jeugd 6-9 jaar

Mo O’Hara

https://moohara.co.uk

 

Mijn dikke vette zombiegoudvis 2
Mo O’Hara


Wie het eerste boek over de zombiegoudvis gelezen heeft, weet best dat Frankie - dat is zijn naam -  helemaal niet zo gemeen is. En gevaarlijk, dat is hij alleen voor wie hem of zijn vrienden kwaad wil doen. Een daarvan is de oudere broer van Tom, onze verteller. Sinds hij op de middelbare school zit is Mark echt gemeen ten opzichte van Tom en zijn vriend Pradeep. Ze noemen hem de kwaadaardige professor, omdat hij graag experimenteert met zijn scheikundedoos.
Het komt ook eigenlijk door Mark dat een onschuldig goudvisje ineens een akelig uitziend zombievisje werd. Ineens kan Frankie springen, plotseling uitgroeien tot een enorme vis, en hij kan hypnotiseren!


In dit tweede boek gaat Tom op vakantie met zijn vader. Ook Pradeep en zijn vader gaan mee, en natuurlijk Mark en het kleine zusje van Pradeep.
Dat zusje, Sami, is dol op ‘wriemelvisje’ zoals ze Frankie noemt. En dat is wederkerig.


‘En, hoe is het met jou, kleine prinses?’  vroeg Pradeeps vader aan Sami.
‘Papa, wriemelvisje kwam terug en we klommen omhoog en aal deed bzzzt, en toen deden visje en aal zap-zap, en toen lichtje overal, en Fritsie deed plons en jullie waren thuis.’


Ha ha, stel je het gezicht van die vader voor!
Dit kleine meisje steelt de show, al kunnen we Frankie niet negeren natuurlijk.
Het gezelschap huist in een vuurtoren, beheerd door een onaardige vuurtorenwachter, die hen uitlegt waarom het zo rustig is aan de kust: er is een kwaadaardige aal gesignaleerd, een hele grote gemene aal!


'Mark trok zijn koptelefoontje uit zijn oren. ‘Hebben ze hier een kwaadaardige aal? Cool.’
‘Hij is niet cool, jongeman’,  gromde de vuurtorenwachter. ‘Hij is duivels, gruwelijk, en een gevaar voor mens en schip.’


Je ziet als het ware hoe Mark meteen gemene plannetjes begint te bedenken! En ja hoor: ondanks de waarschuwingen niet de zee op te gaan, trekt hij er op uit om de aal te gaan vangen. En als hij merkt dat Tom en Pradeep hem dreigen te verraden, dreigt hij: hij zal dat visje wel aan die aal voeren!


Wat een vakantie! Sami ligt die morgen helemaal niet in haar bed, zoals haar vader denkt; Frankie gaat die grote gevaarlijke zee in; Mark komt niet terug van zijn vistocht…
Hoe gaat dit allemaal goed komen?
Een vondst is de vuurtorenwachter, die dezelfde manier van communiceren blijkt te hebben als Tom en Pradeep.


Als de vakantie achter de rug is volgt een tweede verhaal. De jongens zijn weer op school en willen meedoen aan het jaarlijkse toneelstuk. Dit verhaal draait meer om de vriendschap tussen Tom en Pradeep. Eigenlijk zijn de jongens helemaal geen concurrenten, ze willen wel alle twee mee doen met het toneelstuk, maar wat er dan gebeurt, dat hadden ze niet voorzien.
Zijn ze nu geen vrienden meer? Dat kan toch niet?
Het is nu een goed ding dat Mark zich met het toneelstuk komt bemoeien, want als Frankie - die natuurlijk mee moest, hij is niet veilig thuis - zijn stem hoort, is hij op zijn hoede. Zal hij Marks gemene plan weten te verijdelen?


Actie en humor, heel veel humor!
Hoe dat toch serieuze toneelstuk over Robin Hood zich tot een heuse slapstick ontwikkelt, dat is werkelijk hilarisch. Bij alle twee de verhalen staan weer leuke tekeningetjes, en ook hier is Frankie in de rechterhoek onder aan de pagina kunstjes aan het vertonen!
Tom is eigenlijk best een serieuze jongen, maar hij raakt steeds verzeild in de meest vreemde situaties waar hij zich dan maar weer uit moet zien te redden. Zonder Frankie – en Sami! – zou dat vast niet lukken!


Mo O’Hara is een Amerikaanse schrijfster van kinderboeken. Zij woont in Londen, waar ze behalve schrijfster ook actrice is.


ISBN 9789048860449 | Hardcover | 176 pagina's | Uitgeverij Moon | september 2021
Vertaald uit het Engels door Anne Douque | Illustrator Marek Jagucki | Leeftijd 7+

© Marjo, 26 november 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Mijn dikke vette zombiegoudvis
Mo O’Hara


'Een nogal schokkend verhaal'. Zo staat te lezen op de eerste pagina. Dan begint het echte verhaal:


‘Gisteren is mijn oudere broer Mark veranderd in een levensechte kwaadaardige professor.’


Dan weet je al heel wat over wat je gaat lezen. Zeker als je die vis gezien hebt die op de omslag staat afgebeeld! Wat een akelig uitziende vis!
Maar tegelijk maakt het je nieuwsgierig: wat is dat voor raar beest?
Een zombiegoudvis? Wat is dat?


De personages zijn dus twee broers: Tom, groep 8, en Mark, eerste klas middelbare school.
Het is niet echt dikke mik tussen de broers, Tom werd altijd al gepest en afgesnauwd, maar de laatste tijd is het nog erger geworden.


'Ik vertelde aan mam dat Mark kwaadaardig was geworden, maar volgens mam kwam het doordat  Mark stoormonaal is. Ik denk dat hij daarom thuis ieders rust loopt te verstoren. Ze zei dat hij niet expres kwaadaardig is (oké, ze zei niet letterlijk kwaadaardig, hoewel ze dat wel had moeten doen), maar dat het komt doordat er allemaal stoormonen door zijn lichaam gieren.’


Omdat zijn ouders dus niet inzien hoeveel last Tom heeft van Marks hormonen, moet hij het zelf oplossen Gelukkig heeft hij steun van een vriend die in eenzelfde situatie zit. Pradeep heeft ook zo'n broer, die wel op een kostschool zit, maar om te pesten graag even thuiskomt.


Maar nu heeft Mark een laboratoriumset gekregen voor zijn verjaardag van hun opa en oma! Voor de gemene Mark een schot in de roos: nu kan hij echt akelige dingen gaan doen. Maar de gulle gevers hebben er geen moment bij stilgestaan – hoe konden ze dat ook weten! – wat dit voor Tom zou betekenen.

Toch begint het niet echt bij Tom. Als Mark thuiskomt met een schoolopdracht: onderzoek naar de effecten van vervuiling op zeedieren, gaat hij eerst experimenteren met een vis. Een onschuldig visje! Dat kan Tom niet aanzien, en hij probeert in te grijpen. Dat gaat niet zoals het plan was, en dan is daar Frankie... Een bijzondere vis: hij weet wat Mark van plan was (en nog steeds is). Frankie heeft krachten! Hij kan springen, groeien, en hypnotiseren. Het eerste slachtoffer is het zusje van Pradeep:

‘Sami hield de zak nog steeds vast, maar ze was een stuk stiller geworden. Het enige wat ze achter elkaar bleef fluisteren was ‘wriemelvisje’. Frankie staarde haar aan met zijn grote, bolle groene ogen en Sami staarde alleen maar voor zich uit. Wat was dit voor goudvis? Hij overleefde giftige troep, kon uit ramen springen en nu kreeg hij het lawaaiigste kind op aarde stil. Ik keek naar Frankie en het was alsof er een lampje aanging ergens in mijn achterhoofd. Frankies oplichtende, groene ogen.


‘Frankie is een zombiegoudvis! Gelukkig heeft hij het niet gemunt op Sami, of op Tom en Pradeep, maar hij is vastbesloten wraak te nemen op Mark en doet daar veel voor.

Foei, wat een verhaal! Hoe je dit bij elkaar verzint! Maar het is een heel grappig verhaal. Natuurlijk haalt Frankie streken uit, maar Mark verdient het!
Er is een leuke rol weggelegd voor de kantinejuffrouwen, want ja, het verhaal speelt grotendeels op school. De dikke, vette zombievis steelt je hart! En laten er nu al meer boeken over Frankie zijn! Ze moeten alleen nog vertaald worden.
En kijk ik nog eens zie ik iets leuks: onderaan de pagina's staat steeds een afbeelding van een vis in een kom. Dat dacht ik dus. Maar het blijken verschillende tekeningetjes te zijn. Als je fladdert met de pagina's zie je het visje er in en er uit springen!


Mo O’Hara is een Amerikaanse schrijfster van kinderboeken. Zij woont in Londen, waar ze behalve schrijfster ook actrice is.


ISBN 9789048860418 | Hardcover | 160 pagina's | Uitgeverij Moon | februari 2021
Illustraties van Marek Jagucki | Vertaald uit het Engels door Anne Douqué | Leeftijd vanaf 7 jaar

© Marjo, 18 maart 2021

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER