jeugd 15+

Antonia Michaelis

http://www.antonia-michaelis.de

 

De dader
Antonia Michaelis


‘Terrorisme, aanslagen, religieus geweld, religieus extremisme, islam, Islamitische Staat (IS), young adult, vertaling, Duits, actualiteit, vriendschap.’


Even een paar trefwoorden die dit boek meekrijgt. Als je Antonia Michaelis een beetje kent en deze woorden leest, dan weet je dat het een heftig verhaal gaat worden.


Het begint met drie kleuters in een Berlijnse wijk die in hetzelfde flatgebouw wonen. Ook al verliezen ze elkaar soms uit het oog, hun verbond is voor het leven. Een onevenwichtige vriendschap die door het meisje Margarete enigszins stabiel wordt gehouden. Van haar eigen leven komen we als lezer niet veel te weten, alleen haar relatie tot de jongens wordt uit de doeken gedaan, deels door haar zelf.


Alain woont in een stabiel gezin, zijn ouders zijn maatschappelijk betrokken en geven hun zoon de ruimte die hij nodig heeft. Cliff daarentegen is een probleemkind. Hij woont bij zijn vader, die een alcoholprobleem heeft. De moeder, van Turkse afkomst, wil een eigen leven opbouwen, ze wil zich losmaken van haar cultuur en volledig westers worden. Dat kan niet bij haar gezin vindt ze.
Cliff heeft veel te lijden van deze situatie. Een kind van vier wil zijn moeder en zij wil hem niet. Zijn vader doet zijn best, maar kan het niet aan, de jongen heeft geregeld woedeaanvallen. Alain en zijn ouders horen het geschreeuw en lawaai vaak.


‘Maar hij zag ook iets vreemds in het schuurtje. Het oude tapijt en enkele plastic zakken lagen in een hoek. Ook de onopgeblazen luchtbedden zag hij daar liggen, samen met een heleboel andere spullen, onder andere picknickdekens met gaten erin. Iemand had die dingen in die hoek opgestapeld. Vroeger hadden ze op het lange, brede rek en in dozen en kisten gelegen.
Plots zag Alain dat er in die hoek onder de gestapelde spullen nog iets lag. Of iemand, eigenlijk. Hij zag een hoofd. Een gezicht…Hij schrok en deinsde achteruit. Dat was griezelig.
Maar zijn nieuwsgierigheid kreeg de bovenhand en hij keek nog een keer. Nu herkende hij het gezicht. Het was dat van Cliff. Hij had zijn gezicht in het schuurtje gelegd en zijn ogen gesloten…’


De vriendschap begint als Alain op kerstavond naar het schuurtje gaat achter de flat en daar Cliff vindt: de jongen is nauwelijks aangekleed, zit al een hele poos opgesloten. Door je vader? vragen ze. Maar dat ontkent hij.  Alain weet, in ieder geval later, dat hij wel degelijk mishandeld werd door zijn vader.


De jongens delen een talent voor tekenen, al erkent Alain dat Cliff beter is. Terwijl Alain een gedegen scholing doorloopt gaat het met Cliff stukken minder. Hij is zwijgzaam, wat de anderen te weten komen, is meestal afgeluisterd van de volwassenen.
Cliff sluit zich aan bij een extreemrechtse groepering, maar vindt er toch geen rust. Dan vindt hij de islam, en verdwijnt een dik jaar naar het buitenland. Australië zegt hij, maar later ontdekt Alain dat hij bij de IS was.
Als hij terugkomt, gaat hij zijn vrienden uit de weg. Alain accepteert dat niet, en tot zijn schrik komt hij er achter waar Cliff mee bezig is. Of probeert hij juist te voorkomen dat anderen dat plan voor ‘de dag van het bloed’ uitvoeren?


Antonia Michaelis laat een mogelijkheid zien van hoe een jongere er toe komt zich aan te sluiten bij de IS. Misschien wat stereotiep, maar zo denken we wel: er moet een achterliggende reden zijn waarom een jongere afdwaalt. Een ‘normaal’ kind doet dit niet toch?


Even terug naar de trefwoorden. Er staat vriendschap. Het is iets meer, meer een latente homofiele relatie tussen de jongens, en een driehoeksverhouding met Margarete. Het speelt zeker een rol.
Het verhaal is uitgesponnen, veel details, maar juist daardoor krijg je een beter inzicht in de jongens. Zij zijn allebei vertellers, zo ook Margarete - zij heeft een kleiner aandeel - en het is best lastig om te weten wie er aan het woord is. Op een gegeven moment herken je de manier van ‘praten’ wel.


Het is een indrukwekkend verhaal. Prachtig geschreven, en actueel (laatst nog in de krant dat Frankrijk ruim 8000 personen in de gaten houdt!)


ISBN 9789044834079 | Hardcover | 446 pagina's | Uitgeverij Clavis | maart 2019
Vertaald uit het Duits door Roger Vanbrabant | Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 1 september 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Niemand houdt van November
Antonia Michaelis


‘Een deel van haar had gedacht dat ze er op haar verjaardag weer zouden zijn. Met een cadeautje. Ze waren nu een week weg. Ze wist niet wat er gebeurd was. Ze had geslapen.’

Zes jaar is Amber geworden, en ze is alleen, zonder te weten waar haar ouders zijn. Waarom komen ze niet naar huis, waarom komt niemand haar halen? Maar als ze niet komen, besluit ze, dan gaat zij ook weg. Ze neemt de kat mee.
Als ze gevonden wordt door vreemden en haar ouders melden zich niet, volgt een tocht langs pleeggezinnen en tehuizen. Ze noemt zichzelf November, ook al wil niemand geloven dat ze zo heet. Op haar identiteitsbewijs staat immers Amber. Amber Lark.


En dan is ze zeventien en ze loopt weg van haar laatste verblijfplaats. Niet dat ze weet wat ze nu moet doen, maar ze redt zich wel. Denkt ze. In ieder geval heeft ze de kat nog, en het lijkt wel of die met haar praat. Hij zal haar wel helpen, want ze wil haar ouders vinden. Er is een aanwijzing, iets waar ze mee kan beginnen: een luciferdoosje met de naam van een bar er op.


Ze vindt de bar, en de kroegbaas heeft medelijden met haar en neemt haar in dienst. De man noemt zich Katja. Hij lijkt net zo’n verloren ziel als zij is, maar ze weet niet of ze hem kan vertrouwen. Toch blijft ze, ze heeft geen keus. In de bar kruipt ze in de huid van Lucy. Maar Lucy is niet echt een fatsoenlijk meisje, en Katja vindt het maar niets dat ze zich zo gedraagt. Eigenlijk zou ze zelf ook liever November zijn, en vrienden worden met die jongen die ze af en toe ziet. Maar hij verdwijnt steeds.


En dan krijgt ze ook nog dreigbrieven.


‘NOVEMBER! IK WEET WAAR JE BENT. IK HOU JE IN DE GATEN.
JE MAAKT JE BELACHELIJK MET JE ZOEKTOCHT NAAR EEN WAARHEID DIE JE NOOIT ZULT BEGRIJPEN.’


Amber, November of Lucy, drie namen, drie andere meisjes. Ze wisselt heel makkelijk tussen deze personen, en terwijl ze haar ouders blijft zoeken, lopen niet alleen heden en verleden door elkaar, maar lijkt ze ook nog van alles te verzinnen.


Naarmate je vordert in het verhaal wordt alles evenwel steeds duidelijker, en tegelijk steeds spannender. Daarnaast is er ontroering, het is niet niks wat het meisje meemaakt.


Het verhaal kent verschillende verrassende wendingen, er zijn steeds nieuwe stukjes, die tenslotte als een mooie puzzel in elkaar passen. Dan doe je het boek met een diepe zucht dicht… Doordat het dus geen chronologisch verhaal is en je niet altijd weet wat waar is en wat niet, is het zelfs voor geoefende lezers een uitdaging. Maar wel een die je absoluut aan moet gaan, het is zeker de moeite waard.


Het is behalve een zoektocht naar haar ouders, naar haar verleden ook een coming of age-verhaal. Na een enigszins moeizaam begin wil je alleen nog maar weten wat er met Amber gebeurd is, wie die jongen is, en wie Katja is. Dat blijft ook voor November lang onduidelijk en omdat zij het hoofdpersonage is wordt de lezer meegezogen in die onzekerheid. Als lezer twijfel je ook, zoals deze vrouw op een bepaald moment reageert:


‘De vrouw knikte langzaam. Toen legde ze een hand op Ambers schouder. ‘Arm meisje,’ zei ze. ‘Veel geluk’
Ze floot naar haar honden.
Amber wilde boos worden, want blijkbaar dacht de vrouw dat ze niet normaal was. Die vrouw wist helemaal niets. Amber wilde haar dat zeggen, ze wilde tegen de bank schoppen. Maar ze streelde alleen maar de kat op haar schouders.’


Antonia Michaelis is geboren in Duitsland, maar heeft in India gewoond waar ze lesgaf. In 2017 verscheen in Nederland haar Young Adult roman De sprookjesverteller.

ISBN 9789044836967 | Hardcover | 468 pagina's | Uitgeverij Clavis | maart 2020
Vertaald uit het Duits door Roger Vanbrabant | Leeftijd vanaf 15 jaar

© Marjo, 14 mei 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altDe sprookjesverteller
Antonia Michaelis


‘Ik weet helemaal niets!’ riep ze de zee toe. ‘Helemaal niets!’
Waarover dan, vroeg de zee.
‘Over de dingen buiten de zeepbel!’ riep Anna. ‘Ik wil…ik wil…‘ Ze hief hulpeloos haar handen op, wollen handschoenenhanden met een patroontje, hulpeloos, en liet ze weer vallen.’


Anna leeft in een zeepbel. Ze weet niets van de echte wereld, beseft ze. Gitta wel, maar is zij wel de vriendin die ze dacht te hebben? Gitta beweert van alles te weten over die vreemde jongen die pas bij hen in de klas gekomen is. ‘De Poolse straatventer’, noemen ze hem. Anna vindt hem intrigerend, en als ze bij toeval met hem in contact komt, ontwikkelt zich langzaam een soort van vriendschap. Anna is verliefd. Is Abel, want zo heet hij, ook verliefd op haar?


Iedereen waarschuwt haar voor hem: hij is asociaal, een spijbelaar en een drugsdealer. Maar waarom is de leraar Duits dan zo van hem gecharmeerd dat hij hem helpt met school?  En is iemand die niet deugt wel in staat om zo liefdevol voor een veel jonger zusje te zorgen?
Hun moeder is verdwenen, en Abel heeft er alles voor over om te voorkomen dat de zesjarige Micha in handen van jeugdzorg valt.


Als Anna hen beter leert kennen luistert ze naar het sprookje dat Abel aan zijn zusje vertelt. En Anna ontdekt dat hij eigenlijk vertelt over hun leven, en over de mensen met wie zij te maken hebben. Ook die geheimzinnige personen die hen lijken te volgen, spelen een rol. Is het er misschien maar een? Er vallen doden… is een van de deelnemers aan het sprookje ook de dader? Is het Abel zelf?


Binnen het kader van een romantische jeugdthriller vertelt de Poolse straatventer zijn sprookje, een hartverwarmend verhaal dat enigszins parallel loopt met de werkelijkheid, en daardoor ook spannend wordt. Zal het een sprookje worden met een happy end? Een ‘en ze leefden nog lang en gelukkig’? Het ziet er niet naar uit…


Niet alleen het verhaal dat Abel zijn zusje vertelt vergroot de spanning, er is ook de wisseling van perspectieven: er zijn onbekenden die aan het woord komen. Er is ook het ontwikkelingsaspect: Anna ontdekt dat niet zij, maar de anderen in die zeepbel leven. Anna is op deze manier een herkenbare tiener. Er is school, maar vooral de liefde en die buitenwereld die zo anders is als die ze kent vanuit haar eigen wereld.


Antonia Michaelis
heeft al verscheidene kinder- en jeugdboeken op haar naam staan waarmee ze diverse prijzen won. Ze verwerkt hedendaagse problematiek in haar boeken: het anders zijn, drugsgebruik en traumatische ervaringen.
Erg mooi boek!


ISBN 9789047704355 | paperback | 366 pagina's | Lemniscaat | februari 2017
Vertaald uit het Duits door Merel Vink | Leeftijd vanaf 15 jaar.

© Marjo, 17 mei 2017

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER