Michael Frijda

Ritselingen


Een heerlijk boek..alsof je de Bolero leest.
Het verhaal begint rustig, met beeldende zinnen als deze:


"hier gaat de landweg tussen de berkenstammen over in het bospad. Vanaf deze hoek schijnt het pad als een streep hoofdhuid door het groen als de koers van een verdwaalde, om, linksboven in deze plattegrond, waar alleen nog sparren staan, in een kaarsrechte lijn het bos te verlaten."


Ik was meteen verkocht, dit hield een belofte in... en ja, die is helemaal vervuld. Dit soort prachtige zinnen blijven door het hele boek terugkomen, ik zag het allemaal voor me, zo mooi beschreven.
Maar ook al in het begin zijn er de eerste "ritselingen"... een meisje op de vlucht in dat bos, en in een andere verhaallijn, twintig jaar eerder, de nutteloze moord op een hert.
Het heden is het verhaal van het meisje, dat met terugwerkingen verteld wordt. Het verhaal van het de houthakker en de jongen die een hert wil speelt zich twintig jaar eerder af, en tussendoor is er ook nog het verhaal van de stroper, die de vader is van de houthakker.
Ik wil het verhaal niet vertellen, het is veel prettiger om zelf de stukjes steeds op hun plaats te zien vallen, met -om op de bolero terug te komen- toenemend geweld.
De stijl verandert geleidelijk, van enigszins sprookjesachtig tot schokkend realistisch, en dat past helemaal in het verhaal dat verteld wordt. Ach, ik zeg niet meer, dit is een boek voor fijnproevers en aan hen moet ik de smaak niet verklappen...


Hardcover | 245 Pagina's | Uitgeverij Podium B.V. | 2005 ISBN: 9057591073

© Marjo, 9 maart 2006

Lees de reacties, klik hier!

 

Ritselingen


Een mooi uitgevoerd boek, gebonden, zwarte omslag met een poëzieplaatsje van een hertje.
De zwarte omslag begreep ik naderhand. Het verhaal is beklemmend en triest.


Het begint aanvankelijk sprookjesachtig. Een houthakker woont met zijn zoontje Kareltje in het bos. De houthakker is stapelgek op zijn kind en wil al zijn wensen vervullen. Op een dag zegt Kareltje "Ik wil een hert". De houthakker komt na een paar dagen met een door hem gedood hert thuis. Maar dat wilde Kareltje niet, hij wilde een levend hert. Vanaf die tijd zwijgt Kareltje. De houthakker stikt bijna in die stilte. Hij besluit bij de oude grijze vrouw langs te gaan die ezelmelk heeft waarmee hij een hertje rustig kan houden als hij er eenmaal een gevangen heeft.
De vrouw wil in ruil daarvoor haar verhaal vertellen, vertellen hoe ze aan haar kennis komt, hoe er met kennis omgegaan moet worden.
Allemaal sprookjesachtige elementen, houthakker, zoontje, hertje, oude kruidenvrouw. Maar het blijft niet sprookjesachtig. Het verhaal wordt steeds gruwlijker. De houthakker vangt een hertje maar Kareltje blijft zwijgen. Het hertje laat Kareltje niet in de buurt komen en Kareltje doodt het hertje. Eindelijk kan hij het aanraken! Het beestje wordt opgezet en in de tuin gezet. Er volgen er nog twee...
Ondertussen vertelt de vrouw haar verhaal. Ook sprookjesachtig in het begin maar het wordt steeds beklemmender.
De houthakker kan het verschil tussen de ijzige stilte thuis en al de woorden van de vertellende vrouw nauwelijks aan. Hij krijgt het steeds moeilijker, ziet en hoort steeds vaker dingen (ritselingen) die er niet zijn.
De houthakker verdwijnt en Kareltje blijft alleen achter, een wereldvreemde jongen, die op zijn manier voor zichzelf zorgt. Ook Kareltje heeft zijn verhaal. Langzamerhand komen alle verhalen van de houthakker, de oude vrouw en Kareltje bij elkaar.


Op zich is het een fascinerend verhaal maar het is lastig te volgen, mede door de bloemrijke taal die Frijda gebruikt. De bomen, het weer, de dieren alles wordt in bijna te poëtische taal beschreven wat de verhaallijn er niet beter op maakt. Ik heb een paar keer de neiging gehad het boek dicht te slaan.
In het boek gaat het vooral om de verzwegen verhalen. Het analyseren van die verhalen en eruit halen wat niet ter zake is. Het toch willen vertellen van die verhalen.
Het sprookjesachtige verandert in een steeds grimmiger verhaal, de personages krijgen daardoor wel meer een 'gezicht' maar blijven vreemd.
Toen ik het uit had dacht ik wat heb ik nu eigenlijk gelezen? Waarom op deze manier geschreven? Waarom zulke overvloedige taal gebruikt? Het had een goed verhaal kunnen zijn, schrijven kan Michael Frijda wel, maar de constructie is enorm verwarrend en vermoeiend. Jammer!


Hardcover | 245 Pagina's | Uitgeverij Podium B.V. | 2005 ISBN: 9057591073

© Dettie, 22 februari 2006

Lees de reacties, klik hier!