Angela Flournoy

http://www.angelaflournoy.com

 

hspace="15"Het huis van de familie Turner
Angela Flournoy


Cha-Cha, de oudste van de dertien kinderen van de familie Turner, zag het nachtspook voor het eerst in 1958. Hij was toen veertien jaar oud en had zich zojuist het rommelhok toegeëigend. Daar zou hij voortaan slapen. Was het spook het daar soms niet mee eens? Het nachtspook straalde een blauwachtig licht uit en worstelde met Cha-Cha, dat herinnert zijn jongere broer Lonnie zich nog heel goed. Dat hij nog maar drie jaar oud was toen hij het zag gebeuren doet er niet toe. Het nachtspook was echt, hoewel het zich nooit meer liet zien.


Inmiddels is Cha-Cha de zestig ruim gepasseerd. Het nachtspook heeft zich onlangs voor de tweede keer aan hem geopenbaard. Het verscheen in de cabine van de grote truck met oplegger die hij bestuurde en zorgde ervoor dat hij de macht over het stuur verloor. Cha-Cha heeft het ongeluk overleefd. Toen hij in het ziekenhuis weer bij kennis kwam, vertelde hij zijn familie meteen over het nachtspook. Helaas had de verwarde Cha-Cha de aanwezigheid van de verzekeringsagent niet opgemerkt toen hij zijn uitlating over het bovennatuurlijke deed. Zijn werkgever stuurde hem daarop naar de psychiater.


Ook Charles’ jongere zus Lelah maakt een moeilijk tijd door. Ze is zojuist uit haar huis gezet en haar baas heeft haar geschorst. Lelah schaamt zich. Keer op keer heeft ze de dans weten te ontspringen maar nu heeft haar gokverslaving haar toch de das omgedaan. Ze kan nergens heen. Natuurlijk zou ze haar dochter of haar vele broers en zussen om hulp kunnen vragen. Natuurlijk zal iemand bereid zijn haar te helpen maar dan valt Lelah wel door de mand. Dat wil ze niet. Voorlopig neemt ze, heimelijk, haar intrek in het oude huis van haar ouders.


Het ouderlijk huis verkeert in een erbarmelijke staat en staat op het punt door de bank in beslag genomen te worden. Francis Turner, de vader van het stel, leeft niet meer en moeder Viola woont tegenwoordig bij Cha-Cha en zijn vrouw Tina in. Viola is ziek en loopt flink achter met haar hypotheek. Cha-Cha denkt dat het huis maar beter van de hand gedaan kan worden, ook al zal Viola er dan maar een schijntje voor krijgen.


Het besluit van Cha-Cha roept een grote weerstand bij zijn broers en zussen op. Ook al verkeert het huis in een verwaarloosde staat en ligt het in een in verval geraakte buurt in Detroit, het is het huis waarin ze zijn opgegroeid. Het huis vormt de fundering van de familie Turner. Als het huis verdwijnt, zal Viola nooit meer kunnen terugkeren. Dan zullen de kinderen Turner onder ogen moeten zien dat de laatste levensfase van hun moeder is ingegaan.


Cha-Cha zelf heeft zich inmiddels bij de psychiater gemeld. Dr. Alice Rothman toont aanvankelijk nauwelijks interesse in het nachtspook maar wil wel graag alles over zijn familie weten. Hoe is het om de oudste van dertien kinderen te zijn? Hoe is het om in zo’n groot gezin op te groeien? Cha-Cha vertelt. Hij vindt het prettig met haar te praten. Hij vindt het prettig in haar nabijheid te zijn. Op zijn vierenzestigste denkt Cha-Cha iets te vaak aan een vrouw die niet zijn echtgenote is.


De vader van schrijfster Angela Flournoy groeide samen met twaalf broers en zussen in een klein huis in Detroit op. Hij vertelde zijn dochter allerlei verhalen over zijn jeugd. Het is dus niet moeilijk te begrijpen waar Angela Flournoy de inspiratie voor dit boek vandaan heeft gehaald. Een grote familie voelt vaak als een warm bad maar kan soms ook erg verstikkend zijn. Iedereen heeft een vaste rol. Zo zijn er broers en zussen die er een potje van maken en anderen die alles altijd weer oplossen. Cha-Cha heeft als oudste de vaderrol op zich genomen, vooral omdat vader Francis een stevige drinker was en weinig naar zijn kroost omkeek.


De verhaalopbouw doet soms een beetje denken aan de gemoedelijke chaos die vaak in grote families heerst. Iedereen praat door elkaar heen maar onder het stemmige geroezemoes van de Turners gaat een warm verhaal over een bijzondere maar eigenlijk ook heel gewone familie schuil. Gelukkig kunnen de Turners, ook al drijven ze elkaar bijna tot waanzin, altijd op elkaar rekenen!


ISBN 9789044537246 | hardcover | 445 pagina's | De Geus | februari 2017
Vertaald door Marianne Gossije

© Annemarie, 22 februari 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER