Nieuwe jeugdboekrecensies 6+

Een vriendin voor opa
Vivian den Hollander


Tom en Mila’s derde avontuur met opa.

De oppas van de kinderen is opa Bak, die er dan wel ruig en schrikwekkend uitziet, maar die we hebben leren kennen als een vlotte man, die nog erg actief is en ook heel gezellig is. Des te vreemder vinden de kinderen het als opa een keer helemaal niet vrolijk is, maar wat sombertjes op de bank zit.
‘Is er iets?‘ vraagt Mila. ‘Nee hoor’, zegt opa.’
Maar hij wil niet voetballen en wil ook niet laten zien hoe hij een radslag maakt.
Wat is er dan aan de hand met opa?


Mila denkt het te begrijpen als opa vertelt over zijn broer die op vakantie is met een vriendin.
Hm, misschien wil opa ook wel een vriendin?
Dan zullen ze eens op zoek gaan!
Ze hangen een briefje op in de supermarkt. Maar natuurlijk vinden vrouwen die opa met zijn wilde baard en dikke buik niet zomaar meteen leuk.


‘Heeft er nog iemand gebeld?’ vraagt Mila.
Opa schudt zijn hoofd. En hij kijkt best sip.
Mila kan er bijna niet meer tegen.
Opa is juist zo leuk. Waarom komt er niemand meer?’


Aan het feit dat opa oud is kunnen Mila en Tom niets doen, maar ze kunnen wel zijn haar fatsoeneren. Op naar de kapper!
En daar gebeurt het…


De woordkeus is aangepast aan het juiste niveau, er zijn veel dialogen - die lezen makkelijker - en het verhaal is van begin tot einde herkenbaar en humoristisch. Dat zijn de tekeningen van Saskia Halfmouw ook. Soms klein, soms bladvullend vullen ze het verhaal prima aan en hebben veel leuke details.


De boeken van Mila en Tom met hun opa zijn heerlijke verhalen voor beginnende lezers.
Een vriendin voor opa is kerntitel voor de Kinderboekenweek 2018.

ISBN 9789000360703 | Hardcover | 32 pagina's | van Holkema & Warendorff| augustus 2018| Vanaf 7 jaar/ AVI M 4
Illustraties van Saskia Halfmouw

© Marjo, 14 september 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Dog Man
Dav Pilkey


Een agent die alleen kan blaffen en reuze goed kan snuffelen, hoe verzin je het! Je snapt het als je het verhaal leest over hoe Dogman ontstond uit de slimme hond Kees en zijn domme baas agent de Ridder, een soort Frankenstein verhaal, met veel humor. En het is notabene hun grootste vijand, Karel de kater, die de wording van Dogman  heeft veroorzaakt, en daar heeft hij veel spijt van.
Want Dogman kan niet praten maar dat maakt hij goed doordat hij reuze slim is. Dogman groeit uit tot een superheld!


Maar Karel zint op wraak: hij moet en zal die stomme Dogman de baas zijn!
Er volgen enkele avonturen: over hoe Karel een reuze stofzuiger bedenkt om Dogman mee op te zuigen; Hoe Dogman er voor zorgt dat de ontslagen Baas weer terug komt op zijn post, en hoe hij het probleem van de onzichtbaarheidsspray oplost. En een verhaal waarin we ontdekken hoe het komt dat mensen zo slim zijn!
Het leukste verhaal is dat van de knakworstjes, die tot leven komen.


De tekeningen zijn eenvoudig, en de tekst past daarbij. Alles in een duidelijke bladspiegel en felle kleuren. Pilkey heeft een leuk grapje bedacht, dat enkele keren gebruikt wordt in het boek: de Omsla-no-scoop. Door twee opeenvolgende pagina's snel heen en weer te bewegen ontstaat een bewegend effect, en natuurlijk zijn de tekeningen zo gemaakt dat het een heel leuk effect geeft.


Leuke woordgrapjes, onderbroekenlol, en een superheld. Daar zullen kinderen wel van smullen!


Dogman is een nieuwe graphic novel serie uit Amerika, die vier boeken zal beslaan. Er is ook al een film in de maak, begrijp ik.
In dit genre is er intussen al heel wat verschenen, allemaal bedoeld voor kinderen die niet graag lezen of er moeite mee hebben.


De schrijver en tekenaar van deze serie,  Dav Pilkey kwam zelf door zijn ADHD en dyslexie vaak in de problemen. In die tijd begon hij met tekenen. In het voorwoord, ook in stripvorm, verteld hij hoe zijn alterego’s Sjors en Harold begonnen met het boek Kapitein-Onderbroek, gevolgd door Dogman.
En ook leuk: achter in het boek staat heel duidelijk voorgedaan hoe je zelf de hoofdfiguren kunt tekenen!


ISBN 9789492899019 | hardcover | 231 pagina's | Uitgeverij Condor| juni 2018
Vertaald uit het Engels door Tjibbe Veldkamp | Vanaf 9 jaar

© Marjo, 17 augustus 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Olle en de boekenvloek
Brenda Heijnis


Olle Piekema probeert zich niets aan te trekken van zijn klasgenootje Aurora, maar ze is een ontzettende pestkop. Hij is haar doelwit: ze sluit hem op als ze de kans krijgt of steekt zijn banden lek. Maar ze moet van zijn zusje Jet afblijven, vindt Olle, dus hij verdraagt het lijdzaam. Hij heeft zijn verzameling jojo’s om hem af te leiden. Een jojo in zijn broekzak, om vast te houden, of een trucje mee te doen, dat maakt hem rustig.


Het valt hem meteen op als Aurora er op een dag niet is als hij naar school fietst. En ze komt die dag ook niet naar school. Nou ja, ze kunnen heel goed zonder haar. Maar de moeder van Aurora haalt er natuurlijk de politie bij, Olle en zijn maatje Bibi zien de agenten op straat. Ze lijken niet veel te doen behalve wat rondkijken op straat. Zo zullen ze Aurora vast niet vinden, en de twee kinderen besluiten zelf wat te gaan ondernemen. Ze maken posters om op te hangen bijvoorbeeld.
Maar Aurora was slechts de eerste! Puck is de tweede die verdwijnt…
En daar blijft het niet bij. Ook Jet verdwijnt! Het hele dorp staat op zijn kop.
Er komen agenten op school:


‘Zoals gezegd, heeft deze zaak onze hoogste prioriteit,’ baste hij.
‘Hebben ze andere prioriteiten dan?’ fluisterde Bibi. Ze trok haar wenkbrauw op.
‘Tot die tijd zorgen jullie ervoor dat jullie nooit alleen buiten zijn. De straten en de school worden scherp bewaakt. Na de lessen gaan jullie direct naar huis.’


Natuurlijk zijn Olle en Bibi dat niet van plan. Zij willen weten wat er aan de hand is. Ze hebben al iets vreemds gezien in de dorpsbibliotheek. De man die de boel bestiert laat duidelijk merken dat hij een hekel heeft aan kinderen, en dat in een bibliotheek! En daar zien ze iets zeer eigenaardigs op het moment dat er weer een kind verdwijnt. Ze hebben een volwassene nodig: opa Bram.-  De andere volwassenen komen er niet zo best vanaf in dit verhaal. Ze zijn een beetje stereotype zoals dat vaak het geval is in kinderboeken. -


Een lekker fantasievol verhaal, spannend en een grote dosis magie. De lezer weet een klein beetje van wat er met de kinderen gebeurt, doordat er in een ander lettertype verteld wordt over de verdwenen kinderen. Hun situatie lijkt onoplosbaar, dus de lezer is zeer nieuwsgierig naar hoe Olle dit probleem op gaat lossen! Met de hulp van Bibi en opa natuurlijk.


Boeken, de verhalen daarin eigenlijk, spelen een grote rol. Grappig is het als zo’n beschreven wereld gaat leven! Bibi maakt graag lijstjes en de hoofdrolspelers zijn kinderen die de boosdoener te slim af zijn. De zwart-wit tekeningen van Esther Leeuwrik zijn grappig, en passen goed bij het verhaal.


Brenda Heijnse
(1985, De Rijp) is art-director, heeft voor de klas gestaan en richtte toen een eigen bedrijf op: Brenda Heijnis Creatieve Communicatie. Olle en de boekenvloek is niet haar eerste boek. Eerder verscheen een gedichtenbundel met de titel Waar de wind waait.


ISBN 9789044832082| hardcover |185 pagina's | Uitgeverij Clavis| juni 2018 | Leeftijd vanaf 8 jaar
Tekeningen van Esther Leeuwrik

© Marjo, 25 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De verschrikkelijke Meneer Gom
en de peperkoekmiljonair

illustraties: Mattias De Leeuw
tekst: Andy Stanton


Het begon allemaal op een late namiddag in het vredige stadje Lamme Griemel. Daar zat op de Blufheuvel een klein meisje. Haar naam was Polly.
Polly verveelde zich een slag in de rondte. Ze miste de de enorme hond John. Maar John liet zich al tijden niet meer zien...
Maar die dag gebeurde er iets vreemds.


"Boven op de Blufheuvel verscheen een figuurtje. Het was het vreemdste mannetje dat Polly ooit had gezien.
Ten eerste: hij was maar 15,24 centimeter hoog. En hij was van peperkoek gemaakt, zijn ogen waren rozijntjes. Hij had elektrische spieren zodat hij net als jij en ik gewoon kon rondlopen.[...] Bovendien had hij een enorme koektrommel bij zich, die boordevol geld zat. [...]
'Hallo, zei het kleine kwibusje. [...]  Ik ben Alex Tolman.


Alex Tolman is zo rijk dat hij denkt dat hij vriendschap kan kopen. Maar daar doet Polly niet aan. Je bent vrienden of je bent het niet. Daar kan al het geld van de wereld niets aan veranderen. Alex vindt dat maar vreemd en gelooft Polly helemaal niet. Iedereen wil geld. Het is net als het liedje van Doe Maar. Als je wint heb je vrienden, rijen dik, echte vrienden... Maar Polly is anders, altijd al geweest.


Maar waar blijft blijft die verschrikkelijke meneer Gom van de titel? Nou... meneer Gom had het nog even druk met verschrikkelijk zijn. En hij had die dag echt zin in gemeneder te zijn dan gewoonlijk. En toen hij klaar was met zichzelf allerengst te maken sprong hij op zijn gestolen skateboard naar zijn enige vriend, Willem Wilhelmus, die de goorste slagerij van Lamme Griemel runt. Meneer Gom is een van zijn weinige klanten. - Samen hebben de twee heren een hoog snot- en glibbergehalte in zowel hun doen en laten als in hun spraakgebruik.
'Morrege Ouwe Kofferbak', zei de slager toen meneer Gom binnenstapte. Hij zag gelijk dat meneer Gom zijn allergemeenste bui had en ze gingen samen lekker gemeneder plannen bedenken. Maar toen kwam per ongeluk de kleine Alex Tolman binnen, mét zijn koektrommel vol geld, en hij nodigde de twee griezels uit voor het feest dat hij in zijn nieuwe huis zou geven... Wist hij veel dat ze niet te vertrouwen waren, hij woonde immers nog maar net in Lamme Griemel.


Natuurlijk zagen de twee valseriken het geld en dat wilden ze hebben, én houden. Ze smeden een plan en het lukt ze! Maar Polly is er ook nog! En die laat het er niet bij zitten. Zij zal er persoonlijk voor zorgen dat de kleine Alex Tolman zijn geld terug zal krijgen (maar hoe?)
En hiermee begint het meest doldwaze avontuur dat Polly ooit heeft meegemaakt en dat wil wat zeggen! Maar uiteindelijk weet Alex Tolman wél wat echte vrienden zijn!


Zoals gezegd, het is een knotsgek verhaal. Polly praat in krom Nederlands (vermoedelijk heeft ze een Lamme Griemels accent want ook meneer Gom en de slager praten zo.) Polly zegt bijvoorbeeld als ze héél boos is: "Ik hep eigelek heul veul zin om naar het pallement te schrijven en aan de minister-precedent zelf te vertelle wat er hier gebeurt!" Ook meneer Vrijdag heeft zijn eigen unieke -wel wat deftiger - taal. Hij roept te pas en te onpas "De waarheid is een citroengebakje," maar hij is verder wel heel lief. De vieze slager is écht heel goor en meneer Gom, is verschrikkelijker dan verschrikkelijk.  - De vergelijking met de grote grappentaalmeester Roald Dahl zoals op de cover vermeld staat, haalt het boek net niet, Roal Dahl heeft verfijndere en spitsvondiger humor, maar het komt wel een eind in de richting. -


Bij het verhaal staan ook nog komische zwart-wit afbeeldingen en zelfs de tekst is in allerlei verschillende lettertypes afgedrukt zodat iedereen bijvoorbeeld goed weet hoe lief of hoe gruwelijk vies iemand is. Achterin het boek staan nog een aantal Lamme Griemel lijstjes en daarin kunnen we o.a. lezen waar meneer Vrijdag stiekem bang voor is of 10 woorden die de slager Willem Wilhelmus grappig uitspreekt. Bijv. Engerland in plaats van Engeland of Sjiekenhuis in plaats van ziekenhuis.


Kortom, je verveelt je geen moment met dit boek, je racet net als alle personages, door het verhaal heen en rolt van de ene grappige, gekke situatie in de andere.
Het boek is bovendien op een erg knappe manier vertaald door Edward van de Vendel. Dus...lezen maar!


ISBN 978940149250 | Hardcover | 187 pagina's | Uitgeverij Lannoo | juni 2018
Vertaald door Edward van de Vendel | Leeftijd ca. 8+

© Dettie, 12 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Op zoek naar de schat
Kaat en Ko 3
Illustraties: Saskia Halfmouw
tekst: Vivian den Hollander



Kaat en Ko op zoek naar de schat is een verhaaltje over een verjaardagsfeest, opgedeeld in acht hoofdstukken, geschreven op aviniveau M4.


Kaat is bijna jarig. Haar vader Gijs maakt iets voor haar. Kaat wil weten wat!
Op het feestje van Kaat krijgen de kinderen nieuwe namen: Zwartbaard Bink, Linke Liv, Sluwe Siem en Kapitein Kaat. Met hulp van een schatkaart en opdrachten moeten ze op zoek naar vier letters, die een hint geven waar de schat is.


In het boek staan heel veel vrolijke tekeningen in kleur. Zeven keer zijn die paginavullend, maar verder staan er meerdere tekeningetjes op een bladzijde, met de tekst eronder, -boven en -tussen. De zinnen zijn gegroepeerd, waardoor de lezer nooit heel erg lange lappen tekst hoeft te lezen. Regelmatig staan er woorden in een groot lettertype in de tekst (zoals jarig, geheim, piraat, woeste, pfff, hoed). Het nut hiervan is me niet helemaal duidelijk. Het gaat niet om heel moeilijke woorden en ook lang niet altijd om een woord waar je de nadruk op zou kunnen/willen leggen.


Er worden met name woorden gebruikt met één of twee lettergrepen. Een enkel woord heeft drie lettergrepen. Sommige woorden hebben een koppelteken. Dit zijn eigenlijk altijd woorden van twee of drie lettergrepen, waarbij aan beide kanten van het koppelteken ook een volledig woord staat (strand-tent, schat-kaart, uit-zoeken, arm-bandje). Pas een niveau hoger mogen vier lettergrepen gebruikt worden, maar die worden in dit boek ook gebruikt. Dit wordt dan “opgelost” door een spatie te gebruiken (kraaien nest, konijnen hol, piraten feest). Alle woorden zijn prima te begrijpen vanwege de tekeningen.


Het verhaal kabbelt wat. Het wordt een beetje spannend als de kinderen een letter proberen te vinden in een gat hoog in een boom, want lukt het hen om daar te komen zonder dat er ongelukken gebeuren?
De illustraties maken het lezen van het verhaal wel een feestje. Vooral hond Ko, van wie de gedachten vaak in gedachtenwolkjes worden weergegeven.


Zie ook het inkijkexemplaar


ISBN 9789000360130 | hardcover | 80 pagina's | Van Holkema & Warendorf | juni 2018
Leeftijd 6+ /AVI M3

© Trenke Riksten-Unsworth, 28 juni 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Clara
Pieter Feller &Tiny Fisscher

Clara, bijna twaalf jaar oud, is een eigenzinnig meisje. Ze woont met haar ouders, broertje en zusje in Amsterdam, waar haar vader een timmermansbedrijf heeft. Ze kan goed leren, en haar ouders - en meester - denken dat ze vast wel schooljuffrouw kan worden. Maar Clara wil iets heel anders! Ontdekkingsreiziger, dat lijkt haar wel iets.
Op dat idee is ze gekomen door de dierenplaatjes die ze samen met haar vriend Koos spaart en in een album plakt. De beschrijvingen die er bij zitten maken haar nieuwsgierig naar de dieren zelf en hun leefgebieden, ze wil er zelf heen!


Maar dit verhaal speelt in 1911, en iedereen verklaart deze feministe avant la lettre dus voor gek. Schooljuffrouw is het beste dat haalbaar is, en als ze dan gaat trouwen moet ze stoppen met werken. Clara heeft daar helemaal geen zin in! Er is geen enkele reden waarom het niet zou kunnen, vindt ze.
Als meester haar vertelt over Alexine Tinne, die met haar moeder op ontdekkingsreis is geweest, staat Clara’s besluit vast. Maar haar klasgenoten lachen haar uit en moeder vindt het ook niets. Die vindt het ook niet goed dat Clara haar vader zo vaak helpt bij het timmerwerk. Timmervrouw, dat kan toch niet! Vader vindt het eigenlijk wel prima, die stimuleert zijn dochter.


Tot er zich op een dag een drama voltrekt met verstrekkende gevolgen. Nu kan Clara het wel schudden! Maar dromen mag en ze gaat nog gedrevener op zoek naar degene die de dierenplaatjes getekend heeft. Dat is immers een beroemde wereldreiziger die bovendien in haar eigen stad woont.
In het twaalfde levensjaar van Clara verandert haar leven helemaal. Het verhaal vertelt over hoe ze omgaat met al die tegenslagen en steeds weer opkrabbelt. Ze is een sterke jongedame!


Meisjes als zij zijn er in alle tijden, en wat dat betreft zou haar verhaal gerust in het heden kunnen spelen. Het is evenwel de achtergrond die het een bijzonder verhaal maken. In 1911 was de wereld heel anders: geen moderne media, geen liften, zelfs nauwelijks auto’s. Amsterdam, waar het boek zich afspeelt, was vol met paarden die karren voorttrokken: voor de bakker of de melkboer, maar ook met schillen of voorraden die afgeleverd moesten worden. Meisjes werden zwaar ondergewaardeerd, de ziekenzorg stond nog maar in de kinderschoenen en was voor menigeen onbetaalbaar. Er waren geen sociale voorzieningen: als je geen werk had, had je geen geld, en moest je maar zien hoe je het stelde! Kinderen werden al vroeg van school gehaald om te werken. De woningen waren klein, en hadden vaak niet eens sanitaire voorzieningen. In die tijd bestonden er water- en vuurwinkeltjes!


Dit verhaal zal jonge mensen aanspreken vanwege Clara zelf, een meisje dat weet wat ze wil en daar ook voor gaat, maar daarnaast is het vooral een eyeopener: zo ging dat dus in die tijd, ruim honderd jaar geleden!  Daarnaast is het een verhaal over rouw, en over hoe dat in die tijd werd aangepakt.


Een leerzaam, maar  vooral indringend verhaal, als het uit is, wil je weten hoe het verder gaat met Clara!
Mooie omslag ook!

Pieter Feller
(1952, Hoorn) schreef vele kinderboeken waaronder de succesvolle serie Kolletje.
Tiny Fisscher (1958, Castricum) schreef boeken voor kinderen, waar onder de bewerking van Alleen op de wereld, en voor volwassenen.


ISBN 9789492844118  | Hardcover | 220 pagina's | Droomvallei| april 2018| Leeftijd vanaf 9 jaar.
Illustraties: Natascha Blum-Stenvert

© Marjo, 31 mei 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Op reis met Mary Poppins
Naar het werk van Pamela Lyndon Travers
Hélène Druvert


Soms vragen mensen mij, waarom lees jij, als volwassene, nou eigenlijk kinderboeken? Wat is daar nou aan? Je ziet de scepsis in hun ogen. Het is dan moeilijk om uit te leggen omdat alles wat je enthousiast te berde brengt niet echt helpt. Je kunt zeggen het zijn vaak vlotte, grappige verhalen, al dan niet met prachtige prenten erbij. Je kunt vertellen dat moeilijke onderwerpen vaak zo prachtig en eenvoudig verwoord worden. Je kunt vertellen dat je geniet van de kleuren en de lay-out, maar mijn relaas wordt evengoed met duidelijk ongeloof aangehoord. Het is praten tegen dovemansoren. De stellige mening van de ander blijft recht overeind... Een kinderboek is voor kínderen en blijft voor kinderen!

Maar nu is er dìt boek! Daarmee kun je eindelijk laten zien waarom kinderboeken zo geweldig kunnen zijn.
Ten eerste kent nagenoeg iedereen het heerlijke verhaal over Mary Poppins - de gouvernante die aan een paraplu door de lucht vliegt - De vrouw die de kinderen Michael en Jane Banks allerlei magische avonturen bezorgt. Jong en oud hebben hiervan genoten. Dat maakt het boek al aantrekkelijk.

Daarnaast zijn er de prachtige, bijzondere, zwart-wit illustraties, dit keer geen geschilderde of getekende prenten maar prachtig uitgesneden afbeeldingen. Het is onvoorstelbaar hoe gedetailleerd deze uitgewerkt zijn. Achter de ramen van de huizen zien we figuurtjes theedrinken, zelfs de theepot is uitgesneden en ook de kat voor het raam ontbreekt niet. - Het boek is daarom niet geschikt voor de allerkleinsten want die snappen nog niet dat je niet zomaar die fragiele uitgewerkte pagina's kunt omslaan. Daar moet je toch wel voorzichtig mee zijn. Tussen elke pagina ligt dan ook ter bescherming vloeipapier zodat je niet gelijk de kleine subtiele uitwerkingen beschadigd. -


Het in korte zinnen opgestelde eerste verhaal speelt zich af in Londen en de twee kinderen en Mary, wandelen o.a. langs een prachtig uitgewerkte Big Ben en ook Buckingham Palace met een schitterend uitgesneden hek en de heen en weer marcherende wacht met hoge muts ontbreken niet. - Bijzonder is dat de open afbeeldingen telkens al een klein stukje van het vervolg weergeven. -


Als de kinderen 's avonds in bed liggen en Jane nog even een zeeschelp tegen haar oor drukt zijn ze ineens in onderwaterland mèt Mary! Lekker zwemmen tussen de vissen. Later mogen ze ook nog mee de sterrenhemel in waar alle fonkelende en stralende dierlijke sterrenbeelden een prachtige circusvoorstelling geven.

En dan... is het uit met de pret en moeten de kinderen echt naar bed.

Zo'n mooi boek steelt toch ieders hart, van jong tot oud. Dat kan gewoon niet missen!


Zie ook de afbeeldingen op de site van Hélène Druvert


ISBN 9789000363353 | Opengewerkte hardcover | 40 pagina's | Uitgeverij Van Goor | juli 2018
Afmeting 28,1 x 21 cm | Vertaald door Annelies Jorna | Leeftijd ca. 6+

© Dettie, 5 september 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De Zuurtjes
illustraties: Benjamin Leroy
tekst: Jaap Robben


“Aan de Selderijstraat op nummer 33 wonen de broers Harry en Huibert Zuur. Hun huis lijkt zomaar een bleek huis met een gekamde deurmat en een schone stoep. Maar wie beter kijkt, ziet dat hun stoep zó schoon is alsof hij dagelijks wordt gestofzuigd.
Binnen bij de Zuurtjes verandert nooit iets. Behalve dat de kamers ongemerkt krapper worden. Nog even en ze zijn zo smal als gangen. Dit komt doordat de Zuurtjes elke maand opnieuw behangen. Harry en Huibert zijn namelijk zo zuur dat zelfs hun bloemetjesbehang ervan verwelkt.”


Zo begint het boek “De Zuurtjes”. We maken kennis met de broers Harry en Huibert Zuur. Ze wonen samen in hun ouderlijk huis. Leven hun leven volgens een vast patroon. Hun ontbijt bestaat altijd uit zure haring dat ze wegspoelen met een kopje witlofthee met een scheutje augurkensap. Drie keer per week maaien ze het strookje groen in hun achtertuin en ’s middags zitten ze in hun stoelen voor het raam en noteren ze alle overtredingen die in hun straat worden gemaakt.
Om beurten lopen ze naar het portret van hun moeder om te kijken of het nog wel recht hangt. En om kwart voor vijf is het tijd voor het dagelijks klachtenkwartiertje van de gemeente. Zo gaat het al jaren, tot grote tevredenheid van de beide zure broers. Maar dan op een dag valt er een brief op de deurmat.


“De Zuurtjes verslikken zich van schrik. “dat, dat, dat is geen rekening, maar, maar…dat is…”piept Harry. Versteend blijven ze op de deurmat staan. Ze halen adem om iets te zeggen, maar blazen dan weer uit. Voor Agaat Zuur staat er op de voorkant. In Huiberts nekt trekt zenuwachtig een spiertje.

Minuten tikken voorbij.

“Misschien…” zegt Huibert, maar hij schudt zijn hoofd. “Als we nou….” “Kunnen we niet….”

Ze kijken allebei naar de brievenbus. Harry strekt langzaam zijn arm en laat de envelop terug naar buiten glijden.

Stilte.

“Er is niets gebeurd,” fluistert Harry. “Afgesproken?”
Huibert knikt. Ze haasten zich terug naar hun stoelen.


Maar het mag niet baten. De brief zet hun rustige en voorspelbare leventje op z’n kop.


Jaap Robben heeft een dolkomisch verhaal geschreven over twee zonderlinge broers. Broers die er rare gewoontes op na houden. Die hun moeder vereren. Als de brievenbus kleppert roepen ze in koor; “ sssttt….moeder slaapt.” Maar waar is die moeder? En wat is er met hun vader gebeurd? En wat is er toch met dat piepklein strookje gras in hun achtertuin, waar niemand op mag lopen?


Het boek is werkelijk fantastisch geïllustreerd door Benjamin Leroy. Zijn grappige en kleurrijke tekeningen zijn een lust voor het oog. Er valt zoveel op te zien. Soms neemt de tekenaar het over van de schrijver en vertelt hij het verhaal. Zoals de droom van de broers. Als ze in hun een nachtje doorbrengen in de pikdonkere caravan.


Een hilarisch boek met allerlei wendingen en ontwikkelingen. Het blijft spannend tot de laatste bladzijde. Met veel plezier heb ik het voorgelezen aan m’n klas. Een groep 7-8. Mijn leerlingen smulden ervan.


ISBN 9789044516715| Hardcover | 161 pagina's | Uitgeverij De Geus | juli 2010
Leeftijd 8+

©Eric Heugens, 10 augustus 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Blind vertrouwen
illustraties: Kelli Draws
tekst: Trenke Riksten-Unsworth


Trenke Riksten-Unsworth heeft al veel AVI-boeken geschreven en dat kan ze goed. Waar andere AVI boeken nog wel eens willen vervallen in verhalen met een woordgebruik dat duidelijk gezocht is vanwege de regels die aan AVI boeken verbonden zijn, weet Trenke Riksten-Unsworth keer op keer een erg prettig leesbaar en spannend verhaal neer te zetten. Je merkt totaal niet dat zij rekening moet houden met het AVI niveau zo vlot en vloeiend zijn haar boeken geschreven.
Ook met dit verhaal pakt ze je beet en sleept ze je mee het avontuur in.


Het begint allemaal met de ontmoeting tussen Janko, de nieuwe buurjongen, en Bert. De jongens mogen elkaar gelijk hoewel Bert in het begin nog wel even staat te stuntelen, Janko is namelijk blind, is hij al snel eraan gewend en de jongens worden dikke vrienden die elkaar haarfijn aanvoelen. Het frapante is dat Janko niets kan zien, maar hij ruikt alles wel veel scherper dan een ander. En dat blijkt nog heel goed van pas te komen...


Op een dag namelijk, nadat Bert Janko heeft leren skelteren, en ze het huis van Bert binnen lopen, roept Janko ineens dat ze weg moeten en snel ook. Hij pakt Berts arm en rent heel hard weg tot helemaal achterin de tuin en dan horen ze een knal! En glasgerinkel! Wat is er gebeurd? Als de jongens gaan kijken zien ze dat het huis in brand staat en Berts moeder is nog binnen!
Ze is in de slaapkamer boven en kan niet naar beneden komen want de trap is door de ontploffing weggeblazen...


Bert en zijn zus Petra willen niet dat mama in het huis blijft ook al lijkt ze veilig daarboven, maar je weet maar nooit, ze moeten iets doen! Maar wat?
Gelukkig zijn Janko en Petra's vriendin Ilse er ook nog...


Opnieuw heeft Trenke Riksten-Unsworth een lekker spannend verhaal neergezet dat bovendien een flinke vaart heeft. Ze gebruikt leuke details waar je als mens tegenaan kunt lopen als je iets snel wilt doen, zoals in dit geval het uitschuiven van de ladder wat nogal moeilijk gaat. Dat maakt het verhaal levensecht. Ook de omgang tussen de jongens waarvan er een blind is, is goed weergegeven. Janko laat zien wat voor hem handig is, wat hij makkelijk zelf kan en waarmee hij hulp nodig heeft. Het is duidelijk dat de schrijfster zich daarin terdege verdiept heeft.


De letters zijn redelijk groot en duidelijk afgedrukt zodat ze voor de beginnende lezer geen probleem vormen.
Bij het verhaal staan toepasselijke zwart-wit afbeeldingen van Kelli Draws.

Kortom, grote aanrader!


ISBN 9789492844262 | Hardcover | 47 pagina's | Uitgeverij Droomvallei | juli 2018
Leeftijd: AVI-E5 (ca 8-9 jr)

© Dettie, 23 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Zooo happy! Mijn maffe leven bij El Paradiso
Fiona Rempt


De achtjarige Lux gaat op vakantie. Naar Santa Marina in Italië. Gezien de titel van het boek en het gegeven van een vakantie moet het wel zo zijn dat ze heel erg blij is. Maar dat is dus niet zo. Naast haar zit Krijn, de zoon van de vriendin van haar vader.  Krijn is 13 en stinkt. Vindt Lux dan, ze noemt hem stiekem ‘Meur’.
De moeder van Lux is al lang geleden overleden, Lux was heel tevreden met haar leven met haar vader, Tata, een beroemd kunstenaar. Maar die heeft nu zijn oog laten vallen op Marcia, een model. Het is trouwens ook vanwege háár werk dat ze nu op reis zijn.


Marcia is het absolute tegendeel van wat Lux graag als gezelschap zou hebben. Ze is een modepop die niet snel tevreden is. ‘Zeur’, noemt Lux haar.
Wie is Lux zelf dan?
Zij is een vrolijke meid, dol op olifanten en tuinbroeken, ze omarmt het leven, is nieuwsgierig, maar niet zo netjes. Tata vindt dat geen probleem. Maar Zeur wel. Al doet ze alsof als Tata binnen gehoorsafstand is.


De spanningen lopen hoog op als Charlie, de fotograaf die een serie moet maken met Marcia, zijn oog laat vallen op de onbevangen Lux. En als Tata dan uitstapjes wil maken die zijn dochter leuk vindt, slaagt Marcia er niet meer in om haar masker op te houden. Maar ja, of Tata dat merkt?


Intussen heeft Lux op een bijzondere, en eigenlijke akelige manier, kennis gemaakt met Luna, een meisje dat in het circus werkt. Zij, haar moeder, en alle andere artiesten wonen in El Paradiso. Helaas lijken Lux en Tata daar alleen maar ongeluk te brengen!

Maar Lux is niet voor één gat te vangen…

Zooo happy! Is precies het boek dat jonge meiden graag lezen: een leuk en spannend avontuur over een leuk meisje en haar BFF, met een heleboel vrolijke tekeningen van Kristel Steenbergen.
De tekst wordt continu afgewisseld met geschreven tekst, dagboek notities, lijstje, en zelfs een schoolexamen (met de uitslagen achterin). Er staat tussen de tekst door allerlei weetjes, waar een jongedame wat aan heeft, onder andere over het circusleven, en Lux wordt zelfs verliefd!


Eerder verschenen met de titels ‘Lux’ en ‘Lux en Luna’. (2009-2011)
Deze heruitgave is zeer flitsend uitgevoerd met een leeslint met hartje eraan.


ISBN  9789020674477  | hardcover | 256 pagina's | Kluitman| mei 2018| Vanaf 8 jaar.
Illustraties van Kristel Steenbergen

© Marjo,  5 juli 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Een vreemde aap
In de schaduw van de Chimpansee
Illustraties: Jenny Bakker
Tekst: Li Lefébure


In Tanzania, in het oerwoud waar het Gombe Stream National Park is, wonen naast andere dieren ook de chimpansees. Ze leven in groepen, met een leider. Het gefictionaliseerde verhaal in dit boek gaat over de groep die in de jaren zestig van de vorige eeuw geleid werd door Goliath, maar deze chimpansee is niet degene die nu het verhaal vertelt. Dat is David. Deze chimpansee werd door de mensapendeskundige (primatoloog) Jane Goodall Grijsbaard genoemd.


Voor volwassenen is Jane Goodall geen onbekende naam. Dat zij nu ook meer onder de aandacht van kinderen wordt gebracht is een uitstekend idee. Haar verhaal spreekt bovendien tot de verbeelding, kinderen zullen het zeker waarderen!


Het was in de jaren zestig dat Goodall, Engelse antropologe en biologe, bekend werd door haar ervaringen met de chimpansees. Ze wist hun vertrouwen te winnen met de hulp van bananen, waar chimpansees echt razend gek op zijn. Tot dan toe dacht men dat zoiets niet kon. Apen, zelfs mensapen, dat waren dieren. Beesten. Hoe kon je daar nu contact mee maken? Jane Goodall deed het, en vanaf dat moment hebben we een veel betere kennis van hoe deze dieren samenleven: hoe zij net als wij werktuigen gebruiken, wat er op hun menu staat en vooral hoe zij met elkaar communiceren, zelfs oorlog voeren en samen jagen! Gedrag waarvan de mens toch echt dacht dat het onmogelijk was!


Wat zij ontdekte is door Li Lefébure enigszins geromantiseerd, misschien wel enigszins meer vermenselijkt dan mogelijk is. De namen van de chimpansees zijn de namen die Jane hen gegeven heeft.


‘De indringer ziet hem aankomen en klimt razendsnel de boom in. Maar David is sneller. Hij grijpt de onbekende chimpansee en sleurt hem naar benden. De aap weet zich los te rukken en snelt gillend weg.‘


Dat is een weergave van het gedrag dat je kan zien. Niets mis mee. Maar dan volgt dit:


‘David voelt zich warm van binnen, alsof er vuur door zijn lijf raast.  (-) De stilte klinkt heel even vreemd in Davids oren, na het gekrijs en getrommel van daarnet.’


Dit soort interpretaties zijn er regelmatig, en daar kan je vraagtekens bij zetten. Gelukkig heeft de schrijfster geen dialogen in het verhaal verwerkt, op af en toe een zinnetje na ‘praten’ de apen niet echt met elkaar. Het zijn immers wel dieren, hoe ‘menselijk’ hun gedrag ook is.
Aan de andere kant maakt deze manier van vertellen het verhaal over de eerste ontmoeting met ‘De witte aap’ wel toegankelijk voor jonge kinderen!
Die witte aap, die in een vreemde gladde grot woont is natuurlijk Jane. De observaties die zij in zo’n veertig jaar genoteerd heeft, zijn verwerkt in dit spannende, maar vooral leerzame verhaal over David en Goliath.


Heel goed is de manier waarop aangegeven wordt dat het Jane Goodall was die deze apen bestudeerde. Haar kant van het verhaal komt terug in kleinere stukken tekst, cursief op licht gekleurde pagina’s. Ook volgt in het nawoord wat meer informatie.
En laten we zeker de prachtige tekeningen van Jenny Bakker niet vergeten! Wie eerder boeken van dit koppel zag weet hoe mooi die zijn!


Zie ook https://www.janegoodall.nl


ISBN 9789044832549 | Hardcover | 88 pagina's | Uitgeverij Clavis | mei 2018
Leeftijd 9+

© Marjo,  6 juni 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER