Non-fictie

Kishore Mahbubani

http://www.mahbubani.net

 

Naar één wereld
Een nieuwe mondiale werkelijkheid
Kishore Mahbubani


Vanaf het begin van haar geschiedenis heeft de mensheid in afzonderlijke gemeenschappen en verschillende stammen geleefd en onderling verschillende culturen en beschavingen gekend. Onze tijd is  door de mondialisering totáál anders dan alle tijdperken voor ons. Nog nooit eerder in de wereldgeschiedenis waren we zó met elkaar verbonden als nu; toen Lehman Brothers in Amerika viel, had dat wereldwijd consequenties, als Griekenland wankelt maken alle Europeanen zich zorgen en als er een virus is in Hongkong is de hele wereld in rep en roer. Ontwikkelingen aan de ene kant van de wereld hebben direct wereldwijde gevolgen.


Vroeger, na de tweede wereld oorlog, toen de meeste huidige samenwerkingsverbanden gevormd zijn, zat de wereld nog heel anders in elkaar. Toen leek de mensheid op een vloot van heel veel verschillende schepen. Ieder land een eigen schip. Het enige wat je tóen nodig had, waren goede regels om aanvaringen te voorkomen. Maar de situatie is ingrijpend veranderd. De zeven miljard mensen op onze planeet leven niet langer meer op honderd afzonderlijke schepen, maar in 193 containers op één containerschip. Deze boot heeft grote problemen, want er zijn 193 kapiteins aan boord, en er is niet één kapitein die verantwoordelijkheid heeft voor de hele boot. Je hoeft geen expert te zijn om te weten dat problemen op gaat leveren en dat binnen afzienbare tijd het hele schip onbestuurbaar zal zijn.


Je zou dan ook denken dat de wereld zich haast om zich aan de nieuwe situatie aan te passen en nieuwe mondiale plannen maakt om grote gezamenlijk problemen als de financiële crisis, de opwarming van de aarde, het energievraagstuk en de aanpak van virussen of terrorisme aan te pakken, maar dat is niet bepaald het geval. Integendeel zelfs, terwijl dat volgens Mahbubani toch echt dringend noodzakelijk is. 
In zijn ideale scenario zou er zo snel mogelijk sprake moeten zijn van één wereldregering die grote gezamenlijke mondiale zaken zou regelen. Ook hij ziet wel in dat dat nú nog lang niet haalbaar is, maar in de toekomst zal er volgens hem wel degelijk zo’n instituut nodig zijn. Tot die tijd moeten we volgens hem dan wel op zijn minst de samenwerkingsverbanden die er al wel zijn, aanpassen aan de huidige situatie en zo sterk en effectief mogelijk maken. Ook zouden er nieuwe samenwerkingsverbanden ontwikkeld moeten worden. 
Verschillende wereldleiders als Clinton, All Gore en Gordon Brown riepen hier trouwens al hartstochtelijk toe op. Zij deden dat echter alle drie nádat ze aan de macht waren geweest, en niet toen ze nog daadwerkelijk beleid konden maken. Dat is geen toeval, iedereen weet dat het politieke zelfmoord is om dit soort zaken binnenlands te bepleiten. Kiezers houden daar niet van. Er worden dan ook in internationale samenwerkingsverbanden nog steeds vooral nationale belangen bepleit en niet zo zeer belangen voor de wereld. Dat komt natuurlijk omdat Westerse landen doodsbang zijn hun macht en invloed te verliezen en plaats te maken voor opkomende economieën als China, Brazilië, India en sommige Afrikaanse landen.

Die angst is gegrond natuurlijk, het invoeren dan veranderingen die inspelen op de huidige mondiale veranderingen zal de Westerse wereld inderdaad verlies van macht en invloed opleveren, maar het zal hen, volgens Mabubani, op de lange termijn ook heel veel goeds brengen. Nu al zie je dat de bewegingen naar één wereldgemeenschap en het steeds meer elkaar verbonden zijn miljarden mensen uit de armoede halen. Ontwikkelingen die van onschatbaar belang zijn voor de stabiliteit in de wereld, en die ook weer nieuwe handelsbelangen zullen scheppen.
Zo gezien is dit óók een tijdperk van nieuwe kansen. Nog nooit eerder in de geschiedenis van de mensheid hebben zo veel mensen zich weten te ontworstelen aan armoede en zijn zo veel mensen deel uit gaan maken van de middenklasse. Die ontwikkeling zie je nu al gebeuren, duizenden studenten die in het Westen studeerden, staan bij thuiskomst klaar om een samenleving met veel Westerse invloeden en een sterke middenklasse vorm te geven. De opkomst van al dat talent is een van de belangrijkste krachten die tot één wereld zullen leiden.
De wereld is door het informatietijdperk ook veel kleiner dan voorheen. Het wordt voor gesloten regimes steeds moeilijker die wereld buiten te houden. Burgers over de hele wereld zien met eigen ogen de economische omstandigheden elders in de wereld en willen daardoor dat hun regeringen zich richten op scholing en  economische ontwikkelingen, en niet op het vullen van hun eigen zakken en het voeren van oorlog. Daardoor staan regeringen wereldwijd onder druk om te investeren in hun land en is de levensstandaard  de afgelopen jaren meer veranderd dan in de driehonderd jaar hiervoor. Niet alleen in Azië en landen als Brazilië, maar ook in delen van Afrika, waar momenteel de tien snelst groeiende landen van de afgelopen tien jaar liggen. Er moet, zeker als het om extreme armoede, vrijheid van meningsuiting, corruptie en democratie gaat nog veel veranderd worden, maar er is ook al heel veel in beweging en door alle invloeden van buitenaf zal de druk om ook die zaken te veranderen volgens Mahbubani, steeds groter worden.


Het boek is dan ook, midden in de economische crisis waarin we wereldwijd zitten opvallend optimistisch van toon. Maar het is wel een boek met een duidelijke en niet mis te verstane boodschap; we zullen ons als Westerse wereld wel open moeten stellen voor alle veranderingen, ons wat bescheidener en minder moralistisch op moeten stellen en bereid moeten zijn een stapje terug te doen. Doen we dat niet dan missen we de boot, of, om nog even in de beeldspraak van het containerschip te blijven, wordt onze boot zó onbestuurbaar dat we op een wereldwijde ramp aankoersen.

Net als De eeuw van Azië is Naar één wereld een toegankelijk boek wat je aan het denken zet. Het boek heeft  een kleine overlap met zijn vorige boek, maar dat is niet storend omdat dit boek nog veel mondialer kijkt, en nóg meer een betoog is voor het oprichten en sterker maken van organisaties die oog hebben voor de hele wereld en die inspelen op de huidige ontwikkelingen.
Het boek is een aanrader voor iedereen die bereid is een keer met niet Westerse ogen naar de huidige mondiale ontwikkelingen te kijken en voor wie behoefte heeft aan woorden van hoop in deze sombere tijden.


ISBN 978 90 468 14444 Paperback 400 pagina’s Uitgeverij Nieuw Amsterdam, april 2013
Vertaling  Pieter van der Veen en Chiel van Soelen

© Willeke, 22 april 2013

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De eeuw van Azië
een onafwendbare mondiale machtsverschuiving
Kishore Mahbubani


De opkomst van Azië wordt in het Westen vaak met angst en beven tegemoet gezien. Dit is echter een optimistisch boek. De opkomst van Azië, zo zegt de schrijver, zal de wereld goed doen. Honderden miljoenen mensen zullen gered worden uit de klauwen van armoede. De modernisering van China heeft het aantal Chinezen dat in absolute armoede verkeert al terug gebracht van zeshonderd miljoen tot tweehonderd miljoen. De groei van India heeft dezelfde ingrijpende gevolgen. Een van de belangrijkste redenen waarom de Verenigde Naties hun ontwikkelingsdoelstellingen voor het millennium gehaald hebben, is het feit dat China en India erin geslaagd zijn de armoede in belangrijke mate terug te dringen.
De voordelen zijn niet alleen ethisch van aard, de hele wereld zal door deze opkomst stabieler worden. Er is een mars naar moderniteit gaande die ongekende gevolgen zal hebben. Momenteel ligt het tempo van ontwikkeling in Azië bijna honderd keer hoger dan tijdens onze industriële revolutie en stijgt de levensstandaard met zo’n 10.000 procent per mensenleven. Het Westen heeft deze mars naar moderniteit in gang gezet en zou dus blij moeten zijn met deze veranderingen, maar het tegendeel is het geval.


Dit boek is één grote oproep aan het Westen om zich wél open te stellen voor die veranderingen en wel nú. De komende jaren zouden wel eens cruciaal kunnen worden voor de richting waarin de wereld zich gaat ontwikkelen. Er liggen grote kansen, groter dan ooit misschien wel, maar dan zal het Westen zijn superieure rol als leider van de vrije wereld wel los moeten laten.
Nog steeds deelt het Westen op het wereldtoneel een groot deel van de lakens uit en vindt dat ze daar het volste recht toe heeft. Ze realiseert zich niet genoeg dat er naast 900 miljoen Westerlingen óók 5.6 miljard andere wereldburgers zijn, die steeds minder bereid zijn te accepteren welke besluiten er namens hen door het Westen genomen worden zonder dat ze daar inspraak in hebben. Het leidt nergens toe als 12 % van de wereldbevolking denkt dat ze het lot kunnen bepalen van de overige 88% van de bevolking, van wie vele het gevoel hebben nieuwe energie en macht te hebben gekregen. Op dit moment is de meerderheid van hen bereid samen te werken met het Westen. Als het Westen echter probeert zijn dominantie in stand te houden, is een terugslag onvermijdelijk. Er zouden dan ook nieuwe instituties ontwikkeld moeten worden die de belangen van álle wereldburgers behartigen. Het kan bijvoorbeeld niet langer zo zijn, aldus Mahbubani, dat de vijf permanente leden van de VN Veiligheidsraad, waarvan er twéé Europees zijn, zeggenschap hebben voor die 6.5 miljard, die daar geen enkele invloed op hebben. Het tijdperk van de Westerse overheersing heeft zijn tijd gehad. Als de Westerse denkers en beleidsmakers zich minder bedreigd zouden voelen en bereid zouden zijn hun positie in de wereld te herzien, zou dat ongekende kansen bieden op een grotere wereldwelvaart en een grotere stabiliteit.


Het wordt tijd, aldus Mahbubani, dat het Westen de mogelijkheid gaat overwegen dat andere landen en gemeenschappen net zo competent kunnen zijn bij de aanpak van mondiale en regionale problemen als zij. Tot nu toe zijn de meest succesvolle partnerschappen - bijvoorbeeld het trans-Atlantisch bongenootschap tussen VS en EU - die tussen Westerse landen geweest. Er zouden even sterke bondgenootschappen tussen Oost en West moeten worden opgezet. Het Westen moet hierbij, aldus Mahbubani, wel een aanzienlijk minder moralistische toon aan slaan, veel pragmatischer worden en ophouden met denken dat ze de wereld naar hun eigen beeld kunnen hervormen. Zaken die in het Oosten, en de rest van de wereld, vaak als hypocriet ervaren worden omdat er in hun optiek vaak met twee maten gemeten wordt.


Als lezer ontkom je bij dit boek toch niet aan een paar vragen. Hoe zit het bijvoorbeeld met thema’s als  mensenrechten, democratie, rechtshandhaving en vrijheid van meningsuiting? Zaken die in veel Aziatische landen, maar vooral  in China grote zorg wekken. Tot halverwege het boek is het oorverdovend stil over deze onderwerpen daarna volgt er gelukkig een uitgebreide uiteenzetting die er op neer komt dat democratie vrijheid van meningsuiting en het naleven en streven van mensenrechten in China inderdaad nog lang niet in orde is. Er is wat dat betreft nog een lange weg af te leggen, maar er zijn wel degelijk ontwikkelingen gaande. Er is echter tijd nodig om verbetering op deze punten tot ontwikkeling te laten komen.


Het heeft iets heel verfrissend om eens met niet Westerse ogen naar de ontwikkelingen in de wereld te kijken, en het bezorgt je ook een gevoel van nederigheid. Het boek is boeiend geschreven, ook voor leken heel goed leesbaar, en het  biedt interessante perspectieven. Het zet je in ieder geval aan het denken over de vraag of het inderdaad niet eens tijd wordt om ons als Westerse samenleving iets bescheidener op te stellen en ons wat meer aan te passen aan de veranderende wereld.


Kishore Mahbubani studeerde filosofie in Singapore en in Canada. Hij werd diplomaat, was ambassadeur voor de Verenigde Naties en schreef diverse boeken over dit onderwerp die wereldwijd onder een groot publiek aftrek vonden.
Deze maand verschijnt zijn nieuwe boek Naar één wereld, over een nieuwe mondiale werkelijkheid.


ISBN 978 90 468 04759 Paperback 336 pagina’s Uitgeverij Nieuw Amsterdam 2008
Vertaling Amy Bais

© Willeke, 8 april 2013

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER