jeugd 10-12 jaar

Martine Glaser

http://www.martineglaser.nl

Martine Glaser - Jeugd 6-9 jaar
Martine Glaser - Jeugd 15+

 

Hoe Bert rapper werd
Martine Glaser


Bert weet best dat zijn leeftijdsgenoten hem zien als een loser, en ach, misschien is hij dat ook wel. Want hij droomt er van beroemd – en rijk – te worden door hele goede vlogs te maken, maar: hij heeft geen camera!
En hoe hij zo’n vlog voor zich ziet, nou, fantasie genoeg: hippe filmpjes waarin hij leunt tegen een zwarte Porsche en:


‘Ik draag uiteraard vette kleren, Yeezy’s van 1200 euro en de duurste en chillste broeken, die ik allemaal Van mijn sponsors krijg. Ik kijk je aan met mijn doordringende staalblauwe ogen en om mijn mond zweeft een spoor van ironie doordat ik mijn rechtermondhoek een beetje optrek (Zoiets dus als de Mona Lisa, maar dan geen vrouw.)’


Maar ja, zonder beginnerskapitaal geen echte vlogs om online te zetten, dus voorlopig maakt hij gvlogs. Dat staat voor geschreven vlogs. En intussen spaart hij voor een camera. Net als we iedere dag een gvlog krijgen lezen we ook iedere dag hoe de stand van zaken is in de spaarpot. Die is bedroevend…


En dan slaat de bliksem in. Of beter gezegd: Amor schiet een pijl recht in Bert zijn hart. Tot over zijn oren verliefd. Een probleem is evenwel dat zij de nieuwe lerares Nederlands is. Nu ziet Bert die liever Bret genoemd wordt wel voor zich hoe dat probleem uit de weg geruimd kan worden. Zijn Eloise zal ook voor hem vallen, hij weet het zeker. Het toeval helpt hem. Want als ze hem betrapt met zijn telefoon, zegt hij gauw dat hij poëzie las – maar zegt er niet bij dat het rijmelarij is van tante Bep (eigenlijk een buurvrouw, maar iedereen noemt haar tante Bep) - en hij dan naar de buurvrouw gaat voor de teksten, brengt die hem in contact met Mo.
En Brets leven neemt een onverwachte  wending. Meerdere zelfs!
Lees de titel nog maar eens…


'Zijn' Eloise en de jongen Mo vormen het grootste deel van het verhaal, maar er is ook nog het thuisfront. Zijn vader is chagrijnig, en wat er met hem aan de hand is vertellen zijn ouders niet. 
Een verhaal over een loser, met stripachtige tekeningetjes. Toch heeft het geen gelijkenis met die beruchte serie. Hier overheerst de tekst, het is een echt leesboek. Met veel humor.


‘Wie is jouw lievelingsdichter?’ vraagt de juf.
‘Bep Lansing’, zeg ik dus.
Ze fronst haar schattige wenkbrauwen. ‘Bep Lansing? Ik geloof niet dat ik haar ken. Leeft ze nog?’
‘Volgens mij wel,’ zeg ik. ‘Gisteren in elk geval nog wel.’


Dit soort humor, en dan de zelfkennis van Bret, heerlijk. Hij is een echte tiener, die enerzijds gelooft in zijn eigen fantasieën, maar tegelijk ook erg twijfelt. Hij merkt wel op wat er om hem heen gebeurt, maar zolang het zijn eigen wereldje niet echt raakt, ach. Zijn ouders, die horen erbij, en eigenlijk gold dat ook voor Bep, maar nu leert hij zijn buurvrouw pas echt kennen. En zij valt honderd, misschien wel tweehonderd procent mee!
Ze zitten ook wel een beetje op dezelfde lijn:


‘Mijn docente Nederlands vond de gedichten mooi en iets met anti consumptie en mij vindt ze postmodern. Ik weet niet wat het is, maar het klonk als iets goeds.’
’Anti consumptie, ik? Dat mens is gek. Als er iemand een lekkerbek is, dan ben ik het wel.’


Een humoristisch verhaal met moderne thematiek, en een sympathieke hoofdfiguur. Heerlijk!


Martine Glaser heeft vele talenten, waarvan schrijven het belangrijkste is sinds 2007, toen ze stopte met werken omdat ze alleen nog maar wilde schrijven.


ISBN  9789044843613 | hardcover | 168 pagina's | Uitgeverij Clavis| februari 2022
Tekeningen van Wilma van den Bosch | Leeftijd 12+

© Marjo, 26 maart 2022

Lees de reacties op het forum, klik HIER

 

De berentafel
Martine Glaser


Op een avond aan tafel heeft ze een paar van die vragen hardop uitgesproken. Waarom heb ik geen vrienden of vriendinnen? Waarom is alles wat ik heb nieuw, ligt er nergens speelgoed van vroeger of kleren die me niet meer passen? [...]


'Je mag nooit meer van die rare dingen vragen, nooit meer, hoor je?'
Het was de eerste keer dat Mevrouw Maman boos tegen haar deed en het voelde naar en eng.


Deze vragen worden gesteld door een meisje dat op een dag wakker werd in een ziekenhuis met een verband om haar hoofd. Als ze aangeeft naar huis te willen, nemen een vrouw en een man haar mee, ze praten een vreemde taal tegen haar, die ze niet verstaat. Volgens de vrouw heet ze Marie en zij en de man zijn haar vader en moeder. Marie herinnert zich niets meer, alleen een flits en verder niets meer.


Marie vindt het vreemd dat ze niets herkent, dat er geen kleren of speelgoed van haar in huis zijn. Als ze paarse bloemen ziet, herkent ze die ineens, het zijn seringen...  Toch vindt ze het vreemd dat ze verder echt helemaal niets herkend. Voor haar gevoel klopt er iets niet.


De vrouw is heel zorgzaam, Marie moet nog maar niet buiten spelen, dat is nog niet goed. De man is groot en kalm. 


Hij wil dat ze hem meneer Norbert noemt. Hij knuffelt haar nooit en vaak zit hij zo lang stil naar haar te kijken dat ze er bang van wordt. En soms schudt hij na dat lange kijken zijn hoofd, alsof hij ergens spijt van heeft.


Maar meneer Norbert is wel heel aardig, ze mag altijd in zijn werkplaats komen waar hij meubels maakt. Meneer Norbert weet dat Marie voelt dat er niets klopt, ook al spreken ze dat niet tegen elkaar uit. 'In zijn ogen leest ze dat hij elke dag weer, de hele dag door  'doen alsof' speelt. Doen alsof ze familie zijn. Doen alsof ze bij elkaar horen'


En dan komt er ineens een woord in Marie op... Kerstboom en ze 'voelt dat het iets van vroeger is, dat er dingen bij horen. Geuren. Kleuren. Mensen.'
Samen met meneer Norbert, maakt zij een Kerstboom, van hout, met alles erop en eraan. En ook twee knuffelberen en een geur in een sjaal geven haar een warm en bekend gevoel. Stuk je bij beetje komen er steeds meer herinneringen bij Marie naar boven...


Heel langzaam ontvouwt zich het ontroerende, emotionele verhaal, waarin we zien hoe verdriet iemand kan transformeren. Hoe goedbedoelde zaken en een enorm liefdevolle benadering niet altijd het juiste is, hoe graag je ook zou willen dat het wél zo zo zijn. Zowel Marie, Maman als meneer Norbert zijn onvergetelijke personages die je alle liefde van de wereld toewenst.
Prachtig verhaal dat je lang zal bijblijven.


ISBN 9789044838251 | Hardcover | 85 pagina's | Uitgeverij Clavis | januari 2020
Leeftijd 11+

© Dettie, 18 februari 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

De Bokkenbrigade
Martine Glaser


Mickey (=Michelle, maar zo noemt alleen tante Jo haar) hoort van haar moeder wel eens wat over de huurders van de woningcorporatie, want daar werkt zij. Samen verbazen ze zich dan wel eens over sommige mensen, die ruzie lijken te zoéken. Maar nu is het wel heel erg: want is het om de buren te pesten dat mensen een geit in de tuin hebben gezet? Later zou je dat wel gaan denken, want als Mickey met haar vrienden een reddingsoperatie op zet, kraait er geen haan naar de geit die verdwenen is.
Wat Mickey gedaan heeft? Omdat de buren dreigden het dier te doden met een groot slagersmes, heeft ze met Mark, Kaspar en Natasja het dier ontvoerd uit de tuin en hem ondergebracht - tijdelijk, want het is bouwvakvakantie – op een bouwplaats.
Intussen doen ze hun best een betere plek te vinden. Marks oma wil wel helpen. Zij woont in een bejaardentehuis en daar is het maar saai. Een geit – en nog andere dieren - dat willen de oudjes wel. Maar helaas: de directeur wil het niet. Of zou hij zwichten voor alle acties die de bewoners van Avondrood organiseren?
Het wordt steeds dringender, want op de bouwplaats zwerven een stel ongure mannen rond. Wat moeten die daar? Ze mogen Jojo, zo is de geit gedoopt, niet vinden!
De verwikkelingen rond deze feiten worden met vaart en veel humor verteld. Het zijn eigenlijk wel grote-mensenproblemen waar de kinderen mee om gaan: een directeur die te maken heeft met een streng bestuur dat er een eigen agenda op na houdt en problemen van huurders, die niet kunnen betalen, maar als kinderen zulke kwesties aanpakken, gebeurt dat op een verrassende en speelse manier. Dat geeft leuke situaties, soms wat vergezocht misschien, maar dat is geen probleem.


´De meneer keek Kaspar lang en ernstig aan. Toen wendde hij zijn blik naar mij, en daarna weer naar Kaspar. ´Zo´n maffe directeur hè. Weet je wie hier de regels echt vaststellen? De raad van bestuur, beste jongen. Allemaal heel geleerde mensen. Heel belangrijk ook. Ze hebben allemaal minstens één lintje, zo belangrijk zijn ze. En volgens hen is het hier geweldig, punt uit.
'Wonen hun ouders hier?' wilde ik weten.
De meneer staarde me verbaasd aan. ´Wat is dat nou voor een vraag?'
'Dat vraagt mijn moeder altijd aan die mensen die huizen voor Goed Wonen bedenken. Arsjie...´
'Architecten', begreep de meneer.
'Architecten. Zou je hier zelf willen wonen? vraagt ze dan. En als ze nee zeggen, stuurt ze ze terug. Dan moeten ze weer opnieuw beginnen.'
De meneer keek om zich heen alsof hij de gang voor het eerst in zijn leven zag. Van de glimmende vloer naar het raam. Van de plantenbak naar het plafond. Van het bordje Afd A1 naar het piepkleine tulpenschilderijtje op de lange witte muur. ´Ik zou hier wel willen wonen,´zei hij tenslotte treurig. 'Tenminste... Hoewel...'


Martine Glaser heeft er nog een flinke dosis romantiek bij gedaan, zeker niet overheersend, waardoor het zowel voor jongens als voor meisjes een geschikt boek is. Het heeft alles waarmee je een paar uurtjes gezellig kan doorbrengen. Het is immers reuze spannend om er achter te komen of de kinderen voor elkaar krijgen wat ze nastreven!
Er is een ik-verteller, waardoor je direct op de gebeurtenissen zit vanuit Mickey’s kijk op de wereld.
Voor de gevorderde lezer, vanwege de thematiek en omdat er geen illustraties zijn.


ISBN 9789048816194 | Hardcover | 160 pagina's | Uitgeverij Moon | november 2011
Leeftijd vanaf 10 jaar.

© Marjo, 24 maart 2013

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Lees meer...

Pagina 1 van 2

<< Start < Vorige 1 2 Volgende > Einde >>