William Faulkner

http://nl.wikipedia.org/wiki/William_Faulkner

 
The Wild Palms


Deze roman van de Amerikaanse schrijver Faulkner laat mijn geestdrift over Absalom!, Absalom! niet aan het toeval over.
Opnieuw bewijst de meesterschrijver hier met dit boek uit 1939, dat hij tot de absolute top van de wereldliteratuur behoort. Er zijn weinig schrijvers die zo huiveringwekkend complex kunnen schrijven, maar tegelijkertijd ook zo diepmenselijk gevoelig, dat de gebeurtenissen die de hoofdpersonen in dit verhaal overkomen, aankomen bij de lezer als een mokerslag.
En toch heeft dit boek me ook tot grote vertwijfeling gebracht.
Ik lees in de opening van het boek over een dokter die geallarmeerd wordt om bij een bevalling te assisteren, maar in het tweede hoofdstuk zit ik in een totaal andere omgeving, met totaal andere personages, in totaal anders lijkende omstandigheden. Wat is hier aan de hand? Het eerste verhaal weet me ondanks de prachtige openingszinnen, nog niet echt te boeien, dat duurt zelfs het grootste deel ervan, terwijl ik bij het tweede verhaal er meteen tot over mijn oren in zit. Ja, het zijn inderdaad twee verschillende verhalen, die afgewisseld worden. Als lezer vraag ik me steeds af, wat is de verwantschap en wanneer worden die verhalen samengevoegd? Dat gebeurt dus niet, toch zijn ze met universele thema’s verbonden. Maar ik loop vooruit.
Het eerste verhaal gaat over een man, die met een getrouwde vrouw er vandoor gaat. Die getrouwde vrouw ontmoet hij op een feestje. Het wordt het begin van een lange reis en een lange vlucht voor de twee, naarstig op zoek naar zichzelf. Zouden ze het met elkaar uithouden of zijn ze toch te verschillend?


Het andere verhaal gaat over een stel gevangenen die voor zware vergrijpen vele jaren achter de tralies doorbrengen, totdat de staat hen inzet om te helpen bij een watersnood; om mensen die door het water zijn ingesloten te redden van de daken van hun bijna door de golven verzwolgen huizen. Twee gevangenen worden gevolgd, een dikke en een lange gevangene (zo worden ze aangeduid) die in de stromende regen in een kano stappen en wegpeddelen op een totaal onberekenbare rivier. (Beide verhalen spelen zich af in het Zuidelijke staten van Noord-Amerika.) Dit verhaal is zo spannend en angstaanjagend goed geschreven, dat je als lezer met het zweet in de handen zit. De dikke gevangene lijkt op een gegeven moment te zijn verdronken en we volgen de lange gevangene verder op zijn onmenselijke tocht. Hij redt een jonge vrouw van het dak en vervolgt zijn tocht, alleen niet zoals hij zich dat had voorgesteld, de wilde rivier neemt de macht genadeloos over. Wat deze mensen in dat kleine bootje doormaken is met geen pen te beschrijven. Maar wat ik begon in te zien, was dat die andere mensen in het eerste verhaal, zo goed als in het zelfde schuitje zitten. Beiden op de vlucht, op zoek naar die zo fel begeerde vrijheid, maar tegelijkertijd wetende, dat ze zichzelf voor de gek houden (daar komen ze op hun meest beproefde momenten achter) en dat er in werkelijkheid geen vrijheid is. De veroordeelde lange gevangene weet dat hij altijd zal terugkeren naar de kettingen. Hij kan zelfs niet anders; hij is al die jaren niks anders gewend; hij is volkomen aangepast aan het leven in beslotenheid. En dat is een huiveringwekkend waarheid die Faulkner messcherp weet over te brengen. Deze twee ogenschijnlijk totaal verschillende verhalen, worden bijeen gebracht onder de paraplu van twee universele thema’s: de eenzame moderne mens en vrijheid. Opnieuw weet Faulkner de tijd in zijn roman stil te zetten en zweeft de lezer in een tussentijd. Dat ik moeite heb met het spannend vinden van grote delen van het eerste verhaal, wijt ik aan mezelf; aan het tijdens het lezen nog niet doorhebben hoe het werkelijk zit, want er zijn wel degelijk meerdere momenten aan te wijzen, die de kwalificatie ijzingwekkend verdienen.

304 pagina's | ISBN: 9780099282921


© Roel, juli 2007

Reageren? Klik hier!