Boekenarchief B

Dirk Bolier

Zwart-witte inkt
Dirk Bolier


Zwart-witte inkt verwijst naar de hersenmassa in het hoofd van filosofiestudent Bobby. Soms wordt die gevuld met zwarte inkt, soms met witte.
Bobby is gefascineerd door de filosoof Witgenstein en wil daar ook op afstuderen. Voor de rest 'filosofeert' hij heel wat af met Ricardo, de kroegbaas van een café op de Amsterdamse wallen want Bobby's dagen zijn vooral gevuld met zuipen en gokken. Tussendoor is hij vrij fanatiek bezig met zijn studie. Af en toe steekt Bobby een joint op of neemt een lijntje cocaïne. Op een zwarte dag vergokt hij 5000 euro in een casino, dat geld had hij geleend van Ricardo. Samen met Ricardo breekt hij in en zo komen beiden aan een geldbedrag waar ze voorlopig mee uit de voeten kunnen.  Bobby verhuist naar achterstandswijk in Rotterdam waar hij zich zeer prettig voelt, alleen zijn huisbaas is vreselijk . Bobby vecht daar tegen zijn gokverslaving. Maar Bobby zakt steeds verder af, hij zuipt en rookt en snuift zoveel  dat hij op een dag helemaal flipt. Hij wordt opgenomen en krijgt het medicijn Haldol, een antipsychoticum,  dat aanslaat. Hij vindt een baan als webmaster op de afdeling Binnenzijn en daar ontmoet hij Megan een Engelse studente informatica die daar tijdelijk werkt. Ze kunnen het uitstekend met elkaar vinden en krijgen een relatie. Dit wordt de witte-inkt periode. Als Megan terug is in Engeland blijkt ze zwanger van Bobby. De zwarte-inkt periode breekt weer aan.


Op zich weet Bolier alles zeer beeldend te brengen alleen slaat op gegeven moment wel de verveling toe als je weer mee mag naar het zoveelste bezoek  aan het café van Ricardo. Of over de zoveelste kater  en/of hallucinatie leest. De man doet het zich allemaal zelf aan. Hij leeft op drank en heeft af en toe een 'opleving' waarbij hij goed eet en hard studeert en 'maar' een half krat bier drinkt op een dag. In de Rotterdamse wijk komt hij er achter dat er nog ergere gevallen dan hij rondlopen en ook zijn behandelaar heeft zelf de nodige problemen, dat lucht hem aardig op.
De periode met Megan is het positiefste, het witte inkt gedeelte in het boek. Voor de rest is het inderdaad inktzwart. Een leven dat van de ene kick naar de andere gaat. Van bier, naar whiskey, een joint en coke en daarbij in het begin veel gokken.
De filosofie van Witgenstein wordt wel aangehaald maar te weinig om er daadwerkelijk in dit verhaal iets mee te kunnen. Het zijn losse gedachten maar veel wat in dit boek staan zijn losse gedachten, soms gedachten in flarden van waanzin en hallucinaties.
Ook krijg je af en toe heel onverwacht flash-backs naar de jeugd van Bobby. Keurige ouders die nu zijn studie betalen maar het liefst willen dat Bobby net zo keurig is als zij. Bobby stikt in hun milieu. Toch is hun houding geen aanleiding om zo extreem te gokken en zuipen zoals Bobby doet.


Al met al een boek waarvan je je afvraagt waarom het geschreven is. Volgens enkele recensenten is het deels autobiografisch. Het is te hopen voor Bolier dat het in werkelijkheid allemaal minder erg was. Wat Bolier uitstekend gedaan heeft is zijn omgeving neerzetten, Ricardo's kroeg en de klanten zie je voor je evenals de kamer in Rotterdam en het Bergse Bos  waar Bobby na zijn instorting veel wandelt. (Frappant is dat het Hoge Bergse Bos op een voormalige puinstortplaats is opgezet, is dit symbolisch bedoeld van de schrijver?)  Maar Bobby zelf wordt ondanks alle ellende geen mens van vlees en bloed. Je leest over hem maar zijn leven is zo beschreven dat je niet met hem mee kunt leven. Er blijft afstand.


Persoonlijk heb ik gemengde gevoelens over dit boek. Het fascineert, je denkt wat bezielt een mens om zo destructief bezig te zijn. Het stoot af vanwege het eindeloze gezuip en katers enz. Man je doet het allemaal zelf denk je dan, zeur niet en doe er iets aan. Ik vroeg me af of dit een mannenverhaal is, of een vrouw dit ook zo zou schrijven.  Maar in feite doet dat er niet toe, net zoals ik me afvraag of dit boek er toe doet maar dat kun je je bij heel veel boeken afvragen. Misschien waarschuwt het mensen die zelf zo bezig zijn, maar dan is er weer de vraag of ze dit gaan lezen. Als ze net zo bezig zijn Bobby dan vrees ik van niet.
Ik kan het boek niet aanraden maar ook niet afraden, ik weet het gewoon niet.


ISBN 9789057860904 Paperback 176 pagina's | Servo Uitgeverij en D.T.P. | juni 2009

Dettie, 28 juli 2010

Lees de reacties op het forum en/of reageer, klik HIER