Cornelie van Uuden en Pieter Stokvis

De gezusters van Vloten
de vrouwen achter Frederik van Eeden, Willem Witsen en Albert Verwey
Cornelie van Uuden en Pieter Stokvis


Het begon allemaal met de cultuurhistorische lijst van dr. Pieter Stokvis, hoofddocent cultuurwetenschappen aan de Open Universiteit. Daarop stonden de gezusters Van Vloten als mogelijk onderwerp.
Joke de Haan-Daling, Hilda Dijkhuizen en Cornelie van Uuden, drie doctorandussen cultuurwetenschappen, wijdden ieder afzonderlijk hun scriptie aan een van de gezusters Van Vloten "Dijkhuizen: 'Er was gewoonweg teveel materiaal. Ik koos ervoor mijn onderwerp toe te spitsen op Martha van Vloten. Pieter was ervan overtuigd dat er zich wel kandidaten zouden melden voor de andere zussen. En inderdaad dat gebeurde.'"
In dit boek zijn de scripties van de Haan-Daling (Kitty), Dijkhuizen (Martha) en Van Uuden (Betsy) door Pieter en Cornelie omgewerkt, herschikt en herschreven.
Bron: emodulair


Johannes van Vloten
was een veelzijdig geleerde. Zo ontpopte de theoloog zich niet alleen als filosoof, maar tevens als kunstcriticus, letter- en taalkundige, polemist, hervormer en vrijdenker. Zijn kleindochter Mea Mees-Verwey inventariseerde in 1928 ruim 1500 publicaties van zijn hand. De dichters van de 'Tachtigers' hadden de veelschrijvende spinozist Van Vloten hoog in hun vaandel staan. Dat kon ook moeilijk anders, want zijn drie dochters Martha, Betsy en Kitty trouwden met respectievelijk Frederik van Eeden, Willem Witsen en Albert Verwey. De boekenkast van hun schoonvader speelde in hun leven een belangrijke rol...


Vanwege de levenshouding van Van Vloten zijn de gezusters zeer vrij opgevoed. Zij hoefden niet aan de strakke regels of de bekrompen moraal van hun stand te voldoen. Als voorstander van vrouwenemancipatie en van onderwijs voor vrouwen liet Van Vloten zijn dochters Martha (1857-1943), Betsy (1862-1946) en Kitty (1867-1945) hun opleiding volgen aan de eerste en enige meisjes-HBS van Nederland in Haarlem. Hij vond dat ieder mens, ongeacht afkomst of achtergrond, de kans moest krijgen zichzelf te ontwikkelen.
Er werd door het gezin veel gereisd (naar het buitenland) en gewandeld. Het ouderlijk huis van de gezusters bood een gastvrij onderkomen aan veel tijdgenoten zoals o.a. Kneppelhout en Busken Huet. Martha, Betsy en Kitty groeiden zodoende op in een omgeving waar veel debatten over politiek, literatuur, religie en kunst plaatsvonden
Van Vloten bezat een uitgebreide bibliotheek waardoor veel mensen aangetrokken werden. Zo ook Frederik van Eeden... en via hem Albert Verwey en Willem Witsen.


Tussen Martha en Frederik was er van beiden kanten in eerste instantie geen verliefdheid maar langzamerhand groeide er meer uit hun vriendschap. Frederik had wel moeite met Martha's spontaniteit, zij kon heftig reageren. Hij had liever een vrouw die 'een harmonisch rustig geheel' vormde. Martha's antwoord hierop was: "Ja, lieveling, maar mijn ongelukkige natuur zal je nog veel verdriet en strijd kosten. Ik zal doen wat ik kan en als ik niet ben zoals ik zou moeten zijn dam kán ik dat niet, zul je dat nooit vergeten?"
Het wrange is dat juist Frederik geen 'harmonisch en rustig geheel' was. Martha moet in dit huwelijk veel wegslikken en opvangen zoals de depressies van Frederik, zijn verliefdheden, zijn financiëel slechte situatie, zijn berekendheid, zijn seksuele afkeer van haar enz. Daarbij komt ook nog de dood van hun zoon Paul. De oprichting van de kolonie Waldenwas eveneens niet het ideaal van Martha maar puur van Frederik en dit kostte dan ook haar huwelijk omdat Frederik wéér verliefd werd, dit keer op Truida Everts die op Walden kwam wonen. Zij bleef echter wel contact houden met Frederik. Je vraagt je af of Martha juist door haar vrije opvoeding zoveel accepteerde. Ze wordt gezien als een vriendelijke, warme vrouw die je altijd het gevoel gaf zeer welkom te zijn. Martha had weinig literaire aspiraties, ze vertaalde werk van o.a. Hans Christiaan Andersen maar schreef zelf niet, wel vertelde ze vaak sprookjes. Ze een goed contact met de dichter Albert Verwey o.a. over zijn werk, Albert is de man van haar zus Kitty...


"'Kitty wist vóór haar huwelijk dat Alberts kunst boven alles zou gaan. Maar zonder Alberts kunst zou het huwelijk voor haar zeker minder aantrekkelijk zijn geweest."


Het huwelijk van Albert en Kitty is harmonieus te noemen, ze beloofden elkaar vrijheid en probeerden dit ook elkaar te geven. Ook al knelden bij hun ook wel eens de banden. In 1897 vraagt Kitty zich af, toen Albert in Duitsland zat, af of hij zijn vrijheid niet zou missen als hij weer thuis was. Zijzelf voelde zich ook vrijer als hij weg was. In een brief schreef zij: 'Als je er bent drukt het mij soms ook dat je niet in mijn huishouden past. is het leven dat je nu hebt niet veel mooier?'
Het stel kreeg zeven kinderen. Kitty regelde alles, van het huishouden tot de onderhoud van het duin bij hun woning in Noordwijk. Ze gaf de kinderen Franse les en verzorgde de correspondentie voor zowel haarzelf als Albert, ze kookte en verstelde kleren. De opvoeding van de kinderen was erop gericht hen te harden. Er werd dus veel gewandeld, de kinderen moesten zich wassen in koud water, het huis werd niet overvloedig verwarmd enz. De opvoeding was gericht op zelfstandigheid. Overal in huis lagen boeken, overal hingen kunstwerken en om de kinderen te leren met minder bevoorrechte kinderen om te gaan werden zij naar de openbare school in Noordwijk-Binnen gestuurd.


Zo harmonieus als het huwelijk van Kitty en Albert was, zo moeilijk was dat van Betsy. Ook dit huwelijk liep op een scheiding uit. Willem kon niet tegen het leven in Ede, hij had het benauwd daar en bleef steeds langer in Amsterdam. Langzamerhand wist hij Betsy te overtuigen dat ze beter konden scheiden. Na de scheiding kreeg Betsy een aantal dingen van Willem zelf te horen die haar erg verbitterde. Zij trouwde een tweede keer maar ook dit huwelijk liep op de klippen. Betsy was excentriek, bohémienachtig. Ze wilde uit het keurslijf van conventies ontsnappen. Ze stond bekend als een lastig portret, pikte niets van niemand en accepteerde geen goedbedoelde raadgevingen. Dit bracht haar soms behoorlijk in de problemen
Zij was echter wel de enige die gedichten schreef.


Al met al een mooi, interessant, informatief boek. De vrouwen zijn stuk voor stuk erg apart en bijzonder.
Het boek is goed ingedeeld, beginnende met het ouderlijk huis en jeugd, dan de gezusters, apart besproken in hoofstukken, in hun verlovingstijd, huwelijk, scheiding en laatste levensjaren. Een aanrader!


Paperback | 303 Pagina's | Bert Bakker ISBN 9035130871

© Dettie, mei 2007

Reageren? Klik hier!