Huub Wijfjes en Frank Harbers (red.)

https://huubwijfjes.nl

 

De krant
Een cultuurgeschiedenis
Huub Wijfjes en Frank Harbers (redactie)


De krant is voor veel mensen een vertrouwde huisgenoot die ze elke dag weer met belangstelling tegemoet zien. Wie de krant beter wil leren kennen en interesse heeft in zijn ontwikkeling, vindt in dit boek een prachtige gids die je meeneemt in 400 jaar geschiedenis. Met de vele aansprekende illustraties biedt dit boek tevens een prachtig tijdsbeeld.


De eerste bewaard gebleven krant dateert van 1618 en werd uitgegeven in Amsterdam. In de Gouden Eeuw werd de krant populairder en verscheen ook in een hogere frequentie, er ontstond een zaterdagseditie en er kwamen ook advertenties. Het aantal krantentitels groeide en ook de geografische spreiding nam geleidelijk toe. Nieuws was vroeger lang onderweg, het duurde wel ruim drie weken voor een bericht uit Sint Petersburg ons bereikte.


In 1742 werden voor het eerste illustraties toegepast en aan het eind van de 18e eeuw kwamen er familieberichten in de krant. In de 19e eeuw was de pers inmiddels zo belangrijk geworden dat zij ‘koningin der aarde’ werd genoemd. In 1815 werd de vrijheid van drukpers in de grondwet opgenomen; daarvoor was er sterke politieke invloed op hetgeen er werd gepubliceerd. Die vrijheid is merkbaar want kranten werden daarna meer opiniërend en kregen een duidelijker identiteit. Een minister zei in 1848 n.a.v. een vernieuwde formulering van de persvrijheid: ‘Dagbladen en couranten zijn het beste voertuig om de wensen en belangen van het volk aan het volk en de Regering bekend te maken. Zij kunnen bovendien een krachtig middel zijn tot beschaving en ontwikkeling van het volk, ook door verspreiding van die maatschappelijke en staatkundige kennis, welke het volk voor de rigtige uitoefening zijner staatsburgerlijke regten nodig heeft’, pag. 117.


In 1869 werd uiteindelijk het zegelrecht of drukperszegel – een vorm van forse belastingheffing – afgeschaft. Dit was een belangrijk moment in de geschiedenis van de pers en gaf uitgevers de zo gewenste ruimte voor technische ontwikkeling en professionalisering.


De krant begon nu een massamedium te worden: de middenklasse en een deel van de arbeidersbevolking gingen tot het lezerspubliek behoren. De pers zag als doel om hen te ‘verheffen’ en ‘intellectuele en maatschappelijke beschaving’ mee te geven. Het aantal dagbladen groeide van 9 in 1850 naar 106 in 1939. Het aantal lezers groeide van 54.000 in 1850 naar ruim 2 miljoen in 1939.


Het boek geeft inzicht in de ontwikkeling van landelijke en regionale dagbladen, het proces van drukken, de journalistiek. Opvallend is de positie van De Telegraaf die vanouds al een omstreden positie inneemt door ‘een compromisloze benadering van autoriteiten en een ongekende sensatiezucht’ aldus een commentaar uit begin 1900. De NJK (Nederlandse Journalisten Kring) beschrijft in 1923 het doel van de pers: ‘Een dagblad is een ideëel en cultureel goed, dat al moge zijn karakter als nieuws-orgaan vaak en terecht de overhand hebben, beschouwd dient te worden als een middel voor de geestelijke, intellectuele en sociale scholing van het publiek’, pag 157.


In die tijd doen ook foto’s hun intrede al is er aanvankelijk weerstand omdat dit als vervlakking wordt gezien. Aanvankelijk zijn het fotopagina’s met een collage van foto’s en tekeningen. Druktechnisch was dit ook eenvoudiger te realiseren; pas later vormen artikel en foto samen het verhaal.


De oorlogsperiode krijgt ook goede aandacht. De pers komt direct onder Duitse invloed te staan en ontvangt ‘aanwijzingen’ voor de weergave van het nieuws. Het Friesch Dagblad besluit in 1941 de uitgave te stoppen. Dan ontstaan ook de verzetskranten. Interessant is hoe de pers na de oorlog zijn taak hervat. De Telegraaf mag vanwege collaboratie pas in 1949 opnieuw beginnen. Van de aanvankelijke wens om de pers te zuiveren komt weinig terecht. Door papierschaarste zijn de kranten dunner en wordt er bondiger geschreven.


De totale oplage van dagbladen groeit snel na de oorlog: van 2,7 miljoen in 1950 naar 4,6 miljoen in 1996. Human interest en misdaadverslaggeving doen hun intrede in de krant die ook meer contact met de lezers zoekt.


Aan meer recente ontwikkeling wordt ook aandacht besteed: kranten fuseren en er ontstaan enkele grote uitgeverconcerns. De journalist is hoger opgeleid en de lay-out van de krant verandert en wordt overzichtelijker. Het aantal pagina’s neemt toe en het nieuws wordt nu ook geduid en van de nodige achtergrondinformatie voorzien. Onderzoeksjournalistiek doet z’n intrede. De nieuwste ontwikkelingen worden belicht: in 1994 staat de eerste krant online, in het openbaar vervoer doen gratis kranten hun intrede, advertentie-inkomsten dalen en kranten gaan over op tabloïd formaat.


Dit boeiende boek biedt in woord en beeld een gedetailleerd en helder overzicht van de krant die we als cultuurgoed mogen koesteren. Iedereen die zich in de krant wil verdiepen: van harte aanbevolen!


Goed om te weten en naar uit te kijken: in dezelfde opzet verschijnt dit jaar een boek over de radio en voor volgend jaar staat een boek over de tv gepland.


ISBN 9789024419814 | Paperback | 368 pagina’s | Boom Amsterdam | 8 juli 2019

© Evert van der Veen, 23 juli 2019

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER