Nieuwe jeugdboekrecensies 15+

altNiets om het lijf
Kaat de Kock


De vijftienjarige Marie vindt dat haar ouders haar te veel op haar nek zitten, ze is intussen oud genoeg om zelf uit te maken wat ze doet. Tegelijk is ze onzeker over haar plaats in de wereld. Kortom, Marie is een normale puber.


Ze is verliefd op de gitarist van een plaatselijke band en kan haar geluk niet op als deze Adam om haar telefoonnummer blijkt te hebben gevraagd! Hij is vier jaar ouder, dus ze snapt wel dat hij graag meer met haar zou doen dan zoenen, maar daar is ze nog helemaal niet aan toe. Maar hoe moet dat nu, als Adam er blijk van geeft ook andere meisjes leuk te vinden? Misschien krijgt hij bij hen wel meer voor elkaar. Haar onzekerheid wordt nog groter als een van die concurrentes haar toesnauwt:


‘Als jij denkt dat Adam een klein, dik kindje verkiest boven een vrouw als ik, dan is dat leuk voor jou.
Maar Adam heeft me dit weekend nog proberen te kussen en ik ben degene die hèm heeft afgewezen.’

‘Noemde ze me nu echt dik?’


Dezelfde avond heeft haar moeder het over aan de lijn doen. Dat ze daarmee helemaal niet op Marie doelde, dringt niet door. Vanaf dat moment beginnen de problemen: Marie lijnt. Ze eet steeds minder, tot het haar omgeving op begint te vallen dat ze er wel erg slecht uitziet. Maar nee, zegt Marie: ‘Ik ben dik’.
Als ze ook nog ontdekt dat ze het fijn vindt zichzelf te straffen – na bijvoorbeeld een ruzie met haar moeder – door zichzelf te snijden, is helemaal het hek van de dam. Kan ze deze situatie nog terug draaien?

Een hard boek waarin heel duidelijk wordt omschreven hoe een heel normale jonge vrouw er toe komt zichzelf zo uit te hongeren. Een boek voor tieners - vooral meisjes - die kampen met onzekerheid, maar ook voor hun ouders en verzorgers, die misschien met dit verhaal meer begrip op kunnen brengen. Het maakt duidelijk hoe goed bedoelde opmerkingen soms helemaal verkeerd kunnen vallen.

Kaat De Kock
(1975) is een Vlaamse Young-Adultschrijfster. Zij schrijft helder en duidelijk over onderwerpen die de jeugd bezig houden. Huiselijk geweld en verboden relaties waren eerder onderwerpen van haar Young Adultboeken.  Deze, die vooral over anorexia handelt, is helaas ook een actueel onderwerp waar aandacht aan besteed moet worden.
De omslag is ook heel beeldend.

ISBN 9789044832419| Hardcover | 147 pagina's | Uitgeverij Clavis | januari 2018
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 21 april 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDe slapende prins
De dochter van de zondeneter deel 2
Melinda Salisbury


De Slapende Prins is het tweede boek van een fantasytrilogie voor jongeren.
Hij is de hoofdpersoon in de proloog, waarin hij op pad is met zijn leger en zijn golems, om het kasteel van Lormere te veroveren. Langzaam verovert hij iedere stad in Lormere, in zijn streven het land weer samen te voegen met Tregellië. Dat gaat niet zonder slag of stoot, maar als de inwoners eenmaal zullen weten dat hij na de strijd er voor zal zorgen dat iedereen het in zijn rijk goed zal hebben, zullen ze wel begrijpen dat dit het offer waard was. Dat denkt hij in zijn hoogmoed, en zucht naar macht.


‘Verbrand al het eten, dan zullen de mensen verhongeren, verzwakken en zich tegen de ander keren. Vernietig de tempel en hun volgelingen en mensen kunnen nergens heen. Er is geen heilige plaats meer, geen liefdadigheid. Geen hoop. Vooral in een land als Lormere.’


Natuurlijk begrijpen de inwoners van Lormere dat helemaal niet. Ze willen met rust gelaten worden. Veilig leven en werken in een rustig land zonder oorlog. Nu trekken stromen vluchtelingen het land uit, maar er ontstaat ook protest.


Wie is die Slapende Prins eigenlijk?
In deel een ging het verhaal over Twylla, de dochter van de zondeneter, die zou moeten trouwen met koning Merek van Lormere. Eigenlijk is ze verliefd op die nieuwe wachter, Lief, en ze wordt verscheurd door plicht en verlangen. De Slapende Prins wil haar in handen krijgen - al is onduidelijk waarom precies - en ze moet vluchten.


In dit tweede boek duurt het heel lang voor Twylla in het verhaal opduikt. De hoofdpersoon hier is Errin, de zus van Lief. Toen het nog vrede was studeerde zij voor apotheker, maar ze werd nooit beëdigd.
Ze woont samen met haar moeder die een vreemde ziekte heeft. Als de Slapende Prins eist dat alle inwoners het land verlaten, wil Errin dat niet. Het mag niet uitkomen dat haar moeder deze vreemde ziekte heeft, en ze probeert onder te duiken. Silas helpt haar, vooral door haar drankjes te kopen, zodat ze voor zichzelf en haar moeder kan zorgen, maar eigenlijk weet ze niet zo goed wie Silas is. Hij heeft altijd een kap over zijn hoofd, en komt en gaat op geheimzinnige wijze.
Zo komt het dat Errin eigenlijk haar eigen boontjes moet zien te doppen, en ze ontdekt geheimen, die gevaarlijk zijn voor haar en haar moeder. En voor Silas.


Op het moment dat je begint te begrijpen wat het verband met het eerste deel is, wordt het geheel erg spannend. Er moet gevochten worden tegen het leger van de prins, en die golems zijn vrijwel onoverwinbaar. De romantiek verloopt niet zo vlotjes, want je zou denken dat Errin en Silas net zo voor elkaar bestemd zijn als in het eerste deel Twylla en Lief. Misschien komt dat goed in het derde deel, maar voorlopig ziet het daar niet naar uit.
De Slapende Prins doet zijn naam absoluut geen eer aan: hij is machtig en slim.


Ook deel twee leest als een trein, zelfs al weet je in het begin niet waarom we hier lezen over een heel andere hoofdpersoon. Wees gerust: alles zal op zijn plek vallen, maar natuurlijk is het verhaal daar niet mee gedaan: er komt nog een derde deel!


ISBN 9789044829983 | hardcover |383 pagina's | Uitgeverij Clavis | november 2017
Vertaald uit het Engels door Margot van Hummel | Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 2 april 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altSpiegel
Cara Delevingne
co-auteur Rowan Coleman


Als hun leraar, meneer Smith, de klas gaat verdelen in groepjes jongeren die met elkaar een band moeten vormen, is Red, de ik-verteller, redelijk verbijsterd over diens keuze. Red wordt op school als een loser beschouwd, terwijl Rose een zeer populaire jongedame is. Ook Leo en Naomi hebben nog nooit contact gezocht met Red. Toch zijn het deze vier - Red, Leo, Rose en Naomi – die de band Mirror, Mirror worden. Ze blijken niet alleen een machtige klik te hebben, ze hebben ook veel succes. Zelfs buiten school. En niet alleen in de muziek, ze worden vrienden.


Alle vier zijn ze zestien, en alle vier zijn ze op een eigen manier buitenbeentjes. Door hun uiterlijk, hun gedrag, hun afkomst of een mix daarvan horen ze er niet echt bij. Maar Mirror, Mirror brengt daar verandering in. Red is de drummer, Rose zingt, Leo speelt gitaar en Naomi basgitaar. Naomi en Red schrijven de teksten en vaak ook de muziek. Deze samenwerking, en hun succes lijkt een enorme verandering teweeg te brengen in hun leven. Tot Naomi verdwijnt.

Als zij zwaar toegetakeld uit de Theems wordt gehaald, denkt de politie aan zelfmoord. Maar haar vrienden geloven dat niet. En terwijl Naomi in coma ligt, proberen de anderen er achter te komen waar zij de dagen voor haar verdwijning mee bezig was. Ze komen er al snel achter dat Naomi geheimen had.


Geheimen zijn er volop in het boek, er is er eentje waar de lezer door verrast wordt, terwijl de personages er zeker van op de hoogte zullen zijn. Red is de verteller, en dat houdt ook in dat niet alles wat de anderen meemaken en denken bekend is. Er is zo volop ruimte om allerlei dingen langzaam te onthullen, en de spanning op te voeren. Vooral wat Leo en Rose betreft is het verhaal erg spannend. Voor Red is het vooral een coming of age-verhaal.


Het zijn bijzondere jongelui, deze vier bandleden, en hun verhaal is aangrijpend en spannend en zit heel goed in elkaar. Er wordt gewisseld tussen de avonturen van de drie jongelui, gezien vanuit Red, hun bezoekjes aan Naomi, en flashbacks die duidelijk maken hoe het allemaal zo gekomen is.
Het zijn jongeren, ze worden volop geconfronteerd met hun seksualiteit, met drugs en drank, met alle verleidingen van de grote wereld waar zij weerstand aan zouden moeten bieden. Dat lukt in meer of mindere mate, en dat heeft voorspelbare maar ook onverwachte gevolgen.


‘Want weet je, ik vind het leuk wie ik in de wereld ben, de persoon die je op social media ziet. Ik lijk te weten wat ik doe, wat ik wil, waar ik heen ga. Die versie van mij is perfect, ziet er altijd goed uit, lijkt altijd relaxed. Als ik de drumstokjes in mijn handen heb, werkt ieder deeltje van mij zoals het hoort. Elk spiertje, elke reflex, elke hartslag, elke hersencel. Dat spiegelbeeld van mezelf, dat achter glanzende scherm leeft, is degene die de vind-ik-leuks krijgt, de hartjes en de privéberichten. Schuine glimlachjes van meisjes die denken dat ze me misschien, ook al hadden ze dat vroeger nooit gedacht, toch wel meer dan leuk zouden kunnen vinden. Want al ben ik klein en mager, màn, wat kan ik goed drummen. Die versie van mij is best sexy.’


Red is niet altijd zo zeker van zichzelf als in dit stuk tekst. Een spiegel van zichzelf, dat is Red. Dat is Naomi, en ook Leo en Rose kunnen er wat van. Maar zijn we niet allemaal twee personen; de ene die we zelf kennen, en die andere die we laten zien aan de buitenwereld?


Cara Delevingne (1992) is een Brits model, actrice, zangeres en schrijfster. Ze tekende bij Storm Model Management na het verlaten van school in 2009.
Ze schreef dit boek samen met Rowan Coleman die meerdere romans op haar naam heeft staan.

ISBN 9789402700299 | paperback | 352 pagina's | HarperCollins| november 2017
Vertaald uit het Engels door Erica Disco | Leeftijd 15+

© Marjo, 2 maart 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

alt(On)volmaakt
Luigi Ballerini


Drie jongeren, Hera V, Maat V en Adon V (over die V later meer) ontmoeten elkaar op het vliegveld. Alle drie hebben zij een bericht gekregen van de organisatie van de Grote Talentenshow. Zij zijn uitverkoren om mee te doen aan de finale. Hera stond juist op het punt om voor de metro te springen toen zij het bericht kreeg. Maat hoorde een donderpreek van zijn vader aan, omdat die zijn achten en negens niet goed genoeg vond. En Adon genoot zojuist nog na van een zeer bevredigende rugbywedstrijd, in de wetenschap dat sport niet hoog aangeschreven staat bij het Systeem.

Op het vliegveld krijgen ze te horen dat de vlucht gecanceld is. Ze moeten met de bus. Vooral Hera V gaat flink tekeer. Zij gedraagt zich als een verwend nest, met haar rijke ouders, ze is arrogant en bozig, maar net als de andere twee kandidaten heeft zij een geheim. Maat V heeft last van faalangst omdat hetgeen hij doet nooit goed genoeg is, maar dat is niet zijn geheim.
En Adon V, een mooie jongen (check de naam!) heeft een intolerantie voor lactose, maar hoewel niemand dat mag weten, is ook dit niet zijn geheim. Adon V is ook vriendelijk en sociaal.

De V… dat staat voor Volmaakt. Vlekkeloos. In de maatschappij die beschreven wordt is men ruim zeventig jaar bezig een Volmaakte maatschappij te scheppen. Het DNA van de V’s is geperfectioneerd, zodat er geen gebreken of ziekten kunnen voorkomen en hun levensverwachting is maar liefst honderdelf jaar. Ook staat hun toekomstverwachting er in geschreven: of ze een partner vinden, wat hun beroep zal zijn, op welke leeftijd ze waaraan sterven. Omdat zij uit een kweekbuis komen hebben zij geen navel, en bovendien hebben ze een streepjescode in hun nek.
De Onvolmaakten daarentegen hebben wel een navel hebben, want ze zijn geboren uit een vrouw. En in hun nekken staat hun naam in het rood. Er wordt op hen neergekeken, en de mindere baantjes zijn voor hen, dan hoeven de Volmaakten hun handen niet vuil te maken.


De Grote Talentenshow is er behalve ter lering en vermaak ook om de meest Volmaakte onder de jongeren te vinden. Er zijn meer kandidaten dan deze drie jongeren, maar daar wordt nauwelijks over gesproken. Nadat zij de andere teams verslagen hebben, zal er nog een onderlinge strijd volgen om de enige echte Winnaar te bepalen.
De spanning zit niet zozeer in de competitie als wel in de geheimen die zij coûte que coûte verborgen willen houden, en in het feit dat een maatschappij als deze natuurlijk tegenstanders heeft: het Verzet, met aanhangers bij zowel de Onvolmaakten als de Volmaakten.


Deze dystopische Young Adult met nogal wat overeenkomsten met The Hungergames, lijkt onze huidige maatschappij te beschrijven waar ook die tweedeling is en waar de wetenschap zo graag die volmaakte mens wil creëren. Luigi Ballerini schetst de onrechtvaardigheid van zo’n maatschappij.
Op de voorgrond staan de drie jongeren, met hun eigen talenten, die zij pas kunnen ontplooien als ze elkaar durven vertrouwen. Durven ze dat: zich bloot geven en de consequenties aanvaarden? Als je als lezer vooral daarin geïnteresseerd bent, en niet in de wedstrijd zelf dan is het niet erg dat de opdrachten een piece of cake zijn voor onze helden.


Een maatschappijkritische spannende roman over een toekomst die hopelijk geen kans van slagen heeft.


Luigi Ballerini
(Sarzana, 1963) is arts en psychoanalyticus en richt zich voornamelijk op kinderen. Hij heeft meerdere boeken geschreven, voor volwassenen en voor jongeren. Net als in Mijn naam is Nul, het eerdere YA-boek dat bij Clavis verscheen, is dit boek een spannend verhaal, maar zit er wel degelijk een boodschap in.


ISBN 9789044830309 | Hardcover | 310 pagina's | Clavis | augustus 2017
Vertaald uit het Italiaans door Veerle Willems | Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 4 januari 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altAristoteles & Dante ontdekken de geheimen van het universum
Benjamin Alire Sáenz


‘Alhoewel de zomers meestal zon en hitte brachten, gingen ze voor mij over de regen die kwam en ging. En die me altijd achterliet met het gevoel dat ik alleen was.
Voelden alle jongens zich eenzaam?
De zomerzon was niet bedoeld voor jongens zoals ik. Jongens zoals ik hoorden in de regen.’


Het verhaal van de vriendschap tussen twee jongens wordt verteld door een van hen, Aristoteles. Vijftien is hij als hij de even oude Dante ontmoet. Dante is een goedlachse gevoelige jongen, die graag op blote voeten loopt…
Het tegenovergestelde van wat Ari is. Dat is een sombere, bozige tiener, die vooral bezig is het scherm dat hij om zich heen heeft opgericht in stand te houden. In de loop van het verhaal wordt het diverse keren geopperd: ‘ga in therapie’.


‘Ik was vijftien.
Het kon me allemaal niks schelen.
Ik voelde me kut.
Van mij mocht die stralende zon het blauw van de lucht laten smelten, zodat de hemel er net zo ellendig uit zou zien als ik me voelde.’


Dat is normaal, toch? Hij is een tiener! Het is normaal dat tieners wisselende stemmingen hebben. Onder invloed van hormonen zijn ze de ene keer verstandig en een andere keer niet voor rede vatbaar en barsten ze uit in een onverklaarbare woedeaanval. Ari’s boosheid gaat verder dan buien onder invloed van hormonen.


Zijn ouders begrijpen hem niet. What’s new? Maar er is meer aan de hand. Het is niet alleen het zwijgen van zijn vader, die met onverwerkte trauma’s zit van de Vietnamoorlog; het is niet het gezamenlijk zwijgen van de ouders over hun andere zoon, de elf oudere Bernardo die in de gevangenis zit; het is niet alleen dàt: Ari is gewoon boos, en hij weet zelf niet waarom hij zo boos is. Op zichzelf. Op de wereld.


Dante brengt verandering. Met hem kan Ari lachen, met hem wordt gepraat, echt gepraat. Samen ontdekken ze de geheimen van het universum, hetgeen betekent dat ze antwoorden proberen te vinden op hun levensvragen.
Verschillende keren worden ze in hun vrij rustige leventje opgeschrikt, en moeten ze zich aanpassen en opnieuw hun weg zien te vinden. Dan blijken ze toch ook geheimen voor elkaar te hebben.


Het verhaal speelt in 1987, in El Paso, een stad in Texas, waar de bevolking voor een groot deel uit mensen van Mexicaanse afkomst bestaat. Dat is best belangrijk om dit in je achterhoofd te houden, gezien de sociale kwesties die aangeroerd worden. Toch vertelt dit boek vooral het verhaal over vriendschap, over volwassen worden en dat is universeel. Want daar hoort ontluikende seksualiteit bij, meisjes, drank en drugs.
Grappig is het hoe de schrijver zijn hoofdpersonen hun naam waar laat maken: Aristoteles is de denker van de twee, terwijl Dante kunstzinnig is.


Een ontroerend verhaal met veel humor en scherpe zeer realistische dialogen. Het zal zeker veel jongeren aanspreken.


Benjamin Alire Sáenz (1954 Old Picacho, New Mexico) schreef eerder kinderboeken, nog een aantal YA-romans en gedichtenbundels. Die poëzie vinden we zeker terug in Aristoteles en Dante’.


ISBN 9789463491105| hardcover |352 pagina's | Uitgeverij Blossom| juni 2017
Vertaald uit het Engels door Aimée Warmerdam Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 21 december 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altAlleen als je durft
Dieuwertje Boeren & Linda van de Pol


Een twaalftal korte verhalen met wisselende intensiteit. De hoofdpersonen zijn veelal jongeren, middelbare scholieren.


Het eerste verhaal is meteen een schot in de roos. Laura, Margje en Paul spelen met het Ouijabord en tot hun verbijstering krijgen ze een reactie. Het glas beweegt over het bord en de geesten maken zich bekend. Het zijn twee kinderen, die zich bepaald niet gedragen als geesten. Hun antwoorden komen supersnel. Maar het gesprek krijgt een onheilspellend verloop.


Het tweede verhaal draait om twee jongens. De een maakt filmpjes, de ander zet ze op internet. Maar ineens ziet de filmende jongen dat er een vreemde figuur op zijn filmpjes staat! En die schijnt iets duidelijk te willen maken.


Net als bij het verhaal over de jongen met epilepsie laten de twee schrijfsters zien dat ze het talent bezitten waarmee ze van een dagelijkse situatie iets bizars te maken.

Er is een minder origineel verhaal over een oppas en ook het verhaal over de opgraving is eerder verteld. Toch zijn het stuk voor stuk leuke spannende verhalen. Horror? Griezelig is het wel, en dat is al leuk genoeg! Hoogstens van het verhaal waarin enkele scholieren Truth or Dare spelen en hiermee toch echt te ver gaan. Dat is een akelig en griezelig verhaal, alleen al omdat het ook realistisch is. Maar dat zijn de beste griezelverhalen toch?


De schrijfsters hebben een vlotte manier van schijven, recht toe recht aan, ze gebruiken geen fratsen en overdrijven niet omwille van het effect. De jongeren voor wie dit bedoeld is, kunnen lekker griezelen.


ISBN 9789025113872 | paperback | 128 pagina's | Holland | september 2017

© Marjo, 24 november 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altVlam en as
Deel 3 Fire Sermon
Francesca Haig


Het verhaal speelt in een toekomst waar je toch wel heel veel in kunt herkennen van de wereld waarin we zelf leven. Helaas, want oorlog voert de boventoon in deze trilogie.


Er is een strijd gaande tussen de Alfa’s en de Omega’s, die de helften van tweelingen zijn. De Alfa’s zijn vanwege de fysieke kracht die zij bij de geboorte meekregen altijd de sterksten geweest. Zij spelen de baas over hun wederhelften, die veelal met een handicap geboren worden. Maar er is een probleem waar de Alfa’s mee zitten: als de ene helft van de tweeling iets overkomt, al is het maar iets wat een blauwe plek veroorzaakt: de andere helft voelt dat ook. Het gevolg is dat de Alfa’s die vervelende, in de weg zittende wederhelften niet zomaar kunnen elimineren: zij zouden zichzelf vermoorden. Daar hebben ze iets op gevonden: de Omega’s werden gelokt en opgesloten in reservoirs, waar ze met minimale middelen in leven werden gehouden, veilig voor de buitenwereld.


Hoofdpersoon Cass heeft lang kunnen verbergen dat zij een Omega was. Zij is niet lichamelijk gehandicapt, maar zij is een Ziener, ze heeft visioenen. Zach, haar Alfawederhelft, is er nog kwaad om, hij heeft zich, zegt hij, nooit ten volle kunnen ontwikkelen. Hij zit in de Raad bij de Omega’s, maar heeft in Cass een geduchte tegenstander. Geen van hen kan winnen natuurlijk. Zach is dan nu wel verstoten door de Raad en wordt gevangen gehouden door de Omega’s, maar hij blijft gevaarlijk.


Dit is een probleem dat moet worden opgelost. Maar voor het voortbestaan van een wereld waarin ook Omega’s een goed leven kunnen leiden, moet er strijd gevoerd worden: de Alfa’s hebben vernomen dat er een wereld is waar geen tweelingen geboren worden! Zij willen die wereld vernietigen, en zij beschikken over bommen. In dit derde afsluitende deel wordt de strijd beschreven van de Omega’s tegen de Alfa's, maar vooral ook hoe Cass een oplossing zoekt voor het probleem Zach.


Het is een harde, heftige strijd, waarbij veel doden vallen, ook onder de bekende personages. Zo is oorlog in het echt ook natuurlijk. Francesca Haig spiegelt de lezer in haar trilogie geen sprookje voor. Het is voor veel wereldburgers een bittere waarheid, dat er mensen zijn die vinden dat zij alle macht mogen hebben. Mensen die zich niets aantrekken van de gewone mens. Het enige lichtpuntje is het kleine verhaal dat zich onder al deze strijd afspeelt: een verhaal over vriendschap en vertrouwen.

ISBN 9789400504790 | Paperback | 352 pagina's | Bruna | januari 2018
Vertaald uit het Engels door William Oostendorp en Joost van der Meer | Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 21 april 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDante
Deel twee uit de serie Slaves
Miriam Borgermans


In deel twee is het nog steeds het jaar 2558, en er is weinig veranderd in de wereld, die we kunnen kennen uit het eerste deel. Degenen die het voor het zeggen hebben zijn de Genoten, die elkaars concurrenten zijn. Zij vormen een minderheid, maar wel een minderheid die aan alle touwtjes trekt, want zij die niet tot de Genoten horen, zij die niet vrij zijn, zijn slaven. Als slaaf kan je het treffen met een goede Meester, maar als je pech hebt tref je een machtswellusteling. Sowieso heb je geen rechten als slaaf.
Het kan nog erger: als je geen meester hebt, ben je genoodzaakt je eigen kostje bij elkaar te scharrelen op de enorme vuilnisbelten, dan ben je een trasherslaaf. Minder dan niets.


Dante is een slaaf. Hij komt terug op aarde na twee jaar puin ruimen in de ruimte. Dit is heel bijzonder, iemand die weggestuurd is op een missie als deze wordt niet geacht terug te keren. Het was bedoeld als straf. Nu weet Dante niet meer precies wat hij dan heeft gedaan, zijn geheugen is verdwenen. Heel af en toe komen er flarden terug, en hij heeft akelige dromen.
Hem is beloofd, dat weet hij dan weer wel, dat hij na het vervullen van zijn opdracht, toestemming zou krijgen om als vrije trasher ‘een beetje te scharrelen’. Hij heeft vrienden in dat wereldje van deze outcasts: Lemon, Snow en Herbie.


Helaas krijgt hij zijn vrijheid niet (en hier komen de herinneringen aan het eerste deel weer langzaam terug): Het Bastion, de hoge heren, vinden het zo bijzonder dat hij terug is, dat hij de moord op Ghassan Aboud mag onderzoeken. Deze Genoot is degene die Raven gekocht had, maar werd vermoord. Dante moet uitzoeken of zij terecht beschuldigd is van de moord.


Maar de Genoten zijn niet te vertrouwen, en het wordt moeilijk voor Dante en zijn vrienden. Zelfs al wordt Dante gepromoveerd zodat hij meer rechten, en dus meer kennis heeft, is het erg lastig om te weten wie wel en wie absoluut niet te vertrouwen is.
Diverse keren moet hij moeilijke beslissingen nemen. Hij heeft veel vijanden, maar welke daarvan heeft het echt op zijn leven gemunt? En waarom?


Op het moment dat Dante de opdracht krijgt, komen er steeds meer personages terug uit het eerste deel. Vriend en vijand, al is dat dus niet altijd zeker. De wereld is niet zoals wij hem kennen. Er zijn robots, en de technologie is zeer geavanceerd, bijvoorbeeld op het gebied van transport van materiaal en mensen. Uitvindingen worden gebruikt waarvoor ze dienen, maar net zo goed misbruikt. Camera’s zijn er overal en afluisterapparatuur, om over menselijke spionnen maar niet te spreken.


Maar Dante is onze held, en dus lukt hem heel veel. Tussen de hoofdstukken door lezen we stukjes tekst die van zijn - misschien wel grootste - vijand zijn. Pas later wordt daar meer over uitgelegd, waardoor je in de eerste delen van dit boek niet goed weet waar je aan toe bent.


Miriam Borgermans weet je echter helemaal in het verhaal te trekken, je wil het boek niet meer wegleggen. Even er in komen, dus, vooral als je verwacht dat het verhaal na deel een vervolgd zou gaan worden. De invalshoek is nu een totaal andere, maar de sfeer is gelijk.
Was Raven in het eerste deel de verteller, dus hoofdpersoon, nu is ze slechts op de achtergrond aanwezig en wordt ze alleen aangeduid met haar slavennaam. Toch is zij wel belangrijk, en zal ze zeker in een volgend deel weer op duiken.
Of we Dante terug zullen zien? Dat is een heel goede vraag…


Miriam Borgermans (1965 Vught) groeide op in België. En heeft intussen al heel wat jeugdboeken, voor verschillende leeftijden, op haar naam staan.


ISBN 9789044831214 |hardcover | 510 pagina's | Clavis| september 2017
Leeftijd 15+

© Marjo, 17 maart 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altVlucht
De Weerling: Deel 1
Christopher C. Petersen

De zestienjarige Levi woont in Crest waar zijn tante Carmen en oom Daniël al langer wonen, maar waar Levi pas net gearriveerd is met zijn moeder, broertje en zusje. Hun vader is al tien jaar weg, of hij nog leeft weten ze niet. Bij een maaltijd vertelt zijn tante dat Crest een leuk vissersdorp is, maar dat hij wel op moet passen: op de markt houden zich de laatste tijd zakkenrollers op. Daar zit een verhaal achter, zegt Daniël, en hij vertelt over de geschiedenis van Esmyla, het land waar ze wonen. Er zijn vijf provincies ieder geleid door een van de vijf broers, die vanwege de praktijken van een vrouw een gevecht aangingen, waarbij sprake was van geheimzinnige lichtflitsen en andere magische verschijnselen. Sindsdien werken de provincies niet meer samen.
Dat was maar een vreemd verhaal vond Levi. Maar, zegt zijn oom:


‘Niet alles is wat het lijkt, Levi. Simpelweg omdat jij iets nog nooit heb zien gebeuren, wil nog niet zeggen dat het niet kan.’


En zo zal blijken…


Levi ontmoet Andreas op de markt, een blinde jongen die desondanks razend snel blijkt te kunnen te vluchten als hij en Levi achterna gezeten worden. Zij ontsnappen echter niet, en de wereld waar ze dan in terecht komen is er inderdaad een vol magische elementen: de wereld van de weerlingen. Ze bevinden zich in een kamp met allemaal zestienjarigen, die allemaal de gave hebben zich te kunnen veranderen in een dier: ze zijn weerlingen. In het kamp zullen ze leren omgaan met de metamorfose, die ze tot in de puntjes moeten leren beheersen. Een aantal van hen zal ingezet worden bij de bewakingsdienst, de rest gaat zich inzetten voor de natuur.


‘Het doel is het bewoonbaar houden van de wereld.’


Levi en zijn nieuwe vriend Andreas raken bevriend met Alice. Het drietal raakt betrokken bij de onrust in het land, waarbij de rol van de weerlingen net iets anders blijkt te liggen als het uitgangspunt was. Er zijn mensen belust op macht, en natuurlijk mensen die proberen te voorkomen dat het lang beheerst zal worden door enkele personen.


Magische elementen, de strijd tussen goed en kwaad, en een trilogie. Het zijn kenmerkende ingrediënten voor een succesvolle serie. Er zijn nog vragen genoeg open voor de volgende delen, want wie of wat zijn die lichtjes die op een bepaald moment Levi te hulp schieten? Welke taak ligt er voor het in het verschiet? En komt het op romantisch gebied ook allemaal in orde?Zal Levi zijn moeder nog terugzien? En leeft zijn vader nog?


Vlucht is het eerste deel van de Weerlingtrilogie. Het is het debuut van Christopher C. Petersen.


ISBN 9789078437413| paperback | 360 pagina's | Uitgeverij Macc | augustus 2017|  leeftijd 15+

© Marjo, 31 januari 2018

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altNiemands meisje
Lydia Rood


Wie ‘Survival’ heeft gelezen kent Liesbeth, de hoofdpersoon van het nieuwe jongerenboek van Lydia Rood. Haar thuissituatie is niet bepaald gewoon: haar broertje en zusje, een tweeling, zijn allebei autistisch en eisen dus veel aandacht op van hun ouders.
Haar moeder Hella heeft zelf ook een contactstoornis. Alleen Liesbeth en haar vader zijn ‘normaal’, maar aan haar vader heeft Liesbeth ook maar weinig. Hij is leraar op de school waar ook Liesbeth heen gaat, en is daar heel erg de populaire leraar, terwijl hij zich thuis niet erg aanwezig is.
In ‘Survival’ was het een jongen die tegen Liesbeth zei dat zij zijn ‘eerste meisje’ was, waarop zij terug snauwde: ‘Ik ben niemands meisje, hoor!’

In dit tweede boek is Liesbeth 17 jaar, en er is iets gebeurd waardoor zij in een instelling terecht komt en in therapie moet. Ze noemt het 'een incident'. We lezen de transcripties van deze sessies, en later ook die van de praatgroep waar zij naar toe gaat. Met lotgenoten, jongeren die net als zij moeite hebben zich staande te houden in deze wereld.

Liesbeth zit erg in de knoop met zichzelf. Tot het Incident, tot de opname, heeft zij nooit het idee gehad dat iemand haar echt zag staan. Zij was thuis altijd degene die het wel alleen kon, de tweeling eist nu eenmaal veel tijd en energie van hun ouders. Ze voelt zich alleen, onbegrepen en in de steek gelaten - ook door haar ‘zogenaamde’ vriendjes. Als haar inmiddels apart wonende vader dan ook nog weigert om een studie te betalen – terwijl hij wel voor zichzelf een nieuwe motor koopt – voelt ze zich machteloos. Ze is kwaad.

‘Ik vraag toch niet veel? Ik wil alleen graag studeren. Aan je schooldiploma heb je niks. Ik heb geen vijven of zo, eerder achten. In plaats dat Ferdi (=vader) trots op me is… ik ben toch zijn kind? Het is ook niet zo dat er na mij nog twaalf kinderen komen die moeten studeren. Maar Ferdi doet net of hij geslacht wordt. Iedere keer komt hij met de tweeling. De tweeling, de tweeling – dat is altijd zijn smoes.’

Erger nog is dat ze thuis het idee krijgt dat ze niet bestaat. Niemand vraagt waarom ze doet wat ze doet. Niemand vraagt hoe het met haar gaat. Is het dan gek dat ze die aandacht op gaat eisen? Dat ze gaat gillen, schreeuwen, met de deuren gooien?

Het verhaal is confronterend, Lydia Rood draait niet om de feiten heen en schrijft alles op zoals jongeren als Liesbeth hun leven ervaren.
Het enige waar ik vraagtekens bij heb is die studie die haar ontzegd zou worden. Ook als ouders niet betalen zijn er namelijk mogelijkheden om te studeren. Het zou moeilijker worden maar niet onmogelijk. Er is niemand die haar dat vertelt.
Dat is evenwel maar een symptoom van waar Liesbeth mee zit. Veel meer is het de liefdeloosheid van haar ouders, de manier waarop er in haar ogen van haar geprofiteerd wordt. De onzekerheid van een pubermeisje wordt in de persoon van Liesbeth ten top gedreven.
Als we dan eindelijk horen wat dat incident behelsde, dan is er begrip.

Een boek als dit is zou welhaast verplicht moeten worden voor middelbare scholieren!
Het gaat in dit geval dan wel om een uit de hand gelopen situatie, maar de manier waarop Rood de gevoelens van de jongeren bloot legt en inzicht geeft in de psyche van de puber is onovertroffen.


ISBN 9789025873936 | paperback |212 pagina's | Uitgeverij Leopold| september 2017
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 31 december 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altVogelvrij
Spellslinger deel 1
Sebastien de Castell


Zoals we dat in de wereld rondom ons ook kennen, bestaan er verschillende culturen in de wereld die beschreven wordt in deze nieuwe fantasyserie. Je hebt de Daroman en de Berabesq. Ook zijn er Argosi, rondzwervende verschoppelingen, en ooit waren er de Mahdek, maar die zijn waarschijnlijk uitgestorven, nadat ze 300 jaar tevoren verslagen werden door het volk van de Jan’tep, de magiërs, bij wie onze hoofdpersoon hoort.


Het verhaal begint zonder inleiding. Kellen is bijna zestien en hij is net als andere jongeren bij magiër Osia’phest aan het oefenen voor de proeven die afgelegd moeten worden als ze eenmaal zestien zijn. Dan krijgen ze hun definitieve naam. Zijn vriend Panahsi is de beste van de groep; Tennat is minder goed, maar heeft wel een grote mond, hij denkt dat hij heel wat is omdat hij de zoon is van Ra’meth, een meester-magiër. Dat is de vader van Kellen overigens ook. En er is Nephenia, het meisje op wie Kellen een beetje verliefd is. Shalla, het dertienjarige zusje van Kellen, doet ook mee. Zij heeft alles in zich om de beste te worden van allemaal.


Al deze jongeren hebben al een of meer krachten ontwikkeld – er zijn er zeven - maar het wil bij Kellen maar niet lukken, al beheerst hij de theorie als geen ander.
Kellen weet het: als hij er niet in slaagt de proeven succesvol af te leggen zal hij een Sha’tep worden, zoals zijn oom dat ook is. Mensen zonder toverkracht, minderwaardig, zonder aanzien, die geluk hebben als ze iemands bediende mogen zijn. Kellen wil geen Sha’tep zijn. Het moet hem lukken! Hij moet en zal de proeven met succes afleggen…


Dan komt er een vreemde in hun midden, een vrouw, Ferius Parfax. Wie is ze? Wat is ze? Vrijgevochten, dat in ieder geval. Ze laat zich door niemand ringeloren en al heeft ze niet de magie van de Jan’tep, ze beheerst de kaarten die ze bij zich heeft uitstekend. En dat niet alleen om spelletjes mee te spelen! Dat ontdekt Kellen al snel, als zij belaagd wordt door de zonen van Ra’meth, en hij haar helpt aan hen te ontkomen.
‘Zoek je magie,’ is de opdracht die Kellen heeft meegekregen van de oude Mere’san, de vrouw van de pas overleden clanprins. Want dat speelt op de achtergrond; de strijd om de opvolging. Wie wordt de nieuwe clanprins? Er zijn eigenlijk maar twee kandidaten. Ra’meth en Ke’heops, de vader van Kellen.


Kellen raakt bevriend met Ferius, de vreemde vrouw die wijsheden debiteert die pas later betekenis krijgen. Het is met haar hulp dat Kellen zichzelf leert kennen. Dat is niet makkelijk. Als zestienjarige wil je niet buitengesloten worden en het lijkt er op dat dat precies is wat er gaat gebeuren.


Accepteer wie je bent. Gebruik de krachten die je hebt, streef niet naar iets wat je nooit zult hebben. Vertrouw de juiste personen. Vertrouw op je eigen inzichten, en doe datgene waarvan je denkt dat het juiste is. En: je hebt altijd een keuze. Dat is de boodschap die Kellen meekrijgt. En die iedere lezer meekrijgt.  En ja, het einde biedt perspectieven voor nog meer avonturen met deze sympathieke jongeman, die je aan het eind van dit boek alvast in je hart gesloten hebt.


Dit is fantasy van een hoog niveau. Magie, pratende dieren, de strijd tussen goed en kwaad, spannende scenes, al deze kenmerken van fantasy zitten erin, maar daarnaast is er het coming of age en een vleugje romantiek dat zeker nog uitgewerkt kan worden. Plus een heerlijke humor.


‘Ineengedoken als een bal liet ik me over de grond rollen om de vlammen met mijn lijf te doven. Te oordelen naar het brandende gevoel op mijn borstkas zou het nog wel even duren tot ik borsthaar kreeg.’


De Canadees Sebastien de Castell heeft archeologie gestudeerd, maar ontdekte dat dat beroep niets voor hem was. Hij probeerde de muziek, choreografeerde gevechten, was manager, leraar, acteur, en nog meer. Al deze ervaringen hielpen hem bij zijn uiteindelijk levensvervulling: het schrijven. Voor volwassenen schreef hij The Greatcoats, tot nog toe niet vertaald in het Nederlands.
In deze nieuwe serie voor young adults heeft hij zes boeken gepland! Zes maar liefst! Wat een heerlijk vooruitzicht!


ISBN 9789030503101| hardcover | 420 pagina's | Uitgeverij Meis en Maas| september 2017
Vertaald uit het Engels door Hanneke van Soest | Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 3 december 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altHet Eos-project
Mirjam Mous


Mink is op de vlucht. Een schuilplek heeft hij al wel gevonden maar hij zal toch iets moeten eten en hij waagt zich naar de supermarkt. En daar hangt een aanplakbiljet. Met zijn gezicht erop. En meteen als hij het ziet hangen, ziet de caissière dat ook dat degene die op het aanplakbiljet staat in levende lijve voor haar neus staat, en zij slaat alarm. Opnieuw moet Mink rennen.


Terug in de tijd. Twee jaar. Op vakantiepark De Zonneheuvel, waar de opa van Mink woont, ontmoet de dan veertienjarige Mink een meisje: Jools. Ze raken bevriend, Jools vindt het prachtig dat Mink goochelaar wil worden. Eigenlijk is hij dat al een beetje. Maar als ze voor school een meeloopdag moeten regelen om er een verslag van te schrijven, blijkt het niet mogelijk te zijn om bij een goochelaar een stage te doen. Ja dag, mijn trucjes afkijken zeker! Tenslotte mag hij een dag mee met Herman van Romondt, journalist bij het plaatselijk dagblad de oom van Jools. Bijster interessant vindt hij het niet, maar op die dag blijkt wel de basis gelegd te worden voor een spannend en gevaarlijk avontuur. Een paar dagen later vindt Mink oom Herman in het water. Hij is dood. Een ongeluk, zegt de politie. Maar er klopt van alles niet, en Mink gaat met zijn vriend Sebas en Jools op onderzoek uit.


Terwijl de jongelui op zoektocht zijn, wordt ook verteld wat Herman allemaal meegemaakt heeft. Wat is het wat hij ontdekt heeft, en waarom moest hij dood? Er blijkt een schimmig spelletje gespeeld te worden en als de mensen die daar achter zitten op het spoor komen van Mink en Jools, zijn ook zij hun leven niet meer zeker. Want er staat heel veel op het spel!


Superspannend en intrigerend. De lijntjes ontwikkelen zich langzaam, waardoor je geduld moet hebben. Maar dat heb je natuurlijk niet en dan zit er niets anders op dan dit boek in één ruk uit te lezen! Zelfs al weet je al vanaf de eerste hoofdstukken wat de gevolgen zijn, het waarom blijft duister.
Mirjam Mous bewijst maar weer eens dat ze een goede thrillerschrijfster is!


ISBN 9789000354627 | hardcover | 304 pagina's | Van Goor | juli 2017
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 23 november 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER