Boekenarchief M

Eva Meijer

http://www.evameijer.nl

 

Het vogelhuis
Eva Meijer


Kan het dat je heimwee krijgt naar een plek waar je nooit geweest bent? Dat gevoel overviel me na het lezen van dit boek. Eva Meijer weet in haar roman een sfeer op te roepen die je totaal meetrekt in het verhaal en vooral in het leven van Gwendolen Howard. (1894 - 1973). De schrijfster laat Len zelf haar verhaal vertellen.


Deze vrouw groeit op in een niet onbemiddeld milieu maar is slecht bestand tegen de druk van het vaste stramien waarin geleefd wordt. Ze wil haar eigen leven leiden en kan en wil niet voldoen aan de verwachtingen die horen bij het leven van een vrouw uit haar tijd. Ze is een begenadigd violiste en dankt de hemel dat ze in een orkest in Londen kan gaan spelen. Eindelijk vrij, weg van het verstikkende milieu met soirees en verplicht luisteren naar gedichten en het opdraven met haar viool om deze bijeenkomsten op te luisteren.


Het enige wat ze in de grote stad mist, zijn de vogels. "Op mijn eerste vrije dag ga ik naar Hyde Park. het is ver, anderhalf uur lopen. Maar ik mis de vogels." [...] Van mijn eerste salaris kocht ik vogelzaad." De liefde voor deze dieren kreeg ze van haar vader mee. Hij ving de kleine hulpeloze diertjes die uit hun nest waren gevallen op, en verzorgde ze tot ze oud en sterk genoeg waren om weer losgelaten te worden.
Len is niet echt een mensenmens. Contact maken is sowieso niet haar sterkste kant, de mensen van het orkest vindt ze aardig maar meer hoeft van haar niet. In feite geniet ze meer van de dieren zoals de vogels in het park.


En dan komt de dag dat ze genoeg heeft van het leven in de stad - misschien is dat onbehagen mede veroorzaakt door een relatie waarbij ze er weer aan herinnerd werd wat voor leven ze absoluut niet wilde -. Zo kan het gebeuren dat ze een hut, het latere vogelhuis, betrekt op het Engelse platteland, in het dorpje Ditchling. Het is daar dat ze de start maakt met haar verdere, zeer bijzondere, leven.

Tegen de heersende manier van werken in, bestudeert Len daar de vogels in hun natuurlijke habitat. Zij heeft het voor die tijd vooruitstrevende idee dat je geen goed beeld van het gedrag van vogels krijgt als zij in gevangenschap worden waargenomen. Ze zet de ramen open en wint het vertrouwen van de vogels in haar omgeving. Vooral de pimpel- en koolmezen weten de weg naar en in haar huis te vinden. Ze ontdekt dat de vogels een eigen 'persoonlijkheid' hebben en sommige zelfs zeer intelligent zijn. Het is fantastisch om te lezen wat deze vrouw allemaal opmerkt en ervaart dankzij deze meesjes.

Natuurlijk stuit haar onderzoek op weerstand, bovendien is ze een vrouw, dat helpt ook niet echt mee. Ze wordt tevens 'beschuldigd' van antropomorfisme (toeschrijven van menselijke gevoelens en beweegredenen aan niet menselijke wezens of dingen) maar haar twee boeken over haar observaties en haar wetenschappelijke publicaties dwingen toch respect af. Haar grote voordeel is ook dat ze dankzij haar kennis van muziek de verschillende geluidstonen die de vogels maken, kan registeren en daar patronen en signalen in leert herkennen.

De schrijfster Eva Meijer vertelt in de uitzending van 31 oktober bij VPRO boeken dat ze bewust gekozen heeft voor een roman in plaats van een biografie mede omdat er weinig over het privéleven van Len Howard bekend is. Bovendien vond de schrijfster (o.a. filosofe) het interessant om te kijken wat Howard dreef om haar leven radicaal om te gooien en zich te richten op de 'levensverhalen' van koolmezen.  Eén vogel, Ster, krijgt overigens een eigen 'stem' in dit boek. Over dit koolmeesje wordt in aparte hoofdstukken de zeer beeldende observaties van Len weergegeven.

Maar niet alleen het verhaal is erg aangenaam om te lezen, het is ook in prachtige stijl en beeldende taal is geschreven, iets wat je helaas niet vaak meer aantreft in de moderne Nederlandse romans.

"Het water maakt mijn benen onder de knie scheef en smal, mijn handen als ik ze erin steek buigzamer dan ooit."


"Op de terugweg zie ik onze voetstappen in de aarde liggen, voor tenminste een nacht bewaard. "


(Nadat Len erg gekwetst is) "Tussen mijn borsten ontstaat een barst, die door mijn lichaam naar beneden trekt: eerst lijn, dan opening, dan gat. [...]
Ik zwem een rondje om de boot en stel me voor dat het gat in mijn borst vol water loopt. Als ik de rest daarna de rivier uit volg ben ik vloeibaar."


Kortom, een indrukwekkend verhaal. Ik had graag nog veel langer in het vogelhuis willen blijven.

ISBN 9789059366695 | Paperback | 282 pagina's | Uitgeverij Cossee | 22 september 2016

Dettie, 19 november 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altHet schuwste dier
Eva Meijer

‘Ik zou willen schreeuwen maar ik weet dat schreeuwen niet helpt, en dat ik zou willen dat ik dat niet wist, want dan kon ik het misschien, en misschien zou het helpen.’


De hoofdpersoon, ik-verteller, studeert in Engeland, en wordt teruggeroepen naar Nederland, omdat haar tante is overleden. Zelfmoord. Hoe om te gaan met dit bericht, met de gebeurtenissen die op een sterfgeval volgen, daar gaat dit boek over. Het is een week uit haar leven. Ze ondergaat de reacties van de anderen, lijkt zelf nauwelijks te reageren. Ze is meer bezig met de onverwachte ontmoeting met haar lerares Nederlands, die haar uitnodigt om te komen praten.
Dat is niet het enige wat ze doen, en het overrompelt het toch al wat labiele zeventienjarige meisje.
Eva Meijer heeft een onderkoelde manier van schrijven, het lijkt heel simpel, korte zinnetjes, veel details, alles heel gewoontjes, maar schijn bedriegt. In die paar woorden vertelt ze heel veel, juist in die simpele zinnetjes ligt kracht. Ze tekent de sfeer met woorden. Over haar vader bijvoorbeeld zegt ze:


‘Mijn vader was sterrenkundige. Hij had in zijn leven zeventien nieuwe sterren ontdekt. ’s Avonds en in het weekend zat hij meestal op zolder, waar hij een grote telescoop gebouwd had. Hij zei niet veel maar hij was wel aardig.’


En:


‘...hij was te lang om te troosten, ik zou er niet bij gekund hebben.’


Maar soms is het te veel:


‘Mijn tante zou nooit meer fietsen. Ik dacht ze dat niet erg gevonden zou hebben, ze hield niet van fietsen. Ik had haar tenminste nooit zien fietsen, ik wist eigenlijk niet of ze niet echt van fietsen hield. Ik probeerde te bedenken of ik haar ooit had zien fietsen, maar het was alsof er een steen voor de gedachte aan haar lag...’


Huisdieren spelen een grote rol in het verhaal, overal zijn  katten en honden, zij zijn voor de vertelster de troost die ze bij de volwassenen niet vindt. Ook al wordt er veel omhelst, pakken mensen elkaar vast, het blijft afstandelijk.
Het kan expres zijn, om aan te geven dat de hoofdpersoon nog erg jong is, maar ik heb niet dat gevoel. Aan de andere kant weet je zoiets als lezer nooit, je hebt immers niet het genoegen om de schrijver goed te kennen.Ik heb ook niet het idee dat ik de hoofdpersoon heb leren kennen, ze blijft te veel op afstand. Het boek leest vlot, en is qua sfeer prachtig, maar de tragiek van de situatie komt niet over.


ISBN 9789044616903| paperback |218 pagina's | Uitgeverij Prometheus | februari 2011

© Marjo, 29 augustus 2011

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER