Herman Franke

Wolfstonen


Op een braakliggend stuk land, midden in een volksbuurt, wordt een appartementencomplex gebouwd, voor mensen met bovenmodaal inkomen. De gemeente denkt zo te voorkomen dat de buurt verloedert.
In de Bijenkorf (zo wordt het gebouw genoemd) komen een achttal bewoners: twee echtparen beneden, op de twee verdiepingen daarboven twee mannen en twee vrouwen. Het verhaal wordt vanuit wisselende perspectieven verteld: het verschuift voortdurend tussen de bewoners, zodanig dat hetzelfde verhaal aan de orde komt bij meerdere bewoners, hetgeen heel handig is om de draad vast te houden. Daarnaast is er het verhaal dat zich buiten de Bijenkorf afspeelt en dat wordt verteld door twee kinderen. Jacho van allochtone afkomst vertegenwoordigt de ene helft van buurtbewoners, Milla, het blonde meisje, de andere helft. Zij zien alle gebeurtenissen weer heel anders.


Alle bewoners hebben zo hun eigenaardigheden. Het mooist vind ik de violist Elto met een apart taalgebruik:
"Ik zou niet stellig durven beweren dat het verschil tussen uw en mijn opvatting in deze wel zo groot is als u zo welsprekend suggereert" (...) "Een argument wint hoe dan ook niet aan kracht als het louter herhaald wordt. Maar ik ben bereid een soortgelijk onvermogen mijnerzijds te erkennen. Niettegenstaande vraagt men zich af: is honger pijnlijker als het door genadeloze mnensen wordt toegevoegd dan als de genadeloze natuur er de oorzaak van is?"


Zijn tegenspeelster is Mermin, journalist die er een tot mislukking gedoemde relatie op na houdt met een getrouwde man. Zij benadert mensen nogal direct, zo ook haar buurman.
Een verdieping lager woont de ingenieur Vartor, bezeten van zijn ex-vriendinIlse, werkend aan een proefschrift over uitvindingen. Zijn tegenspeelster is Paulice, met een enorm minderwaardigheidscomplex omdat ze te grote borsten heeft.
Het ene echtpaar is een bejaard stel: de heer Forstenalt komt nauwelijks buiten, hij is getraumatiseerd door de oorlog, hij stelt mensen vragen als :" bent u bereid voor volk en vaderland te sterven?" Zijn vrouw komt, wel erg laat, tot de ontdekking dat ze haar leven aan hem opgeofferd heeft.

Ista Dagmar, psycholoog, en zijn vrouw Angolie, die Franse boeken vertaalt, wonen in het laatste appartement. Ista is degene die de bewoners bij elkaar brengt, als alle appartementen erg gevoelig blijken voor de geluiden van de buren.

Er groeit een enorme spanning in het boek als de bron van het geluid niet gedempt kan worden. In het begin zijn het de geluiden van boksen: de allochtone en autochtone buurtbewoners bereiden zich voor op een bokswedstrijd. Maar als die voorbij is, is de overlast niet voorbij, het wordt zelfs erger. Vartor ondekt dat de geluiden via de heteluchtkanalen binnenkomen en in bepaalde delen van het gebouw versterkt worden. Behalve geluiden komen ook kakkerlakken binnen, en buurtbewoners: Marliese als zeer nieuwsgierige werkster bij Vartor, en Milla met een vriendin als leerlingen bij de violist Elto.
De climax is verbijsterend...


Het is een ontzettend complex boek, waar je aan langzaam aan begint. Als gaandeweg de dreiging toeneemt, kun je het boek niet meer wegleggen.


Uitgever Podium b.v. Uitgeverij ISBN 9057590360 Verschijningsdatum 5/2004 Bindwijze Paperback Aantal pagina's 524 blz.

© Marjo

Bekijk de reacties, klik hier!

 

De verbeelding


Verbeelding, nou dat heeft Franke genoeg, wat een enorm ingewikkeld boek, met heel veel verhaallijnen. Er zijn hoofdstukken die makkelijk weg hadden kunnen blijven, maar ook in die hoofdstukken verweeft Franke kleine opmerkingen, kleine zinnetjes, die het weer betrekken bij het geheel.
Het boek gaat over Horatio Nelson, de beroemde Engelse admiraal, en zijn minnares Emma Hamilton. We beginnen met het standbeeld van Nelson op Trafalgar Square in Londen. Op zijn enorm hoge zuil "hoort" hij de stemmen:
"met regelmatige tussenpozen stijgt uit het lawaaiïge moeras zomaar een stem die mij wonderlijk helder en verstaanbaar bereikt, zonder dat ik er mij oren op afgestemd heb."
Nelson maakt zich zorgen, over zijn Emma, en hun dochter, Horatia, die nooit zeker heeft geweten dat Emma haar moeder was.
Emma heeft Nelson een miniatuur geschonken, dat geschilderd werd door de beroemde Romney. Wat er met dit miniatuur gebeurt loopt als een rode draad door het verhaal.
Een voorbeeld van hoe de draden van het web elkaar steeds raken:
Als Nelson gesneuveld is en Emma zijn jasje krijgt, naait ze het ding in de lege mouw in. Op het standbeeld ziet de schoonmaker de afbeelding staan, maar hij denkt dat hij er goed aan doet die te vernietigen. Dat vertelt hij aan een Hollander, die in een van de schilderijen van Nelson een icoon ziet van de kruisaflegging. Geïntrigeerd gaat de Hollander op zoek naar een antwoord. Het jasje ligt in het maritiem museum, waar ook een klas kinderen rondloopt. Een van die kinderen schrijft een brief aan Nelson, -het is een opdracht van school-, en daarin worden heel veel feiten over Nelson verteld.
Maar er zijn dus ook hoofdstukken waar mij de zin van ontgaat: het verhaal van de zwarte slavin van Emma, en het verhaal van haar naamgenoot in het heden. Beiden raken geestelijk verward, de een sterft, de ander ontmoet haar "man". Die man, Forster, krijgt ook weer een flink eigen hoofdstuk, waarin verteld wordt hoe hij per ongeluk met zijn bus zijn eigen dochter doodrijdt. Dit meisje ligt op hetzelfde kerkhof als Horatia, en hun stemmen weerklinken in een apart deel van het boek. Ook is er weer een hoofdstuk voor de jongeman die de tekst op de grafzerk van Horatia verandert, als zij gerehabiliteerd wordt. En zo gaan we maar door. De kruisaflegging is een thema dat steeds terug komt, en ook de woorden "God, oh god..mama...mama" komen herhaaldelijk terug.. In het laatste hoofdstuk zijn we in Calais, waar er een monument wordt opgericht voor Emma, hetgeen niet zonder slag of stoot gaat, en nog een verrassing oplevert.


Erg ingewikkeld boek, waarbij mijn aandacht bij enkele stukken toch wel verslapte. "Wolfstonen" van dezelfde schrijver vond ik beter.


Uitgever Podium b.v. Uitgeverij ISBN 9057590816 Verschijningsdatum 2/1999 Bindwijze Paperback Aantal pagina's 413 blz.

Goedkope editie (zie afbeelding) Uitgever Podium b.v. Uitgeverij ISBN 9057591618 Verschijningsdatum 3/2005 Bindwijze Paperback Aantal pagina's 405 blz.

©: Marjo

Reageren? Klik hier!