jeugd 10-12 jaar

Isabelle Quinn

Spookhuis te koop
Isabelle Quinn


Arthur is een eenzame jongen. Hij woont bij zijn strenge tante, omdat zijn ouders verongelukt zijn. Broers of zussen zijn er niet en hij gaat niet naar school, dus hij heeft ook geen vrienden kunnen maken.
Tot voor kort was dat geen probleem, toen was er juffrouw Parker, die erg lief was. Zij leerde hem alles wat hij weten moest, en hij kon altijd bij haar terecht. Maar zijn tante heeft haar weggestuurd na een valse beschuldiging. Tenminste, Arthur weet zeker dat juffrouw Parker die dure ketting niet gestolen heeft. Hij weet ook niet waar de juffrouw is gebleven. Hij mag geen contact hebben. Dus de brieven die hij schrijft - wij lezen mee - bergt hij maar op in een la. Alleen in gedachten blijft ze bij hem.


Naast hun huis staat een villa, met een grote tuin en een hoog hek er omheen. Er woont niemand. Het huis staat leeg toch?
Maar op een dag ziet Arthur een jongen op het terras van de villa staan. Hij gaat naar de zolder, een door tante verboden plek, maar van daaruit kan hij goed in de tuin van de buren kijken. En opnieuw ziet hij de jongen! Maar wat raar! Hij kan dwars door die jongen heen kijken naar wat er achter hem is! Een spook! En er is nog een spook, een meisje!
Natuurlijk wil Arthur daar meer van weten. En zo ontdekt hij dat de twee kinderen inderdaad spoken zijn. Niet kwaadaardig, niet zoals spoken die hij kent uit de boeken, het lijken gewoon kinderen die lol hebben samen. Hoe kan hij contact maken?


Dat lukt hem tenslotte, en dan ontwikkelt zich een bijzondere vriendschap. Maar de villa komt te koop te staan. Wat moet er met de twee spoken gebeuren als er mensen in wonen?
Ze moeten voorkomen dat het huis afgepakt wordt. Want als iemand het koopt en gaat opknappen, is er voor Hugo en Mathilde geen plekje meer.
Maar hoe moeten drie kinderen, waarvan twee een spook dus niet tastbaar, dat voor elkaar krijgen?


Bijzonder en tegelijk zo gewoon verhaal! Je had misschien verwacht dat het een spookverhaal zou worden, maar dat is het dus niet. Er gebeuren wel dingen die in de ogen van sommige mensen eng zijn, maar voor de drie kinderen is het alsof ze gewone kinderen zijn.
Verrassend is het absoluut, en er zit magie en humor in, zodat het lekker wegleest.


Isabelle Quinn (1967, Creil, Frankrijk) woont in Nederland sinds 1993. Ze debuteerde met Operatie Boze Barbie, waarna diverse boeken volgden, met steeds een verhaal dat net buiten de werkelijkheid valt, en toch geloofwaardig is.


ISBN 9789044846676| Hardcover | 172 pagina's | Uitgeverij Clavis | juli 2022
Illustraties van Senne Trip |Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 21 augustus 2022

Lees de reacties op het forum, klik HIER

 

http://isabellequinn.nl

Lees ook de Leestafelrecensie van boeken van Isabelle Quinn voor jeugd 15+

 

Paniek in Sprookjesland
Isabelle Quinn


De elfjarige Twan staat vreemd te kijken als een wildvreemde man hem aanspreekt met zijn naam en hem een boek in de handen duwt. En vervolgens verdwijnt.
Wat moet Twan met dat boek, dat een sprookjesboek blijkt te zijn? Dat wordt duidelijk als hij diezelfde avond zijn jongere zusje voorleest. Ze heeft gekozen voor het sprookje van Hans en Grietje.


‘Eerst dacht ik dat er iets vreemds was met mijn ogen. De letters kronkelden. De woorden vielen uit elkaar. Ik knipperde en wreef in mijn ogen. Maar dat hielp niet.
‘Twan!’ piepte Nora naast me en ik wist dat zij het ook zag.
Het was ineens raar stil. De tv beneden, mams stem aan de telefoon, de auto’s buiten, de ventilatie in de badkamer…Alle geluiden waren weg.’


Als alles weer goed lijkt te zijn bevinden ze zich in een donkere hut. Jawel: het huisje van de houthakker! Niet veel later zien ze een wolf, die probeert hen gerust te stellen. Twan beseft dat dit de wolf van Roodkapje is en ze rennen weg zo hard als ze kunnen.
Twan weet al niet wat er gebeurt, dus moet het voor de vijfjarige Nora nog veel angstaanjagender zijn. Hij neuriet een liedje om haar te kalmeren, het Nijntjeliedje.
Dat helpt wel, wat Nora betreft, maar de wereld om hen heen verandert niet. Het wordt alleen maar erger: alles wat ze zien, iedereen die ze tegenkomen, alles hoort thuis in sprookjes. Maar het is dan weer niet zoals we het kennen van de sprookjes: de wolf blijkt niet eng, Sneeuwwitje is niet samen met de zeven dwergen en Doornroosje heeft met haar prins niet bepaald een lot uit de loterij getrokken.


Er blijkt van alles aan de hand te zijn in Sprookjesland, en Twan heeft het boek niet voor niets gekregen: hij is Boekmeester, en heeft een taak.
Maar als zijn zusje ontvoerd wordt heeft hij wel iets anders aan zijn hoofd dan de taak van Boekmeester.
En natuurlijk wil hij ook terug naar zijn eigen wereld!


Het boek opent met de mededeling:
Dit verhaal hoef je niet te lezen.
Je redt je prima zonder.
Denk ik.


Supervondst, want dan lees je toch door? En als het uit is, dan ga je als de wiedeweerga op zoek naar je eigen sprookjesboek. Zou dat misschien ook speciaal zijn, net als het boek van Twan en Nora?


‘Het wordt niet saai’, belooft de schrijfster. En als er één ding is wat als een paal boven water staat…
Het is een heerlijk fantasievol verhaal met veel spanning en humor, zoals we dat kennen van Isabelle Quinn. Zij heeft een ongeëvenaarde fantasie die ze ook nog om weet te zetten in een vlot leesbaar verhaal met korte hoofdstukken, hetgeen de lezer overigens niet zal verhinderen om door te blijven lezen.


En de omslag van het boek is prachtig!

ISBN 9789044838305 | hardcover | 189 pagina's | Uitgeverij Clavis | april 2020
Leeftijd vanaf 10 jaar

© Marjo, 1 mei 2020

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

altSuni
Het grote crisisplan
Isabelle Quinn


Nikita heeft vaak dromen waarin een bepaald meisje voorkomt, een meisje met rood krullend haar. Ze vindt het reuze irritant dat het zo levensecht lijkt, maar dat ze niet weet wie het is of hoe ze heet. En dat ze soms huilend wakker wordt als ze weer eens zo’n droom heeft gehad. Maar als Wesley komt logeren is dat roodharige meisje even niet zo belangrijk. Wesley is haar neef, ongeveer even oud, en een etter eerste klas. ‘Een trol met een kort lontje’, zegt Nikita.
Het is zomervakantie, en de vader van Wesley, oom Bart, woont al een tijdje bij hen in huis, tot zijn nieuwe huis klaar is. Er is geen ontkomen aan, dat de jongen bij hen komt.


Al snel is het duidelijk dat Nikita niet helemaal beseft wat het betekent met zo’n joch in hetzelfde huis te wonen. Hij deinst er niet voor terug in haar kamer te neuzen. Nou ja, zij doet hetzelfde in zijn kamer, als ze terug wil wat hij gepikt heeft: haar dagboek, dat ze niet goed verstopt heeft. En verstoppen had ze echt moeten doen: ze heeft daar namelijk in geschreven over haar grote geheim. Ze heeft iets heel ergs gedaan wat ze niet durft te vertellen aan haar moeder. En er staan ook kleinere geheimpjes in. Ze heeft er bijvoorbeeld in op geschreven dat ze haar vriendin Sophie wel wat mollig vindt. Er staat wel bij dat ze vindt dat het Sophie goed staat, maar dat vertelt Wesley niet, als hij dit luidkeels gaat verkondigen! Het kost Nikita bijna de vriendschap. En ze wil Sophie niet kwijt, ook al is intussen een ander persoon opgedoken die haar handlanger kan en wil zijn: het roodharige meisje, Suni. Zij blijkt Nikita’s vroegere fantasievriendin te zijn!


En terwijl niemand anders Suni kan zien, is ze wel echt genoeg om heel vervelend te doen tegen Wesley. Ze stelt ook het Grote Crisis Plan op, om de jongen terug te pakken. Maar het lijkt er meer op dat Nikita erger in de problemen komt...


‘Ik haatte Wesley, echt waar, ik was niet ineens een watje geworden, maar Suni ging te ver. Dit was gevaarlijk.
Ik rende naar de heuvel. ‘Nee! Stop!’ schreeuwde ik, precies op het moment dat de wateroorlog mijn kant op kwam. Een meisje gilde. Wesley hoorde me niet.
Toen was het te laat.’


Nu heeft Nikita twee problemen, drie eigenlijk, want dat geheim is er ook nog.
Het wordt een memorabele vakantie...


Grappig verhaal met serieuze ondertoon:  Als je geheimen hebt moet je er goed voor zorgen dat niemand die te weten komt, maar veiliger is het gewoon geen geheimen te hebben. Een onzichtbare vriendje hebben veel kinderen, maar - gelukkig! - loopt het daarmee niet zo uit de hand als bij Suni! Zij veroorzaakt veel leuke, maar ook moeilijke situaties. 
Zou een van de dochters van Isabelle Quinn een onzichtbaar vriendje gehad hebben? Het is duidelijk dat de basis van dit verhaal een solide basis heeft. Daarna is de fantasie op hol geslagen, maar dat wordt gelukkig in goede banen geleid.


Isabelle Quinn (1967, Creil, Frankrijk) woont in Nederland sinds 1993. Ze volgde Nederlandse les en werkte als administratief medewerker.


ISBN  9789044827088 | Hardcover| 147 pagina's | Uitgeverij Clavis | maart 2016
Leeftijd vanaf 10 jaar.

© Marjo, 28 april 2016

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER

 

Pagina 1 van 2

<< Start < Vorige 1 2 Volgende > Einde >>