandelaar.’
‘Ja, moe, waarom werd je niet verliefd op een koekjesfabrikant?’
‘Dat is het lot, Clara,’ speelt haar moeder het spelletje mee. ‘In onze kringen kom je geen fabrikanten tegen, tenzij je voor ze werkt, maar dan kijken ze je echt niet aan.’
De stemming slaat om en er gaan wat grapjes over en weer.
‘Met Anna en de kinderen komt het heus wel goed, hoor,’ zegt tante Boes sussend. Mensen moeten er gewoon een beetje aan wennen, en tante Anna en de kinderen ook. Op een dag kijkt niemand er meer van op dat er donkere mensen rondlopen in Amsterdam.’


Dit stukje geeft een tijdsbeeld weer van begin twintigste eeuw. Is er echt zoveel veranderd? Dat is een vraag die jonge lezers zich kunnen stellen. Het meisje is nauwelijks anders dan een kind van nu, ze is ambitieus, en gebruikt haar ogen goed. Al is de tijd een andere, het verhaal blijft heel herkenbaar.


Pieter Feller (1952, Hoorn) schreef vele kinderboeken waaronder de succesvolle serie Kolletje.
Tiny Fisscher (1958, Castricum) schreef boeken voor kinderen, waar onder de bewerking van Alleen op de wereld, en voor volwassenen.
Ook voor de derde boekomslag tekende Natascha Blum-Stenvert een prachtige omslag.


ISBN 9789492844651  | hardcover | 250 pagina's | Uitgeverij De Droomvallei | juni 2020
Illustraties van Natascha Blum-Stenvert | Leeftijd vanaf 9 jaar.

© Marjo, 18 september 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER