Nieuwe jeugdboekrecensies 15+

Dance or Die
Truth or Dance 3
Chinouk Thijssen


De vier vriendinnen maken zich op voor het laatste jaar aan de balletacademie. Alle vier zouden ze een glansrijke carrière tegemoet gaan in de balletwereld, dat wisten ze zeker. Helaas weten we na twee eerdere delen al dat hun droom niet uit zal komen. Verteller India en Zoë zijn nog in de race, maar Nikki is gestopt met de opleiding en probeert het nu in de moderne dans. En Lisa, de vierde, heeft een ongeluk gehad, en hoort dat ze het dansen wel vergeten kan.


Zou dit ook gebeurd zijn als er niet die groepschat was geweest? Als er niet een of andere geheimzinnige persoon hun leven had vergald met zijn akelige berichten en opdrachten?


‘IK BEN NOG LANG NIET KLAAR MET JULLIE. WE ZULLEN EENS ZIEN HOELANG JULLIE HET GAAN VOLHOUDEN.
SPOILER: NIET LANG.’


Zo begint het nieuwe schooljaar. Nadat er eerder al onschuldige slachtoffers zijn gevallen worden ze gewaarschuwd dat er nog meer gaat gebeuren. Het lijkt er ook op dat ze het niet zullen kunnen voorkomen. De stalker is er altijd, getuige de foto’s die hij /zij stuurt. En weet alles.
Zelfs hun telefoons zijn niet veilig, iemand lijkt die op afstand te bedienen. En opnieuw vallen er slachtoffers, degene die hier achter zit gaat erg ver.


Er wordt maar één plek vergeven voor de auditie bij het Nationaal Ballet. En Truth or Dance is duidelijk van plan er alles aan te doen om te voorkomen dat India of Zoë, in hun groepje de kanshebbers, die plek gaat bemachtigen. De terreur gaat steeds verder. India krijgt meer last van paniekaanvallen, haar prestaties lijden er onder, en ze lijkt af te stevenen op een eetstoornis. 
Opnieuw blijkt degene die achter Truth or Dance zit alles te weten: als India's vriend Levi zegt sterke vermoedens te hebben over wie er achter zit grijpt de stalker in voor hij een naam kan noemen.


Het verhaal wordt verteld vanuit India. Zij heeft niet alleen geen idee wie de dader is, ze kan ook niet ontdekken waarom die persoon hun leven wil verzieken. Er zijn wel een paar meisjes bij wie ze het zich zou kunnen voorstellen dat zij dit doen, maar dan gebeuren er weer dingen die niet passen in zo’n dadersprofiel.
Het blijft tot het einde toe spannend, en… dan heeft Chinouk Thijssen nog een verrassing in petto!


Ondanks dat de proloog een blik vooruit werpt, weet je als lezer net zo min als de slachtoffers wie er achter de Truth or Dancegroepschat zit. De boog staat erg gespannen, steeds beschuldig je als lezer - net als India - iemand, en moet je dat terugtrekken. Je gaat zelfs die zwarte kat - Obama! - beschuldigen, als die zijn intrek neemt in de flat!


Ook in dit derde deel neemt Chinouk Thijssen je mee in de balletwereld. Zonder dat het stoort, het zit zodanig in het verhaal verweven dat ook iemand die niets heeft met ballet of dans doorleest tot het einde. Want al is het natuurlijk een belangrijk onderdeel van het verhaal, het interessante is vooral hoe de relaties tussen de vier vriendinnen en de mensen om hen heen zich ontwikkelen. Het draait om jaloezie en rivaliteit, vriendschap en opbloeiende liefde. Samen met het sterk aanwezige thrillerelement - zoals ook in de eerdere delen - maken deze trilogie spekkie voor het bekkie van de (jonge) lezer.


Chinouk Thijssen (Rotterdam, 1983) is een van de bekendste boekvloggers van Nederland. Ze is auteur en tekstredacteur voor verschillende uitgeverijen Ze schrijft columns en Young Adult thrillers.  Met haar trilogie Truth or Dance heeft zij al een grote schare bewonderaars gekregen.
Aan de verfilming van haar eerdere boek Fataal Spel wordt intussen gewerkt.


ISBN 9789044837438 | Hardcover | 286 pagina's | Uitgeverij Clavis | september 2019 | leeftijd 15+

© Marjo, 15 oktober 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het meisje met de vlechtjes
Wilma Geldof


Dit is het begin - augustus 1941.
Aan het woord is Freddie, bijna 16 jaar. Zij vertelt ons dat op die augustusdag een man op bezoek kwam. 


'Ik heb gehoord dat de dochters van rooie Truus van der Molen geen bangeriken zijn,'
Rooie Truus, zo noemen ze mijn moeder.
Ik kijk naar mijn zus. Ik weet niet wat ik moet zeggen.
Jij moet nu het woord voeren, zeg ik met mijn blik, jij bent de oudste en de verstandigste, dat zeg je toch altijd zelf?
'Wat wilt u van ons?' vraagt Truus. Ze klinkt serieus en volwassen.
De man slaat zijn handen in elkaar. 'Ik heb plannen,' zegt hij met gewichtige stem, 'om een strijdgroep tegen het fascisme te organiseren. Om de moffen steviger aan te pakken. En daarvoor heb ik mensen nodig die durven, mensen die niet gauw bang zijn.' hij stopt en kijkt ons om beurten aan. 'Meer dan koerierswerk, posters plakken of stakingspamfletten rondbrengen...'


Dit laatste is precies wat Freddie en haar zus Truus (18 jaar) al deden. Moeder is een rooie, ofwel een communist, die haar dochters het een en ander bijgebracht heeft over het klaarstaan voor anderen en heeft derhalve ook joodse onderduikers in huis. Vandaar ook het 'lichte' verzetwerk wat de meisjes al deden. Maar nu wordt het anders, serieuzer. Truus wil weten waarom uitgerekend zij en haar zusje uitgekozen zijn voor dat werk. 'Jullie zijn nog méisjes! Geen mof zal jullie ergens van verdenken! is het antwoord.


Wat volgt is het aangrijpende verhaal van de twee meiden die steeds zwaardere opdrachten krijgen. 'Maak jullie handen niet vuil.' 'Wordt niet als de moffen' waarschuwde moeder. Maar wat is de grens? Wanneer zijn verzetsdaden rechtvaardig en wanneer gaan ze te ver in hun handelen?
Deze vraag loopt als een rode draad door het verhaal heen.


Aanvankelijk heeft de verzetsgroep succes met haar acties, de man had gelijk, niemand verwacht dat twee van die jonge meiden tot zulke grote verzetsdaden in staat zijn. Freddie is degene die haar gevoel het meest toont, Truus lijkt hard en onverzettelijk. Wat moet dat moet, lijkt haar motto. Maar de acties worden grimmiger, de meisjes krijgen elk een pistool en daarbij behorende opdrachten... De twee zussen maken ook kennis met Hannie Schaft, die later bekend werd als het meisje met het rode haar. Ze voeren gedrieën opdrachten uit.


Naarmate de oorlog langer duurt, wordt het het verzet steeds moeilijker gemaakt, verzetsleden worden opgepakt, afgevoerd of erger, geliquideerd. De represaillemaatregelen van de Duitsers op acties van het verzet zijn keihard en meedogenloos.
De zussen wonen op steeds verschillende onderduikadressen, waar hun moeder ondergedoken zit weten ze niet. Freddie mist haar moeder enorm. Ze stikt af en toe in haar gevoelens, loopt soms bijna over van alles wat ze ziet, doet en hoort, maar gelukkig is er lieve oma Baruch, een joodse onderduikster, met haar eindeloze geduld.


En dan breekt winter 1944-1945 aan, het seizoen dat onder de naam hongerwinter de geschiedenis in is gegaan en daarmee komen we bij het meest aangrijpende deel van het boek. Iedereen is moe, iedereen heeft honger, leden uit de groep worden verraden, er groeit onderling wantrouwen want wie van hen is de verrader?
De eens zo hechte groep die elkaar blindelings vertrouwde is er niet meer, er is teveel gebeurd, de groep heeft teveel gezien en meegemaakt. De spanning wordt steeds groter, steeds is er de angst van gepakt worden, van mislukking en wat gebeurt er dan? Slaat diegene door? of niet? Relaties buiten het verzetsleven worden steeds moeizamer. Niemand mag iets vertellen maar de buitenwacht vermoed van alles en willen niet dat hun geliefden gevaar lopen.


'Angst leer je af,' zeg ik. 'En als ik doodga heb ik wel het góede gedaan.'
'Als je doodgaat? Peters stem is scherp. 'Wat doe je allemaal? Waar zeg je ja tegen?'


Ondertussen slaat bij Freddie de twijfel toe, is het écht wel goed wat ze doen? Zijn haar acties écht gerechtvaardigd? Heeft ze haar handen toch vuil gemaakt? Ze weet zichzelf wel steeds weer moed in te praten maar de twijfel wordt steeds groter, vooral als blijkt dat zaken niet altijd zo waren als zij gedacht hadden. Hoe moet je daarmee omgaan?


Het verhaal is erg indrukwekkend. Wilma Geldof heeft door de stem van Freddie te gebruiken de oorlog voelbaar gemaakt. In prachtige bewoordingen beschrijft ze de thuiskomst van de twee zussen en hun moeder. Het huis waar alles nog precies zo staat als ze het achterlieten, niets is veranderd, alleen beseft Freddie zich, zij zelf zullen nooit meer diegenen zijn die ze waren voordat ze het huis verlieten. Daar zit ondanks dat het 'maar' een kleine vier jaar beslaat, een heel leven tussen.


De Haarlemse Freddie Oversteegen en haar zus hebben daadwerkelijk in het verzet gezeten. Het was schrijnend dat zij pas op 14 april 2014 - zeventig jaar later - het Mobilisatie- Oorlogskruis ontvingen voor hun strijd tegen de nazi's. Hoewel het boek grotendeels fictie is heeft Wilma Geldof wel het verhaal van Freddie als basis gebruikt. Dit boek betekende veel voor Freddie, helaas heeft ze de publicatie niet meer mee kunnen maken, ze overleed op 5 september 2018, een dag voor haar 93e verjaardag.


ISBN 9789024581597 | Hardcover | 333 pagina's | Uitgeverij Luitingh-Sijthoff | november 2018
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Dettie, 19 augustus 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Sneeuw in september
Kathelijn Vervarcke


Zowel in Nederland als in België komt juveniele reuma voor bij ongeveer 2000 tot 3000 kinderen. JIA is een chronische ziekte, hetgeen betekent dat het niet vanzelf overgaat. Jeugdreuma is niet hetzelfde als reuma bij volwassenen. Het verloop van de ziekte is anders, net als de behandeling en de vooruitzichten. Er zijn verschillende soorten jeugdreuma, maar bij allemaal zijn de gewrichten of spieren chronisch ontstoken.


Kathelijn Vervarcke vond het tijd worden om de problemen van deze jongeren onder de aandacht te brengen.
Haar hoofdpersoon de bijna negentienjarige Jutta heeft al een hele ziektegeschiedenis als ze van haar reumatoloog te horen krijgt dat werken of kinderen krijgen voor haar niet zal zijn weggelegd.
Zijn de woorden van de arts bedoeld om haar wakker te schudden? In ieder geval besluit ze niet bij de pakken neer te gaan zitten.


‘Ik moet mezelf genezen. Iemand moet het doen. De enige persoon die de sleutel tot zelfgenezing in handen heeft, ben ikzelf.’


Ze gooit al haar medicijnen weg en besluit haar verhaal te vertellen in een blog waarin ze haar ziekte Malevolus noemt. Over hoe ze op haar elfde te horen kreeg dat ze leed aan reuma. Vanaf dat moment leverde ze steeds weer stukjes in van een normaal leven. Ze kon niet meedoen met gymmen. Paardrijden was niet te doen. Steeds vaker miste ze lessen, tot ze tenslotte les aan huis kreeg. Gitaar spelen viel al snel af, en ook de piano kostte te veel kracht. Tenslotte ging ze bij een koor, om toch maar iets van een hobby te hebben.


Ook vertelt ze in haar blog wat ze allemaal uitprobeert, met veel experimentele middelen. Dat verloopt met vallen en opstaan, maar gelukkig steunt haar vader haar.
Jutta’s enige vriendin is een lotgenoot, Maud, die hetzelfde te horen heeft gekregen van haar arts. Maar Maud reageert totaal anders. Zij begint serieus na te denken over euthanasie. Het lijkt het einde te zijn van hun vriendschap, maar Jutta beseft op tijd dat ieder recht heeft op een eigen manier van leven. Of doodgaan. Hoe moeilijk het ook is, ze blijft contact houden.
Maud schrijft haar een briefje waarin de volgende zin staat:


'Toen ik te horen kreeg dat de medische wetenschap me alleen nog verdovende middelen kon bieden, voelde dat op die warme nazomerdag als een onverwachte sneeuwbui in september.'


Heeft Jutta geluk? Is haar ziekte anders dan die van Maud? Heeft ze meer hulp dan haar vriendin? Of is ze van nature sterker?
Jutta is geschokt als Maud haar vertelt dat ze het uitgemaakt heeft met haar vriend ‘om hem verdriet te besparen’. Maar Tibo en diens zus Lena blijken een grote steun te zijn voor Jutta.


Het verhaal is goed opgezet: twee meisjes die ieder op hun eigen manier omgaan met hun ziekte, waarbij het meest optimistische meisje de hoofdrol krijgt. Zo blijft de toon ook positief, hoewel duidelijk gemaakt wordt dat geen twee mensen hetzelfde zijn en dus ook andere reageren, bovendien hoeven de verschijnselen niet gelijk te zijn.


Waarschijnlijk staat niet in het boek vermeld dat Vervarcke het verhaal over Jutta en Maud gebaseerd heeft op de verhalen van twee meisjes, van wie zij het verhaal hoorde, omdat ze die verhalen volledig gefictionaliseerd heeft. Maar een verwijzing naar waar je meer informatie over jeugdreuma kan vinden was toch wel prettig geweest. Dit zijn de sites:


https://www.reumanet.be
en https://reumanederland.nl


Kathelijn Vervarcke (1976) is een auteur en regisseur uit Vlaanderen.  Ook geeft zij les op een middelbare school in Oostende. Zij schreef eerder de Young Adults Tot de zon aan de horizon vriest en Zwerfsteen.


ISBN 9789461319616 | paperback | 232 pagina's | Uitgeverij van Halewyjck | juni 2019
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 30 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De jongen met twee namen
Maggie Harcourt



"Verliefd op de auteur van je nieuwe lievelingsboek...
Samen met haar vader organiseert Lexi boekenconferenties. Vele weekenden brengt ze door in hotels en ze maakt vrienden voor het leven. Dan leest ze een boek dat haar wereld veranderd. "


Deze flaptekst sprak me wel aan, vooral omdat ik zelf ook een boekengek ben en weet dat sommige boeken diepe en blijvende indruk kunnen maken. De mogelijkheid om de schrijver te ontmoeten van zo'n boek is dan helemaal aantrekkelijk. Dat overkomt Lexi, de hoofdpersoon van dit boek.


Dankzij de boekenconferenties ontmoet ze Haydn Swift, het pseudoniem van Aidan Green. Aanvankelijk vindt ze hem een arrogante bal gehakt maar ze ontdekt dat de schrijver, Haydn, heel anders is dan Aidan. Op deze laatste wordt ze verliefd maar dat wil ze eigenlijk niet weten. Om deze verliefdheid draait het hele verhaal. De boekenconferenties zijn de omlijsting daarvan en eigenlijk weet je al vanaf het begin hoe het tussen die twee zal aflopen.


Het begint nog wel aardig. Lexi zit nog op school (VWO), haar ouders zijn gescheiden.  Moeder woont in Frankrijk met haar vriendin. Lexi woont bij haar vader en in de weekenden is ze de - uitstekende - assistente van hem. Vader is een chaoot maar wel goed in zijn vak. Lexi heeft aan het begin van het boek gehoord dat haar vader gaat hertrouwen met Bea en dat zint haar niet. Bea is wel aardig maar echte vriendinnen zullen ze nooit worden. Je verwacht dat dit gegeven dieper uitgewerkt zal worden maar het verdwijnt uiteindelijk in het niets.


De grote steun en toeverlaat op het werk is Samira ofwel Sam, die van Lexi's leeftijd is. Zij helpt mee om de boekenconferenties tot stand te brengen en voert de opdrachten van Lexi uit. Sam kleedt zich bijzonder, is excentriek en recht voor zijn raap. Soms is dat laatste confronterend maar Lexi weet daardoor wel precies wat ze aan Sam heeft. In feite is Sam een boeiender personage dan Lexi.


De hechte groep mensen die werken voor haar vader zijn als familie voor Lexi, ze voelt zich bij hen als een vis in het water, deze wereld kent ze en kan ze overzien.
Maar is dit ook wat ze haar hele verdere leven wil doen? Aanvankelijk dacht ze van wel maar Aidan zorgt ervoor dat ze toch gaat nadenken over haar toekomst, wordt het niet eens tijd stappen buiten de veilige wereld die ze kent te zetten? 


Het verhaal kabbelt nogal voort en doet erg Amerikaans aan, de schrijfster komt echter, tot mijn verrassing, uit Wales. De taal van Lexi is gemaakt grappig. Sam is veel authentieker. Lexi's verliefdheid is er wel maar de jongen waar ze verliefd op is, komt niet goed uit de verf. Je leert hem niet kennen.
Er gebeuren verder dingen die erg onwaarschijnlijk zijn en soms wel op een romantische soap lijken. En natuurlijk, zoals het in een liefdesroman altijd gebeurt, lijkt het alsof de twee elkaar niet zullen vinden door een 'derde' die de boel op zijn kop zet, maar dit wordt op een zeer geforceerde manier rechtgetrokken. 


Het kostte me veel moeite het boek uit te lezen en ik heb er dan ook lang over gedaan. Na afloop blijven er veel vraagtekens en open eindjes achter. Jammer want de ingrediënten voor het verhaal zijn prima, het idee is leuk maar de uitvoering is te rommelig en te gewild populair qua taal. Het geheel viel me uiteindelijk behoorlijk tegen.

ISBN 9789025876739 | Paperback | 349 pagina's | Uitgeverij Young & Awesome | februari 2019
Leeftijd 15+

© Dettie, 20 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Door jou ben ik mij
Hinke van Abbema


Tijdens een voetbalwedstrijd in de Kuip, die Jonathan (Jona) bijwoont met zijn broertje Lucas, ontmoet hij Marouan. Een vlotte Marokkaanse jongen met een stralend gezicht. Ze hebben een erg leuk gesprek, wonen alle twee in Rotterdam en blijken beiden gek op de film Casablanca met Humphrey Bogart in de hoofdrol. Na afloop van de wedstrijd spijt het Jonathan dat hij geen mailadres weet van Marouan. Maar tot zijn verrassing komt er een berichtje van Marouan op zijn telefoon binnen. Daarna vliegen de berichtjes - die wij ook kunnen lezen - over en weer en dat leidt uiteindelijk tot het maken van een afspraak. Ze kunnen het opnieuw goed vinden met elkaar, er is onmiddellijk een soort vertrouwdheid die goed voelt.
Hoewel Jona (18) het diep in zijn hart al wist, moet hij zichzelf na een tijdje van berichtjes en ontmoetingen bekennen dat hij smoorverliefd op Marouan (20) is... en die verliefdheid is wederzijds.


Maar Jona is christelijk en volgens zijn geloof is homoseksualiteit iets wat je af kunt leren, het is een soort ziekte.
Gelukkig is Eline er. Zij is een zeer goede vriendin van Jona. Het is ook Eline die tijdens een catechesatieavond in opstand komt tegen de dominee die homoseksualiteit als zondig betitelt. Hij zet zelfs homoseksualiteit en pedofilie op één lijn tot grote woede van Eline. Zij wijst de dominee terecht...


'Pedofilie is onschuldige kinderen beschadigen.' [...]
En homoseksualiteit? Dat is liefde. Homoseksualiteit gaat over twee mensen die van elkaar houden. Wat de seks overstijgt, want het gaat niet alleen om seks in een relatie. Het gaat om kameraadschap, om je leven met iemand kunnen delen, om liefde. En God, die liefde is, wil niks liever dan dat.'


Maar Jona's ouders zullen zijn geaardheid nooit accepteren.  Zeker zijn vader niet, die erg streng in zijn geloof is en het met de dominee eens is wat betreft homoseksualiteit. Toch is Marouan het beste wat Jona overkomen is, hij weet het zeker. 'Ik ben waar ik zijn moet' is zijn gedachte na de eerste omhelzing.


Het is bijna de omgekeerde wereld in dit boek want het frappante is dat de Marokkaanse Marouan thuis geen enkel probleem heeft ervaren toen hij vertelde dat hij op jongens viel, terwijl bekend is dat in veel Marokkaanse gezinnen homoseksualiteit absoluut niet geaccepteerd wordt. Nee, het is Jona die worstelt en problemen heeft met zijn geaardheid, niet omdat hij het voor zichzelf ontkent maar wel om het te vertellen. Uiteindelijk vertelt hij het aan Eline, en als die eerste stap eenmaal gezet is, is er geen weg terug.
Eline blijkt een échte vriendin en steunt en helpt hem waar ze maar kan.
Ook Marouan heeft geduld, hij laat Jona zijn tijd nemen en dringt niet aan op kenbaar maken dat zij een relatie hebben, hoe graag hij dat ook zou willen.


Jona worsteling wordt zo verstikkend dat hij het wel móet vertellen. Ook hij wil openlijk voor zijn liefde voor Marouan kunnen uitkomen. Maar als het hoge woord eruit is hebben Jona's ouders het er erg zwaar mee, vooral vader, hij accepteert het niet. En dan blijkt er in Marouans familie ook het een en ander aan heftige zaken te spelen wat Marouan nooit aan Jona verteld heeft. De twee komen voor zware, zwarte tijden te staan. De storm die woedt is hevig. Maar ze blijven gelukkig in elkaar geloven, hoewel de balans een tijd zeer ver te zoeken is.


Dit coming of age verhaal voor young adults is bijzonder in vele opzichten. Het is voor mij voor het eerst dat ik het thema geloof en homoseksualiteit in een jongerenboek aantref. Het raakt me dat er zo vrijuit gesproken wordt over de houding van de kerk en de - onbewezen -  uitspraken in de bijbel die homoseksualiteit zouden afwijzen. Bovendien laat het verhaal ook zien dat bij  Marokkaanse jongeren natuurlijk ook homoseksualiteit voorkomt en hoe daar mee omgegaan kán worden.


Wie mocht denken dat het verhaal een belerend of erg christelijke uitstraling heeft, zit er naast. Het is realistisch en laat vele facetten zien wat zich binnen zo'n context kan afspelen en waar het allemaal toe kan leiden. Maar het is vooral een prachtig en uiteindelijk erg ontroerend verhaal over twee jongen die erg veel vanelkaar houden en willen knokken voor hun relatie. Het verhaal maakte diepe indruk op me.
Kortom, het is een fantastisch koesterboek.


Hinke van Abbema (Rotterdam) is theoloog en houdt van schrijven.


ISBN 9789043531788 | Paperback | NUR 285 | 351 pagina's | KokBoekencentrum | juni 2019
Leeftijd 15+

© Dettie, 2 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Chaos
Deel 2 van de Weerlingtrilogie
Christopher Petersen


Onze vrienden, Moësz, Levi, Tobias, Alice en Sue kunnen voorlopig nog niet naar huis, hun avontuur is eigenlijk nog maar net begonnen.
Even opfrissen: In eerste deel van de Weerlingtrilogie werd de zestienjarige Levi ontvoerd. In een kamp ontmoette hij Tobias, een blinde jongen, die een gewiekst zakkenroller is. Maar dan eentje zoals Robin Hood: hij steelt alleen van mensen die het missen kunnen.
De jongens ontdekken een nieuwe wereld: die van de weerlingen. Ze zien er uit als gewone mensen, maar kunnen flitsen, dat betekent dat ze kunnen veranderen in een dier.
Levi en Tobias zijn ook weerlingen, al moeten ze nog even leren hoe dat allemaal in zijn werk gaat. Het is Levi’s oom Daniel die hen wegwijs maakt. Levi is ook nog steeds op zoek naar zijn vader die hij al jaren niet gezien heeft.
Esmyla, het land waar ze wonen is verdeeld in vijf provincies die ieder geleid door een van de vijf broers, die vanwege de praktijken van een vrouw een gevecht aangingen, waarbij sprake was van geheimzinnige lichtflitsen en andere magische verschijnselen. Sindsdien werken de provincies niet meer samen. Dat met die lichtflitsen, dat was dus het werk van weerlingen.

Levi ontdekt dat hij een slechtvalk is, en Tobias is een vleermuis.
De jongens leren Sue en Alice kennen, respectievelijk een vlinder en een jaguar. Alice en Sue zijn de dochters van Alexander en Xander, beide bestuurders van een van de bedreigde provincies. De vier jongeren worden opgeleid tot Elitisten, en alle vier zijn ze Bodes, mensen die een bepaald stuk van het land door en door kennen.
Dan komt Moësz, oftewel Mozes de Verhalenverteller, op hun pad. Hij is een oudere man, die als weerling een mus is, en door hem ontdekken de jongeren dat er voor hen een missie in het verschiet  ligt. Want helaas zijn er niet alleen in het goede kamp weerlingen. Ook de vijand kent dat kunstje, waarvan sommigen wel heel goed!
Ene Cortez heeft zich uitgeroepen tot keizer van Esmyla, en is op oorlogspad. Hij is vastbesloten alle provinciën van Esmyla in zijn rijk in te lijven.

Als Alexander en Xander eenmaal op de hoogte zijn gebracht van de vorderingen van Cortez en zijn leger, krijgen de jongeren een nieuwe opdracht.
Ze moeten op zoek naar De Eerste Pelsjager, die de oplossing voor de oorlog in handen heeft.
Gaandeweg ontdekken ze wat een pelsjager voor iemand is, en Moësz blijkt nogal wat geheimen voor hen verborgen te houden. Maar hij heeft Levi beloofd dat die zijn vader zal ontmoeten. Dus doet Levi maar wat hem gevraagd wordt.
Zoals dat vaak het geval is in een tweede deel van een trilogie: het gaat niet zo goed met de strijd. De vijand is sterk, en het land valt uit elkaar. Mensen vluchten weg. Waar ze heen moeten weten ze niet zo goed: chaos dus.
Wat ze precies moeten doen weten ook onze vrienden niet, maar ze staan hun mannetje. Al vragen ze zich af of ze het zullen redden tegen Cortez die nog lang niet al zijn kaarten heeft uitgespeeld.

Het boek begint met een korte terugblik, heel prettig! Een kaart was ook fijn geweest, maar die moet de lezer zelf maar tekenen.
Het is een magisch verhaal vol spanning en verrassende wendingen. Het idee van het flitsen is een bron voor veel actie in het boek.  Het thema is de strijd tussen goed en kwaad, en misschien is het derde deel dus wel voorspelbaar, maar de weg daar naar toe zal vast nog vele verrassingen opleveren. En misschien heeft de schrijver ook een romance in petto?

Christopher C. Petersen heeft een waardige opvolger van zijn debuut geschreven. Op naar deel drie!

En kijk eens: wat een mooie omslag weer!

ISBN 9789078437604  | paperback| 444 pagina's | Uitgeverij Macc | april 2019
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 16 juni 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Wie denk je wel dat je bent?
Kaat de Kock


‘Laat me nu alsjeblieft met rust,’ zeg ik. ‘Ik wil mijn normale leven terug.’
‘Het is nooit je normale leven geweest,’ bromt hij en hij zet de kraag van zijn jas op en wandelt weg door de drabbige, smeltende sneeuw.’


De achttienjarige Eva is na school aan het werk gegaan, ze zit achter de kassa van een buurtsuper.
Een groot deel van haar vrije tijd gaat op aan de toneelvereniging, waar ze vooral met studenten omgaat, waaronder Jana, met wie ze sinds de middelbare school bevriend is. Er is ook de oudere Evelien, die aast op de rol die Eva heeft gekregen.


Eva doet haar best, ze  leert haar tekst tot ze die helemaal kent. Zeker als ze een gesprek heeft afgeluisterd waarbij ze Jana hoorde zeggen dat zij, Eva, dom is. 
Het wordt niet gezegd, maar tussen de regels door lijkt Eva last te hebben van een minderwaardigheidscomplex. Ook vraagt ze zich af of haar moeder vreemd gaat met die Hans, met wie ze zo vaak optrekt. Eva’s vader werkt in de avonden, diens afwezigheid is eigenlijk de enige rol die hij heeft in het verhaal.


Gelukkig is er Yoda, haar hond met wie ze zich wat kan afreageren. Maar bij een zo’n wandeling botst ze tegen een man op, ze kent hem niet, maar het lijkt alsof hij haar wel kent. Als de man haar begint te stalken, wordt het allemaal wel eng. Zeker als het haar ook haar concentratie kost in de toneelzaal, en ze uit de vereniging gestoten wordt. Als die man haar weer een keer lastigvalt, wordt ze gered door een buurjongen, Art.
Maar de engerd geeft niet op. Hij beweert dat hij haar vader is! In een brief legt hij uit wat er volgens hem gebeurd is toen Eva nog een baby was. Als hem duidelijk wordt dat ze hem niet wil geloven gaat hij te ver. Het wordt allemaal alleen maar erger…


Een verhaal in drie delen, van elkaar gescheiden door een zwarte pagina.
Kaat de Kock voert langzaam de spanning op tot het een heuse thriller wordt. De situatie wordt zeer nijpend, en het is zeer de vraag of dit nog goed kan komen!
De schrijfster heeft enkele verrassingen in petto voor je het boek uit hebt. Het is een Young Adult, en inderdaad kan de jongere lezer zich prima identificeren met Eva. Het gaat over relaties met anderen, met een romantisch lijntje erbij, maar het thrillerelement overheerst.


Kaat De Kock (1975, Bornem, België) studeerde Germaanse taal- en letterkunde en werkt als freelance redacteur en vertaler.


ISBN 9789044836387 | hardcover | 139 pagina's | Uitgeverij Clavis | juni 2019
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 5 oktober 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Het meisje met de vlechtjes
Wilma Geldof


De vijftienjarige Freddie Oversteegen heeft mede door haar communistische moeder een groot besef van ongelijkheid meegekregen. Al vanaf het begin van de Jodenvervolging in Duitsland waren er Joodse onderduikers bij hen in huis. Haar ouders zijn gescheiden, iets waar de buurt schande over spreekt, maar Freddie en haar oudere zus, Truus zijn doordrongen van een moreel besef. Als zij dan ook gevraagd worden om bij een verzetsgroep aan te sluiten, is dat wat hen drijft. De Duitser is de vijand, en die mogen zij dwars zitten.


Maar al snel lopen ze tegen de vraag aan hoever ze daarin kunnen en willen gaan. Want de groep waarin zij meedraaien ‘omdat zij jong zijn en er onschuldig uitzien’ gaat steeds verder in het verzet dat zij plegen. Ze waren meisjes, dus onschuldig: aan vrouwelijke daders werd niet gedacht. Freddie zag er bovendien nog jonger uit met die vlechtjes in haar haar. Freddie kon verzetsdaden plegen zonder op te vallen.
Freddie en Truus krijgen ook een pistool, met schietlessen. Ze moeten onderduiken, apart en steeds op andere adressen. Hun moeder is ook ondergedoken, die zien ze lange tijd niet.


Freddie is natuurlijk ook een puber. Ze is verliefd, denkt ze. Ze heeft een oogje op Peter, de kruidenierszoon. Maar hij heeft een vrijstelling om zijn vader te helpen, en die vader koopt van de Duitsers. Aan wiens kant staan zij eigenlijk? Later gebeurt er nog iets vreselijks waardoor haar vriendschap met Peter nog meer op de spits gedreven wordt. Maar voorlopig is het erger dat ze hem niets mag vertellen, en dat accepteert hij niet. Als ze een relatie wil moet ze hem vertrouwen, vindt hij.
Freddie ontdekt dat verzet bieden in het geheim meer problemen met zich meebrengt: geen veilig thuis hebben, je mond houden, tegen absoluut iedereen, doen alsof je iemand anders bent en ja, hoever ga je in je verzet?


Wilma Geldof heeft haar verhaal gebaseerd op het leven van Freddie Oversteegen, die zij geïnterviewd heeft. Helaas is mevrouw Oversteegen op 5 september, een dag voor haar 93ste verjaardag overleden en heeft zij de verschijning van het boek niet meer meegemaakt. Maar ze wist natuurlijk wel dat het er zou komen, en dat was voor haar een belangrijke erkenning. Haar vriendin was namelijk Hannie Schaft, het meisje met het rode haar. Over Hannie is veel geschreven, ze kreeg zelfs een film. Truus zocht zelf erkenning, maar voor Freddie die dat niet deed, was er tot nu toe niets.


Wilma Geldof beschrijft hoe de jonge Freddie heen en weer geslingerd werd tussen angst en moed. Was het wel goed dat zij meewerkte aan een moord? Ja, een Duitser. En het zou wel waar zijn wat de leider van de groep zei, dat de dood van die ene man vele andere slachtoffers voorkwam, maar toch…


Het boek is een mix van waarheid en fictie. De waarheid vertelt over de oorlog, angst, dood, honger, de overheersing van de Duitsers. En omdat de schrijfster absoluut weet hoe ze de innerlijke roerselen van een pubermeisje weer moet geven, is ook de fictieve kant van het verhaal dik in orde.


Wilma Geldof (1962, Alphen aan den Rijn) werkte gedurende vijftien jaar als Sociaal Psychiatrisch Verpleegkundige in de Geestelijke Gezondheidszorg. Dit is haar elfde jeugdboek.


ISBN 9789024581597  | hardcover | 224 pagina's | Uitgeverij Luitingh-Sijthoff | november 2018
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 18 augustus 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De regen is warm
Joke Benoot


‘Maar Geert,’ zei Elias, en ik keek naar hem, hij had zo’n scheve grijns. ‘Het is soms toch ook fijn om water te voelen op je vel?‘ We stapten uit en bleven allebei in de regen staan, met ons gezicht naar de lucht. Elias deed zijn mond open en probeerde te drinken. ‘Trouwens de regen is warm’, zei hij.’


De bijna elfjarige Elias (half-elf, zegt hij zelf) en de dertiger Geert zijn beide betrokken bij de instelling ‘De Wilgen.’ Elias is bewoner, al vanaf zijn vierde is hij uit huis geplaatst, omdat zijn moeder het niet meer aan kon. Hij heeft nog een jonger zusje, Amber, zij woont in een pleeggezin.


Je zou Elias een bijzondere jongen kunnen noemen, erg slim is hij niet, maar zijn observaties kunnen messcherp zijn. Hoewel hij het best prima vindt in De Wilgen, woont hij natuurlijk liever bij zijn moeder. Dat het contact met haar niet soepel loopt en dat hij gepest wordt op school, dat zijn dingen waar hij niet zo goed mee om kan gaan. 


Geert is zijn begeleider. Hij woont in de buurt, is getrouwd met Lisa. De komst van hun eerste kind heeft een grote impact op Geert, angst voor de verantwoordelijkheid beheerst hem. Daardoor let hij misschien wat minder goed op, op Elias, maar ook op de zestienjarige Chloë, die ook al jaren in de instelling woont en ook onder Geerts hoede staat.
Chloë is een paar jaar weg geweest, maar het liep fout tussen haar pleegouders, ze moest terug. Sindsdien zegt ze geen woord meer in De Wilgen, en al gaat het niet goed op school – ze spijbelt veel – daar praat ze wel.


Behalve deze drie mensen hebben ook nog anderen een stem in het verhaal. Er is de zesenzestigjarige Ana, een Spaanse, een vluchteling uit de tijd van Franco, die haar tijd doorbrengt met manden vlechten. Zij heeft een groep Spaanse vriendinnen, met wie ze danst. Omdat ze niet ver van de instelling woont, is het niet zo vreemd dat ze op een dag in contact komt met een van de bewoners. Ook Ana heeft geheimen, die door Chloë worden ontdekt als zij een soort dagbesteding bij Ana krijgt. En dan is daar Wendy, de moeder van Elias, die haar leven maar niet op de rails krijgt.
Dat probleem proberen de anderen ook aan te pakken, ieder op een eigen manier. Een half-elfjarige, een zestienjarige, een dertigjarige en een zestigjarige, leeftijd maakt geen onderscheid, hoewel hun manier van aanpakken wel verschilt.


‘Veel mensen op het domein doen dat, de pijn wegstoppen, zo ver ze kunnen. Maar of we het nu willen of niet, we zijn altijd onze wortels. Als we zouden rondkijken in het bos zouden we dat zien.’


Joke Benoot is kinderpsychologe, zij weet waarover ze het heeft. Een schrijfster is ze ook, dat zien we duidelijk in haar eerste boek voor jongeren. Dat is geen gemakkelijk boek, haar stijl is haast literair te noemen – met symboliek en mooie zinnen, en het verhaal is heftig. Want alle problemen komen vrijwel tegelijk tot een ontlading.


Benoot gebruikt het beeld van een boom: het boek is verdeeld in Wortels, Blad, Stam en Bloem. Binnen die delen wisselt ze vaak van vertelperspectief. Alle personages hebben een eigen verhaal, die soms maar vaker niet overlappen. En iedereen heeft een eigen stem. Vooral de manier waarop ze de jongen vorm geeft maakt indruk. Zijn IQ is dan niet groot, zijn EQ is dat wel!


‘We hebben heel hard meegezongen met dat liedje dat hij ook altijd in de groep opzet van Devit Bowwie en toen zelfs ‘Papawoetè’, mijn lievelingslied. Het werd nog lievelingser door de auto en door ons die bijna door de hele wereld zoefden. Het was de tweede mooiste keer dat ik er naar geluisterd heb. De eerste mooiste keer was toen ik het mocht horen door de oortjes van Chloë terwijl we in het gras lagen buiten en toen ging ik dansen en zij ook en we dansten keiraar en superspeciaal want we zaten achter de bomen en niemand kon iets zien.’


Voor wie de uitdaging aan wil gaan: een prachtig boek over een jeugdinstelling en zijn bewoners een onderwerp waar we niet veel over horen.
O ja, Joke Benoot is Vlaams, voor Nederlandse jongeren zijn een aantal woorden vreemd. Wat is bijvoorbeeld een ’sjotterkas’?


ISBN 9789025114213  | Hardcover | 184 pagina's | Uitgeverij Clavis | juli 2019
Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 26 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Break a Leg
Truth or Dance 2
Chinouk Thijssen



De  vriendinnen India, Lisa, Nikki en Zoë hebben in het eerste deel van deze trilogie de dansopleiding van het Koninklijk Conservatorium in Den Haag afgerond. Nikki is niet aangenomen op de vervolgopleiding, zij gaat een Hbo-opleiding doen om dansdocent te worden, de andere drie blijven op het conservatorium voor de vervolgopleiding. Ze hebben afgesproken dat ze vriendinnen blijven en hebben dan ook samen een appartement gehuurd. Vol goede moed beginnen ze na de zomervakantie aan een nieuw leven.


Helaas is het niet afgelopen met de ellende die ze eerder meemaakten. Wie er ook achter de chatgroep Truth or Dance zit, hij of zij blijft hen lastig vallen. Berichtjes blijven komen, soms naar een van hen, soms naar allemaal. De vriendinnen weten niet hoe het kan dat die persoon alles van hen lijkt te weten, en foto’s van hen maakt. En hij weet zelfs hun telefoons te manipuleren!
Er is geen ontkomen aan, ze moeten opdrachten vervullen, en dat betekent dat ze heel akelige dingen moeten doen, om te voorkomen dat het allemaal nog erger wordt.


Het eerste slachtoffer is Samantha, de ‘zus’ die in het eerste deel de oorzaak was van de verwijdering tussen India en haar ouders. Die kwestie is wel bijgelegd, maar Samantha voelt zich nog steeds erg schuldig. Maar gelukkig is India nog altijd welkom bij Madelief, Samantha’s moeder en het is dan ook daar dat India indien nodig troost zoekt. En Samantha wil nog steeds graag dat India een soort zus voor haar is. Als zij India verzekert dat zij niet meedoet met dat idiote ‘stikspel’ dat jongerejaars spelen, gelooft die haar.


‘Ze schudt haar hoofd. ‘Het was een spel.’
‘Wat voor spel?’ wil ik weten.
‘Het was heel stom,’ antwoordt ze. ‘Gevaarlijk.’ Wanneer ik haar afwachtend aan blijf kijken vervolgt ze: ‘Het stikspel’
Het wat?'


Als de politie op het conservatorium verschijnt voor onderzoek, kan India geen informatie geven. Vertellen over Truth or dance kan immers niet, dat heeft de onbekende duidelijk laten weten!
Er komen meer berichten, meer opdrachten en steeds wordt iemand die een vriend of vriendin is bedreigd als de meiden niet doen wat hen opgedragen wordt. Maar hoe weet die onbekende of ze voldoen aan de opdracht of niet?


Het is een groot raadsel. Een die gevaarlijke situaties oplevert, en die de verhoudingen tussen de leerlingen op de dansacademie op scherp stelt. India voelt zich er niet veilig meer. Constant is er de angst dat er een nieuw bericht is, met een nieuwe opdracht. En als dat het geval is, is dat geen goed nieuws!
Ook thuis in het appartement van de vriendinnen gaat het niet echt lekker. Er wordt ingebroken, die zwarte kat zit zomaar ineens binnen, en iemand maakt foto’s door het raam. De vriendinnen besluiten om na de kerstvakantie naar de politie te stappen. Maar…hoe kan dat nou, dat Truth or Dance ook dat te weten komt?


Chinouk Thijssen houdt het spannend. Je kan speculeren wat je wil over wie er achter die geheime chatgroep zit, je komt het niet te weten!
Naast deze intriges is er natuurlijk ook het balletwereldje, er moet gedanst worden! Deze keer komen de problemen aan bod die jongens ondervinden, vooral als zij anders geaard zijn.


Het niet los te lezen tweede deel van de trilogie volgt hetzelfde concept als het eerste deel: eerst worden ballettermen uitgelegd. Dan volgt er een proloog, waarna je twee jaar terug in de tijd gaat en het echte verhaal begint. Opnieuw is India de ik-verteller. En aan het einde verlang je meteen naar het vervolg, dat in dit geval de ontknoping moet opleveren. Al weet je nu iets meer dan aan het slot van deel een – dat denk je althans! – knappe lezer die weet wie Truth or Dance is!
Spannend!!


Chinouk Thijssen (Rotterdam, 1983) is een van de bekendste boekvloggers van Nederland. Ze is auteur en tekstredacteur voor verschillende uitgeverijen Ze schrijft columns en Young Adult thrillers. In 2017 stond ze op de vierde plaats op in de verkiezing Rotterdamse Zakenvrouw van het Jaar.


ISBN 9789044836219 | hardcover | 269 pagina's | Uitgeverij Clavis | juni 2019 | leeftijd 15+

© Marjo, 2 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Schone schijn
Sarah Dessen


Als één lid van een klein gezin daar opeens geen deel meer van uitmaakt, heeft dat een enorme impact op de achterblijvers. De bijna twintigjarige Peyton is veroordeeld na een aanrijding onder invloed en zit in de gevangenis.


Zijn ouders verwerken het ieder op hun eigen manier: de vader zwijgt, gaat vooral gewoon verder met zijn eigen leven. De moeder stort zich helemaal op ‘die arme jongen’ die helemaal alleen in zijn cel zit, waarbij ze zich niet lijkt te realiseren dat het zijn eigen schuld is, en dat een andere jongeman voor zijn leven gehandicapt is door die fout. Bovendien was dit niet de eerste overtreding van Peyton, hij was al bij de politie bekend vanwege inbraken en drank- en drugsgebruik.


Zijn jongere zus Sidney heeft altijd al het gevoel gehad dat ze in de schaduw van haar broer leefde. Hij was de knapste, de liefste, en werd in de watten gelegd. Nog steeds dus, door zijn moeder tenminste. Sidney heeft er nooit moeilijk over gedaan, zij is van nature een braaf en gehoorzaam kind, en ze houdt van haar broer, maar het begint haar flink te irriteren dat haar moeder niet inziet dat Peyton niet goed bezig was.


Als van Sidney verwacht wordt dat ze mee gaat op bezoek bij Peyton en net als haar moeder doet alsof hij in een soort vakantieverblijf zit, krijgt ze er schoon genoeg van.  Ze weigert dat, wil ook niet aan de telefoon komen als hij belt, en besluit zelfs van school te veranderen. Niet langer de zus van zijn.
En Ames, die vriend van Peyton, daar wil ze geen contact mee. Hoe kan haar moeder die engerd zo aardig vinden, alsof ze hem in plaats van haar zoon nu lijkt te willen verwennen?
Hoe kunnen haar ouders zijn klaploperij door de vingers zien?


Ook al staat haar moeder er niet achter – haar vader zegt zoals altijd niets - blijkt verandering van school de gouden greep te zijn, het verandert haar leven, ten goede! Het begint met de ontmoeting van het gezin Chatham, die zo totaal anders zijn dan wat Sidney kent.


De vader heeft een pizzeria – met de beste pizza’s die ze ooit gegeten heeft! – waar de kinderen, twee meisjes en een jongen, zo veel ze kunnen, helpen. De moeder is aan een rolstoel gebonden, en Sidney ziet hoe liefdevol zij door man en kinderen verzorgd wordt.
Thuis en op school voelde Sidney zich onzichtbaar, Peyton trok alle aandacht. Maar nu wordt ze opeens gezien, en voor ze het weet eveneens opgenomen in huize Chatham.
Hoewel ze nog steeds het brave meisje blijft - dat probeert ze althans – ziet haar leven er ineens heel anders uit.
Zoals te verwachten valt, kan dit niet blijven goed gaan. Zeker niet als de vonk tussen Sidney en Macauley Chatham overslaat.


Als lezer zie je dit allemaal aankomen, zoals ook al snel duidelijk is dat de inschatting door Sidney van die vriend van haar broer niet helemaal fout is. Het verhaal wordt verteld door Sidney: het perspectief is hoe zij de wereld bekijkt en er op reageert. Ze is in staat een vrij zuiver oordeel over de mensen om haar heen te geven en spaart zichzelf niet. Ze baalt van de houding van haar ouders, maar ziet in dat haar eigen oordeel over haar broer ook voor een deel gekleurd is doordat hij nooit iets fout kon doen.
Ze heeft last van een plaatsvervangend schuldgevoel ten aanzien van het slachtoffer van haar broers onbezonnen daad. En is daarnaast een gewoon een meisje dat naar school gaat, dromen heeft en voor de eerste keer verliefd wordt.
Dat zijn veel problemen, en het is een lijvig boek, maar de vertelstijl is vlot. Je leeft mee met Sidney en gunt haar het beste.


Wie ervaring heeft met Amerikaanse schrijvers kan wel zo’n beetje voorspellen hoe het verhaal af gaat lopen. Die ervaren lezer begrijpt trouwens ook de bijna spastische reactie op drank- en drugsgebruik, terwijl autorijden dan weer heel normaal is voor tieners.


Het boek heeft een mooie cover, maar de titel is minder geslaagd. ‘Saint anything’ heet het oorspronkelijk. Het slaat op een amulet die Mac op een bijzondere reden om zijn nek heeft hangen, soortgelijk aan die hij later cadeau zal geven aan Sidney. De hangers stellen een onbekende heilige voor: ‘Saint anything’. . .
Zeker is het lastig daar een goede Nederlandse titel van te maken, vooral omdat het gaat om een soort bijgeloof dat Nederlandse tieners niet erg aan zal spreken. Maar Schone Schijn? Hm… zou Sidney dat gekozen hebben?


Sarah Dessen (1970, North Carolina) studeerde Engels en Creative Writing. Na haar studie gaf ze een aantal jaren les, maar ze is inmiddels full time schrijfster. Ze heeft acht boeken gepubliceerd voor jongeren.


ISBN 9789044833270 | hardcover | 436 pagina's | Uitgeverij Clavis | maart 2019
Vertaald uit het Engels door Margot van Hummel | Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 27 juni 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER